donderdag 14 mei 2026
Home Blog Pagina 630

De wedergeboorte van het Top Mountain Motorcycle Museum

0
Top Mountain Motorcycle Museum

Het Top Mountain Motorcycle Museum van Attila en Alban Scheiber, dat in januari een jaar geleden volledig door vlammen werd verwoest, werd in slechts tien maanden tijd letterlijk uit het puin herrezen. Dit motormuseum tussen Italië en Oostenrijk is nu verder verrijkt in termen van aantal modellen, ruimte op het terrein en activiteiten om jongere liefhebbers aan te trekken.

Motormuseum Timmelsjoch in de brand

Attila Scheiber: ‘De enige wens na de brand? Om opnieuw te beginnen, en groter”.
In het Top Mountain Motorcycle Museum, een jaar geleden, was alles bedekt met as. Op de ochtend van 18 januari 2021 verscheen voor de broers en zussen Scheiber een grijze vlakte, nadat de verwoestende brand de droom van hun leven aan diggelen had geslagen.

Attila Scheiber: ‘De enige wens na de brand? Om opnieuw te beginnen, en groter.

Geconfronteerd met dit letterlijke inferno van de tweewielers, zouden velen alleen maar gehuild hebben, en misschien hun verzekeringspapieren hebben gecontroleerd om zo snel mogelijk tot vergoeding over te gaan. Deze ondernemende Tiroolse tweeling dacht al na over manieren om hun juweel, dat volledig in rook was opgegaan, te herbouwen door de 300 motorfietsen die zij sinds hun jeugd hadden verzameld, letterlijk te verbranden.

Allemaal waardevolle, unieke stukken, die sinds de opening in 2016 van een 23 miljoen euro kostend museum aan het motorrijdende publiek worden getoond. Attila Scheiber, samen met zijn broer Alban eigenaar van het museum, wacht ons op in de grote zaal, waar de meeste nieuwe motorfietsen worden tentoongesteld.

Hoe is je passie voor tweewielers ontstaan?

“We begonnen al op jonge leeftijd met motorrijden. Hier in de bergen, tijdens het warmere seizoen, moesten we zonder skiën andere manieren verzinnen om ons te amuseren. Dus gaf onze vader ons een kleine Gilera om te leren rijden. Daarna wilden we ons in de bergen gaan inspannen en kregen we een echte trialfiets, een Montesa Cota 25. We bleven de hele dag in het zadel en kochten een heleboel trialmotoren, en uiteindelijk kwam er voor mij een Kawasaki 750 en daarna een Suzuki van dezelfde cilinderinhoud. Intussen hadden ik en mijn broer met ongeveer 25 motorfietsen in de garage, al een kleine verzameling. Op een dag las ik in een motorblad dat er in Frankfurt, Duitsland, een verzameling van 25 motorfietsen te koop stond, de meeste Duits en met een kleine cilinderinhoud, de grootste was een NSU 250. Ik vroeg mijn broer Alban of hij mee wilde doen en hij financierde meteen 50% van deze onderneming.

Waarom heeft u ervoor gekozen het museum hier te vestigen, op deze bergweg?

“Juist omdat deze weg bestond. Het idee voor het museum werd geboren in 2010. We hebben het gecombineerd met het Top Mountain Crosspoint met de kabelbaan die omhoog gaat naar de bergen van Tirol, die van het skigebied Obergurgi-Hochgurgi, met een restaurant, een panoramisch terras. Het is een prachtige weg voor motorrijders, de Timmelsjoch, de Timmelsjoch-route die duizenden motorrijders trekt. Ten tijde van de eerste opening in 2016 hadden we ongeveer 200 motoren, dat groeide vervolgens tot 300 ten tijde van de brand. Wij hadden reeds vóór de brand besloten de tentoonstelling uit te breiden en wij hebben de nieuwe faciliteit precies zo ontworpen als zij nu is: groter en met meer dan 450 motorfietsen. De brand heeft onze plannen niet veranderd.

Motormuseum Timmelsjoch wil al in de winter heropenen

Heb je motorfietsen uit de brand gered?

“Bijna alles is verloren gegaan en de motoren kunnen niet teruggevonden worden omdat ze te erg verwoest zijn door de brand. Slechts een groep van 53 Indian-motoren werd gered, naast een Vincent Black Shadow en een Brough Superior die toebehoorde aan George Brough. We verloren een belangrijk historisch erfgoed, maar in tien maanden werd het museum heropgebouwd. Gelukkig heeft de brand de rest van de structuur van Top Mountain niet beschadigd en kregen we in korte tijd toestemming om het verwoeste deel en het museum weer op te bouwen.

Het kostte ongeveer 12 miljoen euro om het te herbouwen. Maar ik ben niet van plan te stoppen omdat ik andere iconische en belangrijke motorfietsen wil kopen. Er zijn veel verzamelaars in de wereld die ze willen verkopen. Maar om in stijl te heropenen, hebben wij de concrete hulp gekregen van talrijke particulieren en musea die hun motorfietsen hebben uitgeleend om onze collectie te verrijken.

Hoe bent u van plan het museum in de toekomst te organiseren?

“Om te beginnen willen we thematentoonstellingen opzetten. Nu hebben we die van Indian, dan is er de KTM-hoek met 24 stuks vanaf 1956 en inclusief de Dakar- en GP-motoren, dan de Porsches met de 919 die in Le Mans won. Voor volgend jaar willen we alle viercilinders uit de beginjaren van de vorige eeuw bij elkaar zetten. Dan is er de speciale tentoonstelling gewijd aan de Tiroolse ontdekkingsreiziger Maximilian Reisch, zijn motorfietsen en auto’s waarmee hij India bereikte. Ons museum moet niet alleen motorrijders aantrekken, maar ook hun gezinnen, zodat iedereen de kans krijgt zich te amuseren, ook degenen die niet in motoren geïnteresseerd zijn. Vorig jaar hadden we echter 45.000 bezoekers, maar dit jaar verwachten we het dubbele aantal.”

Heeft u een motor die u zou willen kopen?

“Niet een in het bijzonder, ik heb al veel motorfietsen die ik zou willen en ze staan voor me.”

Bron: motociclismo.it

Herman Brusselmans: ‘Volgens mij is het de beste motor ter wereld’

0
Column Herman Brusselmans

De Zwalmstreek is een prachtig gebied, dat zich uitstrekt van het net buiten Gent gelegen Merelbeke tot aan de kleine Franse stad L’Escalope. Het werd genoemd naar burggraaf Jacobijn van Swalme, die in de zeventiende eeuw strijd voerde met de Noordfranse kanselier Gérard de la Simminotte, die tenslotte de wapens neerlegde en de streek rond de rivier de Swalme, eveneens genoemd naar de burggraaf, afstond aan z’n Vlaamse tegenstander. De burggraaf maakte er een bloeiende provincie van, zowel op het gebied van landbouw als van economie, cultuur, natuurbehoud, en sociale interactie tussen de verschillende bevolkingslagen. Zo konden de boeren de heren aanspreken met hun voornaam, gingen paupers op café zitten met edellieden, en hielden dames van de hogere stand zich leuk bezig met vrouwen van een lager niveau (bijvoorbeeld samen breien, jeu de boules, en maaltijden bereiden). Eeuwen later heeft de Zwalmstreek nog steeds dat je ne sais quoi dat haar zo bijzonder maakt. Bovendien is het een ruraal gebied gebleven met talloze kleine dorpjes, vele bossen, mooie landerijen, en niet te tellen weggetjes, waarop met name de motorrijder rustig kan balladeren, de frisse lucht opsnuiven, en af en toe de motor parkeren om naar het gekwaak van de eenden te luisteren, alsmede het tsjilpen der vogels. Enige dagen geleden zei m’n vriendin Lena: ‘Zullen we eens naar de Zwalmstreek rijden, en daar in een afgelegen brasserie wat eten en drinken?’ Dat moest ze geen twee keer zeggen, en wat later zaten we op de Triumph Speed Twin Breitling. Jammer dat we net het spitsuur hadden uitgekozen.

Herman Brusselmans: ‘St Petrus op een Z900 en de Heilige Maagd op een Hayabusa’

De Zwalmstreek zelf mag dan wel zo goed als verkeersvrij zijn, maar de weg ernaartoe, van Gent via Merelbeke, Gavere, en Melsen, is een hel vol stoplichten, drempels, omleidingen, snelheidsbeperkingen, ongetalenteerde automobilisten, en overstekende voetgangers naast de zebrapaden. Op den duur bereikten we toch de Zwalm en alle stress viel van ons af. We zagen een horecagelegenheid genaamd de IJzerkotmolen, en dat leek ons wel wat. Het was een eeuwenoud gebouw, gelegen aan de rand van de rivier, met een terras onder de overhangende bomen. We bestelden de seizoensgroentenschotel, met gehakt voor mij en vegetarisch voor Lena, die zwanger is en uiteraard gezond wil eten. Ja, we verwachten een kindje. We hopen er dan ook op dat het een jongen of een meisje wordt. Het zal ter wereld komen in maart van volgend jaar, en tegen dan zal ik m’n tienduizenden fans op de hoogte brengen van het geslacht, de lengte, het gewicht, en de naam, die voor een jongen Gilbert zal luiden en voor een meisje Gilberta, hoewel we desomtrent nog twijfelen.

Maar goed, na de maaltijd vroeg de uitbater van de IJzerkotmolen of hij ons de molen kon laten zien. Daar stemden we mee in, en hij toonde ons hoe de stokoude molen nog steeds werkte, en gebruikt werd bij onder andere het malen van gerst, haver en rogge, ter bereiding van het zelfgebakken brood. De ongeveer 43-jarige kerel vertelde ons dat hij thans een traag leven leidde, onder het motto ‘kalm aan, dan breekt het lijntje niet’, nadat hij jaren atoombomcontroleur was geweest, met als uitvalsbasis Iran. Tjonge, eerst gevaarlijke opdrachten uitvoeren in verre landen, en je dan compleet terugtrekken in de Zwalmstreek, je moet er maar opkomen. Na deze fijne ontmoeting met een boeiende gozer, reden we op de Breitling moe doch tevreden naar huis. Ik kan hieraan toevoegen dat de Breitling zowel voor korte als lange tochten een zegen is voor de motorrijder en z’n passagier. Volgens mij is het de beste motor ter wereld.

Twijfeltest Indian Scout Bobber Twenty vs. Indian Chief Bobber

0
Indian Scout Bobber Twenty vs. Indian Chief Bobber

In het terugkerende item ‘De Twijfeltest’ helpen we potentiële kopers die niet kunnen kiezen tussen twee motoren van hetzelfde merk die dicht tegen elkaar aanleunen. Een situatie die we allemaal weleens hebben meegemaakt. Bespaar je geld en ga je voor het goedkopere model, of heb je toch liever wat meer pk’s en uitrusting? Een lastige keuze, waar wij je graag bij helpen. Want duurder is niet altijd beter. Dus zeg het maar: wat wordt het? De Indian Scout Bobber Twenty en Chief Bobber hebben hun antwoord al klaar.

Fotografie: Pien Meppelink

Duel 1: Cool-factor

Een Indian Chief of Scout, of een Indian in het algemeen, koop je hoofdzakelijk voor de looks. Het gaat hem om de stijl van die machines, het rudimentaire, het stoere, het bad boy-karakter. In het geval van de Chief en Scout zit je op dat vlak dus goed, want beide motoren belichamen exact die custom bike-stijl. De motoren van vandaag zijn nog extra cool omdat het om de Bobber (Twenty)-varianten gaat, dus dat betekent een hoger stuur, dikke voorband, kort zadel en kort achterspatbord. Stoer, stoerder. Maar wie is er het stoerst? Bij custom bikes is het meestal de dikkere, meest aanwezige motor die ook het ruigst op je netvlies ligt. Bij de twee concurrenten-uit-eigen-huis is dat niet anders. Hoewel ze uiterlijk zeer gelijkaardig zijn – al helemaal in dezelfde Sagebrush Smoke-kleur – lijkt de Chief de opgepomptere versie van de Scout. Kijk naar gelijk welk onderdeel, en het is dikker of groter uitgevoerd op de Chief. Het motorblok, de uitlaat, de vering, het achterspatbord… Het is een verschil dat je alleen maar ziet als ze zo naast elkaar staan. Kom je ze apart tegen op straat, dan moet je al een kenner zijn om ze uit elkaar te houden.

Klassiek vs modern

Los van de stoerdere looks van de Chief, is er nog één groot uiterlijk verschil wat hem vooral meer oldskool maakt: het gebrek aan een radiator. Hoewel ze die flinke unit op de Scout mooi hebben vormgegeven, heeft een luchtgekoeld motorblok toch nog altijd wat meer charme. Al helemaal als dan de moderne combinatie wordt gemaakt met een state-of-the-art ledkoplamp, in een klassieke ronde vorm. De Scout maakt nog gebruik van een halogeen-exemplaar. Die moderne toetsen worden doorgetrokken in het dashboard, want dat van de Chief is bijzonder geslaagd. Ook hier is er weer gekozen voor een ronde vorm, waarin een klein tft-scherm zit dat perfect afleesbaar is. Bovendien is het aanraakgevoelig en ook dat werkt uitstekend met handschoenen aan. Je kunt erin kiezen uit drie rijmodi en onder andere ook de gps bedienen. Dat zijn allemaal zaken waar de Scout niet mee is uitgerust. Die goedkopere instap-Indian doet het met een analoog exemplaar. Ook dat werkt allemaal prima en heeft zijn charme, maar qua Cool-factor wint de Chief het. Alleen de naam al; Chief of Scout, baas of padvinder. Is de Scout dan helemaal niet cool? Zeker niet, want ook daarvan is de styling goed gelukt en hij ziet er gewoon dik uit. Alleen niet zo dik als de Chief. 1-0 voor de grootste van het stel.

Twijfeltest Kawasaki Z900 vs Kawasaki Z650

Duel 2: Prijs per Nm

Traditiegetrouw berekenen we in De Twijfeltest steeds de prijs per pk-verhouding. Dat zegt veel over hoe de motoren geprijsd zijn. Tenslotte wil je in de meeste gevallen altijd de sterkste en best uitgeruste machine hebben, maar is dat het prijsverschil het ook waard? Deze keer berekenen we echter de prijs per Nm. Dat is bij Amerikaanse custom bikes veel interessanter, omdat er toch zelden gejaagd wordt naar hoge toeren en dus de paardenkrachten. De Scout Bobber Twenty kost 18.290 euro en heeft een koppel van 97 Nm. Dat zorgt voor een verhouding van 188,6 euro per Nm. Aan de Chief Bobber bengelt een prijskaartje van 23.990 euro en hij produceert een indrukwekkende 162 Nm. Het resultaat is 148,1 euro per Nm. Een overduidelijke overwinning voor de Chief dus, hoewel die 5.700 euro duurder is. Da’s veel geld, maar het is wel duidelijk waar dat verschil in zit. De eerdergenoemde ‘dikkere’ onderdelen, de tft-touchscreen, de ledlamp, maar vooral ook het grotere motorblok en… de afwerking. Die is op de Scout al goed, maar is op de Chief nog een niveau hoger. Is dat alles samen zo’n groot prijsverschil waard? Moeilijk te zeggen, maar als je afgaat op de prijs-per-Nm-verhouding, doe je eigenlijk een koopje met de Chief.

Duel 3: Dragrace

Dat je in bochten onmiddellijk met de voetsteunen over het asfalt schraapt en niet de meest sportieve rij-eigenschappen moet verwachten van een custom bike, weten we ondertussen wel. Daar zijn ze niet voor gemaakt en dat zijn ook zaken die je niet mag verwachten. Prestaties in een rechte lijn, de acceleratie dus, is vele malen boeiender. Je wilt tenslotte wel wat strepen trekken met je Indian. Dus organiseerden we een dragrace om te kijken of veel Newtonmeters en een hoog gewicht het winnen van minder koppel en minder kilo’s. De cijfers? 97 Nm en 252 kg rijklaar voor de Scout, tegenover 162 Nm en 315 kg voor de Chief. Het resultaat? Meer koppel wint de race. De Chief maakt gehakt van de Scout in een rechte lijn. Hij is en voelt duidelijk sterker aan, waarbij je veel meer punch in je onderrug hebt en behoorlijke stappen maakt. Zelfs met zo’n zwaargewicht onder je billen. De grote cilinderinhoud van 1890 cc is allesverslindend en zorgt voor een soepele, krachtige en nooit aflatende stroom van vermogen. Terugschakelen moet je zelden op de Chief, terwijl de minder krachtige Scout daar eerder om vraagt. Bij de Chief heb je wel zo’n ouderwetse, stevige ‘klunk’ bij iedere schakelbeurt. De Scout voelt in dat opzicht moderner en verfijnder aan met een ‘klunkje’. Al bij al is de Chief duidelijk sterker dan de Scout. Die is ook zeker vlot te noemen, maar nooit sensationeel snel. Je weet dus wat te kiezen als je in een rechte lijn wilt doortrappen.

Geen gekookte spaghettisliert

Qua bochtenwerk is de Scout dan weer de fijnere motor. Die stuurt een stuk lichter, communicatiever en vraag minder input. Door het lagere gewicht remt hij ook beter dan de Chief, waardoor de Scout de fijnere stuurmachine is. Makkelijker ook, want de Chief met zijn 315 kg in een straatje keren is niet voor iedereen weggelegd, ondanks de lage zit. Toch is ook de Chief niet vies van wat heen-en-weergegooi. Door het lage zwaartepunt van de dikke V-twin gaat dat vrij soepel, zonder dat het geforceerd aanvoelt. Eenmaal op hellingshoek blijft de Chief ook mooi stabiel en kun je je makkelijk klaarstaan om volgas uit de bocht te accelereren. De Scout voelt wat minder stijf en beweeglijker aan, zonder dat het een gekookte spaghettisliert wordt. Hij is makkelijker te smijten van links naar rechts dan de grotere Chief. Beide motoren profiteren in hun Bobber-variant van het hoge stuur en dus makkelijkere draaien, terwijl de dikkere voorband op zijn beurt dat voordeel weer neutraliseert. Stijl is zeker zo belangrijk, en nogmaals, het zijn de rechtuitprestaties die in dit onderdeel doorslaggevend zijn.

Twijfeltest BMW R 1250 RT vs. BMW K 1600 GT

Conclusie Indian Scout Bobber Twenty vs. Chief Bobber

Een eenvoudige 3-0 overwinning voor de Indian Chief Bobber. Het is de coolere motor – hoewel er niet zoveel uiterlijke verschillen zijn -, hij biedt verhoudingsgewijs meer prestaties voor je geld én hij is ook nog eens sneller in een dragrace. Dat zijn de drie belangrijkste onderdelen waarom je voor een custom bike als deze Indians zal kiezen. Dus je keuze is bij deze snel gemaakt. Of toch niet? Want de 3-0 overwinning is wel heel zuur voor de Scout, terwijl die eigenlijk niets verkeerd doet. Daarenboven is de Scout de fijnere stuurmachine. Zie de padvinder van de twee eerder als een opstapmotor als je nieuw bent in het custom bike-segment. Zo is hij in de markt gezet en zo werkt hij ook het best. Je krijgt coole looks, een knappe afwerking en een fijn motorblok met een goede versnellingsbak. De prestaties zijn meer dan voldoende en laten je voelen hoeveel plezier je op zo’n type motor kunt hebben. Zo reed onze medetestrijder voor de eerste keer op een custom bike. Na 10 minuten op de Scout stopte hij bij een rood verkeerslicht met een glimlach over zijn hele gezicht: ‘Ik wil er een!’ Dat zegt veel over een man die het gewend is om op de snelste sportmotoren ter wereld te kruipen en losjes elbow downs doet op de 1grote Europese circuits…

De Chief is de motor voor meer ervaren custom rijders. Hij is groot, zwaar, sterk en prachtig afgewerkt. Exact de ingrediënten die je in dit segment zoekt. Je betaalt er wel een stuk meer voor (+5.700 euro, € 23.990,-), maar dat is geen ridicuul hoog bedrag in dit segment. Concluderend; een overwinning voor de Chief, tenzij je een beginnende motorrijder/custom-rijder bent. Ga dan voor de Scout.

Producttest: Motorlaarzen

0
motorlaarzen

Ze moeten je voeten warm en drooghouden, grip geven in de blubber en je moet er ook nog mee kunnen lopen. Adventurelaarzen moeten minstens zo veelzijdig zijn als je adventuremotoren zelf. We hebben zeven paar van deze waterdichte allrounders getest.

Tekst en fotografie: MotorradNews

Even een nutteloos weetje: bijna de helft van de Nederlanders heeft meer dan tien paar schoenen in de kast staan. Dat is bij vrouwen (bijna 60 procent) wel vaker het geval dan bij mannen (zo’n 30 procent). Daar kan van alles bij zitten, van luchtige slippers tot zware crosslaarzen. Als je op reis gaat, kun je die natuurlijk niet allemaal meenemen. Daarom heb je graag echte alleskunners, die zowel geschikt zijn voor lange toerritten als een korte wandeling en tegelijk ook genoeg bescherming en grip geven voor terreinrijden.

Producttest: Thermokleding voor de zomer

Alle motorlaarzen in deze test zijn voorzien van een waterdicht en ademend membraan, en in onze dompelbadtest toonden ze alle aan hun werk goed te doen. Bij de isolatie zijn er echter duidelijke verschillen te zien, ook qua ademende werking bij het lopen. Voor lange wandelingen is geen van de geteste laarzen echt geschikt, maar een bezichtiging van een kasteel onderweg of een stukje door de stad lopen kan met allemaal wel.

Hoe dikker de laars, hoe moeilijker het is om gevoel te houden in het bedienen van schakel- en rempedaal. In de meeste gevallen moesten we de hoogte van de pedalen aanpassen. Bij veel modellen zijn de schachten hoog, wat zorgt voor een goede steun, wat met name een voordeel is bij staand rijden, maar niet alleen dan. Het model van Forma heeft een kortere schacht, maar zit wel erg comfortabel en geeft heel goed gevoel in de voetsteunen en pedalen. De eveneens van korte schacht voorziene laars van REV’IT scoort met een slim sluitsysteem. De meeste laarzen worden gesloten met gespen en een stuk klitteband bovenaan de schacht. Alleen de Daytona is uitgerust met een aanvullende rits. Bovendien heeft de Daytona-laars de mogelijkheid om een deel van de – van schroeven – voorziene – zool te vervangen. Dat is zo gemaakt met het oog op rijders die veel staand in het terrein rijden en daarmee hun zolen sneller verslijten op de gekartelde offroad-voetsteunen.

Zo hebben we getest

Na de laarzen uitgebreid te hebben bekeken en gevoeld voor een kwalitatieve beoordeling, verifieerden we de fabrieksopgaven door de laarzen per paar te wegen (in maat 43/44) en de veiligheidsuitrusting vast te stellen. Daarna volgden testritten op een Yamaha Ténéré 700 en een Honda Africa Twin op een vaste route van 70 kilometer in stadsverkeer, op secundaire wegen en de snelweg. Verder hebben we potentiële zwakke punten en juist zeer overtuigende eigenschappen kunnen ervaren in het dagelijkse gebruik naar en op de redactie. Tussen de testritten beoordeelden we het loopcomfort en hoe de laarzen afrollen. Tot slot moesten alle laarzen in een dompelbad hun waterdichtheid aantonen. Ook werden  ze nat gewogen om hun waterabsorptie vast te stellen. De laarzen werden volgestopt met indicatiepapier en 15 minuten in een enkeldiep waterbad gedompeld. Dat doorstonden ze allemaal goed. Zo’n dompelbad is al een vrij extreme test die eventuele zwakke plekken zichtbaar sneller aan het licht brengt dan een gewone rit in de regen. De puntenscore wordt uiteindelijk samengesteld uit de onderdelen comfort, afwerking en veiligheid.

motorlaarzen

Alpinestars Corozal

Alpinestars Corozal
Alpinestars Corozal.

Adviesprijs: € 279,95
Productieland: Roemenië
Materialen: gecoat leer, wildleer, kunststof, rubber
Maten: 40,5 – 48
Schachthoogte (maat 44): 38,5 cm
Verstelmogelijkheid: verwisselbare ratelgesp en snelspanner, overlappende klittenbandzones op de schacht, leerstretch op wreef en hiel
Protectie: tenen, hak, enkel, scheenbeen, schakelversteviging links en rechts
Reflecterend materiaal: –
Overig: uitneembare inlegzool, comfortabel gevoerde schacht, olie- en benzinebestendige zolen
Membraan: Drystar
Gewicht droog/nat (paar): 2,8/3,2 kg
Info: www.alpinestars.com

Totale indruk: de laarzen zijn met de riemen zeer goed aan te passen, zorgen voor stevig staan en de zool geeft een goede demping. De stiknaden en zolen zijn goed afgewerkt. Met klitteband en verstelbare riemen kun je de laarzen in wijdte verstellen, zowel slanke als stevige kuiten worden goed omsloten. Gezien de zware constructie kun je met de Corozal relatief comfortabel lopen.

Zeer goede isolatie. Wel moest de stand van schakel- en rempedaal van de motor worden aangepast en de bediening ervan was niet zo fijngevoelig als met laarzen met dunnere zolen. De laarzen vallen erg klein uit, daarom moet je ze als vuistregel een maat groter kiezen. Nietgeschikt voor lange wandelingen. Het gevoel in de pedalen kan duidelijker.

Conclusie

Offroad-geschikt toermodel met bovengemiddelde veiligheidsuitrusting en uitstekende isolatie.

Beoordeling

Comfort:         8/10
Veiligheid:       8/10
Afwerking:      8/10

TOTAALSCORE:           24/30

BMW Gravel Evo

BMW Gravel Evo.

Adviesprijs: € 331,-
Productieland: Roemenië
Materialen: leer, kunststof, aluminium, rubber
Maten: 38 – 48
Schachthoogte (maat 43): 35 cm
Verstelmogelijkheid: verwisselbare ratelgesp en snelspanner, overlappende klittenbandzones op de schacht, leerstretch op wreef en hiel
Protectie: tenen, hak, enkel, scheenbeen, schakelversteviging links en rechts
Reflecterend materiaal: op de hiel
Overig: uitneembare inlegzool, olie- en benzinebestendige zolen
Membraan: Gore-Tex
Gewicht droog/nat (paar): 2,2/2,2 kg (gewichtstoename minder dan 50 g/laars)
Info: www.bmw-motorrad.nl

Totale indruk: de stiknaden en zolen laten een hoogwaardige afwerking zien. Met klittenband en verstelbare gespen kun je de laarzen in wijdte verstellen, zowel slanke als stevige kuiten hebben goede steun. Ook de metalen gespen zijn goed te bedienen. De laarzen zijn aan de voorzijde smal van vorm.

Goede isolatie, de pedalen van de motoren hoefden niet te worden versteld, de bediening daarvan is bijna even gevoelig als bij een gewone toerlaars. De maten van de laarzen vallen normaal uit. Niet geschikt voor lange wandelingen. Voor motorrijders voor wie een waterdichte toerlaars niet voldoende is voor uitstapjes in het terrein, maar een echte endurolaars te lomp is, is de Gravel Evo een goed alternatief.

Conclusie

Dit offroad-geschikte toermodel met goede veiligheidsuitrusting en isolatie is een geslaagd compromis voor asfaltreizen met stukken terrein.

Beoordeling

Comfort:         8/10
Veiligheid:       8/10
Afwerking:      8/10

TOTAALSCORE:           24/30

Daytona TransTourMan GTX

Daytona TransTourMan GTX.

Adviesprijs: € 549,95
Productieland: Duitsland
Materialen: leer, kunststof, rubber
Maten: 38 – 49
Schachthoogte (maat 43): 40,5 cm
Verstelmogelijkheid: verwisselbare ratelgesp en snelspanner, overlappende klittenbandzones op de schacht, leerstretch op wreef en hiel
Protectie: tenen, hak, enkel, scheenbeen, schakelversteviging links en rechts
Reflecterend materiaal:
Overig: uitneembare inlegzool, lange zijrits, olie- en benzinebestendige zolen
Membraan: Gore-Tex
Gewicht droog/nat (paar): 3,2/3,6 kg
Info: www.daytona.de

Totale indruk: Deze laars biedt ondanks de hoge schacht een ruime, comfortabele instap, de zool geeft goede demping. De stiknaden en zolen laten een zeer hoogwaardige afwerking zien. Met klittenband en een verstelbare gesp kun je de laars in wijdte verstellen, zowel slanke als forse kuiten hebben goede steun. Uniek kenmerk is het verwisselbare deel van de zool in de zone van de voetsteunen. De laars is in de hak breder, de neus heeft een normale breedte.

De beste isolatie, weinig aanpassing van de pedalen nodig. De bediening ervan is niet helemaal zo gevoelig als bij een laars met dunne zool. De maatvoering van deze top-afgewerkte laars is normaal. Voor een eindje lopen door de stad oké, voor lange wandelingen ongeschikt.

Conclusie

Offroad-geschikt toermodel met optimale verstelmogelijkheden, bovengemiddelde veiligheidsuitrusting en uitstekende isolatie.

Beoordeling

Comfort:         10/10
Veiligheid:       8/10
Afwerking:      10/10

TOTAALSCORE:           28/30

Forma ADV Tourer

Forma ADV Tourer.

Adviesprijs: € 209,90
Productieland: Roemenië
Materialen: leer, kunststof, rubber
Maten: 38 – 48
Schachthoogte (maat 43): 34,5 cm
Verstelmogelijkheid: verwisselbare ratelgesp en snelspanner op de wreef, zijdelingse klittenband, overlappende klittenbandzones op de schacht, leerstretch op wreef en hiel
Protectie: tenen, hak, enkel, scheenbeen, schakelversteviging links en rechts
Reflecterend materiaal:
Overig: uitneembare inlegzool, gespbescherming, olie- en benzinebestendige zolen
Membraan: Drytex
Gewicht droog/nat (paar): 2,1/2,5 kg
Info: www.formaboots.com

Totale indruk: een comfortabele instap en goede pasvorm kenmerken deze laarzen van Forma. Stiknaden en zolen laten een degelijke afwerking zien. Met klittenband en verstelbare riem op de wreef kun je de laarzen in de wijdte verstellen, zowel slanke als forse kuiten hebben goede steun. In de directe vergelijking een gematigde schachthoogte, de scheenbeenprotectie is hier wat dunner.

Goede isolatie, schakel- en rempedaal van de testmotoren hoefden niet te worden aangepast en de bediening ervan is vrijwel net zo gevoelig als met laarzen met dunnere zolen. De laarzen vallen klein uit en moeten een maat groter worden gekozen. Comfortabel, maar toch geen wandellaarzen. Niet helemaal zo veel steun bij staand rijden als bij de concurrenten met stijvere schacht.

Conclusie

Offroad-geschikt toermodel met redelijke isolatie en veiligheidsuitrusting, waarbij de focus ligt op draagcomfort.

Beoordeling

Comfort:         8/10
Veiligheid:       8/10
Afwerking:      7/10

TOTAALSCORE:           23/30

iXS Montevideo ST

iXS Montevideo ST.

Adviesprijs: € 199,95
Productieland: Roemenië
Materialen: leer, kunststof, rubber
Maten: 41 – 46
Schachthoogte (maat 43): 36,5 cm
Verstelmogelijkheid: verwisselbare ratelgesp en snelspanner, overlappende klittenbandzones op de van stretch voorziene schacht, uitneembare voering in schacht, leerstretch op wreef en hiel
Protectie: tenen, hak, enkel, scheenbeen, schakelversteviging links en rechts
Reflecterend materiaal: op de hiel
Overig: uitneembare inlegzolen, textiellussen aan schacht als instaphulp, olie- en benzinebestendige zolen
Membraan: solto-Tex
Gewicht droog/nat (paar): 2,2/2,3 kg
Info: www.ixs.com/moto

Totale indruk: de schacht van deze adventurelaars is vrij stijf en geeft daarmee ook op staand gereden etappes zeer goede steun. De laars heeft een zeer goede pasvorm. Met klittenbandsluiting en twee verstelbare gespen zijn de laarzen in wijdte te verstellen. Verder is er een ingeknoopte voering voor het dunner maken van de schacht.

Acceptabele isolatie. De pedalen van de testmotoren moesten worden aangepast en de bediening ervan is niet zo fijngevoelig als bij laarzen met dunnere zolen. De laarzen hebben een normale maatvoering en zitten op en naast de motor comfortabel. Voor lange wandelingen is ook de IXS-laars ongeschikt.

Conclusie

Offroad-geschikt toermodel met persoonlijke aanpassingsmogelijkheid, goede veiligheidsuitrusting en acceptabele isolatie. Een uitneembare voering maakt de schacht naar behoefte smaller en geeft zo ook dunnere kuiten een goede steun.

Beoordeling

Comfort:         8/10
Veiligheid:       8/10
Afwerking:      7/10

TOTAALSCORE:           23/30

REV’IT Discovery H2O

REV’IT Discovery H2O.

Adviesprijs: € 399,99
Productieland: Roemenië
Materialen: Cordura 500, leer, rubber
Maten: 38 – 48
Schachthoogte (maat 43): 33,5 cm
Verstelmogelijkheid: Boa-sluitsysteem met kabel en stelwiel, overlappende klittenbandzones op de schacht, leerstretch op wreef en hiel
Protectie: tenen, hak, enkel, scheenbeen, schakelversteviging links en rechts
Reflecterend materiaal: boven de hak
Overig: uitneembare inlegzolen, brede lus aan de schacht als instaphulp, olie- en benzinebestendige zolen
Membraan: Hydratex Sphere
Gewicht droog/nat (paar): 2,0/2,0 kg
Info: www.revit-sport.com

Totale indruk: de laarzen worden gesloten met een draaiwiel-ratelsluiting met kabel. Aan de eenvoudige bediening ervan ben je snel gewend. Om te openen til je het wiel naar voren op. De stiknaden en zolen zijn hoogwaardig afgewerkt. Met een klittenbandsluiting zeker je de sluiting tegen onbedoeld openen.

Zeer goede isolatie, maar schakel- en rempedaal van de testmotoren moesten wel worden versteld. Hoewel de zool van deze laars tot de dunnere in dit gezelschap behoort, heb je bij het bedienen van de pedalen wel wat meer gevoel nodig dan bij een normale toerlaars. De laarzen vallen klein uit en moeten daarom een maat groter worden gekozen. Voor lange wandelingen ongeschikt.

Conclusie

Offroad-geschikt toermodel met eigenzinnig sluitmechanisme, bovengemiddelde veiligheidsuitrusting en uitstekende isolatie.

Beoordeling

Comfort:         9/10
Veiligheid:       8/10
Afwerking:      9/10

TOTAALSCORE:           26/30

Touratech Destino Touring

Touratech Destino Touring.

Adviesprijs: € 279,90
Productieland: Roemenië
Materialen: leer, kunststof, aluminium, rubber
Maten: 38 – 48
Schachthoogte (maat 43): 38,5 cm
Verstelmogelijkheid: verwisselbare ratelgesp en snelspanner, overlappende klittenbandzones op de schacht, leerstretch op wreef en hiel
Protectie: tenen, hak, enkel, scheenbeen, schakelversteviging links en rechts
Reflecterend materiaal: boven de hak
Overig: uitneembare inlegzool, strechzones in de schacht, stalen lussen als diefstalbeveiliging, beschermingskussen bij onderste riem, olie- en benzinebestendige zolen
Membraan: OutDry-laminaat
Gewicht droog/nat (paar): 2,6/2,7 kg
Info: www.touratech.de

Totale indruk: comfortabel en ruim, waarbij ook ‘normaal’ gedimensioneerde voeten goed in de laarzen kunnen worden gefixeerd. De stiknaden en zolen zijn hoogwaardig afgewerkt. Met klittenbandsluiting en verstelbare aluminium gespen kun je de laarzen in de wijdte verstellen, zowel dunne als dikke kuiten hebben goede steun. Ook al is deze laars fors bemeten, bij het lopen rolt hij toch comfortabel af.

Zeer goede isolatie, maar schakel- en rempedaal van de testmotoren moesten wel worden versteld en de bediening ervan was niet zo fijngevoelig mogelijk als bij laarzen met dunnere zolen. De royale voetruimte maakt het mogelijk om bij koud weer dikke sokken te dragen. Voor lange wandelingen is de Destino Touring ongeschikt.

Conclusie

Offroad-geschikt toermodel met goede veiligheidsuitrusting en acceptabele isolatie.

Beoordeling

Comfort:         8/10
Veiligheid:       8/10
Afwerking:      8/10

TOTAALSCORE:           24/30

Kawasaki’s semi-automatische transmissie onthuld

0

Begin augustus gaf Kawasaki een voorproefje van de aanstaande hybride-productiemotor tijdens de 8-uursrace van Suzuka. Een van de opvallende kenmerken van die motor was het ontbreken van een koppelingshendel of een versnellingspedaal. Nu laat een nieuwe patentaanvraag van het bedrijf zien hoe dat is bereikt, en geeft ons een duidelijke blik op de lay-out van het tweecilinderblok van de motorfiets en de elektromotor die ‘m laat presteren als een 650 cc, maar met de zuinigheid en uitstoot van een motorfiets met veel minder cilinderinhoud.

Kawasaki Ninja: elektrisch vanaf 2023?

Hoewel andere bedrijven al eerder met hybride-motorconcepten hebben geëxperimenteerd – met name Piaggio, dat in 2009 de MP3 Hybrid in productie nam maar deze later weer uit productie nam, en Yamaha, dat al verschillende hybride-concepten heeft laten zien – is Kawasaki’s kijk op het idee tot nu toe de meest intrigerende. De hybride is niet zozeer bedoeld voor scooterrijders of techneuten, maar lijkt eerder een machine te zijn die echte voordelen biedt ten opzichte van de status quo voor de toekomst van het motorrijden.

De patenttekeningen tonen de gecombineerde verbrandingsmotor en elektromotor.

Op dit moment heeft Kawasaki nog geen technische informatie over de machine vrij gegeven, maar een bijna productieklare versie zal naar verwachting later dit jaar op de EICMA verschijnen. Wat we kunnen opmaken uit de twee prototypes die tot nu toe in het openbaar zijn gezien is dat hij gebruik maakt van een paralleltwin die rechtstreeks afkomstig lijkt te zijn van de Ninja 400 en Z400, bijgestaan door een elektromotor die sterk genoeg lijkt om een flinke prestatieboost te geven wanneer hij wordt ingeschakeld.

De nieuwe patentaanvraag geeft een gedetailleerd beeld van de aandrijflijn, met inbegrip van zowel de verbrandingsmotor als de elektromotor. Gecombineerd als een enkele eenheid, begint de aandrijflijn logischer te worden, omdat hij weinig meer ruimte inneemt dan de verbrandingsmotor alleen, terwijl hij het potentieel van veel meer vermogen toevoegt wanneer de elektrische motor in de mix wordt gegooid. Hoewel het patent het accupakket dat nodig is om de motor te laten draaien niet toont, weten we van het prototype dat het niet groot zal zijn. Zoals bij veel hybride auto’s is het niet de bedoeling om honderden, of zelfs tientallen kilometers te kunnen rijden in de elektrische modus. In plaats daarvan kan de motorfiets korte afstanden elektrisch afleggen bij relatief lage snelheden, ideaal voor korte ritjes in de stad. De verbrandingsmotor slaat aan in situaties zoals cruisen op de snelweg, waarbij hij binnen zijn meest efficiënte bereik kan werken en tegelijkertijd de accu kan opladen. En wanneer je al het vermogen nodig hebt, kunnen beide samenwerken.

Een zijaanzicht toont waar de elektromotor zit die de servobesturing bedient

Uit de nieuwe patentaanvraag blijkt dat de vloeistofgekoelde elektrische aandrijfmotor (aangeduid met ‘M’ in de tekeningen) die boven op de transmissie zit, net als de verbrandingsmotor is afgestemd op de ingaande as van de transmissie, zodat beide aandrijflijnen via dezelfde zesversnellingsbak worden aangedreven. Daarom heeft Kawasaki een semi-automatische versnellingsbak met drukknop toegepast in plaats van een conventionele handbediende koppeling en een met de voet bediend pedaal. Het idee is dat dankzij de boordcomputer van de motor het elektrische vermogen en het vermogen van de verbrandingsmotor automatisch kunnen worden gecombineerd. Door het gebruik van een computergestuurde koppeling en versnellingspedaal zou je soepel moeten kunnen schakelen, ongeacht de combinatie die wordt gebruikt.

De koppeling en het versnellingspedaal zelf zijn relatief conventioneel, alleen met servobesturing. Het versnellingspedaal heeft een extra elektromotor, die laag achter de transmissie is gemonteerd (aangeduid met ‘30’). Deze motor heeft een serie van zes reductietandwielen om zijn koppel te vermenigvuldigen, eindigend met een waaiervormig deelversnelling (G6) dat is bevestigd aan de schakelas waar je normaal een met de voet bediend pedaal zou verwachten. De waaiervorm van dat laatste tandwiel is gekozen omdat het, net als een normaal versnellingspedaal, slechts een paar graden in beide richtingen hoeft te bewegen om van overbrengingsverhouding te veranderen, zodat het niet nodig is dat het een volledige cirkel is.

De waaiervormige deelversnelling wordt bevestigd aan de schakelas waar normaal het traditionele voetbediende pedaal zou zitten.

De echte sleutel tot het systeem zal de computercontroller zijn die het bedient. We hebben in eerdere patenten gezien hoe Kawasaki een ‘boost’-knop heeft ontwikkeld voor gebruik rechts op het stuur, waarmee je handmatig zowel de elektromotor als de verbrandingsmotor samen kunt inschakelen voor maximale prestaties, maar in andere scenario’s wordt verwacht dat de omschakeling tussen gas- en elektrische kracht automatisch gebeurt. Met het halfautomatische, servogestuurde versnellingspedaal en koppeling moet het mogelijk zijn om een volledig automatische modus te maken waarin de motor zelf van versnelling wisselt, maar Kawasaki’s prototype heeft ook knoppen links op het stuur voor handmatig schakelen. Tijdens het schakelen moeten gashendel, brandstoftoevoer en de koppeling van de verbrandingsmotor worden geregeld, maar ook de koppelafgifte van de elektromotor. Het vermogen van de computer om beide op zo’n manier te doen dat de vermogensafgifte soepel en voorspelbaar aanvoelt, zal een van de belangrijkste uitdagingen zijn om het systeem onopvallend te laten werken, terwijl de rijder toch de hoge mate van controle behoudt die we gewend zijn van conventionele handgeschakelde transmissies.

Belgische ontwerper bouwt Super Soco TC Max om tot elektrische caféracer

0

De snelle opkomst van elektrische motorfietsen heeft ongetwijfeld de weg vrijgemaakt voor talloze creatieve geesten om hun potentieel te ontplooien. Net als bij traditionele motorfietsen, kunnen we ook met een elektrische motorfiets aan de slag. Wat echter interessant is aan de customscene rond elektrische motorfietsen is dat de ooit vermeende beperkingen van elektrificatie lijken te worden overstegen met elke build.

Dat is het geval met deze elektrische motorfiets in café-racer stijl, die gebaseerd is op de Super Soco TC Max. Het is het werk van de Belgische ontwerper Benjamin Surain, die samen met zijn partner Guy Salens de zogenaamde E-Core heeft ontwikkeld, een elektrische krachtbron die de verbrandingsmotor van een traditionele motorfiets kan vervangen. Ja, je hebt misschien al geraden dat de twee de overstap naar elektrisch behoorlijk serieus nemen, en Benjamins creatie in het bijzonder zou kunnen helpen om de customscene van elektrische motorfietsen op gang te brengen.

De Nuit, zoals hij heet, is helemaal in het zwart uitgevoerd en is het meesterwerk van Benjamins werkplaats ON. Niet voor niets, want Nuit is Frans voor nacht. De Nuit is gebaseerd op de Super Soco TC Max, toch wel een van de mooiste elektrische motorfietsen op de markt, maar gooit alles wat we gewend zijn van elektrische motorfietsen overboord. De Nuit rekent af met al zijn scherpe en hoekige koetswerk, en pronkt in plaats daarvan met de naakte eenvoud van een klassieke caféracer. Het is een verfrissende look, zeker voor een elektrische motorfiets. Bovendien passen de zwarte elektrische motor en aandrijflijn in het algemene design van de motorfiets, waardoor het iets unieks wordt, maar toch griezelig vertrouwd.

Elettracker: elektrische bromfiets vermomd als board track-racer

Om het nog beter te maken, heeft de Nuit een aantal aanpassingen aan het accupakket van de Super Soco, waardoor de prestaties zijn verbeterd. Er wordt beweerd dat het 30 procent meer koppel levert, wat zich vertaalt in een topsnelheid van 110 km/uuur. ON heeft ook enkele structurele wijzigingen aangebracht aan de motorfiets, waardoor hij lichter is geworden en een lust voor het oog. Zo is het frame bijvoorbeeld 15 centimeter langer gemaakt, waardoor de motor slankere, sportievere proporties heeft gekregen. Dankzij de verwijdering van alle originele carrosseriepanelen van de motorfiets weegt de Nuit bovendien 15 kilo minder dan de 85 kilo van de Super Soco TC Max.

De originele Super Soco TC Max.

BMW GS Trophy 2022: Een trialclinic met 40 graden!

0
BMW GS Trophy 2022: Een trialclinic met 40 graden!

De eerste etappe van de Nijmeegse Vierdaagse ging niet door, reizigers moesten worden bevrijd uit snikhete treinen en de Reddingsbrigade Nederland kende een van de drukste dagen ooit. Wij zullen dinsdag 19 juli echter vooral herinneringen als de dag dat Team NL van de International GS Trophy 2022 een snikhete trialclinic deed, onder leiding van Trialschool.nl en BERRT op het grand prix-circuit aan de Herikeresweg in Markelo. Remy, Michael en Willem lieten op deze historische dag nogmaals zien dat ze niet toevallig gekozen zijn als vertegenwoordigers van het Nederlandse-team dat straks in actie komt in Albanië. Zowel qua motorbeheersing als qua doorzettingsvermogen! Opgeven? Afhaken? Smelten? Warmte is niet meer dan een emotie, aldus de drie.

Fotografie: Guus van Goethem

Een Ducati 750SS uit 1974 wordt geveild. Chequeboek gereed?

0

Op The Autumn Stafford Sale – The Classic Motorcycle Mechanics Show, die op 15 en 16 oktober aanstaande in de Engelse stad Stafford wordt gehouden, zal veilinghuis Bonhams de verkoop van 116 motorfietsen verzorgen. Dit zijn meestal vintage-, competitie- en productiemodellen.

De drie waardevolste stukken, in oplopende volgorde van taxatie, zijn een Indian 350 speedway bike uit 1927, een Crocker 500 uit 1934 – ook een US speedway bike, en een Ducati 75SS uit 1974. Deze laatste wordt geschat op 165.000 tot 200.000 euro.

De hoog getaxeerde Ducati 750SS is een van de eerste 200 geproduceerd in Borgo Panigale, waar tussen 1073 en 1974 in totaal 450 stuks werden gebouwd. Vorig jaar wed op de door Bonhams georganiseerde veiling, ook in Stafford, een ander exemplaar van de 750SS verkocht voor 136.000 euro. De restauratie van deze motorfiets – werd voor het eerst in Italië geregistreerd – was uitgevoerd door Mario Sassi. Later werd de Ducati kennrlijk verkocht, want in Duitsland werd de motorfiets in 2003 geregistreerd.

De Ducati 750SS die nu te koop staat verschilt alleen van het origineel door de gemonteerde van een oliekoeler, terwijl op het eerste gezicht ook verschillende bouten zijn vervangen en zijn de sporen zichtbaar van een goed uitgevoerde, terughoudende restauratie.

Een stukje geschiedenis

Aan het eind van de jaren zestig besloot Ducati een tweecilinder met een grote cilinderinhoud te ontwikkelen om de zware motorklasse te betreden. Ingenieur Fabio Taglioni ontwierp een motorfiets met verfijnde mechanica, die in het najaar van 1970 als prototype werd gepresenteerd en een paar maanden later in productie ging.

Dit was de 750 GT, gekenmerkt door de L-vormige opstelling van de twee cilinders, die voor een uitstekende koeling zorgde en ook een zeer goede balans garandeerde.

Het timingsysteem was enkelvoudig met twee kleppen per cilinder en het frame was een open dubbel wiegframe. De GT, die 57 pk had, werd eind 1972 opgevolgd door de 750 Sport, maar die had weinig succes.

In 1973 presenteerde de fabrikant uit de Bologna de 750SS. Die motorfiets kon worden beschouwd als een replica van de tweecilinder die in 1972 in de 200 Miglia van Imola had gezegevierd met het een-tweetje van Paul Smart en Bruno Spaggiari.

10 dingen die iedereen dient te weten over Ducati

De 750SS had een enorme impact, zowel door zijn opwindende uiterlijk als door zijn prestaties, waardoor hij onmiddellijk naam begon te maken in motorraces. De Ducati was krachtiger dan de Honda CB750 Four, maar kostte ook veel meer en had bovenal een echt sportief chassis.

De motor was rechtstreeks afgeleid van die van de GT, maar leverde ongeveer 70 pk en was uitgerust met desmodromische kleptiming: het was de enige met desmo in de ronde carterversie. De brandstof werd toegevoerd door twee 40mm-carburateurs.

Deze motorfiets, waarvan de 900 SS is afgeleid, bleef in productie tot 1977.

Norton Motorcycles: ‘Motorfietsen van 500 cc en meer is een uitstervende business’

0

Norton Motorcycles heeft grootse plannen voor de toekomst. Afgaande op wat de nieuwe Chief Commercial Officer Christian Gladwell zegt in een recent interview ziet het ernaar uit dat het in Birmingham gevestigde motormerk zich naast Suzuki schaart voor een duurzame toekomst.

Volgens Christian Gladwell staat racen niet op het programma – helemaal niet zelfs. 

In plaats daarvan is het merk op zoek naar ‘exotica’. Maar eerst zal het merk ‘zijn bestaande eigenaren op de hoogte brengen van de problemen en aan de slag gaan om de onvervulde orders uit te voeren’.

Never Ending Story: Norton Motorcycles lanceert vernieuwde V4SV

Gladwell: ‘Motorrijden is aan het veranderen. In de jaren ’90 en ’10 draaide het om kop naar beneden, kont omhoog en “laten we heel hard gaan”. Nu gaat het om, “laten we deze motorfiets gebruiken om mezelf uit te drukken en te verkennen.”

Gladwell over het project ‘Zero Emission Norton’: ‘Elektrificatie wordt een fundamenteel onderdeel van Norton Motorcycles. Als je kijkt naar de macrocijfers voor motorfietsen van 500 cc en hoger, is het een uitstervende business.

We willen de toekomst veiligstellen van dit prachtige Britse bedrijf waarvan wij de bewakers mogen zijn. En dat betekent dat we een balans moeten vinden tussen het verleden erkennen en moedig zijn voor de toekomst.’

Met de Commando 951 in ontwikkeling in het Norton-lab en de EICMA om de hoek, kunnen we niet wachten om te zien wat het Britse motormerk ons gaat brengen.

Op de veiling: BMW R100GS uit 1995, nog in originele krat!

0

In de wereld van vintage verzamelobjecten is er niets beter dan iets te vinden dat nog in de originele doos zit, of je nu Ninja Turtles, Barbie, Märklin of wat dan ook koopt. Maar hoe zit het met oude motorfietsen?

Als je een oldtimer wilt die nog in het krat zit, heb je geluk – als je maar veel geld hebt. Op de online motorveilingsite Bring a Trailer staat momenteel een BMW R 100 GS PD Classic uit 1995 die nog in originele krat zit!

Deze motor wordt momenteel te koop aangeboden door Moto Bogatoro, een dealer in Brooklyn, NYC die volgens Google ‘gespecialiseerd is in de verkoop en restauratie van oude Europese motorfietsen’. Het lijkt erop dat deze machine niet veel restauratie nodig heeft, als hij in de krat blijft. En dat is waarschijnlijk wat de meeste eigenaren zullen doen.

Zelfs als hij de straat op zou staan, zou deze motor veel interesse wekken op veilingen, omdat het een gelimiteerd PD Classic-model is dat tegen het einde van de productierun van de R100 GS van de band rolde. Maar zoals deze, in het krat – zijn er niet veel van in de wereld. Als ze er al zijn.

Veiling: spullen uit de Dakar Rally met o.a. 2006 KTM-winnaar 

Waarom heeft hij zo lang in het krat gezeten? Blijkbaar is de machine, toen hij in 1995 in Canada aankwam, naar Blackfoot in Calgary gegaan en heeft daar gestaan tot eind vorige herfst of begin deze winter, waarna hij naar New York is gegaan. Er is papierwerk van Blackfoot dat dit verhaal bevestigt, maar geen verklaring waarom er nooit mee gereden is. Het is niet ongehoord; dit soort verhalen duiken wel eens op, maar zelden voor een motorfiets als deze BMW, die toch behoort tot de algemene categorie der niet zo zeldzame motorfietsen. Die kinderhandschoenbehandeling is meestal voorbehouden aan… fijnere machines, met slanke lijnen en een sportief karakter.

Hoewel, achteraf gezien, als er een bewuste beslissing was om deze motor te te bewaren, dan was dat heel slim. Elke motor waarmee je over onverharde rijdt zal onvermijdelijk in een staat van mishandeling terechtkomen. Daardoor valt deze nagelnieuwe GS nog meer op.

Op dit moment staat de veiling op meer dan $40.000 USD, en de prijs stijgt nog steeds. Bekijk tientallen foto’s en andere details op Bring a Trailer.