woensdag 13 mei 2026
Home Blog Pagina 1303

Polen: Białowieża, het laatste oerbos

0

Polen strekt zijn poten uit en schudt de vacht schoon. Na jaren (onterecht) het stempel ‘de schlemiel van Europa’ te hebben gedragen, staat er een trotse natie die zich ontwikkelt tot een land waar je rekening mee moet houden. Maar het is ook een land waar je terecht kunt voor ongerepte natuur. Volop genieten dus.

[sgpx gpx=”/wp-content/uploads/gpx/polen-het-laatste-oerbos.gpx”]

Paul Cnossen, Jacco van de Kuilen en Peter Zuurbier

De Polen hebben keihard geknokt. Met de Russen én de Duitsers. En wie werd er de dupe van: het gewone Poolse volk hebben elkaar streng bestreden en bogen heen en weer tussen overwinning en verlies. Toen de gruwel van de tweede wereldoorlog was bestreden, gingen bevrijder Stalin en de opeenvolgende communistische regimes tekeer als een dolle honden. Stilaan verdween de intelligentsia en bleven arbeiders en boeren over.

Waarom deze informatie van belang is? We gingen toch naar een van de mooiste natuurgebieden van Europa? Simpel, juist in de jaren van onderdrukking lag de economische expansie lang stil en dat pakte was voor de uitgestrekte oerbossen en enorme landerijen niet verkeerd uit. Die werden niet opgeofferd aan VINEX-wijken en industriegebieden. En juist vanwege die ongereptheid is met name de oostelijke regio Podlaskie, grenzend aan Wit-Rusland, zeer aantrekkelijk om op de motor te ontdekken. Honderdduizenden hectares van nationale parken zijn met elkaar verweven tot een groen landschap met over het algemeen prima wegen. De Suzuki V-Stroms bleken geknipt voor de trip.

Nieuwe wegen

Het startpunt van onze trip door Oost-Polen is Lublin, een stad op zo’n 1.400 km rijden van Amsterdam en 170 km ten zuidoosten van Warschau. De grap is dat wanneer je bij knooppunt Watergraafsmeer de A1 oprijdt, je eigenlijk pas bij Warschau de eerste afslag hoeft te nemen. Je rijdt in één streep over de E30 richting de oostgrens van de Europese Unie. In theorie dan, want je doorkruist zoveel mooie natuurgebieden in Duitsland en West-Polen dat één of meerdere stops en toerdagen zijn aan te raden. Over de wegen hoef je je geen zorgen te maken. Overal langs de Poolse snelwegen zie je bouwborden. Omdat het Poolse alfabet iets anders is dan het onze, zijn niet alle woorden te herleiden, maar de blauwe vlag met het kransje van gele sterren in het midden zegt genoeg. Met Europees geld wordt een gelikte infrastructuur aangelegd. Houd er wel rekening mee dat deze snelweg zo’n beetje de enige west-oost verbinding is, dus oponthoud door wegwerkzaamheden zijn niet te vermijden.

Graan in overvloed

Bij Warschau nemen we afscheid van het Polen dat we vóór aanvang van de reis in gedachten hebben. We laten een grauw stedelijk buitengebied achter ons en naar mate we Lublin naderen, wordt de omgeving groener. Onze route gaat zo snel mogelijk van de snelweg af, over provinciale wegen. De vergelijking met Frankrijk dringt zich op. Alsof je over een prima D-weg rijdt, zoeven we verder en verder. Aan weerszijden strekken de korenvelden zich glooiend uit. Het IJzeren Gordijn mag dan al dertig jaar zijn opengeschoven, we krijgen toch het idee dat de kolchozen en sovchozen, de immense boerderijen uit de Sovjettijd, in omvang intact zijn gebleven. Tientallen kilometers lang trekt wuivend graan aan ons voorbij.

De hotels onderweg zijn verzorgd en netjes geprijsd. De tijd dat je je voor vijf euro helemaal klem kon eten is dan wel voorbij, maar het eten is nog alleszins betaalbaar. Dit deel van Polen is bovendien nog niet té toeristisch. Dat leidt overigens wel tot een taalbarrière: de oma die ons tijdens een tussenstop met weidse armgebaren vol trots over haar dorp vertelt, zal ongetwijfeld prachtige verhalen hebben gehad: we verstonden er geen snars van. En niet in elk etablissement is er iemand die Engels spreekt. Gelukkig zie je dat bij de jongere generatie wel veranderen. Wees overigens wat voorzichtig met Duits, niet elke Pool heeft goede herinneringen aan onze oosterburen…

Langs de Boeg

We rijden vanaf Lublin verder naar het oosten. Over de ’82’, een nette provinciale weg, richting het Polezki park met daarin het Wytyckie meer. Een stop waard. Het gebied is goed toegankelijk voor een flinke wandeling. Blijf aandachtig in het water kijken, want in dit meer leven schildpadden! Maar voor het echte natuurgeweld moeten we verder noordwaarts, naar de regio Podlaskie. Hier zijn maar liefst vier Nationale Parken en drie beschermde natuurgebieden met een bijzondere biodiversiteit te vinden, waaronder de laatste oerbossen van Europa. Een mooie leidraad naar Podlaskie is de rivier de Boeg. De rivier is een belangrijke ‘verkeersader’ in het Europese ecosysteem. Je treft hier een zeer diverse flora en fauna, vooral omdat de omgeving van de rivier jarenlang – met dank aan de communisten – niemandsland is geweest. Ook nu nog heeft de Boeg een belangrijke strategische functie: het is de grens tussen Polen en Wit-Rusland en vormt daarmee ook de scheidslijn tussen de EU en ‘Moskou’. De grensbewaking is dan ook indrukwekkend. We hopen op een glimp van de Wit-Russische stad Brest, maar dikke bomenrijen en een imposante grensovergang belemmeren het zicht. Onwillekeurig denk je hier aan de jaren ’80 hit Over de muur van Het Klein Orkest. De natuur van Oost-Polen trekt zich niets aan van de grens met Wit-Rusland. De tientallen bijzondere spechtensoorten die hier leven, fladderen frank en vrij heen en weer. Eerlijk gezegd hadden we de Boeg wel wat breder verwacht, met een mooie route à la de dijkweggetjes in Nederland als bonus. Maar de rivier is niet alleen heel kronkelig, hij is ook erg smal. Gelukkig zijn de aangrenzende dorpjes en stadjes ook zeker de moeite waard.

Uienbollen

Onderweg valt op dat ook in het kleinste gehucht een bak van een kerkgebouw staat. Niet alleen een baken in het landschap, maar ook een teken van de Poolse machtsverhoudingen. De laatste jaren zijn vanuit het conservatieve Rooms-Katholieke denken van de regering een hoop – in onze Westerse ogen – controversiële beslissingen genomen. Opvallend, want in menig ander voormalig Oostblokland verfoeit de regering én de bevolking al te nadrukkelijke kerkelijke bemoeienis. In Polen is dat duidelijk anders. Hoewel we meermalen merken dat de koers van de regering niet door elke Pool gedeeld wordt, is de gepredikte gemeenschapszin wél overal aanwezig. Alle generaties krijgen volop aandacht. Niet alleen is het opvallend hoeveel jonge mensen we in de dorpen zien, menig jonge vrouw loopt achter de kinderwagen. Tegelijkertijd is er ook de zorg voor de doden. Langs de wegen liggen de begraafplaatsen als erevelden vol in het zicht, met mausolea en goed onderhouden graven. Als je van religieuze architectuur houdt, kun je hier je hart ophalen. De Oosters-Orthodoxe kerk is namelijk eveneens sterk aanwezig, wat vooral te zien is aan de grote gebedshuizen met kleurrijke ‘uienbollen’ op de torenpunten. In Jabłeczna is het Oosters-Orthodoxe klooster gewijd aan de heilige Onufry. Liefhebbers van overdadige kerkelijke architectuur moeten er zeker een kijkje nemen.

Oerbos

Na het culturele intermezzo vervolgen we de weg naar het hoogtepunt van de natuur in Podlaskie: de wouden rond Białowieża. Gids en bioloog Sławomir toont ons daar zíjn kathedralen: eeuwenoude bomen waar hij álles over kan vertellen. Zo moet een groot deel van centraal Europa er eeuwen geleden bij hebben gelegen. Verwacht bij de term ‘oerbos’ overigens geen ondoordringbare wouden met metersdikke reuzenbomen. Sławomir legt uit dat de term ‘oer’ vooral verwijst naar het zeer beperkte ingrijpen van de mens. ‘De eeuwenoude genen van de natuur zit hier in de bosbodem,’ legt hij op een haast mystieke wijze uit. Ondertussen zijn wij hard bezig de enorme horzels die het op ons bloed voorzien hebben van ons af te slaan. Tip: houd je pak aan, ook al is het bloed verziekend heet.

De biodiversiteit in het woud van Białowieża is enorm: alle soorten spechten die bekend zijn, komen hier voor, er zijn 1.600 paddenstoelensoorten, 300 soorten korstmos, 120 soorten broedvogels en 60 soorten zoogdieren. Ook bijzondere grassen en tientallen soorten amfibieën hebben hier hun biotoop. Niet voor niets staat het gebied al sinds 1979 te boek als UNESCO Biosfeerreservaat. Neem dus de tijd als je optimaal wilt genieten van Białowieża. Zie het niet als een korte stop tijdens de reis. Vogelaars en plantenliefhebbers moeten hier vooral met loep en camera naar toe waarmee ze de rijke schatkamer van Moeder Natuur kunnen ontdekken. Houd je meer van industrieel erfgoed dan heeft Białowieża een andere mooie attractie: het stokoude stationnetje dat in alle grandeur gerestaureerd is en nu dienst doet als een fraai restaurant met een uitstekende keuken. De oude watertoren is te huur als (prijzige!) hotelkamer.

Wisenten

Een woudbewoner waar je zeker geen loep voor nodig hebt is de wisent. Deze langharige bisonsoort heeft hier, net als de wolf en eland, weten te overleven. Je hebt geluk als je er één spot, ze zijn ondanks hun grootte meesters in verstoppertje spelen. In het naastgelegen dierenpark kun je gelukkig je hart ophalen en deze imposante wezens van dichtbij aanschouwen.

Helaas ligt het woud onder vuur van juist één van zijn allerkleinste bewoners: de letterzetter. Dit kleine insectje nestelt zich onder de bast van dennenbomen en tast de beschermende laag tussen stam en buitenlucht aan. Sławomir breekt de bast van een aangetaste stam af en wijst op het ‘wegennet’ dat de kleine parasiet heeft achtergelaten. ‘De boom zal sterven, jammer. Maar het is ook een volkomen natuurlijk proces,’ weet de bioloog. Dode en rottende bomen zijn het voedsel voor andere organismen. Maar die letterzetter is ook koren op de molen van de politieke machthebbers. Om de letterzetter uit te roeien wil de overheid preventief bomen omhalen, zelfs in het meest beschermde gebied, waar de mens nog nooit heeft ingegrepen. De opengevallen gronden moeten korenakkers worden. Het verzet van lokale actiegroepen, Greenpeace en de Europese Unie bracht de Poolse regering niet op andere gedachten. Jammer, het zou zonde zijn als dit unieke stukje natuur grootschalig beschadigd wordt door de mens.

De andere dagen in Oost-Polen bezoeken we de andere natuurgebieden van Podlaskie. Waar Białowieża vooral bekendheid geniet door de enorme diversiteit en de strikte toegang, zijn de overige parken en natuurreservaten vooral gericht op natuurbeleving. Je kunt er naar hartenlust kanoën en wandelen en je vooral verbazen dat zo’n totaal andere wereld net zo ver van Amsterdam verwijderd is als de Côte d’Azur.

Relaxt rijden

Maar het gebied leent zich ook prima voor een heerlijk ontspannen toertocht met van tijd tot tijd een koffiepauze of lunchstop op een prachtige locatie. De bochtige wegen tussen de imposante bossen zijn avontuurlijk in de lichte categorie: overzichtelijk zonder al te veel verkeer. Gebruik je je navigatie dan is het vooraleerst zaak de plaatsnamen letter voor letter in te tikken: door het afwijkende Poolse alfabet en plaatsnamen die veel op elkaar lijken is een fout zó gemaakt. We spreken uit ervaring…

Houd er ook rekening mee dat wanneer je snelwegen actief mijdt, er soms wegen opdoemen die van bedenkelijke kwaliteit zijn. Op één van de trips troffen we een weggetje waar je vullingen uit je kiezen rammelden bij een gangetje van 10 km/u. Let wel: we reden V-Strom! Maar leuk was het wel.

Moet je naar Polen gaan puur voor het rijden? Nee. Moet je naar Polen gaan voor een goedkope vakantie? Nee. Polen is het complete plaatje van cultuur, mooie wegen, vriendelijke mensen en bovenal een indrukwekkende natuur. Een onbekend stukje Europa dat alle kilometers dubbel en dwars waard is.

Hoe wordt een helm getest? – Promotor

0

Bekijk meer van Promotor op https://www.motor.nl
Abonneer op Promotor Magazine: https://www.motor.nl/aanmelden-promotor
Volg Promotor ook op Facebook: http://www.facebook.com/promotormotome
Volg Promotor ook op Instagram: http://www.instagram.com/promotor_inst

Bart ging naar het testcentrum van Arai te Hoelaken om uit te zoeken of een ECE (Economic Commission for Europe) keurmerk wel helemaal voldoet voor een helm.

Ducati Scrambler 1100 2018 – test Promotor

0

Bekijk meer van Promotor op https://www.motor.nl
Abonneer op Promotor Magazine: https://www.motor.nl/aanmelden-promotor
Volg Promotor ook op Facebook: http://www.facebook.com/promotormotome
Volg Promotor ook op Instagram: http://www.instagram.com/prowww.motor.nl

Ducati Scrambler 1100

Toen de eerste Scrambler van Ducati in 2015 ten tonele verscheen, hing het succes eigenlijk al aan z’n kont. Vol in de retro-trend, aangename prijs, karaktervolle twin en een design om je vingers bij af te likken. Nu verschijnt de overtreffende trap op de markt; de Scrambler 1100. Inderdaad, dat broertje met een nóg langere baard. Jaap vloog naar Portugal om hem te testen!

Zuidelijke Dolomieten: Lago di Santa Croce

1

Rondom het Lago di Santa Croce aan de zuidelijke rand van de Dolomieten is de kaart rijkelijk voorzien van een wirwar aan weggetjes waarvan je, anders dan bijvoorbeeld op de zeer populaire Sella Ronda, zelfs zonder veel klimpartijen kunt genieten. Smakelijk eten.

[sgpx gpx=”/wp-content/uploads/gpx/zuidelijke-dolomieten.gpx”]

Klaus H. Daams

Eerst maar eens de airco uit, zodat het wat warmer wordt. We zijn zojuist in Belluno aangekomen, hebben onze motoren op de patio van de ‘Albergo Cappello e Cadore’ geparkeerd en onze bagage op de kamer gestald. Waar de gevoelstemperatuur 30 graden lager is dan buiten. Maar Henk en ik willen op deze zonnige warme middag in juli niet alleen de airconditioning laten draaien. Een kort dutje, en daarna wekken we de sluimerende energie op, zoals ooit bij het ruimteschip Orion, en maken we ons op voor een kennismakingsrondje met onze motoren. Waarheen? Een blik op de kaart is voldoende: de groen-wit-geel gemarkeerde wegen in de richting van Nevegal beloven een flinke portie rijplezier. En terecht. Op de plek waar moderne kabelbanen ’s winters tot 8.500 personen per uur naar het skigebied tussen Belluno en Lago di Santa Croce vervoeren en begin april 5.000 motorrijders elkaar tijdens de 32e Benedizione del Motociclista ontmoeten – heerst een haast paradijselijke leegte, bocht na bocht. Alleen de hemel is gevuld, met veel blauw en met de pieken van de Dolomieten rondom Monte Schiara & Co, die zich scherp aan de horizon aftekenen.

Als een diesel trekt de Tracer 900 vanuit lage toeren op, wentelt zich fijn uitgebalanceerd van een hoogte van zo’n 1.000 naar 1.600 meter, zonder dat de zuigers al te veel werk hoeven te verzetten. Complimenten. Zo laten we een wedstrijdje om het hardst met een Speed Triple aan ons voorbij gaan en gunnen onszelf een rondje Nevegal. Henk: ‘Ik wilde alleen maar de koele wind om me heen voelen – in plaats van meteen een verhit duel aan te gaan.’ In de cruising- in plaats van cruisemissile-modus rijden we weer terug tot aan Cadola. Rechtsom is het een kleine 100 kilometer tot aan Venetië, linksom is het nog geen uur, voordat we in Belluno, ooit Alpenstad van het jaar, aan een tafel van Pizzeria La Buca zitten, heel romantisch onder een nachtblauwe hemel tussen twee door lantaarns beschenen straatjes van het oude centrum, heel praktisch vlak aan de Cappello e Cadore, onze thuishaven voor de volgende twee dagen.

Asfaltspaghetti

Tijd om de actieradius te vergroten, zoals een in het water geworpen steen steeds grotere cirkels trekt. Eerst zoeken we het centraal gelegen Lago di Santa Croce op. Wie dat wil, kan een duik in het water nemen. Of het bij een blik op het smaragdgroene meer laten. Bijvoorbeeld op de zuidpunt van het Lago in de fraaie Baia delle Sirene, de baai van de zeemeerminnen. Een klein pad voert omlaag naar het water, waar ons in de eenvoudige strandbar vers opgeschuimde cappuccino wachten die de hartslag iets verhogen. Even later rijden we over de SP28 met zijn haarspeldbochten omhoog naar Valdenogher – die een verbinding vormt met de stoffige Senza Piombo 95 – naar onze eerste hoogtepunt. Het zal niet bij deze ene rijervaring blijven.

De Tracer, toch wel een soort van multitool van Yamaha, kan op weg naar Monte Pizzoc laten zien waartoe hij allemaal in staat is. Eerst beginnen we nog heel ontspannen in het bosrijke Bosco del Cansiglio, waar ooit het hout werd gehaald voor de schepen van La Serenissima, Zijne Doorluchtigheid, de bijnaam van Venetië. Daarna neemt het aantal bomen af en daarmee ook de schaduwen, nog wat verderop wordt de weg ruw, doordat er geen asfalt meer is. Sterke genen kunnen we daar wel gebruiken. Wie het vroege ochtenduur benut, wordt op de 1.565 meter hoge Pizzoc beloond met een grandioos panorama, voordat het tegen de middag nevelig wordt. De SP422, die over de Col Brombolo in de richting van Fregona voert, biedt meer dan troost voor het verloren glasheldere vergezicht. Links, rechts, chachacha. De Tracer flirt met het bochtige wegdek.

Nog warmer, niet alleen vanwege de 37 graden, is het dansje dat ons na een kleine vallei des doods te wachten staat op de vlakke SP 29 bij Aviano: waanzin op het hooggelegen wintersportstation Piancavallo, een ideale reuzenslalom voor motoren over een piekfijn terrein. Asfaltspaghetti noemt Henk dit heel treffend in de Taverna all’Urogallo gezeten aan de pasta en insalata mista. Wat op onze siësta volgt, is een onbeschrijflijke mix van 1.000 bochten en tienduizend bomen, slechts onderbroken door de 13 miljoen kubieke meter water van het Lago di Barcis, een turkoois stuwmeer, dat je kunt oversteken met pittoreske hangbruggetjes of door te zwemmen, zeilen of surfen. Met de watergekoelde 900 duiken we liever onder in de groene bosrijke omgeving, waardoor de ‘witte’, door winterse opvriezingen gekloofde SP63 via Bosplans en Poffabro naar het volgende meer voert, het Lago di Tramonti. En we rijden meteen door naar de volgende pas, de Passo Monte Rest.

De kurkentrekkers die op de kaart de SS552 aanduiden, liegen niet. Of, om het in de bewoordingen van een zekere Anonymus op internet te zeggen: ‘Hoe hebben ze het voor elkaar gekregen om op een relatief kort stijgend traject zoveel bochten aan te brengen??? Een absolute must, hoewel misschien niet voor beginnende motorrijders.’ Compleet duizelig aangekomen aan de andere kant van de pas, vragen we ons af: ‘Bevat het bos nog wel bochten? Die zijn inmiddels allemaal toch wel op?’ En bestuurders van choppers zullen wel denken: ‘Voor de variatie tien kilometer rechtuit, dat zou ook wel weer eens fijn zijn!’

Dat er geen rode straten zouden bestaan, is flauwekul – we leveren het bewijs op de SS52 over de Passo della Mauria. We voelen ons eenzame zilverkleurige ruiters die over het goud glanzende asfalt in de avondzon verdwijnen. Of, minder poëtisch gezegd, rijden we over een ‘verslavend vijfsterrenparcours’, zoals we later, na afloop van de laatste etappe over de druk bereden SS51, bij een pizza in La Buca noteren.

xxxx

De volgende dag spaghetti bolognese. Kenners van de Italiaanse straatgerechten hebben al een donkerbruin vermoeden: we zijn op weg naar de Passo San Boldo met zijn waanzinnige, aan een haast verticale rotswand afgewrongen noordhelling met enkelbaans stoplichten en vijf nauwe spiraalvormige tunnels. ‘Tjonge,’ klinkt het verbaasd uit de mond van mijn kameraad; en zijn verbazing groeit nog wanneer hij leest dat dit bouwwerk in het voorjaar van 1918 in slechts 100 dagen werd gebouwd en op deze plek destijds 1.400 mensen zich in het zweet hebben gewerkt, waaronder krijgsgevangen, bejaarden, vrouwen en kinderen. Niet op de laatste plaats doen de elkaar overlappende wegvlakken op de Boldo op de een of andere manier ook aan een lasagne denken…

Oude 4×4 Panda’s in de Italiaanse bergdorpjes herinneren aan het pre-SUV-tijdperk; maar onze Spartaanse lieveling is zelfs daar al met uitsterven bedreigd. Maar ’s nachts hebben de bochten zich in het bos op wonderbaarlijke wijze vermenigvuldigd, zoals we bij de Valdobbiadene tijdens de klim naar de Monte Cesen waarnemen. Een beetje hobbelig vervolgen we onze weg over de smalle weg. ESA-chassis? De Tracer 900 kan ook zonder – en kost dan slechts €12.299,-!

De Monte Grappa staat er gratis en voor iedereen. Bij de aanblik van de kluwen weggetjes rondom de 1.775 hoge berg, loopt ons het water in de mond. Onder onze jacks is het al niet anders, de hete föhn lijkt van alle kanten te komen. Alleen de wind die over de SP148 vanaf Romano d‘Ezzelino waait, biedt uitkomst, totdat we onze weg onderbreken en afslaan naar de Col Moschin en de Albergo San Giovanni, waar we met koude dranken en koolhydraten onze lichaamseigen reserves weer aanvullen. Als extra biedt de rustieke herberg ons een ‘klein museum van de grote oorlog’, een huiveringwekkende verzameling stukken over de slag – en slachtpartij – tussen de Italiaanse en de Oostenrijks-Hongaarse troepen anno 1918.

Terug of verder naar de Monte Grappa. Voor ieder wat wils. De een komt voor het indrukwekkende monument naast het knekelhuis voor de in de omringende bergen gevallenen van de Eerste Wereldoorlog, de ander vanwege het ideale startpunt voor paragliding. En motorrijders voor – maar dat hoeven niet te blijven benadrukken – de spaghettiachtige weggetjes. De laatste daarvan peuzelen we vandaag op via de Passo di Brocon, Passo di Gobbera en Passo di Cereda over de uitgestrekte slotetappe naar Belluno. Voordat we morgen de terugreis naar het noorden beginnen, dwars door de heerlijke Dolomieten. Waar we met onze motoren langs het puntige landschap razen. Behalve op woensdagen in juli en augustus tussen 9 en 16 uur, wanneer het Sellajoch alleen vrijgesteld is voor elektrische voertuigen. En er rust heerst in het alpine pretpark. Zoals dat eigenlijk het hele seizoen het geval is rondom het Lago di Santa Croce.

INFORMATIE

Aan de zuidrand van de Dolomieten bij Belluno en het Lago di Santa Croce, in het bosrijke grensgebied tussen de regio’s Trentino-Südtirol en Venetië, komen we over passen en wegen die weliswaar door een niet echt spectaculair berglandschap zoals Marmolada, Rosengarten en de Sella Ronda voeren, maar die qua rijplezier niets te wensen overlaten en die bovendien veel minder druk bezocht worden.

HEENREIS

Naar Belluno, de centrale spil van deze tour, is het vanaf Amsterdam via Venlo, Karlsruhe, Innsbruck en Brenner zo’n 1.160 kilometer. Tot aan Chiusa/Klausen moeten we daarbij over snelwegen – in Oostenrijk en Italië wordt tol geheven –, daarna rijden we in een carrousel van bochten over het Sella- en Pordoi-joch naar ons doel. ’s Zomers moet je in de Dolomieten vanwege de gespannen verkeerssituatie rekening houden met tijdelijke wegafsluitingen voor voertuigen met verbrandingsmotor; informatie over de actuele situatie is bijvoorbeeld verkrijgbaar bij de ANWB.

VERBLIJF

Voor dagetappes zonder bagage raden we een centrale locatie aan, zoals de Albergo Capello & Cadore, Via Sebastiano Ricci 8, 32100 Belluno BL, tel. +39 0437 940246, www.albergocappello.com/it, eenpersoonskamer €47,-, tweepersoonskamer €77,-. Ten zuidwesten van de Monte Grappa, bereikbaar via een afrit van de SP148, ligt midden in de natuur het traditionele en vertrouwde Albergo San Giovanni, Via Colli Alti 65, 36020 Solagna – Località Colli Alti, tel. +39 0424 1946 266, www.albergosangiovanni.com. Voor zwemplezier vlak vóór de deur in het Lago di Barcis staat het Hotel Celis garant, Via Dante Alighieri 3, 33080 Barcis, tel. +39 0427 76376, www.celis.it.

ADRESSEN

Doe mee aan de Dolomieten reis van Promotor Reizen

Download de 2 routes

 

TankTasTocht #2-2018 – Noord-Holland

15

DOWNLOAD TTT#2 EN DE BONUSROUTE

Op 6 mei rijden we een heerlijke route van 146 kilometer dwars door oer-Hollandse nostalgie. Dakpannen en waterwegen staan langs de route regelmatig op gelijke hoogte. Kronkelende dijkweggetjes die overgaan in aandoenlijke lintdorpjes met kenmerkende groenebetimmering. Het decor van een oude meester dat met draaiende molenwieken tot levenkomt. Deze TankTasTocht is een uitnodiging voor historisch besef.

[sgpx gpx=”/wp-content/uploads/gpx/tanktastocht-2-noord-holland.gpx”]

Jacco van de Kuilen

De tocht start in Akersloot en via Uitgeest kom je al vrij snel in een waterrijk polderlandschap. De weilanden lijken immer omringd door sloten, kanalen, plassen en meren. Het vele riet markeert de waterranden als ruisende kragen. Wat je snel zal opvallen zijn de voortdurend veranderende hoogteverschillen tussen water en land. Eeuwenlang vochten de bewoners van deze regio tegen het ater, zowel zout als zoet. Ingeklemd tussen de Noord- en Zuiderzee wisten ze het gebied met wisselend succes in te polderen. Maar de dreiging van dijkbreuken bij storm was altijd aanwezig. Toch wisten ze de immer dreigende wateroverlast naar hun hand te zetten. Creatief watermanagement stroomde ze immers door de aderen dat ze er na verloop van tijd ook van leefden. De vele afwateringskanalen fungeerden als waterwegen voor de handel, die de vele gehuchten en dorpen aan elkaar knoopten. En wat droog bleef, werd gebruikt voor landbouw en veeteelt. Hoewel zekerheid daarop niet werd gegeven: menig grazer kreeg natte hoeven bij het onvoorspelbaar stijgende water.

Schilderachtige architectuur

Via Krommenie gaat het over de Starnmeerdijk langs Spijkerboor. Vervolgens passeer je het eiland De Woude, dat in het Alkmaarder Meer ligt. Daar kun je de gaskraan met beleid even aaien tot je via Oost- en West Graftdijk uitkomt in De Rijp. Dit is een zeer goed geconserveerd dorpje met schilderachtige architectuur als het lieflijke raadhuis uit 1630 en dewitte ophaalbrug. Beide zijn zeer kenmerkend voor De Rijp en op de karakteristieke daken zal een zekere schimmel zich op 5 december helemaal thuis voelen. Hoewel: de oude Hollanders waren overigens helemaal niet bedacht op horden toeristen, gelet op de breedte van de straten. Dus rij voorzichtig, de vele nostalgische doorkijkjes links en rechts verhullen ook uitkomend verkeer. Wil je De Rijp in alle rust tot je nemen, geniet je op het terras van het Wapen van Munster van de oude dorpskern.

Voorbij het van oudsher rivaliserende dorpje Graft, over de Meer- en Molendijk, rijd je langs waterrijke poldertjes. Om je heen veel weide, water- en roofvogels. Het heet hier De Schermer en deze oude polder heeft in z’n vlag heeft in z’n vlag heel begrijpelijk de snoek en molenwieken afgebeeld. Het slingerende karakter van de dijk- en polderweggetjes verraadt ook dat de bewoners zich ooit noodgedwongen aan het water moesten aanpassen. Maar dat levert vandaag de dag motorrijders juist veel plezier op. En dat voel je in je heupen.

Gepolderde natte droom

Motorrijders die niet uit de Randstad komen, spreken vaak met afschuw over het drukst bevolkte deel van Nederland. Alsof 5 miljoen Nederlanders in een nachtmerrie leven, wat in dit deel van de Randstad absoluut niet het geval is. Eerder mag je spreken van een gepolderde natte droom. De polders gaan nog meer voor je betekenen wanneer je je culturele nieuwsgierigheid de vrije loop geeft. De route voert je langs kleine gehuchtjes en langs grote boerderijen met kenmerkende hoge daken. Plaatsnamen eindigen vaak op Horn, zoals Schermerhorn, Avenhorn en Barsingerhorn. Dat verwijst naar een vroegere uitgang naar zee of een scherpe landhoek. De TankTasTocht gaat verder via voornamelijk goed te berijdenwegen, waarbij de omgeving nog steeds je volle aandacht verdient. In Oude Niedorp stuit je bijvoorbeeld op het geraamte van een dakloze kerk uit de veertiende eeuw. In het plaatsje Schagen is het tijd de teugels aan te halen en de motor tot stilstand te dwingen. Om te poseren bij de bronzen Stier, want in Schagen zijn ze trots op dikbilkoeien. Trouwens, om je wat wegwijs te maken in het Westfriese dialect: ‘Skapen skeren in Skagen’ betekend eenvoudigweg ‘Schapen scheren in Schagen’. De Sch spreken ze hier uit als Sk. En nou niet in de lach skieten.

Zoete dennengeur

Na Sint-Maarten stuurt de route je over de steile en bochtige Westfriesedijk. De vele bochten duiden op vroegere dijkdoorbraken, maar inmiddels is het voor motorrijders een geliefd tracé langs akkers en waterpoelen. Vanaf de hoge dijk kun je reeds de beboste zeeduinen rechtsvoor de cockpit zien opdoemen. Na de dijk steek je rechtdoor in westelijke richting. Tot de voorgeprogrammeerde route je ten zuiden van Petten tot dichtbij de Noordzee brengt. Wellicht zal de zilte zeelucht je verbeelding prikkelen. Naarmate je de beboste omgeving tussen Groet en Bergen bereikt, neemt wel de markante groene bouwstijl snel af. Zoete dennengeur compenseert dit gemis. Ook de sporen van de strijd tegen het water lijken opgedroogd. De natte polders hebben plaatsgemaakt voor glooiende bossen. Het levendige kunstenaarsdorp Bergen brengt je vervolgens aan het twijfelen. Zo kort na Schagen opnieuw een pauze inlassen op een van de uitnodigende terrassen? Of om de benen nogmaals te strekken om het artistieke toeristische karakter van het dorp volop te absorberen? In 1799 werd in deze regio de Slag bij Bergen gestreden. De Fransen van de Bataafse republiek lieten de Brits-Russische troepen het onderspit delven. De Brits-Russische alliantie was toen heel gewoon, maar heden ten dage hoogst curieus. De kogelinslagen ten gevolge van deze slag kun je bewonderen in de gehavende ruïnekerk in het centrum van Bergen.

Gekoesterde historie

Via de Herenweg gaat het langs Egmond aan de Hoef. Als je geen antwoord weet te vinden op de lokroep van de zee: voor degene die het warme strandzand langs de tenen wil voelen, slaat af richting Egmond aan Zee. Het badplaatsje biedt een groots uitzicht op de Noordzee. En als de motorlaarzen zijn uitgeklopt, is het nog slechts een zeebriesje vanuit de duinenrichting het eindpunt in Akersloot. Kortom: een dijk van route door een luik naar hetverleden. Toerend langs de inventiviteit van een ondernemend volkje, waarvan we de historie nog zorgvuldig koesteren.

‘Ja, we hewwe hier alles wat ’n bedelaar toekomt!’ (we hebben van alles voldoende).

Mr. Han: 84 jaar en nog steeds op de motor – Promotor

0

Bekijk meer van Promotor op https://www.motor.nl
Abonneer op Promotor Magazine: https://www.motor.nl/aanmelden-promotor
Volg Promotor ook op Facebook: http://www.facebook.com/promotormotome
Volg Promotor ook op Instagram: http://www.instagram.com/promotor_inst

We gaan op bezoek bij de 84-jarige meneer Han Sie Dhian Ho en zijn vrouw Sonja. Al 65 jaar is hij een fervent motorrijder en nog steeds laten zij de motor niet staan. Een bijzonder verhaal!

Inhoud en routes Promotor 3/2018

0
Cover Promotor 3 - 2018

BESTEL PROMOTOR 3/18 IN DE KIOSK

Italië: Lago di Santa Croce

Rondom het Lago di Santa Croce aan de zuidelijke rand van de Dolomieten is de kaart rijkelijk voorzien van een wirwar aan weggetjes waarvan je, anders dan bijvoorbeeld op de zeer populaire Sella Ronda, zelfs zonder veel klimpartijen kunt genieten. Smakelijk eten.

SCHRIJF JE IN

NAAR DE ROUTE

TankTasTocht #2-2018: Noord-Holland

Een heerlijke route van 146 kilometer dwars door oer-Hollandse nostalgie. Dakpannenen waterwegen staan langs de route regelmatig op gelijke hoogte. Kronkelende dijkweggetjes die overgaan in aandoenlijke lintdorpjes met kenmerkende groenebetimmering. Het decor van een oude meester dat met draaiende molenwieken tot levenkomt. Deze TankTasTocht is een uitnodiging voor historisch besef.

NAAR DE ROUTE

Polen: Białowieża, het laatste oerbos

Polen strekt zijn poten uit en schudt de vacht schoon. Na jaren (onterecht) het stempel ‘de schlemiel van Europa’ te hebben gedragen, staat er een trotse natie die zich ontwikkelt tot een land waar je rekening mee moet houden. Maar het is ook een landwaar je terecht kunt voor ongerepte natuur. Volop genieten dus.

SCHRIJF JE IN

NAAR DE ROUTE

Motortest

  • BMW F750/850 GS
  • Suzuki SV650 X
  • KTM 790 Duke
  • Ducati Scrambler 1100

Kawasaki Z1000 & Z1000R tijdelijk met gratis Performance pakket

0

2018-kawasaki-z1000-performance

Kawasaki biedt tot 1 juni de Z1000 en de Z1000R aan met een gratis performance pakket.

De Kawasaki Z1000R onderscheidt zich van de Z1000 met Brembo remmen en een hoogwaardige Öhlins achterschokdemper. Beide zijn tot 1 juni te koop met een gratis Performance pakket ter waarde € 1.199,-. Dat scheelt 4,2 kg aan gewicht en je krijgt er 3 pk meer topvermogen en 2,2 Nm meer koppel bij.

Het Kawasaki Z1000 Performance pakket bestaat uit:

• Akrapovič dual-sports uitlaat Carbon

• Carbon heatshield

• Tankpad met Z-logo

De Z1000 en Z1000R staan klaar voor een proefrit bij de Kawasaki dealer en zijn verkrijgbaar vanaf €13.799,- en €15.099,-.

Deze actie is geldig tot 1 juni 2018.

MOTORREIS DUITSLAND: VRIJHEID IN HET THÜRINGERWOUD | 9 – 12 MEI

0

motorreis-thuringen-10-1

Het Thüringerwoud ademt vrijheid. En dat is opmerkelijk voor een gebied dat vroeger onder de DDR viel. Prikkeldraad, verbodsborden en muren zijn nauwelijks te vinden in dit middelgebergte van 120 bij 35 km.

Het Thüringerwoud ligt tegen de Tsjechische grens, in het oosten van Duitsland. Het is een fijn middelgebergte, met hier en daar zelfs wat wintersportdorpjes. Over al die bergjes en door bossen en weilanden lopen uitstekende wegen die ook nog eens rustig zijn en veel bochten bevatten. Voor de liefhebber liggen er ook nog eens heel wat onverharde bosweggetjes tewa. Zonder slagbomen.

De Promotor reis vertrekt op 9 mei. De gps-routes starten vanuit een hotel. De deelnameprijs is v.s. €289,- p.p. De verzorging is halfpension (ontbijt en diner)

Reserveren doe je op Promotor Reizen

Opnieuw nieuwe Moto Guzzi: V7 III Limited

0

2018-moto0guzzi-v7-iii-limited

Begin dit jaar introduceerde Moto Guzzi drie frisse V7 III‘s: de Carbon, Milano en Rough. Daar komt opnieuw een leuke fiets bij: de Limited. Dat brengt het totaal op zeven V7’s. Dat kan geen toeval zijn.

Uit welke Moto Guzzi V7’s kun je kiezen? Nou, de Stone, Special, Rough, Milano, Carbon en Racer. En nu dus ook de Limited. Maar waarin onderscheidt de laatste Moto Guzzi zich dan van de andere zes? Met onder andere carbon spatborden, verchroomde brandstoftank, zwarte tankriem en een zilver gepolijst Moto Guzzi embleem.

Zoals de naam al doet vermoeden is de totale productie van de Moto Guzzi V7 III Limited beperkt tot slechts 300 genummerde exemparen. Vanaf juni staat hij bij de officiële Guzzi-dealers, waar je ‘m nu al kunt bestellen voor € 11.645,-.