zaterdag 23 mei 2026
Home Blog Pagina 1044

Interview Tito Rabat: ‘Racen verveelt nooit’

0

Tito Rabat heeft er vier MotoGP-seizoenen op zitten, maar verder dan een zevende plaats kwam hij nog niet. Rabat heeft letterlijk en figuurlijk geleefd op het circuit om in de koningsklasse terecht te komen. Winnen in de MotoGP lijkt onmogelijk, maar hoe blijf je dan gemotiveerd? We leerden de 30-jarige Spanjaard in de afgelopen winterperiode beter kennen tijdens een uitgebreid interview.

We beginnen met de start van je carrière. Hoe oud ben je begonnen met racen?

‘Ik ben heel jong begonnen. Ik was volgens mij drie jaar toen ik een minibike cadeau kreeg. Ik ging rijden samen met mijn broer en vader. Naast racen op een minibike, was ik ook aan het karten. Op mijn elfde ben ik mij volledig gaan focussen op het wegracen. Het begon als een grap, maar ik begon het steeds leuker te vinden en raakte daardoor steeds meer gemotiveerd.’

Zat je familie ook in de wegrace?

‘Mijn vader heeft rally gereden toen hij jong was. Hij heeft goede races gereden, maar over het algemeen is mijn familie gefocust op het bedrijfsleven. (De vader van Rabat is eigenaar van het bedrijf ‘Rabat’ met verschillende juwelierswinkels in Spanje.) Eigenlijk is mijn passie voor deze sport uit het niets begonnen. Het werd steeds serieuzer. Via het Catalaanse naar het Spaanse kampioenschap en uiteindelijk ben ik in het wereldkampioenschap terechtgekomen.’

Tito Rabat reed zijn eerste Grand Prix in 2005 met een wildcard in Valencia. In 2006 kon hij instromen bij Team BQR als vervanger van Aleix Espargaró, die halverwege het jaar de overstap maakte naar de 250cc. Sinds dat moment is Rabat een vaste GP-coureur.

Op welk moment in je carrière begon je te beseffen dat je een MotoGP-rijder kon worden?

‘Ik denk in 2006. Ik reed toen eigenlijk voor hetzelfde team als nu, alleen de teamnaam was anders. Ik reed in de GP’s in de 125cc. In de tweede helft van het seizoen ging het erg goed en kwamen we met ons privéteam steeds dichter bij de top-10. Natuurlijk wilde ik daarvoor ook MotoGP-coureur worden, maar toen kwam het besef dat het misschien wel haalbaar zou zijn.’

Je officiële naam is Esteve Rabat, maar later werd dat Tito. Hoe zit dat?

‘Haha, dat klopt, maar zover ik weet was ik altijd al Tito. Ik heb een goed verhaal daarover. Ik heb een broer Jordi en hij is tien jaar ouder dan ik. Na mijn allereerste dag op school liepen we samen terug naar huis. Ik vroeg aan mijn broer: “Wat is jouw naam op school?” Hij zei: “Hoezo, mijn naam is gewoon Jordi. Wat is die van jou dan?” Ik zei: “Ze noemen mij Esteve.” Op dat moment kreeg ik pas te horen dat dit mijn officiële naam was, want thuis en overal noemde iedereen mij Tito. Dus ik dacht: Esteve, wie is dat?’

Rabat wist in 2007 zijn eerste podiumplaats in de 125cc te behalen. Er volgden nog twee podiums in 2010, voordat hij in 2011 de overstap maakte naar de Moto2.

Je staat bekend als een harde werker en iemand die praktisch altijd op het circuit van Almeria te vinden is. Hoe is dat zo ontstaan?

‘Ik genoot van het racen in de 125cc, maar het was ook vrij saai. Het probleem was dat je thuis weinig kon doen om ervoor te zorgen dat je sneller werd. Wanneer ik veel krachttraining ging doen, had dit eerder negatieve dan positieve gevolgen voor op de motor. En er waren niet veel trainingsmogelijkheden met de 125cc. Ik was ook vrij lang, wat het niet makkelijker maakte. Dat werd anders toen ik naar de Moto2 ging. Toen ontdekte ik veel mogelijkheden om beter te worden als coureur.’

Vertel.

‘In mijn 125cc-tijd woonde ik in Barcelona. Toen ik naar de Moto2 ging, kocht ik een CBR600 en een camper. Daarmee trok ik heel Spanje door en ging ik bij alle circuits langs. Het was een prachtige tijd. Doordat ik iedere dag ging trainen, lukte het ook om voor de overwinning te strijden. Uiteindelijk ben ik Almeria uitgekomen en dat werd mijn vaste basis om te trainen.’

Ging dat alsmaar trainen niet vervelen?

‘Racen verveelt voor mij nooit. Het was een soort droom waarin ik leefde, ik dacht alleen maar aan racen. Ook waren er zware momenten, zoals het overlijden van mijn moeder. Mijn herinneringen aan haar motiveren mij ook iedere dag om het beste uit mezelf te halen. Maar we hebben ook geweldige dingen beleefd toen we met de camper langs de circuits gingen. Dat zijn mooie verhalen.’

Je zou daar een boek over moeten schrijven.

‘Haha, ja misschien ooit op een dag. Maar nu wil ik mij volledig focussen op het racen.’

Rabat maakte snel stappen in de Moto2. Bij het team van Sito Pons won hij in 2013 drie races en werd derde in de titelstrijd. Een jaar later ging de Spanjaard naar Marc VDS en pakte de wereldtitel. Die titel droeg hij op aan zijn moeder, die in 2012 was overleden. Het was tevens een bijzonder moment, omdat goede vrienden Alex en Marc Marquez dat jaar ook kampioen werden. In 2015 lukte het Rabat, mede door een polsblessure, niet om zijn titel te prolongeren. In 2016 stapte hij over naar de MotoGP.

Moto2-wereldkampioen!

Hoe heb jij de overstap naar de MotoGP ervaren?

‘Het is fantastisch om te bereiken, maar het is ook een lastig moment. Want je gaat je realiseren dat er veel meer factoren belangrijk zijn om vooraan te komen. Dat is niet alleen hard rijden. Een coureur is een centraal punt en alles om diegene heen moet kloppen om te kunnen presteren. In de MotoGP is dat veel extremer dan in de andere klassen. De stap was dan ook zwaarder dan verwacht. Maar als jij je doel wilt bereiken, moet je constant blijven ontwikkelen en dat is wat ik aan het doen ben.’

Na twee moeilijke jaren op een Marc VDS Honda, maakte Rabat in 2018 de overstap naar Reale Avintia Racing. Op een Ducati scoorde hij al snel een paar top-10-resultaten, met een zevende plaats in Argentinië als beste resultaat.

Er wordt wel eens over jou gezegd dat je misschien niet het grootste talent bent, maar wel de hardste werker in de MotoGP. Ben jij het eens met deze stelling?

‘Ik ben het daar niet mee eens. Ik heb wel eens gedacht dat de mensen die dat zeiden misschien gelijk zouden kunnen hebben, maar na een lange carrière vind ik nu dat het niet zo is. Als je kijkt naar mijn carrière, in welke teams ik heb gereden en welke resultaten ik heb gehaald, dan kan dat niet als je geen talent hebt. Toen ik achttien jaar was, stond ik mijn eerste volledige WK-seizoen al op het podium. Ik heb niet altijd in een situatie gezeten dat ik kan laten zien wat ik kan, maar ik denk dat ik meer talent heb dan de meeste mensen denken. Ik heb in ieder geval nog een kans om mij te laten zien en dat is beter dan geen kans.’

Daarover gesproken. Wat is in jouw ogen op het moment het maximale resultaat dat je kunt bereiken in de MotoGP?

‘In de huidige situatie is een top-10-resultaat voor mij het maximale. Dat zie ik voor mij nu als een overwinning.’

En heb je wel eens gedacht als ik een Ducati fabrieksfiets had, wat kan ik dan?

‘Toen ik in de Moto2 een goede fiets had, kon ik winnen van rijders die nu ook vooraan rijden in de MotoGP.’

Je hebt vorig jaar tot eind 2021 een contract getekend bij Reale Avintia Racing in de MotoGP. Er waren ook geruchten dat je zou overstappen naar het WorldSBK. Waarom koos je toch voor de MotoGP, ondanks dat je weet dat je niet kunt winnen?

‘Mijn droom is om in de MotoGP te rijden en dat zal altijd mijn doel blijven.’

Is het zo simpel, want kunnen winnen moet aantrekkelijk klinken. Neem als voorbeeld Alvaro Bautista.

‘Natuurlijk klinkt dat ook goed, maar MotoGP is MotoGP. Stel dat ik niet meer in de MotoGP kan rijden, dan kunnen we altijd nog kijken naar andere opties. Maar dat is op dit moment niet aan de orde.’

Na een sterke eerste seizoenshelft van 2018 gebeurde er een vreselijk ongeluk op Silverstone, waar Rabat bij betrokken was. De beelden staan bij velen nog steeds op het netvlies. Op een kletsnatte baan komen aan het einde van het rechte stuk diverse rijders ten val. De Spanjaard staat op na zijn crash, maar wordt geschept door een andere motor met een driedubbele beenbreuk tot gevolg. Een lange revalidatie volgt.

Denk je nog veel terug aan de crash in Silverstone?

‘Niet meer. Het was een bijzonder moment, iets wat eigenlijk nooit gebeurt.’

Zo snel het kon, keerde Rabat terug op de motor. Dat was dus eerder dan dat hij kon lopen zonder kruk…

Kun je je het moment nog goed herinneren?

‘Ja, ik herinnerde me nog dat ik boos was toen ik viel, want ik was een dag eerder ook gevallen. Ik zag Alex Rins zwaaien en dat maakte mij wakker. Ik ging staan, maar toen werd ik geraakt door de Marc VDS-motor. De eerste seconden voelde ik geen pijn. Daarna volgde de ergste pijn die ik ooit gevoeld heb. Mijn been zag eruit als een slang.’

Hoe heb je de revalidatie ervaren?

‘Enorm zwaar. Je ligt in het ziekenhuis met veel pijn en kan weinig doen, terwijl de anderen aan het racen zijn. Ik had na drie maanden nog steeds geen kracht in mijn been. En je zou er ook wel gek van kunnen worden als je been na een jaar nog steeds niet goed hersteld is. Sinds Sachsenring 2019 kon ik pas weer honderd procent geven op de baan.’

Heb je tijdens de revalidatie momenten gehad dat je eraan dacht om te stoppen?

‘Nee, dat niet, want ik wilde weer racen. In je carrière heb je mooie, maar ook zware momenten. Ik arriveerde misschien op een gegeven moment wel op een punt dat ik dacht: “Tito je wilt dit graag, maar tegen welke prijs?” Maar we zijn teruggekomen en dat is belangrijkste, want racen is mijn passie. Alleen duurt het lang om weer op het oude niveau te komen.’

Wat je zegt, je bent een gepassioneerde rijder. Ga je net als Rossi ook tot je veertigste door?

‘Zeker, zeker! Ik moet dat zeggen, want ik word nooit moe om te racen. Maar ik wil het wel goed kunnen blijven doen. Ik denk dat ik dat verdien. Als het niet meer mogelijk is om op hoog niveau mee te doen, dan is het tijd om te stoppen.’

Tekst: Asse Klein

Geboren klassieker: Hercules W2000

0
Hercules W2000

Hercules W2000 (1974-1978)

De Stofzuiger

Eind jaren zestig, begin jaren zeventig is de motorwereld in opperste staat van beroering door de invasie van bloedsnelle, voordelige én betrouwbare Japanse viertakten en tweetakten. Het kleine Hercules uit Nürnberg besluit in 1969 – net als Suzuki iets later – tot het ontwerpen van een motor die wordt aangedreven volgens het concept van Felix Wankel. De begaafde technicus, die zijn bedenkelijke affiniteit met de Duitse NSDAP in 1940 bekroond zag met de titel Obersturmbahnführer, presenteerde in 1957 voor NSU een rotatiemotor die in de spreek- en schrijftaal zou uitgroeien tot de wankelmotor.

Het prototype van de Hercules W2000 (DKW in sommige markten) werd gepresenteerd op de Keulse Ifma van 1970, maar het seriemodel zou pas in 1974 ten tonele worden gevoerd. Dat was dus krap na de oliecrisis, waarmee één van de redenen van het echec van Suzuki’s RE-5-wankel, een notoire zuiplap, al is verklaard.

Lees ook: Geboren klassiekers – Honda NS400R

Waar de wankel uit Hamamatsu vloeistofkoeling kende, was de enkelschijfs Hercules-motor met 294 cc kamervolume rijwind- en ventilatorgekoeld. Vandaar de op zijn minst opmerkelijke vormgeving van de krachtbron als die van een futuristische straalmotor. Deze was ontworpen en vervaardigd door het gerenommeerde Fichtel & Sachs, dat er als de kippen bij was geweest om het concept met deze configuratie te patenteren. Immers, een soortgelijke motor werd al toegepast in kleine vliegtuigen en snowmobiles. Veel van de gebruikte onderdelen hadden hun oorsprong op de BMW R27, zoals de cardanaandrijving en vierbak.

Hoe excentriek en origineel ook, de Hercules W2000 zou een weg vol kuilen berijden. De productie van de R27 werd gestaakt, waardoor Hercules zelf aan het ontwikkelen moest slaan. De cardan verviel en de afwerking (van knoppen en elektra) bevond zich op bromfietsniveau. Blokken koolden dicht bij gebruik van verkeerde olie en door loodafzetting, de lagering van de schijf bleek broos en er moest mengsmering worden getankt. In 1976 verscheen een verbeterde versie met oliepomp, maar het leed was allang geschied. Tot overmaat van ramp was de W2000 uitsluitend bij fiets- en bromfietszaken verkrijgbaar. Er zouden 1.784 exemplaren van de Hercules W2000 worden gebouwd. In 1978 viel het doek en Norton kocht de productievoorraad om er later de Commander-wankelfiets mee te produceren. Ook een mislukking.

Collector’s item?

Ja, natuurlijk. Zeker door de huidige opmars van elektrisch rijden ben je met een – bepaald niet milieubewuste – wankelmotor een ideale kettingrokende dwarsligger. Zeer recentelijk stond er een gloednieuwe Hercules W2000 met zeven kilometer op de klok op eBay, waar dertien mille voor werd gevraagd. En een strakke tweedehandse voor tien mille. Voor zulke unieke motoren nog betrekkelijk schappelijk.

Tekst: Joost Overzee
Fotografie: Hercules

Oldtimermarkt Bockhorn naar 2021 vanwege corona

0

De voor velen bekende oldtimermarkt in het Noord-Duitse Bockhorn gaat dit jaar niet door vanwege de coronacrisis, maar voor volgend jaar staat al een datum: van 11 tot en met 13 juni.

Liefhebbers van oldtimers – of ze nu twee of vier wielen hebben – weten Bockhorn natuurlijk al jaren te vinden, maar vanwege de uitbraak van het coronavirus is de oldtimermarkt dit jaar afgelast. De organisatie schuift de 39ste editie van de oldtimermarkt daarom door naar volgend jaar en heeft de nieuwe datum alvast bekendgemaakt: van 11 tot en met 13 juni 2021.

Voor 2021 staan daarbij zes verschillende oldtimer-evenementen in Bockhorn in de agenda. Zo is er de oldtimer- en oldtimeronderdelenmarkt, een meeting voor auto’s, motoren, tractoren en andere zware voertuigen met een bouwjaar tot 1985 én een speciale show voor Amerikaanse voertuigen van vóór 1985 die onder de noemer ‘American way to drive’ valt.

De traditionele Friesland Rally voor auto’s en motoren van voor 1975 wordt volgend jaar ook weer gehouden in en om Bockhorn, waar ook nog een speciaal treffen voor oude tractoren (bouwjaar pre-1985) wordt gehouden.

Zie www.bockhorner-oldtimermarkt.de voor meer informatie.

TVS neemt Norton over voor 18,4 miljoen

0

Het Indiase TVS heeft Norton Motorcycles overgenomen voor een bedrag van omgerekend (en ook maar meteen netjes voor je afgerond) 18,4 miljoen euro.

Het in 1898 opgerichte Norton heeft het al enkele jaren zwaar en werd in januari van dit jaar onder curatele gesteld vanwege betalingsproblemen. Vooral een betalingsachterstand aan de Britse belastingdienst hing als een molensteen om de nek.

Door de deal, die afgelopen weekend rond is gemaakt, komt Norton nu in handen van de TVS Motor Company. Sudarshan Venu, één van de managing directors van TVS, laat weten zeer tevreden te zijn met de aanschaf van ‘het iconische Norton’. “Deze deal sluit aan bij onze intentie om zelf internationaal op te schalen en motorliefhebbers wereldwijd te bedienen”, zegt Venu. “We zullen Norton onze volledige steun geven om het tot haar vroegere glorie terug te brengen.”

Binnen TVS zal Norton haar eigen identiteit behouden, zo bezweert het Indiase conglomeraat, dat goed is voor een miljardenomzet. “We zullen er samen met de medewerkers en fans aan werken om Norton succesvol te maken en de komende jaren verder te laten groeien.”

TVS is momenteel al in zestig landen actief, al vindt het merendeel van haar verkoop nog altijd plaats in India. TVS heeft overigens ook een samenwerkingsverband met BMW.

Kawasaki W800 – Eerste test

0
kawasaki w800

Schoonheid op de pijnbank

Hoe houdt een stralend zondagskind zich wanneer je hem compleet uit zijn comfortzone haalt? We schotelen de nieuwe Kawasaki W800 niet het gebruikelijke zonnige plezierritje voor, maar dompelen hem onder in de hel van het noorden.

Bam! Het derde deel van het drieluik treft me elke keer opnieuw vol en midden in het gezicht. Eerst is er de enorme waterspray, die het zicht op de weg volledig ontneemt, dan volgt het vacuüm waarin de Kawasaki W800 kortstondig naar voren raast. Als laatste is er de massieve muur van wind, die ons beide onderuit probeert te blazen.

Iedereen die wel eens in stormachtige omstandigheden een vrachtwagen inhaalt, kent het fenomeen. Vandaag hebben de W800 en ik het ritme van spray, vacuüm en winderige klap in het gezicht al honderden keren beleefd. De wind loeit uit het zuidwesten en dat is precies de kant die we opgaan. Met het verstand op nul, de blik op oneindig, diep gebogen over het stuur en over brede snelwegen gaat het richting Opaalkust.

Testlocatie
Van Noord-Holland tot Noord-Frankrijk

Omstandigheden
Waardeloos en winderig

Temperatuur
10 graden

Testkilometers
1.500

Bijzonderheden
Bij vertrek had de W800 slechts 68 maagdelijke kilometers op de teller

Waarom rijden we hem?
Geen mooier vermaak dan leedvermaak en stiekem zijn we erg nieuwsgierig hoe de opgedofte W800 het doet als kilometervreter en werkpaard. Gaat hij af als een gieter of slaat hij zich er kranig doorheen?

Magische ervaring

Het contrast tussen het vreselijke weer en de schitterende retro had niet groter kunnen zijn. Niets is zo persoonlijk als smaak, maar zoals de W800 hier staat klopt hij voor mij van onder tot boven. Het fraaie eindresultaat is de optelsom van harmonieuze onderdelen die met elkaar wedijveren in schoonheid en collectief in proportie zijn. Al is dat misschien een te poëtische omschrijving voor een motorfiets die je ook kortweg kunt omschrijven als: lekker ding. Als er in Noord-Frankrijk zowaar een verdwaald straaltje zonlicht op de metallic groene benzinetank valt, is de werking daarvan net zo magisch als het consumeren van dat andere groen uit Frankrijk: absint. Het geschitter is een magische ervaring en een lust voor je ogen.

De W800 ontkracht dat schoonheid met een prijs komt. Dit is zelfs de meest comfortabele variant van alle retro’s van Kawasaki. Natuurlijk deelt het trio (de W800 Street, W800 Cafe en deze W800) dezelfde basis, maar het kleine rechttoe-rechtaanstuur doet wonderen. Het levert een natuurlijker en dynamischer zithouding op, waardoor het makkelijk kilometers afraffelen is.

Enkel tankstops doorbreken de cadans. In Brugge, 284 kilometer na de start van de rit, brandt het benzinelampje al beangstigend lang. Het dwingt me om te tanken bij een onbemande benzinepomp. Zo hard als de motor aan benzine toe is, ben ik toe aan een warme thee en sowieso warmte. Het zit er allemaal niet in bij deze scharrige witte pomp op een onooglijk industriegebiedje. 

Extreem Brits klinkend

Toch kan het de pret niet drukken. Niet van de onverstoorbare W800, die zijn chromen en metallic maatpak langzamerhand ziet verdwijnen onder een dreklaag, en ook niet van mij. Zelfs de Westhoek krijgt ons er niet onder. Kent iemand die gure plek vol klei, regen en wind? Het is het vlakke land van Vlaanderen, maar dan op z’n lelijkst. Het deert ons niet. Zelfs het gepruts met verkleumde handen en natte handschoenen bij een tolpoort – waar ik nota bene 195 en 70 cent moet afrekenen – niet. Het is allemaal geen reden voor chagrijn. De reden bevindt zich tussen mijn benen: de W800.

Want terwijl ik nog aan het emmeren ben met de natte binnenvoering van mijn handschoenen, verheug ik me al op het wegrijden bij het tolpoortje. Het is de combinatie van de donkerbruine – extreem Brits klinkende – uitlaatroffel uit de deegroldempers en het lekker volle blok. Een retro trek je automatisch niet ver door, maar tussen de vier- en vijfduizend toeren trekt deze twin er juist zo lekker aan. Het klinkt en voelt aangenaam krachtig. Eenmaal op kruissnelheid van 120 km/u draait het blok zo’n 4.200 toeren. Het loopt trouwens al mooi rond als je de zuigerslagen nog kunt tellen en dat zet zich door tot boven de 5.000 tpm. Als het blok daarbij al trilt, is het niet storend. Lekker zelfs en stukken hartverwarmender dan de Westhoek. Op de terugweg besluit ik om de gaskraan vol open te gooien. Je neemt de taak om een motor uit zijn comfortzone te halen serieus of niet. Op de A5 gaat de – ondertussen ingelopen – motor vol open. Vanaf 160 km/u kruipt de snelheid omhoog en bij 170 km/u moet ik opgeven door het overige verkeer. De W800? Die geeft niet op, die rekt zijn comfortzone gewoon nog wat op.

Geen tranendal

De regen blijft genadeloos neerplenzen. Omliggende akkers veranderen in moerassen, modderstromen overspoelen het wegdek, rivieren dreigen buiten hun oevers te treden, maar de W800 trekt er zich werkelijk geen zak van aan. Die ploetert onverstoorbaar kilometer na kilometer zuidwaarts. Het dunne en smalle zadel heeft toch voldoende schuim om het ook als bestuurder lang vol te houden. Met de voeten op de voetsteunen van de duopassagier is het makkelijker schrap zetten tegen de stormwind. Ondanks de regen, is het geen tranendal, het blijft leuk

Alleen de laatste twintig kilometer krijgt de Kawasaki een paar bochten voorgeschoteld als de snelweg plaats maakt voor de provinciale weg naar eindbestemming Montreuil-sur-Mer. De W800 is een geruststellende stuurfiets. Het is geen flitsende knalbak, maar eerder een aangenaam loom sturende motor, die gedijt bij vloeiend bochtenwerk. Al is het lastig om in deze hopeloze omstandigheden iets zinnigs te zeggen over stuurkwaliteiten. Uit een ver verleden herinner ik me een gebrek aan grondspeling, maar die komt op deze glibberige ondergrond geen moment in gevaar.

Na 426 kilometer smoort het uitklappen van de jiffystand het uitlaatgebrom. Stijfjes sla ik mijn been over het zadel en de daarop geknoopte waterdichte rol. De W800 op zijn beurt heeft geen centje pijn. Dat bewijst hij als het de volgende dag – met wind in de rug – fluitend weer terug naar huis gaat.

+ Fraai, aangenaam blok, geluid, laat zich niet snel kisten
– Grondspeling (als het wegdek droog is…), soepel geveerd

Conclusie

Van de drie W800-varianten die Kawasaki in het gamma heeft, rijdt de meest klassieke opmerkelijk genoeg het modernst. Het gewone stuurtje op deze W800 doet niet alleen wonderen voor het uiterlijk, maar ook voor de ergonomie. Een snelwegrit van vijfhonderd kilometer levert geen probleem op. De op het oog lastige opdracht voor deze glimmende mooie jongen stelt uiteindelijk niets voor. Van afgaan is geen sprake, wel van simpelweg leveren wat gevraagd wordt. Natuurlijk maken de meeste retro’s enkel korte plezierritjes, maar dat ligt eerder aan de eigenaar dan aan de motor. De actieradius is er, het comfort door ergonomie en soepele vering en het fijn presterende blok is er. Hiermee cross je in schoonheid en heerlijk ontspannen de wereld rond. En eerlijk gezegd vond ik de met modder gecoate W800 nog mooier dan een smetteloos exemplaar. Het is fraai als zo’n ding zichtbaar geleefd heeft. En geleefd hebben we. Tot we opgeleefd waren.

Technische gegevens

Kawasaki W800
Motor

Type   
luchtgekoelde staande twin, DOHC

Cilinderinhoud
773 cc

Boring x slag 
77 x 83 mm

Kleppen/cilinder        
4

Compressieverh.       
8,4:1

Carburatie      
injectie, twee 34mm-gasklephuizen

Koppeling      
natte multiplaat

Transmissie   
vijfbak

Eindoverbrenging      
ketting

Prestaties

Maximaal vermogen 
48 pk (35 kW) @ 6.000 tpm

Maximaal koppel       
62,9 Nm @ 4.800 tpm

Elektronica

Motor 


Rijwielgedeelte          
ABS

Rijwielgedeelte

Frame
dubbel stalen wiegframe

Vering voor    
41mm-telescoopvork

Stelmogelijkheden    

Vering achter 
stereoschokdempers

Stelmogelijkheden    
veervoorspanning

Veerweg v/a  
130/107 mm

Rem voor       
320mm-remschijf met dubbelzuigerklauw

Rem achter    
270 mm-schijf met dubbelzuigerklauw

Banden v/a    
100/90-18, 130/80-18

Maten & Gewichten

Gewicht         
221 kg (rijklaar, lege tank)

Tankinhoud    
15 liter

Prijs & Info

Prijs    
€ 10.899,-

Prijs België    
€ 10.199,-

Importeur       
Kawasaki Nederland

Internet          
www.kawasaki.nl

Wielbasis       
1.465 mm

Balhoofdhoek
27°

Naloop
108 mm

Zithoogte       
790 mm

Tekst: Ad van de Wiel
Fotografie: Jowin Boerboom

De schuur van… Jaap Schaap

1
De schuur van

De schuur van Johan Schaap beslaat de complete bovenverdieping van een garagebedrijf. Dat klinkt als pure luxe, maar met de verzamelwoede van de Noord-Hollander is het pure noodzaak. Baansport is Schaaps grote liefde en een bonte verzameling speedway- en grasbaanmotoren illustreert dat. De historische motorfietsen zijn bewust niet in showroomconditie. Ze hebben geleefd, ze zijn op de sintelbaan tot op de laatste snik uitgemolken en dat mag – nee moet – zichtbaar zijn ook. De scheidslijn tussen schuur, bedevaartsoord en museum is flinterdun bij Schaap.

Binnenkort verschijnt deze complete reportage..

Tekst: Ad van de Wiel
Fotografie: Jacco van de Kuilen

MotorNL TV 2020 – Aflevering 3

0

In deze derde aflevering van MotorNL TV testen we de Harley-Davidson LiveWire, Kawasaki Z900 en gaan we langs bij Rogier voor motorkledingtips.

Bekijk hier MotorNL TV – Aflevering 2

“Corona of niet, de politie blijft controleren op snelheid.”

1
Foto: ANP

Het is door de coronacrisis rustig op de wegen, maar het aantal ‘forse snelheidsovertredingen’ is volgens de politie gestegen. Het gevolg? De politie heeft ondanks de verkeersrust toch meer rijbewijzen moeten innemen.

Doorrijden oogt misschien aanlokkelijk in corona-tijd, maar de politie kijkt daar net ietsje anders naar en controleert volop. Volgens de politie is er zowel op provinciale wegen als snelwegen de laatste tijd namelijk sprake geweest van ‘een stijging van het aantal forse snelheidsovertredingen’.

“Een zorgelijke ontwikkeling”, noemt landelijk projectleider Verkeer Paul Broer het op politie.nl. “Deze bestuurders hebben minimaal 50 kilometer per uur te hard gereden. Bij deze snelheden breng je anderen en jezelf in gevaar”, waarschuwt hij snelheidsovertreders die het zo bont maken dat hun rijbewijs wordt ingenomen.

Hoeveel meer rijbewijzen er zijn ingenomen en vergeleken met welke periode, meldt de politie niet. Net zoals er volgens Broer geen concrete verklaring te noemen valt voor de toename van dit soort forse snelheidsovertredingen. Maar, waarschuwt en benadrukt hij: “Corona of niet, de politie blijft controleren op snelheid.” Het is maar dat je het weet.

Voor wie het door de rust op de weg vanwege de coronacrisis wellicht is vergeten: de maximumsnelheid op snelwegen tussen 06:00 uur ‘s ochtends en 19:00 uur ’s avonds is in heel Nederland per 16 maart omlaag gegaan naar 100 kilometer per uur…

Bestel nu Promotor magazine 3

0
Promotor 3

Een nieuwe Promotor magazine ligt nu in de winkel én is hier online te bestellen. Als je het magazine online besteld wordt het GRATIS bij je thuisbezorgd!

Abonnees van MotorNL kunnen het magazine hier online lezen

Lees hier de inhoud van Promotor 3:

Kawasaki Z H2

Als je niet eens zo lang geleden voorspelde dat er een 200 pk sterke naakte motorfiets met compressor zou komen, dan werd je voor gek verklaard. Nu rijdt Ad van de Wiel er ‘gewoon’ mee in gokwalhalla Las Vegas (pré-corona). Hij wil weten of de Kawasaki Z H2 net zo indrukwekkend is als het op papier klinkt.

Onbekend & Onbemind: Ostfriesland

Er zijn gebieden waar maar weinig mensen komen, laat staan motorrijders. Op de een of andere manier ontsnappen ze steeds aan onze aandacht. En onbekend maakt onbemind. De hoogste tijd daar verandering in te brengen. Aflevering 1: Ostfriesland.

Triumph Speed Twin vs BMW R nineT Option 719

We zetten twee retro’s tegenover elkaar. Aan de ene kant de Britse Triumph Speed Twin, aan de andere kant de Duitse BMW R nineT in Option 719-uitvoering. Jaap van der Sar stelt zichzelf de vraag: welke van deze retro-modellen biedt met inachtneming van betaalbaarheid het meeste kijk- en rijplezier?

Ketting reinigen en smeren

In de serie How to laten we in een aantal afleveringen zien hoe je bepaalde klussen in het motoronderhoud zelf op kunt pakken. Hobbyklusser Nick Enghardt legt in dit deel uit hoe je je ketting reinigt en smeert.

BMW F900XR en R

De aankondiging van de F900R en F900XR sloeg in als een bom. BMW staat plots volop in het middensegment en doet met de XR zijn intrede in een voor hen nog niet ontgonnen segment. Het coronavirus is nog ver weg en Eddie de Vries reist af naar Zuid-Spanje om beide modellen te rijden.

Buddy-zadeltassen

De coronacrisis is voorbij en je wilt een weekendje weg met de motor. Als je geen rugzak over je schouders wilt, geen tanktas tussen je armen en je ook het uiterlijk van je motor niet met een kofferset wilt verpesten, dan kun je ook kiezen voor een zogenaamde ‘buddy’-zadeltas. Wij pikten er vijf uit voor een uitgebreide test.

EN VERDER
  • Invloed coronavirus
  • Mijn Motoroccasion
  • Eerste versnelling
  • Column Boudewijn Geels
  • 2020-reistips van de redactie
  • Column Herman Brusselmans
  • Tanktastocht #2: Twente
  • Mr GPS
  • Marathonmotor: Yamaha XS650SE

Bestel Promotor magazine 3 hier

Emotionele laatste groet aan Rene Legerstee

0

Normaal gesproken reed het WorldSBK afgelopen weekeinde op het TT Circuit van Assen. Maar helaas… Een enorme domper voor veel motorsportliefhebbers maar nog meer voor Rene Legerstee uit Assen. Rene, een bekende (motor)sportfotograaf, had graag tijdens het WK Superbike op Assen afscheid willen nemen van zijn collega’s nadat de 66-jarige na een lang medisch traject uitbehandeld is na uitgezaaide prostaatkanker.

Maar nadat het WorldSBK op Assen niet doorging, leek het er op dat hij zijn laatste wens niet zou kunnen laten doorgaan. Daarom besloten zijn collega’s om zelf op gepaste manier afscheid van hem te komen nemen bij zijn woonhuis in Assen.

Tussen een lange erehaag kwamen enkele racemotoren aangereden en onder luid applaus van collega’s en buurtgenoten kwam een duidelijk geëmotioneerde Legerstee naar buiten gereden in zijn rolstoel, vergezeld door zijn vrouw en twee kinderen. Dion Otten, Jamie van Sikkelerus en Kervin Bos gaven vervolgens met hun racemotoren een burn-out. Na een korte toespraak van collega-fotograaf Miranda Drenth vormden de fotografen, op gepaste afstand, een erehaag voor René Legesteen en lieten hun toestellen als ‘laatste saluut’ langdurig klikken.

Tien jaar lang was Legerstee persfotograaf in Assen waar hij werkzaam was voor het Drenthe Journaal en de Asser Courant. Daarnaast was hij ook actief op het TT Circuit Assen.

“Vanwege mijn ziekte, waar ik nu ruim tien jaar tegen gevochten heb, waren de wedstrijden op het circuit een enorme mooie afleiding en een stimulans om door te gaan. Ik had elke keer een doel waar ik naartoe kon leven. Dit had ik absoluut niet verwacht en het is voor mij echt een enorme verrassing. Super bedankt!”

Tekst en foto’s: Ad van de Graaf