donderdag 30 april 2026
Home Blog Pagina 1235

Indian sponsort Dirt Track Lelystad

0

 

Dit is een persbericht. De redactie van MOTOR.nl is dus niet verantwoordelijk voor de inhoud. Heb je zelf een persbericht dat je graag op MOTOR.nl ziet? Dan mail je deze naar redactie@www.motor.nl.

 

 

Indian Motorcycle Benelux is proud to announce a sponsorship deal with Dirt Track Lelystad. The agreement, which runs through 2019, will see the Indian Motorcycle logo on banners and flags displayed prominently around the venue.

 

The package also includes an Indian Motorcycle display stand at race events and access to the venue and track for activities such as press days, photoshoots and Indian Motorcycle Riders Group events.

 

Lynda Provoost, Marketing manager for Indian Motorcycle Benelux said of the deal, “We have a really good relationship with the team at Dirt Track Lelystad. It’s not just sponsorship, but a true partnership and we are really looking forward to organising exciting events together as part of this agreement. We have already held a very successful press day at the track and we look forward to bringing the thrill of flat track racing to even more people.”

 

Dirk Pieper, the owner of Dirt Track Lelystad added, “We are very happy to be part of this partnership. With the long and successful history of Indian Motorcycle in flat track racing, I can’t think of a better partner to be working with to promote the sport in Europe.”

 

Flat track racing is growing in popularity at a very fast past in the Benelux region with the number of visitors to Dirt Track Lelystad increasing constantly since its 2017 opening. In 2018 the short track ¼ mile oval played host to several racing events including three rounds of the Hells Race series and the Flatlands Festival which was won by ‘Shrimp’, the modified Indian Scout Sixty of Anvil Motociclette. With multiple events already in the race calendar for 2019 attracting riders from across Europe, Dirt Track Lelystad and Indian Motorcycle are looking at the opportunity to organise an additional flat track event for 2019.

 

As well as racing events, Dirt Track Lelystad promotes and develops the sport with try-out sessions, a flat track school and free training. These activities, which include bike rental, allow riders to get to know a dirt track bike, the track and receive expert tuition from flat track riders Jan Simon Ter Heide and Maikel Dijkstra. Dijkstra, who is the best flat track rider in the Netherlands, a DTRA racer and has competed in American Flat Track events, also uses Dirt Track Lelystad as his training base.

 

For more information about Dirt Track Lelystad please visit – www.dirttracklelystad.com

Mega News Show van Kawasaki

0

Was je er bij, vorig jaar? Dan weet je het Nationaal Militair Museum in Soest ook vast dit jaar weer te vinden. Kawasaki zal in het weekend van 1 en 2 december 2018 namelijk alle nieuwe 2019-modellen en primeurs weer laten zien op deze mooie locatie. 

Tijdens de Kawasaki News Show zijn niet enkel alle 2019-modellen en -kleuren voor het eerst op Nederlandse bodem te zien, maar ook raceteams, Kawa-clubs en een ‘Kawasaki Legends Museum’ zullen er te zien zijn.

Schrijf je nu alvast in
De toegang voor de Kawasaki News Show en het museum is gratis op vertoon van je motorrijbewijs en na pre-registratie op www.kawasaki.nl. Mensen zonder motorrijbewijs betalen het gesponsorde Kawasaki tarief van € 5,- (normale entreeprijs € 14,00).

Zien we jou in Soest op zaterdag 1 en zondag 2 december 2018?

 

Wales: Evo Triangle krijgt trajectcontrole

0
Evo Triangle

Steeds meer zelfbenoemde stratencircuits in Groot-Brittannië worden gecontroleerd door snelheidscamera’s. Om de verkeersveiligheid te verhogen.

Liefhebbers van het Britse autoblad EVO zijn bekend met de Evo Triangle. Deze beroemde driehoek tussen de plaatsen Pentrefoelas, Cerrigydrudion en Denbigh Moors in het noorden van Wales figureerde regelmatig in de autotests van het automagazine. Die bekendheid bleef niet zonder gevolgen. Jaarlijks weten duizenden motorrijders van over de hele wereld het beroemde driehoekje te vinden. Dat is ook niet zo heel vreemd. De testtrack voert je door een adembenemend landschap. Met alle soorten bochten die je wenst en met uitdagende hoogteverschillen. Maar waar gereden wordt, wordt ook geracet. En dan gebeuren er ongelukken.

[sgpx gpx=”/wp-content/uploads/gpx/track-evo.GPX”]

Teveel volgens de overheid van Wales. Die heeft de afgelopen campagne gevoerd om het tempo van de verkeersdeelnemers te temperen. Tevens werd dik 560.000 euro gereserveerd om de driehoek te voorzien van trajectcontrole. En dat gaat nu gebeuren. Eén poot van de driehoek – de A543 – krijgt trajectcontrole. Daarmee dreigt de Evo Triangle net als eerder de net zo beroemde Cat and Fiddle (A537) in het Peak District een doorgaande weg te worden voor natuurliefhebbers.

Yamaha XT1200ZE Super Ténéré Raid Edition test

0

Yamaha XT1200ZE Super Ténéré Raid Edition getest in Nederland. Wat vindt Bart van deze robuuste allroad motor?

MrGPS: betere kronkelroutes op de Zumo of Rider?

0
MrGPS cursus

Welke kronkelt het best?

Zowel de Garmin Zumo als de TomTom Rider kennen de mogelijkheid het toestel automatisch een mooie route te laten berekenen. Dat kan ontzettend handig zijn. Sowieso voor wie gewoon wat minder handig is met de computer. Maar ook voor wie ‘op de bonnefooi’ op pad wil gaan.

Hans Vaessen

Motorrijden heeft alles te maken met vrijheid. Gewoon lekker je neus achterna! Maar wat doen we met z’n allen? Slaafs luisteren naar wat Mrs. Garmin of Mr. TomTom ons opdraagt. En oh wee als we ineens afwijken van het lijntje! En natuurlijk: als je zo’n route bewust helemaal hebt voorbereid op de computer dan is dat ook de bedoeling. Maar, juist dankzij die ‘kronkelwegen’, kan het ook anders.

Wat ik zelf vaak meemaak is dat ik ergens aan de andere kant van het land een afspraak heb gehad. Het is mooi weer en de snelwegen beginnen al weer aardig dicht te slibben. Maar het is nog vroeg: Pas om zeven uur staat het eten op tafel, ik heb dus alle tijd. Op dat moment stel ik m’n toestel in op die kronkelwegen c.q. spannende route (Garmin en TomTom noemen het anders, maar het komt op hetzelfde neer). In eerste instantie laat ik me leiden door het apparaat. Maar als ik vervolgens op een weggetje zit dat heerlijk door het bos slingert, zonder dat daar een eind aan lijkt te komen, terwijl ‘Bep’ mee opdraagt over 300 meter rechtsaf te gaan dan negeer ik dat gewoon. Ik ben de baas, niet Bep. En Bep mag gaan herberekenen zoveel ze wil: ik bepaal zelf wanneer ik weer naar haar luister, met een scheve blik op de voorspelde aankomsttijd. En dat herberekenen kan helemaal geen kwaad: het toestel blijft daarbij immers de voorkeur geven aan die mooie wegen. Ik vind het een ideale combinatie van ‘je neus achterna’ en een hulpmiddel om te komen op plekken waar je anders nooit geweest was.

Kronkelwegen vs spannende route

Maaarrrr.. de vraag is natuurlijk wel of het toestel daarbij ook echt de mooie weggetjes weet te vinden. Van de Zumo was al bekend dat dat eigenlijk niet goed functioneerde; je blijft ‘hangen’ op de N-wegen. Oplossing is dan de aanschaf van de OnRoute motorkaart, maar tsja… dan ben je weer dik 100 euro extra kwijt. Bij de TomTom Rider functioneert de optie ‘spannende route’ geweldig goed. Hooguit moet je even een viapuntje toevoegen om te voorkomen dat je dwars door een stad gaat. Garmin geeft aan met de komst van de Zumo 396 die ‘kronkelwegen’ verbeterd te hebben. Hoogste tijd om opnieuw de vergelijking met de Rider te maken: welke levert de spannendste routes?

Om die vergelijking te maken heb ik op zowel de Zumo als de Rider meerdere ‘van A naar B’ routes berekend, zowel in binnen- als buitenland. Bij beide apparaten ingesteld op maximaal bochten en maximaal hoogteverschil. Vervolgens heb ik op regelmatige afstand rechte lijnen op de kaart gezet en, daar waar de lijn de route kruist, op Google Street View gekeken naar of ik vrolijk werd van de gekozen weg.

Binnen Nederland is de uitkomst heel duidelijk: ofschoon de Zumo 396 het ietsje beter doet dan z’n voorgangers: de uitkomst is echt niet goed. Links zie je telkens de weg waar de Garmin Zumo je overheen stuurt, rechts waar, op dezelfde hoogte, de TomTom Rider de voorkeur aan geeft. De Zumo route van Amsterdam naar Hengelo is 90% een dodelijk saaie aaneenschakeling van N-wegen. Van Apeldoorn naar Maastricht ging het ietsje beter, maar nog steeds vooral N-wegen. De Rider daarentegen biedt het ene boerenweggetje na het andere. Het hangt er natuurlijk ook van af wat voor type rijder je bent (voor snelle jongens is de Zumo route misschien wel beter) maar voor mij persoonlijk krijgt de Zumo het rapportcijfer 4 en de Rider een 8. Beiden zouden twee punten extra kunnen verdienen als ze steden automatisch zouden vermijden, daarvoor moet je nu soms een extra viapunt toevoegen. Daar ga je weliswaar niet van zweten, maar het zou mooi zijn als het niet hoefde.

Kijken we over de grens, via een route van Luik naar Luxemburg, dan zien we hetzelfde verschil. Maar doordat de omgeving fraaier is en bovendien minder dichtbevolkt is ook de Zumo rit (links) best te pruimen. Hier zal het meer gaan om het type rijder; met de Zumo zul je je gashendel verder open draaien.

Een vergelijkbaar effect zien we in Zuid-Frankrijk. De Zumo geeft nog steeds de voorkeur aan wegen met een middenstreep. Maar wat je ook ziet is dan de ‘N-wegen’ in Frankrijk meestal toch wat smaller, en rustiger zijn. Bij de Rider zie je dat het daardoor soms wel heel erg spannend wordt. Zelf vind ik dat laatste erg leuk, maar niet iedereen zal er zo over denken.

Gaan we in Italië vanuit de kust een stuk ham halen in Parma dan zijn de verschillen ineens veel kleiner; sterker: kiezen de Rider en Zumo bijna dezelfde wegen. Dat kán natuurlijk een toevalstreffer zijn geweest, maar ik vermoed dat de Zumo-routering veel baat heeft bij hoogteverschillen.

Conclusie?

Rij je in relatief dichtbevolkte gebied met weinig hoogteverschil dan zijn de routes van de Zumo echt niet te genieten. Dat geldt niet alleen in Nederland, ook in Engeland, Duitsland of België. Stel je de schuiven van je route meer naar links dan ga je zelfs vrolijk over de snelweg. Zouden ze bij Garmin echt beter moeten doen.

Maar in Frankrijk is het resultaat van de Zumo best heel aardig; vermoedelijk mede doordat de roadclasses daar anders zijn ingedeeld. De Rider kan daarbij zelfs wat doorschieten en stuurt je soms op weggetjes waarbij je, zelfs op de motor, bij een tegenligger de berm in moet. In Spanje zag ik de Rider zelfs een haarspeldbocht afsnijden. Wat mij betreft toch net iets al te steil! Wil je het met de Rider niet ál te spannend maken dan raad ik aan in Zuid-Europa het niveau op ‘medium’ in te stellen.

Maar: dergelijke verre tochten zul je als GPS-rijder meestal toch op de computer voorbereiden. De functie waar het hier om gaat, zul je vermoedelijk vooral dichter bij huis gebruiken. Verwacht je die functie veel te gebruiken dan is, ondanks de aanpassingen in de Zumo 396, de TomTom Rider beslist nog steeds de beste keuze. Ga je de functie vooral tijdens je vakantieritten gebruiken en rij je sowieso toch liever de wat meer doorgaande wegen dan kun je ook prima met de Zumo uit de voeten.

Harley-Davidson eencilinder voor Azië?

0
Harley-Davidson mono

Harley-Davidson kondigde grootse veranderingen aan in het modellengamma. Is de eencilinder het begin?

Harley-Davidson staat toch synoniem voor grote V-twins, stoere styling en vette klappen. Maar de Amerikaanse reus zit al een paar jaar in de problemen. De ouder wordende clientèle. Jongeren die de weg naar de Harley-dealer maar mondjesmaat vinden. Hoge prijzen die niet in ieders portemonnee passen. Zie hier de problemen die nopen tot ingrijpende veranderingen.

Een eencilinder Harley-Davidson zou de jonge Aziaat – eigenlijk iedereen jonger dan 24 – moeten overtuigen. De motor is gespot op de Japanse site Young Machine. En eerlijk is eerlijk: ziet er heel goed uit. Het heeft wel wat van een KTM 390, maar dan meer flattrack. Enkele schijf in het voorwiel. Ietwat Ducati Scrambler achtige uitlaat, kleine brandstoftank. Prima ding waarvan verwacht wordt dat het een 500cc wordt.

Was het maar weer zomer: verliefd op Mallorca

0
Motortoer Mallorca

Mallorca is een van de favoriete, met zon overgoten, vakantie-eilanden. Ook voor motorrijders, die hier en masse lievelingsroutes vinden, zelfs ver weg van het massatoerisme. En dat op zo’n twee uur vliegen van huis.

Klaus H. Daams

Vlak voor vertrek. Zij: ‘Heb je er zin in? Natuurlijk heb je er zin in’. Hij: ‘Mwah, het gaat’. Mallorca: droomeiland voor de een, niet geheel gespeend van nachtmerrie’s voor de ander. Zo’n tien miljoen toeristen stranden jaarlijks op het grootste eiland van de Balearen (Middellandse Zee, ten oosten van Spanje, red.). De meesten schakelen hier slechts voor een paar dagen hun harde schijf uit, sommigen blijven er voor altijd. Ze kopen een finca (luxe villa met zwembad, red.) of bouwen er een nieuw leven op. Sven zou een van hen kunnen zijn. De geschoolde timmerman komt uit de omgeving van Chemnitz, woont en werkt in de agglomeratie van Londen en klust af en toe bij als technicus en gids bij motorverhuurder Mallorquin-Bikes. Vooralsnog op proef.

[sgpx gpx=”/wp-content/uploads/gpx/TRACK-0813-Mallorca.GPX”]

Die proeftijd hebben zijn beide chefs, Anke en Johannes, allang achter zich. “Wij zijn de meeste witte Mallorcanen”, zeggen ze om de bijwerkingen van hun bedrijf te verklaren. Ze hebben het moedig opgebouwd en nu is er amper tijd om te grillen, dankzij alle drukte rond motorverhuur en –toeren. De opbrengst van alle moeite, naast een verlaagd risico op huidkanker, een artikel in Playboy waarin een eilandverkenning op een van hun huur-enduro’s als ‘insider’-tip werd gegeven. De speeltjes zijn te vinden in Felanitx, in een voormalige wijnazijnfabriek. Hier heeft Mallorquin-Bikes een stal vol BMW’s klaarstaan, van een lichte sportenduro tot een roadsters. Wie het stoerder vindt om met een vette Harley over de promenades te flaneren, die vindt op Mallorca ook een verhuurder.

Maandagmorgen. Start naar ‘boven, rechts op de kaart’, oftewel Cap de Formentor. Gevolgd door een trip over de Serra de Tramuntana, de 90 kilometer lange en tot wel 1400 meter hoge bergketen die van het noorden van Mallorca een toevluchtsoord voor strandvluchtelingen maakt. Deelnemers aan deze tocht zijn Thorsten en Alexander die bij hun ‘huurmotorzoektocht’ eveneens in Felanitx landden.

Huisvrouweneiland

Om niet te lang aan de kust te blijven hangen, rijden we via Petra snel door richting vlakke land, richting Port de Pollença. Hier, in een café met een uitzicht op boten, baai en bergen zoals welgestelde Britse vakantiegangers dat tachtig jaar geleden ook al hadden, vertelt Thorsten over een parkeercontroleur die in Bunyola een groep fout geparkeerde motoren wilde afromen: zeven keer 200 euro.

Hoe het ooit moet zijn geweest toen zeilschepen nog door piraten werden leeggeroofd, dat wordt duidelijk op het smalle, bochtige weggetje dat leidt naar de oude wachttoren Talaia d’Albercuix. Diep hieronder de woeste, puntige en grillige kust, inclusief bergachtige schiereilanden die als prehistorische, monterachtige hagedissen uit het water oprijzen. Is dit het brave ‘huisvrouweneiland’ Mallorca? Het ziet veel exotische uit, minstens net zoals Nieuw-Zeeland. Er zijn types geweest, en ook dat weet Thorsten, die hier boven bij de toren zo high werden, misschien ook door het gebruik van niet geheel nevenwerkingvrije pillen, dat het een paar uur duurde voordat ze weer rijklaar waren.

En dat moet je zijn omdat het nu verder gaat naar de Cap de Fermentor. Een bochtrijke ‘doorknalweg’ door rotsen en bossen, waarvan de verkeerstechnische doorstroming hopelijk niet al te veel wordt gehinderd door bussen en huurauto’s die eveneens op weg zijn naar de noordoostelijke punt van het eiland. En hier is, bij vuurtoren en bar, amper nog een vrij parkeerplekje te vinden. Wie daar niet blij van wordt, kan 60 km westwaarts zijn hart ophalen bij de haarspeldbochtrijke weg naar Sa Calobra. Als een anaconda kronkelt de asfaltworm vanuit de Serra de Tramuntana 800 meter naar beneden, naar zee. Vijftien kilometer kunstig geknoopte bodembedekking op een grondstuk dat maximaal vier kilometer breed is: dit schreeuwt om een nieuwe maateenheid, een tegenhanger van het vermogensgewicht, pk’s per kilo. Dat vervolgens in het petieterige Sa Calobra de lichten al uit zijn en de golven in de rotsachtige bocht een ovatie geven aan de geweldige schepping, dat stoort ons verder niet. Integendeel. Danzkij het late onderweg zijn, behoren de 800 hoogtemeters ons op de terugweg helemaal alleen toe. Ook op de volgende beproeving, over de Coll de sa Bataia naar Selva, staat geen enkel blik hinderlijk in de weg. Zo leeg als de wegen ’s avonds zijn, zo vol is het bord in het hotel, waar je, zoals vaak op motorvakanties, vaak de laatste in de eetzaal bent.

Kuilen van formaat

Dinsdag, 7 uur. Ontmoeting met Sven in Portocolom. Om de zonsopkomst te zien. Deze goedzak komt slechts moeizaam uit zijn hemelbed. Voorlopig alleen een ‘waar de wolken nu licht worden, daar moet ie ergens zijn’. Om onszelf wakker te rijden nemen we de goddelijke slingerweg naar het pelgrimsklooster van San Salvador. Op de top van de berg een bovenmenselijk groot Jezusbeeld en een uitzicht helemaal tot de glinsterende zee. Gezegd ben je, met zo’n parcours voor de deur. Winterdepressies hebben hier geen kans. Ondanks deze paradijselijke toestanden, trekken zelfs Mallorcanen de wereld in. Zoals de in Petra geboren Franciscaner Fra Junipero Serra die, ja zeg het maar…., grondlegger is geweest van San Fransico.

Wij stellen ons tevreden met wat Mallorca ons te bieden heeft en kruisen noordwestelijk via een fijnmazig netwerk van heel kleine weggetjes door dambordachtig boerenlandschap. De Midden-Europees geijkte ogen blijven verbaasd hangen aan de cactushagen en op het oog fris geploegde, bruin geschubde velden, die je spontaan associeert met de verschrompelde huid van iemand die te lang in de zonnebank heeft gelegen. Een schitterend, slank weggetje brengt ons naar Binissalem en meteen daarna in Alaro op de zonluwe Plasa de la Vila waar de kelner van ‘Ca’n Punta’ ons twee copieuze salades voorschotelt. Helaas blijft er hierdoor geen ruimte meer over om nog een heerlijk stuk koek te eten. In plaats daarvan volgt, omhoog richting Castello d’Alano, de slechtste weg ter wereld. Nou ja, van het eiland. Kuilen van formaat, omzoomd door een beetje aftandse, karaktervolle olijfbomen.

Kaartloze paden

Dit alles is op de GS puur genot, terwijl gekwelde koppelingsplaten en banden hun bestuurders naar de duivel wensen. Behalve als ze zouden weten dat aan het einde van de martelweg een boterzacht lammetje wacht in restaurant Es Verger. Daarna weer naar beneden over het wasbord, verder waaierend door het hoog gelegen dal van Vall d’Orient. Het land zo groen als een biljartlaken, doorsneden met een weg. Alsof iemand uit pure woede of overmoed met de keu een bochtige scheur in het doek heeft gemaakt. Als kogels in een flipperkast flitsen we over de pas naar Sóller om precies op tijd, om 19 uur, bij Deià te zien hoe de lady gloedrood in zee wegzakt, na ons de hele dag te hebben begeleid. Van ‘dawn till dusk’.

Woensdag 24 oktober. Twee maanden voor kerstavond. Als kleine jochies verheugen psychotherapeut Martin, orthopeed Jens en drie andere kandidaten zich op hun professionele enduro-training. Nog snel even een paar strekoefeningen en een vriendschappelijke buikvetanalyse en daar stuiven we weg. We volgen de HP2 van Johannes, over paden die je nergens op een kaart terug zult vinden, naar het Santuari de la Consolacio, het klooster van moeder Maria. Op het plein voor de verzwegen heremitage een droge cursus inzake offroad-techniek, alvorens we uit onze crosshemden druipen van het zweet. Sven en ik willen onze motoren nog iets meer van Mallorca laten zien en sturen daarom richting vaste ondergrond, om iets sneller vooruit te komen.

Bij Can Nofre twee keer een ‘Fuchsröhre’ (naam van bocht op Nordschleife van Nürburgring, red.), rondom Cala Millor een steriel hotellandschap dat je graag je achterlicht laat zien en noordelijk van Artà het natuurgebied Peninsurla de Llevat. Rust in het terrein, waar de weg wordt afgekaderd door een ‘vangrail’: een stalen ‘waslijn’ waaraan oude banden zijn bevestigd. Paden belegd met korstig restasfalt leiden naar zandrijke bochten Cala Torta en Cala Mitjana. Dan terug naar Artà en onderweg snel even controleren of het speenvarken aan het spit bij restaurant Sa Teulera ondertussen knapperig is. Op een evengoed lekkere weg hangend in de heuvels gaat het naar een bolwerk van ascese, naar de kleine Ermita de Betlem. Hier ga je zeker lekker het klooster in. Sommigen rennen er zelfs naar toe, om op deze afgelegen weg te trainen voor de Mallorca-marathon.

Bijbels bergdorp

Donderdag. “Ben je daar nog niet geweest. Het doet mij steeds denken aan de uit de rotsen gebombardeerde wegen van de Dolomieten. Jij gaat daar helemaal uit je dak!” Het lukt Johannes steeds weer om de zin naar nieuwe avonturen aan te wakkeren. Een S 1000 RR geschikte route van Porreres naar Lucmajor, met meteen drie kloosters op een berg bij Randa, ergens tegen de middag Valdemossa. Heel fijn dat bussen en campers niet uit hun dak mogen gaan, zodat het komende pleziertje, de zes kilometer lange, steile en krappe afdaling naar het kleine Port de Valdemossa een beetje exclusief blijft. Net zo intensief en beduidend langer dan een quicky, is de vervolgroute op de Ma-10, hoog boven de kust aan de zijde van de Serra de Tramuntana, zo’n beetje de Kamawegensutra van Mallorca. Slagroom-asfalt net voor Andratx duwt de adrenalinespiegel verder omhoog. Nog niet opgebrand rubber verdwijnt hierin zoals witte lichamen op het naaktstrand van Platje El Mango.

Af en toe wil de maag ook iets. Het voeden van de hongerigen lukt uiteindelijk in Galilea, een naar Bijbels voorbeeld bekend klein bergdorp, met café en restaurant op het centraal gelegen kerkplein. Met de buik vol tapas is het goed rijden. Ma-1041 en Ma-1016, Coll d’es Vent en Coll de Sa Creu, de weg soms overwoekerd met takken zodat je voorover moet hangen alsof je met een clip-on-stuur rijdt. Wie wordt hier geen Mallorca-fan? Het einde van de excursie ligt in de bergen, bij de kanonnen van een vesting bij het stadstrand van Palma. Boah ey! De hoofdstad van het eiland verdient eigenlijk meer dan dertig minuten, maar de opkomende schemering maant tot spoed. Daarom even kort: in de jachthaven wordt het geloof in fun, een leven na de dood, gematerialiseerd middels een kolossale kathedraal.

Op vrijdag, in het ochtendjournaal, een reportage over het pensionada-paradijs Florida, waar bewoners zich voor een miljoen dollar inkopen in luxueuze woonresorts. Wie niet zoveel poen bij elkaar geharkt heeft, kan bij Cap de ses Salinas altijd nog stenen op elkaar stapelen. De rotsachtige oever aan de zuidpunt van Mallorca, omzoomd door wit kwijlend water, is vergeven van kleine torentjes, net zoals in Noorwegen de E6 de de poolcirkel. Met het vizier vol met glinsterende zoutkristallen van het schuimende zeewater sturen we aan op een plek die voor sleurontwijkende mensen dezelfde magnetische aantrekkingskracht heeft als de Noordkaap: S’Arenal. Dit met hotels volgeplakte oog van een in extase verkerende orkaan staat garant voor plezier en show tussen zandstrand en disco. De klok rond, zelfs in het naseizoen, als veel winkels dicht zijn.

Cruisend langs de vele shops aan de promenade komt de gedachte op aan de Reeperbahn… Tijdens een stop tussen de strandtenten Ballermann 1 en 2 klinkt plotseling een geannimeerd ‘Hallo mannen. Wat te denken van 280 grams steaks, rechtstreeks van een Duitse slager. Voor maar negen euro’. Andy heeft zijn zonnebril altijd op en zijn mond vol. De handelaar in en techneut van telecommunicatieproducten uit Berlin-Kreuzberg woont al negen jaar op Mallorca en werkt als promotor voor El Bistro. Om klanten het restaurant binnen te krijgen, moeten volume en woorden meteen raak zijn. De professional herkent Nederlandse dames aan hun Birckenstocks en Engelse aan hun navelpiercing. Ondertussen verklapt hij het gewicht van zijn vrouw evenals de topsnelheid van zijn scooter bergopwaarts. Waarbij hij beide waardes liever omgekeerd had gezien. Ter afscheid geeft Andy een ‘bikertip’: “Willen jullie de vliegtuigen een goed onder de vleugels kijken, rij dan naar de Ma-5013, richting Sant Jordi. Daar zweven ze bij de landing heel dicht boven je hoofd”.

Zaterdag. De laatste dag voordat het vliegtuig richting huis weer opstijgt. De laatste keer eten in de grote eetzaal van hotel Costa del Sur, met het piepen van de toastrolband en de mix van muscleshirts en gebloemde bloesjes aan de buurtafel. Naast kleding ook groente en fruit en gekeuvel op de drukke weekmarkt rondom de kerk in Santanyi. Goed, ‘gasos a la playa’. Doorstart naar het strand bij Cap de la Figuera – niet te verwisselen met Cala Figuera, het lieflijke vissersplaatsje met de volgens de reisgids mooiste haven van het eiland. De tocht dwars over het eiland wordt begeleid door gedonder, maar levert ook een inzicht op: blaffende wolken gieten niet. De toegang tot de Cap is weliswaar versperd, maar al ruim daar voor vinden wij in Portals Vells de untieme, schilderachterige baai: zandstrand, strandbar, parkeren in het zicht, dennenbos, paradijselijk helder water. Hier zou je pech en het wachten op hulp door de verhuurder makkelijk kunnen volhouden.

REISINFORMATIE

ALGEMEEN Zonder twijfel: Mallorca trekt vanwege het fijne klimaat en landschap massa’s toeristen. Het eiland in de Middellandse Zee biedt, naast zandstrand en partytime, fantastische mogelijkheden voor individuele activiteiten: zeilen, snorkelen, wandelen, klimmen, mountainbiken, wielrennen en – vanzelfsprekend – motorrijden. De enige vraag die er dan is: Enduro of Harley?

REIS Wie de eigen motor niet kan missen, rijdt naar Barcelona of Valencia en neemt de veerboot naar Mallorca. Zie: www.balearia.com, www.balearenfaehre.com, www.aferry.com. Een alternatief is een (Duitse) vervoerder voor voertuigen, www.Mallorca-transporte.com. Het merendeel van de toeristen kiest echter ter plaatse voor een huurmotor, plus een vlucht naar Mallorca. De jacht op aanbiedingen gaat het beste via internet of het reisbureau.

ONDERDAK Luxe villa met zwembad (finca) of klooster, schattig hotelletje of goedkope slaapfabrieken – op Mallorca hoeft niemand op het strand te slapen. Op internet of via het reisbureau is iets te vinden dat past in het budget.

REISPERIODE De circa 300 zondagen per jaar maken Mallorca tot lievelingseiland van miljoenen mensen, ook om er na het pensioen te vertoeven. Het voorjaar is de minste periode, de herfst het meest aangenaam. In de zomer is het alleen uit te houden voor mensen die houden van bakovenhitte. Belangrijk om te weten: de reistijd bedraagt slechts twee uur. Voor wie vroeg vertrekt is het dus een mooie optie om de file eens te ontwijken met een lang weekend aan de andere kant van de Alpen.

MOTORVERHUUR De meest uiteenlopende BMW’s, van G 450X Cross via R 1200 R naar de nieuwste, watergekoelde R 1200 GS, zijn te huur bij Mallorquin-Bikes, tel. +34-871-986469 of mobiel +34-609-237637, www.mallorquin-bikes.de. Deze verhuurder biedt ook offroadcursussen onder professionele begeleiding. Harleys en Japanse cruisers zijn te huur bij Mallorca Motorbike, tel. +34-971-655395, www.mallorca-motorbike.com. Mallorca Bikes heeft BMW‘s en Harleys in huis, tel. +34-666-617327, www.mallorcabikes.es. De prijzen voor huurmotoren op Mallorca lopen uiteen van zo’n 80 euro (1 dag / F 650 GS) tot zo’n 900 euro (1 week / H-D Fat Boy). Eigen motorkleding kan overigens thuis vakantie vieren, de aanbieders hebben dit namelijk klaarhangen. Tot de dienstverlening behoort ook meestal een shuttleservice vanaf bijvoorbeeld het vliegveld.

2019 Kawasaki Ninja ZX-6R flink goedkoper!

0
2019 Kawasaki ZX-6R

De nieuwe Kawasaki Ninja ZX-6R was een verrassing tijdens de AIMExpo. Kawasaki maakt nu de prijzen bekend voor de Benelux.

De kracht van de Ninja ZX-6R is toch wel het motorblok. Het vergroten van de cilinderinhoud met 36cc heeft in de 600 klasse heel veel invloed op het vermogen en met name het koppel. Hierdoor is de ZX-6R naast sportief ook goed en comfortabel te gebruiken op de straat.

De ZX-6R 636 krijgt voor 2019 een aangescherpt design, LED koplampen, het KQS Quick Shift systeem en een nieuw ontworpen dashboard. De vernieuwde gearing zorgt hiernaast voor een snellere acceleratie.

Prijzen voor de nieuwe Ninja ZX-6R 636

De Ninja ZX-6R 636 is leverbaar vanaf eind november, met een vanaf prijs van €12.799,-, maar liefst € 2.000,- goedkoper dan het voorgaande model uit 2016!

De nieuwe Ninja ZX-6R staat vanaf eind november bij uw Kawasaki dealer.

Ninja ZX-6R – Black: € 12.799,-, Ninja ZX-6R – KRT Edition: € 12.999,-

Kijk voor meer informatie op www.kawasaki.nl

De details & opties

Is je oude helm nog wel veilig?

8

Hoe lang gaat een helm eigenlijk mee? Hoe lang is hij veilig? Wanneer ruil je ‘m in? In een grote motorkledingzaak krijgen we een klip-en-klaar antwoord: ‘Een helm moet je afhankelijk van het gebruik na zes tot acht jaar toch wel inruilen voor een nieuwe.’ Waarom? Zegt de verkoper dit omdat hij heel graag een nieuwe helm verkoopt? Immers kost een helm uit de premiumklasse je zomaar een eurootje of vijfhonderd. ‘Zes jaar beschermd rondrijden voor vijfhonderd euro is toch niet te veel?’ Ach, je bent een verkoper of niet, niet voor een gat te vangen.

Maar waarop zijn uitlating is gebaseerd, kan de betrokken verkoper ons helaas niet vertellen. Zoek je naar informatie op internet, dan lees je na wat speuren in een recente nieuwsbrief van een gerespecteerd verzekeringsbedrijf dat ‘een motorhelm na vijf tot zes jaar toch wel aan vervanging toe is’. Je zou denken dat ze zoiets niet zomaar zeggen, dat moet toch érgens op gestoeld zijn. Hebben ze misschien al tests met oude helmen uitgevoerd om tot deze bewering te komen? Had je gedacht! Na wat stroef verlopend e-mailverkeer met de persafdeling van het verzekeringsbedrijf worden we wel geattendeerd op de materiaaleigenschappen van thermoplasten. Die zouden met het verstrijken der jaren teruglopen. Op zich is het niet meer dan een vingerwijzing, want het is een onbevredigend antwoord voor wie echt wil weten hoe het zit.

Daarom stuurden we binnen ons netwerk een zoekopdracht uit met de mededeling dat we oude helmen zochten. Ineens waren oude helmen weer interessant en dan het liefst helmen met een aantoonbaar verleden. Maar de veelbelovende oproep op Facebook liep op niets uit. Uiteindelijk wisten we toch acht oude testexemplaren te verzamelen en daarmee begaven we ons naar het centrum van helmonderzoek: TÜV Rheinland in Keulen. Daar namen ze de helmen maar wat graag in ontvangst. Vervolgens kregen de helmen het op een wetenschappelijk verantwoorde wijze zeer zwaar voor hun kiezen, waarbij de onderzoekers zich uiteindelijk verbaasden over de resultaten (zie kader).

Wetenschappelijke marteling

De drie jongste helmen doorstonden de wetenschappelijk martelingen glansrijk. Dat waren alle helmen van vezelcomposiet. Maar de helmen die ouder waren dan tien jaar, doorstonden de botstest maar matig. Meestal scoorde het meetpunt P (schedel) zwak. Volgens de onderzoekers vormde dat toentertijd ook al een algemeen zwak punt van helmen. Helaas hadden we te weinig jonge thermoplast-exemplaren in de voorraad testhelmen. Kennelijk worden deze helmen door hun eigenaren instinctief al vaak vervangen. De 16 jaar oude Baehr Silencer leverde nog een respectabele prestatie met slechts een overschrijding van de grenswaarde. De evenoude Schuberth- en Vemar-helm hadden het tijdens de botsproeven duidelijk moeilijker. De laatste kreeg een klap op het achterhoofd te verduren, maar de relatief geringe overschrijding van de HIC-waarde op punt R (achterhoofd) was nauwelijks waarneembaar. De twee oudste helmen overschreden overduidelijk wel de grenswaarden van de actuele ECE 22/05-keur. En als we heel eerlijk zijn, mogen we de botswaarde op het kinstuk van de Takai FT60 ook maar beperkt meewegen. De meer dan tweevoudige overschrijding van de grenswaarde is het resultaat van de helmconstructie. Ooit voldeed de Takai aan ECE-norm 22/04, maar deze norm voorzag niet in een botsproef op de kin. De helm was daarop dan ook niet geconstrueerd en liet het daarom afweten.

De resultaten van onze niet representatieve steekproef stellen de helmfabrikanten in zoverre in het gelijk, dat je een helm na maximaal tien jaar toch wel zou moeten  vervangen, ongeacht het materiaal waarvan de helm is gemaakt. Verder sluiten we ons aan bij de onderzoekers van TÜV Rheinland. Die gaan er van uit dat het vooral de schokabsorberende schuimplastic kern is die eerder veroudert dan de buitenschaal. Immers overschreed een GFK-helm (GFK veroudert nagenoeg niet) ook na ca. 16 jaar de grenswaarden van de botsproeven niet. Het lijkt er dus op dat het materiaal van de buitenschaal minder vatbaar is voor het verouderingsproces dan het dragen van de helm zelf. (Overmatig) zweet kan ertoe leiden dat de kwaliteit van het absorptiemateriaal terugloopt. Maar het blijft lastig om de kwaliteit van een vaak gedragen, oude helm te bepalen. Om dat goed te kunnen doen, moeten we hopen op nieuwe testprocedures waaraan momenteel wordt gewerkt (zie kader).

Gevaarlijke ontwikkeling

In vergelijking met de huidige botsproeven (zie o.a. Promotor 4/2018, pag. 46) is de meest kritische zone van een helm van bovenop de schedel opgeschoven naar de zijkant. Voor toepassingen, zoals headsets, wordt op die plek op absorptiemateriaal bespaard, wat in de meest recente botsproeven negatief uitviel. En tijdens een val is een impact op de zijkant van de helm waarschijnlijker. Daarom zullen we deze ontwikkeling op de voet blijven volgen.

Wie nog een oude helm gebruikt, kan ‘m beter nog vóór het volgende ritje vervangen. Een voordelig nieuw exemplaar is al beter dan een oude. Een nieuwe middenklasse helm kost je zo’n €200,-, maar een verouderde helm kan je het leven kosten. Daarom luidt ons advies dan ook: ruil op tijd in!

Lees hier de testresultaten van de oude helmen (pdf)

ZO HEBBEN WIJ GETEST

Voor een betere vergelijking voerden we de botsproef uit op basis van de criteria van ECE-keur 22/05. Die schrijft voor dat een helm qua helmgrootte goed passend op een dummyhoofd (bijv. maat 57 met een gewicht van 4,7 kg) vanaf een hoogte van 3,18 m op een aambeeld botst. Doorslaggevend hierbij is de snelheid van 7,5 m/s. Gemeten wordt de maximale vertraging in g (zwaartekracht). Op basis hiervan wordt de HIC-waarde (Head Injury Criterion) bepaald, waarbij naast andere criteria ook de vertragingsduur in aanmerking wordt genomen. Om voor een ECE-certifi caat in aanmerking te komen, mag de vertraging van een helm niet meer dan 275 g en mag de HIC-waarde niet meer dan 2.400 bedragen. Ter vergelijking: een dummy tijdens een autocrashtest mag gedurende drie milliseconden maximaal belast worden met 80 g. Dat komt overeen met een HIC-waarde van 1.000. De defi nitie van belastingsgrenzen en vervolgletsel is lastig, aangezien ook de botshoek en de lichamelijke conditie van de bestuurder een cruciale rol spelen. Maar: vanaf een belasting van 275 g treedt er met grote waarschijnlijkheid dodelijk letsel op.

Bij de botsproef op de helmen worden in een vast aan te houden volgorde achtereenvolgens vijf testpunten onderzocht (met uitzondering van de jethelm): de positie van de testpunten wordt op basis van twee niveaus gedefinieerd, een verticale middenas die van boven naar beneden door de schedel loopt, en een horizontale middenas die van voren, ongeveer van bovenaf de oogkassen, naar achteren tot ongeveer aan de bovenkant van de ooropening in de schedel loopt. De meting op punt S vindt frontaal bij de kin plaats, ca. 1,5 cm vanaf de onderste helmrand en conform de norm bij slechts een snelheid van 5,5 m/s (19,8 km/h). Volgens de ECE-norm worden alle schokken bij temperaturen van min 20 graden, plus 20 en plus 50 graden uitgevoerd. Maar volgens onze bevindingen is een test bij een temperatuur van 21 graden toch het zinvolst.

Horex VR6: Rauw, donker en monsterlijk mooi

0
2019 Horex VR6 Raw

Als het gaat om zescilinders, gaan je gedachten uit naar de Honda CBX of Benelli Sei. Die types zijn alweer een poosje voltooid verleden tijd. Hedendaagse representanten van de zescilinder zijn de Goldwing of BMW K1600. Maar er is nog een Duitse fabrikant die zescilinders bouwt, V6’en zelfs. Horex. Fameus merk merk een prachtige historie. En een doorzetter pur sang. Want wat heeft Horex het moeilijk (gehad). En toch zet het door, met motoren in het luxe segment met dito prijs.

De motor

De Horex V6 heeft een cilinderinhoud van 1.128cc, een vermogen van 163pk en een koppel van 128Nm. De cilinders staan in een hoek van slechts 16 graden ten opzichte van elkaar. Daardoor kun je het blok compact bouwen en past het uitstekend in een motorfietsframe. Die V6, die al wordt gebruikt in de Roadster en de Classic, zet Horex ook in voor de Raw.

Donker en licht

Om gewicht te besparen heeft de Horex VR6 Raw een achterframe van carbon. Ook de koppelingsplaten zijn van hetzelfde materiaal gefabriceerd. De Raw wordt afgeveerd door een 43mm Ohlins USD en een Ohlins TTX36 achterschokbreker. Beide zijn volledig instelbaar.

De remmerij wordt overgelaten aan Brembo. Voor grijpen twee M50 vierzuigerklauwen aan op twee 320mm schijven, achter is een tweezuigerklauw aan het werk op een 264mm schijf.

Het dashboard wordt gedonimeerd door een 7 inch TFT display dat je kunt koppelen aan je smartphone en GPS. De VR6 Raw kun je naar wens laten afmonteren met Kineo velgen, een zwart remvloeistofreservoir en titanium bouten. De Horex VR6 Raw wordt geleverd in de kleur matzwart voor de rauwe prijs van €35.500,-. Door komen Nederlandse belastingen nog bij…

Meer info op de website van Horex