zondag 12 april 2026
Home Blog Pagina 799

Triotest BMW F 900 R vs. Ducati Monster + vs. KTM 890 Duke

0
BMW F 900 R vs. Ducati Monster + vs. KTM 890 Duke

Met flink wat nieuwkomers in de twin-klasse kan een vergelijking natuurlijk niet uitblijven. Het is tijd om eens te zien wat deze Europese nakeds in hun mars hebben. Op de uitdagende slingers van de Veluwe vechten de BMW F 900 R, Ducati Monster + en de KTM 890 Duke om het hoogste plekje op het podium.

TestlocatieVeluwe
Omstandighedenflink veel zon, dus gripvol asfalt
Temperatuur27 graden
Testkilometers1.150 (totaal)
Bijzonderhedenop de route een mooi rijtje everzwijnen voorbij zien huppelen

Waarom rijden we de BMW F 900 R, Ducati Monster en KTM 890 Duke?

Nakeds in de middenklasse zijn gewild, zeker als ze voorzien zijn van een goed twinblok. Er is veel keuze in deze categorie, dus moeten we via een test achter de verschillen komen.

BMW F 900 R

Met een grotere longinhoud gaat BMW het gevecht aan in het overvolle middensegment. Kan de F900R een vuist maken tegen de Italiaan en de Oostenrijker?

Ducati Monster +

De Italiaanse oer-naked ging volledig op de schop. Het typerende buizenframe verdween, evenals de ronde vormen. Deze Monster moet nog meer publiek gaan trekken. Gaat dat lukken met dit nieuwe model?

KTM 890 Duke

Sinds de komst van de 790 vertrouwt ook de Duke op twee cilinders. Op die manier won het model uit Mattighofen aan populariteit, maar is het ook in een loodzware competitie van naakte twins terechtgekomen. Kan hij de favorietenrol waarmaken?

BMW F 900 R

Inmiddels mengen de Duitsers zich al meer dan een decennia in de strijd om de ‘naakte’ motorrijder voor zich te winnen. Mannen en vrouwen die maar al te graag vol tegen de wind in willen beuken en met zo min mogelijk bescherming tegen de elementen op pad gaan. Net als in 2009, het introductiejaar van de F800R, gaat BMW het intense gevecht met andere middenklassers aan door een paralleltwin in te zetten. Na ruim tien jaar evolutie is de configuratie eigenlijk nog slechts de enige overeenkomst die je kunt vinden als je de eerste en laatste R naast elkaar zet. Voor de rest zijn er weinig raakvlakken te bekennen. Zo vergrootte de ingenieurs van BMW onder meer de verbrandingskamer. Dankzij een grotere boring en langere slag beschik je nu over 895 cc en dat komt samen tot een explosiever pakket voor de F 900 R. Vooral het maximale vermogen kreeg een serieuze boost, waardoor je nu stoeit met 105 pk bij 8.500 toeren per minuut. De 800 moest het met achttien paardenkrachten minder stellen. Tel daar ook een iets hoger en breder uitgesmeerd koppel bij op (max. 92 Nm bij 6.500 tpm) en je kunt op je klompen aanvoelen dat deze BMW een veel serieuze tegenstander vormt dan voorheen. En dat was ook wel nodig, gezien de stevige concurrentie. Twee daarvan zijn in dit vergelijk aanwezig.

Sportieve design

Hoe fraai de prestaties op papier ook mogen gelden, het gaat er uiteindelijk toch vooral om hoe deze op het asfalt gelegd kunnen worden. Voordat we plaatsnemen op het zadel van de BMW F900R, lopen we nog een kort inspectierondje rondom deze twin. Daaruit blijkt dat er allereerst de nodige waardering gegeven moet worden aan het designteam in München. Hoewel het een smaakkwestie is, valt duidelijk op dat deze R een veel agressiever en gespierder uiterlijk heeft dan zijn voorganger. Een jas die ’m goed past en veel beter in de huidige tijdsgeest past. Op dat vlak kan de BMW echt wel wedijveren met de KTM en de Ducati.

Toch lijk je op het verkeerde been gezet te worden door het sportieve design. Je verwacht eigenlijk ook direct een aanvallende zitpositie, maar dat is duidelijk niet het geval. Zeker als je van de KTM of de Ducati afstapt, valt het op dat je heel erg ‘in’ de BMW zit. Hoog stuur, armen flink omhoog en voor je gevoel heb je je knieën haast in de nek liggen. Gelukkig went het na verloop van tijd, maar heel actief zit je niet op de motor. Daarnaast vermoeit deze houding op de lange duur en dat past niet bij het karakter van de BMW. Deze Duitse naked straalt namelijk juist veel comfort uit, met dank aan de verschillende pakketten, die je voorzien van handvatverwarming, ophanging voor koffers, middenbok en cruisecontrole. De F900R is wat dat betreft het meest ingericht om lange reizen te maken, zij het in ruil voor de nodige euro’s.

Redelijk verschil

Na de nodige slingers is te merken dat de BMW F 900 R niet direct opgewassen is tegen het geweld dat zijn concurrenten neerleggen. De BMW kan in het spoor van de KTM en de Ducati blijven hangen, maar echt meespelen… Dat is dan weer net iets te hoog gegrepen voor de R. De punch die je vanaf zo’n 4.000 tpm ontvangt is lekker en zet zich door tot de toerenbalk de 9.000 aantikt, maar het voelt allemaal toch wat minder sportief aan. Telkens weet het andere duo langzaam weg te kruipen van de BMW en het is moeilijk om dat terrein goed te maken op remmen of sturen.

De remklauwen van Brembo kwijten zich prima van hun taak, maar de echte bite blijft uit. Vergeet ook niet dat er duidelijk een paar pondjes meer afgestopt moeten worden. Ook die zitten enigszins in de weg als je de Duitser van links naar rechts moet smijten. Het zijn alle minieme details die uiteindelijk toch een redelijk verschil opleveren. Na deze confrontatie is duidelijk dat deze F 900 R zichzelf distantieert van types als de 890 Duke en de Monster. De BMW ontpopt zich veel meer als de allrounder van het stel.

Triotest Yamaha MT-09 SP, Triumph Street Triple RS, MV Agusta Brutale RR

BMW F 900 R: goed aangekleed

Een gebied waar BMW’s naked totaal geen achterstand oploopt, is de elektronica. Niet alles behoort tot de standaarduitrusting, maar gelukkig is de basisprijs van de F900R redelijk gunstig ten opzichte van de directe tegenstanders. Je kunt wel wat lijden, zeg maar. Zelfs een goed aangeklede BMW blijft waarschijnlijk nog onder de prijskaartjes van de Italiaan en de Oostenrijker hangen. Het pakket is dan ook zeer compleet te noemen. Diverse rijmodi, elektronisch instelbare vering aansturen, quickshifter en zaken als cruisecontrole en handvatverwarming. Bedenk het en je vindt het terug op de BMW F 900 R.

Ook het display oogt het meest geavanceerd van dit drietal. Hoewel de BMW het op sportief gebied af moet leggen, weet hij zich alsnog te onderscheiden. De Duitse twin is een duidelijk gevalletje van de gulden middenweg en is dus veel meer een allrounder ten opzichte van de KTM en de Ducati. Deze naked weet overal een 7,5 op te scoren, maar excelleert niet direct op één van de essentiële gebieden. 

Pluspunten BMW F 900 R

Styling, hoog comfortniveau, zeer allround

Minpunten BMW F 900 R

Minder agressief, vreemde zitpositie, zeer allround

BMW F 900 R vs. Ducati Monster + vs. KTM 890 Duke

Ducati Monster +

De eerste plus geeft de Italiaan zichzelf al. Dit model, de Ducati Monster + genaamd, onderging namelijk twee extra cosmetische ingrepen ten opzichte van het standaardmodel. Je moet dondersgoed kijken, maar het ‘plus’-verschil vind je zowel aan de voor- als de achterzijde van deze speelse twin. Zie je een bikiniruitje bij het display en een afdekkap over het duozadel, dan weet je automatisch dat je te maken hebt met de + van de nieuwe Monster.

Het is overigens nogal wennen om deze Ducati op zijn jiffy uit te zien puffen, want hij oogt totaal anders dan alle vorige generaties van de populaire Italiaan. Zo mocht het kenmerkende buizenframe met pensioen en ook de wat ronde styling werd rucksichtslos overboord gegooid. In ruil daarvoor staat er nu een agressief ogende Monster, die misschien wel wat meer op zijn Japanse concurrenten in het middensegment is gaan lijken. Hoewel, de Ducati straalt toch nog altijd de nodige Italiaanse klasse uit. Te danken aan onderdelen als het kontje, de dubbelloops-uitlaat, geïntegreerde knipperlichten, een rood biesje op het achterwiel en de led-ring in de koplamp. Stijlelementen die toch doen vermoeden dat deze Monster daadwerkelijk uit Bologna komt.

Lekker pittig

Als de V-twin van de Ducati Monster + de eerste rake klappen uitdeelt, is ook direct duidelijk wat de bedoeling van deze Italiaan is. De gretigheid is haast voelbaar en wordt daarnaast ook vertaald richting de voetsteunen. De een zal dat karakter noemen, de ander ziet het juist als een onvolkomenheid. Feit blijft dat deze Ducati leeft en daar kom je als rijder snel genoeg achter. De 937 cc tellende twin wil imponeren en doet dat dan ook als je de teugels laat vieren. In de meest sportieve rijmodus, logischerwijs is dat dus sport, is de gasreactie lekker pittig, maar blijft het behapbaar. Op die manier is het mogelijk om volop te genieten van de kracht die in de Monster schuilgaat.

Vraag je net even teveel van de 111 pk sterke Italiaan, dan zijn daar de nodige elektronische vangnetten om je vege lijf te redden. Uiteraard zijn die hellingshoekafhankelijk, zoals het ‘heurt’ in dit moderne tijdperk waar je met elektronica om de oren wordt geslagen. Overigens is dat alles ook perfect af te stemmen naar eigen smaak, via het instellingenmenu op het tft-display. Werkt goed overigens, maar het beginscherm oogt wel wat druk. Op dat vlak zou stiekem afkijken bij BMW, en in mindere mate ook KTM, geen kwaad kunnen.

Ducati Monster +

Karrevracht aan vertrouwen

Door de fijne, aanvallende zitpositie vraagt de Ducati Monster + om scherp sturen en op dat vlak stelt de nieuweling totaal niet teleur. Een zeer directe connectie met het voorwiel en goed rubber (Pirelli Diablo Rosso III) zorgen voor een karrevracht aan vertrouwen als je eenmaal wat bochtenwerk te grazen neemt. In rap tempo verandert de Monster van richting, geholpen door het lage gewicht van 188 kilo. Tel daar een sportieve geometrie bij op en je weet haast automatisch dat het een feest wordt als de volgende chicane of haarspeldbocht in je vizier verschijnt. De 43mm-upsidedownvork begeleidt je prima over oneffenheden, maar duikt wel flink in bij hard remmen. Klein nadeel is dat dit ook niet echt te verhelpen valt door wat aan de vering te sleutelen. Er is namelijk niets instelbaar aan de voorzijde. Mocht dat echt een groot probleem voor je zijn, dan is het waarschijnlijk wachten op een S- of R-versie. Grote kans dat die er gaat komen. Deze duik-methode van de voorvork valt extra op door het scherpe karakter van de Brembo M4.32’s die op de Monster zijn geplaatst. Hoewel er veel gevoel in de remactie te leggen valt, is deze nogal scherp en pittig te noemen.

Triotest: BMW S1000XR, Kawasaki Ninja 1000SX en Yamaha Tracer 900GT

Meer pijlers

De nieuwe Monster staat symbool voor de weg die Ducati al enige tijd geleden is ingeslagen. Er is meer dan voldoende karakter in deze naked aanwezig, maar het is ook duidelijk dat de Italianen met wat meer verschillende pijlers rekening houden. Hoewel eerdere generaties van de Monster nooit verlegen zaten om aandacht, moet deze nieuwe twin toch een breder publiek gaan aanspreken. Dat is misschien ook wel de reden voor het loslaten van bepaalde kenmerkende eigenschappen. Feit blijft dat de Monster echt wel een serieuze stap in de juiste richting heeft gezet. Door het scherpe stuurgedrag en een pittig blok geeft Ducati je een sterk feestpakket in handen. Eentje die duidelijk meedoet om de prijzen als het gaat om de meest sportieve naked in het middensegment.

Een iets minder fraaie kant van de Ducati Monster + kom je al snel tegen als je in de drukte terechtkomt. Door het karakter van deze V-twin moet je nogal gedegen omgaan met het kiezen van de juiste versnelling, bijgestaan met wat hulp zoeken van de koppeling. En als we dan toch bezig zijn… De prijs van € 13.790,- voor de Monster + (400 euro meer dan standaard) is redelijk stevig, gezien de concurrenten. Die twee factoren moet je dan toch door de vingers zien of bedekken met een kleine mantel der liefde.

Pluspunten Ducati Monster +

Scherp stuurkarakter, levendig blok, goede elektronica

Minpunten Ducati Monster +

Stevige prijs, ietwat zachte vering, voorrem kan intimideren

KTM 890 Duke

Een tiental seconden kijktijd geeft je voldoende informatie om te weten dat hier een oranje gifkikker voor je staat. De agressieve belijning verraadt direct wat het initiële plan is van de KTM. Deze 890 Duke staat op scherp en wil gewoon zo snel mogelijk vertrekken. Aangezien we niet graag tegensputteren, slingeren we de 889cc-paralleltwin maar gewoon aan. Een leuke roffel verwelkomt je en door een beetje te spelen met het gas is al wel te merken dat er voldoende pret in dit blok schuilt.

Een gesmeerd tikje richting de eerste versnelling en een opkomende koppeling zet de Contiroads in beweging. We gaan er eens goed voor zitten om dit geheel in toom te houden. Daarbij valt ook meteen op dat de steps van de KTM veel lager geplaatst zijn dan die van de BMW en de Ducati, waardoor je automatisch ook wat meer rechtop zit. Daarnaast is het zadel vrij smal aan de voorzijde, waardoor je gemakkelijk één kan worden met deze Oostenrijkse naked. Het blijft bijzonder hoe anders elke naked weer aanvoelt, puur door een verandering in de zitpositie.

Filosofie van KTM

Als we voor het eerst de mogelijkheid hebben om het ride-by-wire gashendel een beetje te laten vieren, gaat het gelijk hard op de 890 Duke. Hoewel je tegenwoordig niet meer weggeblazen wordt door een maximale 114 pk bij 10.500 tpm, is het duidelijk dat de KTM daar totaal niet mee zit. Hij focust zich ook veel meer op het aanwezige koppel. Al vroeg, vanaf zo’n 3 à 4.000 toeren per minuut, is het schrap zetten en doortrekken tot je het toerenplafond bereikt. Het benutten van de maximale 92 newtonmeter is een sensatie op de Duke, zeker met snel doorschakelen via de goed werkende quickshifter. Net als bij de Ducati en de BMW is deze namelijk, zij het als optie, aanwezig. Als middenklasse-naked doe je anno 2021 haast niet meer mee als je geen beschikking hebt over de nodige elektronische regelsystemen. Ook de Oostenrijkse ingenieurs wisten daar wel raad mee. Wat denk je bijvoorbeeld van launch control? Niet direct nodig op een straatfiets, maar wel leuk. En juist dat past perfect bij de filosofie van KTM.

Prijs voor plezier

Om het volledige potentieel uit de elektronica te trekken, is het wel nodig om de optionele Track-modus bij de dealer te bestellen. Kost je weer een paar honderd euro extra en op die manier kruipt de KTM toch richting het forse bedrag dat een Monster moet kosten. Plezier komt dus met een prijs. Dat wil overigens niet zeggen dat een standaardversie je niet kan bekoren, integendeel zelfs. De meeste motorrijders willen zich namelijk helemaal niet druk maken om de volledige controle over die elektronische hulpmiddelen. Die willen gewoon rijden en het liefst op een zo pittig mogelijke manier. Dat is natuurlijk wel aan de 890 Duke besteed. De twin voelt lekker levendig aan en kan met weinig moeite een hoek ingedrukt worden.

Van dit trio stuurt de KTM het meest licht en daarnaast gaat dat ook nog met flink wat precisie. Wil je bochten vreten, dan ben je bij de Duke aan het juiste adres. Hoewel er niets te verstellen valt aan de WP APEX-voorvork, is de setting wel geschikt om lekker te boenderen. Pas als je echt het maximale uit de vering wilt halen, ga je tegen beperkingen oplopen. Het is dan vooral tijd om eens een circuitdag te boeken, waar extreem scherp sturen van pas komt. Als dat in je achterhoofd speelt, dan is het misschien slim om eens te kijken naar de R-versie van de Duke. Het nog sportievere broertje weet namelijk vooral een slagje te winnen door een upgrade op het gebied van vering en remmen.

KTM 890 Duke

Meer finesse

Als de boel tot stoppen gebracht moet worden, merk je dat de technici van KTM met twee gedachten rondliepen. De rem moest niet slecht zijn, maar er mocht ook nog wat te wensen zijn… Want er staat niet voor niets ook een R-versie in de showroom. De Oostenrijkers zijn in dat opzicht behoorlijk goed geslaagd in hun missie, want de J-Juan-remklauwen tonen aan dat ze behoorlijk wat remvertraging kunnen generen. Toch zou iets meer finesse welkom zijn, want het is nu wel heel abrupt en agressief. Grote kans dat je die eigenschap veel meer zult vinden bij de 890 Duke R, waar Brembo Stylema’s je de nodige stopkracht geven.

Er zijn eigenlijk maar weinig negatieve zaken op te noemen als je naar het totaalpakket van de KTM kijkt. Tuurlijk, het comfortniveau staat niet op gelijk hoogte met de BMW, maar door dat gebrek zit de Duke-rijder waarschijnlijk niet meteen in zak en as. Die wil enkel vegen en ziet daarna wel hoe fris hij of zij nog van de motor stapt. Een uurtje ‘lekker’ snelweg rijden, dat slaat de KTM liever over. Of nou ja, de rijder zal op de koop toe moeten nemen dat er een kans bestaat dat je met ‘dode’ vingers rondrijdt. Verder is het jammer dat ze in Mattighofen niet even beter hebben gekeken naar het gebruikte materiaal voor de kapjes onder de tank. Daar kom je met de knie tegenaan en het plastic wordt al snel wat vaal. En dat terwijl er nog geen tweeduizend kilometer op de tank staat. Toch een beetje zonde als je een motor van haast € 13.000,- koopt.

Pluspunten KTM 890 Duke

Messcherp sturen, speelfiets pur sang, prima standaardvering

Pluspunten KTM 890 Duke

Behoorlijke basisprijs, er is een R-versie, agressieve remmen

Conclusie BMW F 900 R vs. Ducati Monster + vs. KTM 890 Duke

Als iets duidelijk wordt na een lekkere stevige rit door de Veluwe is wel dat hier drie compleet verschillende nakeds voor onze neuzen staan. Zoals al gezegd komt de BMW F 900 R echt als de allrounder uit dit vergelijk. De Duitser is veel meer gericht op de man of vrouw die ook echt de nodige kilometers wil maken. Een wolf in schaapskleren, want de 900 ontpopt zich als een sportieve toerfiets die als een sportieve naked verkleed gaat. De BMW laat nergens grote steken vallen, maar blinkt ook nergens echt in uit. Nou ja, op comfort heeft-ie een streepje voor, waarbij wel rekening gehouden moet worden met het feit dat je wat extra vinkjes op de optielijst moet zetten. In zekere mate geldt dat laatste ook voor de KTM 890 Duke, al is het niet van essentieel belang om de optionele quickshifter en track-modus toe te voegen. De Oostenrijkse naked wordt er nog wat levendiger van, maar noodzaak is een te groot woord als het om deze opties gaat. Wat dat betreft is de Ducati Monster + de meest complete naked van het stel. De Italiaan mag in standaardtrim dan de duurste van het stel zijn, hij maakt die meerprijs uiteindelijk ook wel waar. Bij de Monster hoef je namelijk niet naar een optielijst te grijpen om ’m naar wens te maken. Quickshifter? Zit er al op. Alle mogelijke rijmodi? Check.

Hoewel ze over een duidelijk verschillend karakter beschikken, staan de Duc en de Duke redelijk dicht bij elkaar. Dit duo ontloopt elkaar nauwelijks, omdat ze allebei in het leven geroepen zijn om de sportieve rijder te bedienen die graag een slingerweg inschiet om even lekker los te gaan op gripvol asfalt. De vernieuwde Ducati Monster + weet daar heel goed raad mee en doet dat nog altijd met de nodige Italiaanse flair. KTM’s 890 Duke blijft zeker niet achter op de frivoliteit van de Italiaanse naked en weet misschien zelfs te verleiden om nog net even wat agressiever aan het stuur te gaan hangen. Dat is ook mogelijk, gezien het scherpe stuurkarakter van de Duke. Het gaat allemaal heel gemakkelijk aan boord van deze naked, waardoor je telkens weer naar meer bochten verlangt. Puur door die begeerte die hij op dat moment losmaakt, pakt de KTM een uiterst zuinige zege op de Monster. Het is niet veel, maar marginaal genoeg om dit vergelijk als winnende partij af te sluiten.

Ten Kate Racing presenteert legendarische kleurstelling voor Assen

0

Dominique Aegerter zal tijdens de thuisrace van het Nederlandse team in actie komen op een speciale geel-zwarte Ten Kate Racing Yamaha R6. Deze speciale #ProjectYellow kleurstelling werd donderdagmiddag gepresenteerd op het TT Circuit Assen. In deze legendarische uitvoering komt het verleden en heden van zowel Ten Kate Racing als Yamaha perfect samen.

Wie aan de kleuren van Ten Kate Racing denkt, en zeker in combinatie met het verleden, denkt aan geel-zwart. In 2002, 2003 en 2004 wist Ten Kate Racing als privéteam hun eerste drie wereldtitels op rij te scoren in deze geel-zwarte kleurstelling met Fabien Foret, Chris Vermeulen en Karl Muggeridge. Ten Kate Racing stond door dit uitzonderlijke succes ineens en voor altijd op de wereldkaart van de motorsport. Later toen Ten Kate Racing een Honda fabrieksteam werd verdween deze livery op de motor, maar bleven geel en zwart de kleuren waar het hele bedrijf Ten Kate altijd mee geassocieerd zou worden.

Ook Yamaha, het merk waar Ten Kate Racing sinds 2019 meer racet, heeft een rijke geschiedenis met deze kleurstelling. Toen Yamaha Racing haar 50-jarig jubileum vierde in 2005 werden de MotoGP fabrieksmotoren van Valentino Rossi en Colin Edwards uitgevoerd in het geel met zwart. Dit was de kleurstelling waar Kenny Roberts van 1978 t/m 1980 driemaal op rij de 500cc wereldtitel had gewonnen.

Kervin Bos optimistisch voor Assen

De 2021 editie van de WorldSBK Assen is een bijzondere voor Ten Kate Racing om meerdere redenen. Het is de eerste keer dat Ten Kate Racing met Yamaha zal rijden en dan nog wel in de World Supersport, de klasse waarin het team in het verleden negen wereldtitels scoorde. Daarnaast is het de eerste thuisrace van Ten Kate Racing sinds 2018. In 2019 kwam het evenement voor het nieuwe Yamaha team te vroeg en vorig jaar werd het evenement niet verreden door de coronasituatie. Daarom wil Ten Kate Racing Yamaha iets speciaals doen in Assen en dat gaat gebeuren met de geel-zwarte kleurstelling onder de naam #ProjectYellow waar Dominique Aegerter mee zal racen. Een kleurstelling met een knipoog naar het verleden, maar ook zeker naar het heden; een toekomst met Yamaha!

Dominique Aegerter: “Je had mij niet blijer kunnen maken dan met deze prachtige kleurstelling. Geel is mijn favoriete kleur en ik kan niet wachten om met deze livery te rijden. Het zijn de kleuren waar Ten Kate Racing een rijke historie mee heeft en veel succes mee heeft behaald. Het is een bijzonder weekend voor het team aangezien ze sinds lange tijd weer een thuisrace in Assen hebben. Ik hoop met deze prachtige livery van de Yamaha R6 te scoren in Assen!”

Teammanager Kervin Bos: “Het is onze eerste thuisrace als Ten Kate Racing Yamaha. Wij wilden graag iets speciaals doen en dat is #ProjectYellow geworden. Deze kleurstelling heeft eigenlijk alles. Het is een combinatie van de rijke historie van Ten Kate Racing, maar ook van Yamaha, en het staat symbool voor onze toekomst samen. Doordat onze WK-leider Dominique Aegerter eenmalig met deze kleurstelling gaat rijden, sluiten we een historische periode af en gaan we daarna officieel verder in het blauw van Yamaha. We hopen dat de fans en onze partners dit bijzondere project kunnen waarderen. Uiteraard vergeten we Galang niet. Voor hem gaan we iets speciaals organiseren tijdens zijn thuisrace in Indonesië.”

SHAD: Koffers voor op de motor

0

In Garage29 duikt Bart in de koffersystemen van SHAD. De SH-range en Terra-range. Wat is het verschil tussen deze sets, welke koffers zijn er en is mijn motor ook geschikt voor deze koffers? Bart zoekt het uit.

Motorrijders gezocht voor onze videoserie ‘Wat Rij Jij?!

0
Heb jij een motor gekocht tussen de 0 en 3.000 euro?

Wij hebben weer opnamedagen ingepland voor onze videoserie ‘Wat Rij Jij?’. Hiervoor zijn wij op zoek naar jou! Op vrijdag 20 augustus trekken we het land in voor motoren die zijn gekocht tot 1.000 euro. Voor vrijdag 27 augustus zoeken we motorrijders met een motor gekocht tussen de 1.000 en 3.000 euro.

Heb jij een motor gekocht tussen de 0 en 3.000 euro? En heb jij op één van onderstaande datum(s) overdag een uurtje voor ons de tijd? Geef je dan op via onderstaand formulier. We komen graag bij je langs!

Opnamedatums
– Vrijdag 20 augustus (motoren gekocht tot 1.000 euro)
– Vrijdag 27 augustus (motoren gekocht 1.000 tot 3.000 euro)

Categorieën die we gaan behandelen
– Motoren gekocht tot 1.000 euro
– Motoren gekocht tussen de 1.000 en 3.000 euro

Uiteraard hanteren wij strikt de huidige coronamaatregelen. Meer info volgt als je wordt geselecteerd.

Jeffrey Buis extra gebrand op goed resultaat in Assen

0
Jeffrey Buis

Wereldkampioen Supersport 300 Jeffrey Buis heeft in de twee tot nu toe verreden wedstrijden nog niet op het podium gestaan. Daar wil hij in Assen verandering in aanbrengen. Buis: ‘De afgelopen vier races hebben niet de resultaten gebracht die we hadden verwacht. Ik heb veel in Assen getest. Bij die tests heb ik sneller gereden dan ooit. De motor staat er goed voor.’

Buis weet hoe hij op het TT Circuit Assen een race moet beëindigen: ‘Ik heb hier al veel races gereden. Het komt hier altijd op de laatste bocht aan. Ze kunnen voor de GT wel later remmen dan mij, ik kom er als eerste uit!’

Het WK Superbike is van 23-25 juli op het TT Circuit Assen, met kwalificaties op vrijdag en zaterdagmorgen en races op zaterdagmiddag en zondag. De taluds zijn afgesloten, alle toeschouwers kunnen een plekje zoeken op de tribunes.

Michael van der Mark kijkt uit naar Assen

Voor jou getest: ROOF BoXXer RO9 Carbon

0

Op een motortocht in Mozambique ontmoette ik twaalf jaar geleden een Fransman op een oude BMW-tweeklepsboxer. Het was de striptekenaar P’tit Luc, die mij schetsen liet zien van een helm die hij voor ROOF had ontworpen. Dat illustreert het eigenzinnige karakter van de Franse helmfabrikant, die wars van conventies een geheel eigen koers uitstippelt in motorhelmenland, daaraan vasthoudt en er gestaag mee aan de weg timmert.

Ik maakte kennis met ROOF-helmen dankzij Rolf Veenendaal van de legendarische Helmstudio/Leertent in Amsterdam. Van hem kreeg ik jarenlang nieuwe modellen van ROOF-helmen, van jethelm met vizier tot het bekendste en succesvolste model: de Boxer-klaphelm.

Voor jou getest: Sidi Adventure 2 GTX-allroadlaarzen

Het eerste Boxer-model kwam in 1995 op de markt, direct na de Roadster, de eerste jethelm met een ‘pilotenvizier’. Boxer werd BoXXer, waarbij die extra X staat voor technische innovatie. Een gestage stroom van aanpassingen en verbeteringen maakt iedere nieuwe versie van de BoXXer weer beter dan de vorige. Zo zorgt het asymmetrische klapmechaniek er nu voor dat het vizier niet in de weg zit als het kinstuk wordt op- of teruggeklapt. De twee ‘rode oortjes’, die bij eerdere Boxerversies nog met drukkers werden gesloten en geopend, zijn vervangen voor een sluiting die met één hand bediend kan worden.

Geen andere klaphelm is zo fijn als die van ROOF. De BoXXer is eigenlijk twee helmen in één. Sluit je het kinstuk voor je gezicht, dan heb je een integraalhelm. Draai je het kinstuk helemaal naar achteren rij je met een jethelm, waarvan je het vizier voor je ogen kunt houden. Geen gewiebel, geen stijve nek, geen onveilige situaties: de ROOF BoXXer RO9 Carbon is goedgekeurd zowel als integraal- als als jethelm. Een echte systeemhelm dus.

Helmstudio/Leertent is geschiedenis. Rolf Veenendaal deed het ROOF-importeurschap over aan Perier Motorsport. Van hun kreeg ik de Roof RO9 BoXXer Carbon mee, die ik het afgelopen jaar heb gedragen. Het oordeel? Een hele dikke voldoende. Ook in zomerse hitte blijft de helm aangenaam. Op de snelweg of met regen is hij een perfecte integraalhelm. Bij ritjes in de stad, of ontspannen toeren over een landweggetje heb je binnen een handomdraai een jethelm.

De ROOF BoXXer RO9 Carbon is een machtige helm, met aanpassingen in het ontwerp ten opzichte van de vorige versies, die de helm weer net iets beter maken. En lichter natuurlijk, dankzij die carbonuitvoering. En ROOF zit niet stil. Dit jaar brengt het eigenzinnige Franse merk van de BoXXer RO9 ook een fiberglasuitvoering uit.

ROOF BoXXer RO9 Carbon

Jeffrey Herlings wilde geen favoriet zijn in Valkenswaard 2010

0
Jeffrey Herlings

Jeffrey Herlings is al jaren een gearriveerde vedette en daarom is het maar moeilijk voor te stellen dat hij ooit een aanstormend talent was. Uitgerekend in eigen land won hij zijn eerste Grand Prix. Op 25 april 2010 begon Herlings aan een ongelooflijke zegereeks die nog altijd voortduurt. Een terugblik op die memorabele dag in Valkenswaard.

Eigenlijk kan het niet, toch? Een vijftienjarige puber die een Grand Prix wint? Die beide manches wint? Aan het eind van de middag staat Jeffrey Herlings met de Nederlandse vlag om de schouders, het Wilhelmus klinkt uit de geluidsinstallatie. Dit is het dus. Dit is hoe het voelt om een Grand Prix-winnaar te zijn. Deze zondag is het supertalent van het KTM-fabrieksteam overduidelijk de beste in de MX2-klasse.

Drie dagen eerder had de jonge Brabander ietwat beduusd en onwennig zijn eerste persconferentie gegeven. Op het Eurocircuit in Valkenswaard luisterde een handjevol Nederlandse pers toe. Schreef onder andere op dat Herlings mensen voor gek verklaarde die dachten dat hij ‘wel even’ ging winnen.

Marc Bongers: ‘Als de M1000RR alles zou doen wat Michael wilde, dan stond de prijzenkast vol’

Favoriet

Herlings werd voor de derde Grand Prix van het seizoen nota bene als favoriet gezien. Drie weken eerder was hij tijdens zijn WK-debuut in Bulgarije in de tweede manche al derde geworden. En tijdens de daaropvolgende GP van Lombardije tweede in de tweede manche. Maar Ken Roczen dan, dat andere supertalent? En Marvin Musquin, tweevoudig wereldkampioen en titelverdediger? ‘Ik probeer gewoon plezier te hebben en mezelf te verrassen’, had hij gezegd. ‘Ik zie wel wat er dit weekend gebeurt. Het podium is haalbaar, denk ik, maar ik weet dat ik nog niet de beste ben. Tegen Marvin Musquin en Ken Roczen rijden in het WK is iets anders dan in een ONK-wedstrijd. Zij zijn aan elkaar gewaagd, dan is er een gat, en dan kom ik pas.’

Had hij het even mis. Het was precies andersom: eerst Herlings, dan een gat en dan de rest. In de tweede manche was hij met vijftien seconden voorsprong op nummer twee Roczen over de finish gedenderd. Nu bezit hij de titel van jongste Nederlandse Grand Prix-winnaar ooit. Heel lang was dat Dave Strijbos, nadat de Limburger in 1984 op zestienjarige leeftijd in Stevensbeek zijn eerste Grand Prix had gewonnen.

Jeffrey Herlings
Jeffrey Herlings ploegt door het zand van het Eurocircuit tijdens zijn eerste Grand Prix in eigen land.

Record

Diezelfde Strijbos staat die dag in Valkenswaard toe te kijken. ‘Toen was zestien ook nog de minimumleeftijd. Ach, dat ik mijn record kwijt ben, vind ik helemaal niet erg’, reageert hij sportief. ‘Die jongen heeft een doel voor ogen. Dat zie je als je hem in de ogen kijkt.’

Dik elf jaar later kan Strijbos zich nog goed herinneren dat hij getuige was van die memorabele wedstrijd. ‘Bij mij kwam mijn eerste overwinning onverwacht. Voor hem was zijn eerste dat ook, denk ik’, aldus de oud-wereldkampioen. ‘Je gaat er vol in en dan kijk je wel waar het eindigt. Als je dan zo wint, is dat natuurlijk geweldig. Concurrentie was er wel, ook in het zand. Dat-ie een kanshebber was, stond vast. Ik gaf hem ook de grootste kans. Het was te verwachten dat hij eraan zou komen als alles normaal verliep.’

Maar die 25e april verloopt het niet allemaal normaal. Een dag eerder is Herlings tijdens de kwalificatierace gevallen. Hij komt niet verder dan de veertiende plaats en dat betekent ook zijn startplaats voor de eerste manche. Als het starthek valt, blijkt al snel dat de jonge Elsendorper een klasse apart is in het zand.

Jeffrey Herlings open over zijn crash in Faenza

Motorcrossbelofte

Het duurt een paar ronden, dan grijpt hij de koppositie. Tot groot genoegen van het thuispubliek natuurlijk. Dat staat met een kleine 15.000 man te kijken naar de grootste Nederlandse motorcrossbelofte van de afgelopen decennia. Als hij een paar uur later begint aan de laatste ronde van de tweede manche, is de spanning rond het circuit voelbaar. Herlings gaat ook nu aan de leiding. Het mag nu niet meer fout gaan.

Zijn monteur bij KTM staat intussen zenuwachtig op de balustrade van de pitbox. Als Herlings in zijn blikveld verschijnt, steekt hij het rondenbord uit. ‘1 lap, focus, +15’, staat erop in grote letters. Ruim een minuut later maakt de wedstrijdleider met een hoge zijwaartse sprong een einde aan de spanning. De tweede manche is ook de zijne. Zijn eerste Grand Prix-zege is binnen.

Omroeper Kees van den Boomen schreeuwt Herlings’ naam over het circuit en de winnaar omhelst zijn vader, moeder, broer en KTM-teammanager Stefan Everts. ‘Super, dit is een droom die uitkomt’, zegt hij na de huldigingsceremonie. ‘Ik was zo gespannen voor deze wedstrijd, wilde zo graag. Dat ik tijdens mijn thuis-GP elke ronde vooraan heb gereden, kan ik bijna niet bevatten. Dit geeft zo’n fantastisch gevoel.’

De start van de tweede manche in Valkenswaard, met Jeffrey Herlings uiterst rechts. Ken Roczen start drie plaatsen naar links (startnummer 94).

Ultieme bevestiging

Everts kijkt voldaan toe. Voor hem is de overwinning van zijn jonge rijder de ultieme bevestiging dat het Oostenrijkse fabrieksteam de juiste beslissing nam toen het Herlings al in 2008 contracteerde. ‘Jeffrey is altijd een supertalent geweest’, zegt de Belgische tienvoudig wereldkampioen nu, als hij terugblikt op Herlings’ eerste overwinning. ‘Hij stak er altijd met kop en schouders erbovenuit.’

Everts heeft zich dan ook nooit verbaasd over het stormachtige carrièreverloop van het supertalent. Al was het in het begin wel afwachten hoe hij zich zou houden op het hoogste niveau. ‘Er zijn veel jonge rijders die in de jeugdcategorieën alle potten breken, maar daarna zie je ze niet meer. We hebben destijds een beetje gegokt met Jeffrey.’

‘Uiteindelijk is het gelukt. Zijn potentieel is er altijd gebleven’, aldus Everts. ‘We hebben hem vroegtijdig naar de MX2 overgezet. Hij ging in het begin rijden bij het KTM-team van Jacky Martens en had al heel vroeg de juiste snelheid. En ook een heel sterke fysiek. Jeffrey had al een heel volwassen lichaam. Hij heeft ook altijd heel hard getraind.

In mijn ogen zelfs wat teveel. Dat is ieder zijn keus en hij heeft het toen in Valkenswaard waargemaakt. Voor het hele team was het fantastisch om te zien.’

Golden boys

Wat die bewuste Grand Prix zo bijzonder maakte, is dat de twee jongste deelnemers, Herlings en Roczen, er het tempo bepaalden. Everts: ‘Roczen was ook één van de golden boys. Hij was toen nog iets volwassener dan Jeffrey in zijn doen en laten. Jeffrey is ook altijd een wat moeilijker persoon geweest om mee te werken. Dat is wel iets geweest in die tijd. Uiteindelijk deed hij wat hij moest doen. Op de baan was hij gewoon de beste. Op die leeftijd zag je al dat hij een potentiële wereldkampioen was. Hij is één van de beste rijders die KTM ooit gehad heeft.’

Nu, in 2021, is Herlings goed voor vier wereldtitels en 91 Grand Prix-overwinningen. Het is dat hij zo vaak geblesseerd is geweest, anders had hij al veel vaker wereldkampioen kunnen zijn. Hoewel Herlings’ honger nog lang niet is gestild, blijft die eerste zege hoe dan ook bijzonder, ook voor Herlings zelf, stelt Dave Strijbos. ‘Als ik het met mezelf vergelijk, dan is je eerste de mooiste’, zegt hij. ‘Het zijn de leukste herinneringen. Want je gaat van niks naar een overwinning. Dat vergeet je nooit. Ook bij de mensen blijft het hangen, honderd procent. Je zag toen al: hij wil maar één ding en dat is winnen.’

Herlings op het huldigingspodium, moe van alle inspanningen in de tweede manche in Valkenswaard, die hij ook won.

GP Italië: Herlings wint weer

Jeffrey Herlings heeft zijn eerste Grand Prix-overwinning van het seizoen te pakken. De 26-jarige coureur uit Oploo reed op het circuit van Maggiora in Italië naar de zesde plaats in de eerste manche en greep de overwinning in de kletsnatte tweede manche.

Daarin profiteerde Herlings van een foutje van Glenn Coldenhoff, die tot dat moment aan kop reed. De crosser uit Heesch werd uiteindelijk tweede in het dagklassement, voor Tony Cairoli. Opvallend was overigens dat die drie rijders allen veertig punten verzamelden.

Herlings werd als eerste geklasseerd, omdat hij de tweede manche won, die het zwaarst meetelt voor het dagklassement. Coldenhoff werd vierde en tweede in de manches en behaalde daarmee een hogere uitslag in de tweede manche dan Cairoli. De Italiaan werd in beide manches derde.

Door de overwinning van Herlings staat hij nu na drie Grands Prix op de tweede plaats in de stand van het WK, op slechts zes punten van WK-leider Tim Gajser. De Sloveen kwam in Italië niet verder dan de vijfde en zesde plaats in de manches en eindigde daarmee op de zevende plaats in het dagklassement.

Jeffrey Herlings wint de eerste manche tijdens de Grand Prix van Nederland in Valkenswaard op 25 april 2010.
Met supertalent Jeffrey Herlings voor het eerst aan de start van een Grand Prix in eigen land kunnen de Nederlandse crossliefhebbers eindelijk weer hopen op een Nederlandse winnaar.

Mutt Motorcycles introduceert met Akita 125 beginnersvriendelijke retrofiets

0
Mutt Motorcycles Akita 125

De markt voor beginnersvriendelijke motorfietsen in Europa barst van de mogelijkheden voor jonge en beginnende motorrijders om in stijl de weg op te gaan. Nu motoren die voldoen aan de A1-rijbewijsbeperkingen er steeds luxueuzer uitzien, is de grens tussen beginnersgerichte motoren en echte motorfietsen dunner dan ooit. Terwijl sportfietsen en naked bikes nog steeds populaire configuraties zijn, hebben machines in retrostijl de laatste jaren enorm aan populariteit gewonnen.

Dat is het geval voor Mutt Motorcycles, een in het Verenigd Koninkrijk gevestigd bedrijf dat 125cc-klasse, A1-conforme fietsen distribueert met een klassieke retro-styling. De nieuwste aanwinst van het bedrijf is de Akita 125, een charmante scrambler met een ruige esthetiek. Net als bij andere retro-stijl machines gaat de eenvoud van deze machine veel verder dan de styling. De Akita 125 maakt korte metten met bijna alle comfort, zodat de rijder zich kan concentreren op de rit die voor hem ligt. Hierdoor kan Mutt Cycles de prijs van deze machine zeer concurrerend houden: ongeveer € 4.000.

Yamaha XSR125: Prettige woon/werk motorfiets

Onderhuids wordt de Akita 125 aangedreven door een rudimentaire 125cc ééncilinder motor. Net als de motorfiets zelf, is ook de motor verstoken van moderne technologie, met uitzondering van elektronische brandstofinjectie. Desondanks levert deze luchtgekoelde motor een zeer vriendelijke 11,9 pk, die via een eenvoudige vijfversnellingsbak naar het achterwiel wordt overgebracht. Dit geeft de Akita 125 een topsnelheid van rond de 70 mijl per uur. Hij heeft een behoorlijk royale brandstoftank van 16 liter, waardoor de actieradius indrukwekkend is en de berijder kilometerslang neo-retro plezier kan beleven.

De Mutt Akita 125 vereist van zijn berijder een sterk gevoel voor discipline, vooral als het op remmen aankomt, want de schijfremmen voor en achter zijn niet uitgerust met ABS. De ophanging is eenvoudig en bestaat uit een standaard telescopische voorvork en een stel in de voorbelasting verstelbare achterschokdempers. De motorfiets weegt 105 kg, wat zeer beginnersvriendelijk is – zeer toegankelijk voor nieuwkomers, en veel plezier voor doorgewinterde rijders die op zoek zijn naar een lichte, wendbare machine.

Circuitgerichte 2022 KTM RC 8C gepresenteerd

0
2022 KTM RC 8C

De 2022 KTM RC 8C is een speciaal ontworpen, lichtgewicht raceprototype, waarvoor de bekende LC8c-motor uit de KTM 890 DUKE R is geplaatst in een speciaal circuitgericht chassis dat barst van de hoogwaardige raceonderdelen. De KTM RC 8C geeft klanten eigenlijk de kans om trots eigenaar te worden van een machine die zo dicht mogelijk bij een Factory-racemotor komt als mogelijk is – zonder het nadeel dat er een specialistisch raceteam nodig is voor het onderhoud.

De 2022 KTM RC 8C is ontworpen om 100% circuitklaar te zijn en is volledig met de hand gebouwd, De machine wordt bovendien aangedreven door een koppelrijke productiemotor die onderhoud eenvoudig maakt.

Het lichtgewicht GRP-plaatwerk is geïnspireerd door de KTM RC16 en vervaardigd uit met Kevlar versterkte koolstofvezel. Hieronder gaat een 128 pk, 889 cm3 LC8c, DOHC parallel twin met 8 kleppen schuil, geplaatst in een op maat gemaakt 25CrMo4-stalen buizenframe en voor en achter ondersteund door speciaal gekozen WP Pro-onderdelen.

Eerste test 2021 Kawasaki ZX-10R

Aan de voorzijde wordt een handgemaakte 43 mm WP APEX PRO 7543-voorvork met gesloten cartridge gebruikt, geproduceerd uit hoogwaardig, lichtgewicht materiaal. De schokdempers zijn ontwikkeld op basis van de ervaringen van het KTM Factory Racing-team in diverse internationale toernooien en worden gemonteerd door dezelfde afdeling die de schokdempers van de KTM RC16 bouwt en onderhoudt. Dit garandeert dat onze racegerichte rijders en professionele racers de best mogelijke prestaties krijgen. De vork heeft verder geen enkele hydraulische slagbeperking, waardoor rijders de dempingseigenschappen continu kunnen instellen.

Aan de achterzijde bevindt zich een A WP APEX PRO 7746-schokdemper met een preload-afsteller, die eenvoudig op de wensen van alle rijders kan worden ingesteld en vrijwel elke situatie aan kan door aparte instellingen voor compressie en vering bij hoge en lage snelheden.

Omdat deze motor puur op het circuit is gericht, is elk detail afgestemd op het racen. De uitstraling van de KTM RC 8C laat geen ruimte voor twijfels over zijn doel, van de tank- en bodypanelen met snelkoppeling tot de lichtgewicht Dymag-wielen en Pirelli SC1-raceslicks.

Onderdelen uit de racecollectie van Brembo zorgen voor maximale remprestaties, met aan de voorzijde Brembo Stylema-remklauwen en 290 mm volledig zwevende remschijven met aluminium rotors, bevestigd met titanium schroeven, en achter een Brembo-remklauw met twee zuigers en een 230 mm volledig zwevende remschijf die direct op de naaf is geplaatst.

2022 KTM RC 8C met Brembo remblokken

Ook is de KTM RC 8C uitgerust met een radiale Brembo 19RCS CORSA CORTA-hoofdcilinder met tal van innovaties, waarvan vele direct zijn overgenomen van de hoofdcilinders die worden gebruikt in de MotoGP™. Het belangrijkste kenmerk is dat rijders zelf hun aangrijppunt precies kunnen instellen waar ze dat willen hebben, met behulp van een eenvoudig bereikbare selector op de bovenkant van de hoofdcilinder zelf.

Om te zorgen dat gegevens worden verzameld en samengevoegd, maakt de KTM RC 8C gebruik van het AIM MXS 1.2 RACE-dashboard en bijbehorende datalogger met een geïntegreerde GPS-functie. Alle informatie wordt weergegeven op een 5” TFT-scherm met geïntegreerde dataopname die continu wordt bijgehouden en kan worden geanalyseerd in AIM Race Studio.

Overzicht

  • Beperkt tot 100 stuks wereldwijd
  • Handgebouwd en exclusief voor circuitgebruik
  • 128 pk, 140 kg droog gewicht, ratio vermogen/gewicht bijna 1:1
  • Speciale race-uitlaat met titanium Akrapovič-demper
  • Speciale luchtbox en raceluchtfilter
  • Op maat gemaakt 25CrMo4-stalen buizenframe
  • WP APEX PRO-schokdempers voor en achter
  • Remonderdelen uit Brembo-racecollectie
  • Ultralichte aluminium Dymag-wielen

De exclusieve 2022 KTM RC 8C is vanaf 16:00 CEST op 22 juli beschikbaar als pre-order.

2022 KTM RC 8C circuitpakket

Naast de 2022 KTM RC 8C zelf krijgen kopers ook de kans om deel te nemen aan een eenmalig klantenevenement met het Red Bull KTM Factory Racing-testteam. Dit exclusieve evenement is beperkt tot 25 deelnemers en biedt de unieke kans om met racers als Dani Pedrosa en Mika Kallio te rijden, die je in de loop van de volledige dag op het Circuito de Jerez ook tips zullen geven.

Iedereen die kiest voor KTM RC 8C-circuitervaring, krijgt ook het KTM RC 8C-circuitpakket.

Dit pakket bestaat uit

  • Extra set Dymag-wielen (voor en achter)
  • Extras set voor- en achterremschijven
  • Paddockstands voor voor en achter 
  • Bandenverwarmers 
  • KTM Race mat

Kervin Bos optimistisch voor Assen

0

Het zal even wennen zijn om de mensen van Ten Kate Racing in Assen te zien. Na jarenlang in de kleuren van Honda te hebben geopereerd lopen ze dit jaar in Yamaha-blauw rond. Begonnen in de Supersport volgde later de overstap naar de Superbike, maar dit jaar is het team uit Nieuwleusen weer actief in de Supersport. En met heel veel succes, want na drie wedstrijden (zes races) leidt hun Zwitserse coureur Dominique Aegerter het klassement. Teammanager Kervin Bos: ‘Het is voor ons een ideaal scenario wat er nu gebeurt. Het is een droomstart bij onze terugkeer naar het WK Supersport. We liggen mooi op schema. We hopen de goede resultaten in Assen voort te zetten. Ik denk dat we ook hier goed kunnen scoren.’

Michael van der Mark kijkt uit naar Assen

Bos keek al even naar de toekomst: ‘Wij hebben onze laatste race in de Superbike nog niet gereden. We bouwen nu eerst aan de toekomst.’

Het WK Superbike is van 23-25 juli op het TT Circuit Assen, met kwalificaties op vrijdag en zaterdagmorgen en races op zaterdagmiddag en zondag. De taluds zijn afgesloten, alle toeschouwers kunnen een plekje zoeken op de tribunes.