zondag 24 mei 2026
Home Blog Pagina 1087

Training voor BMW GS Trophy

0
BMW GS Trophy Training

De Nederlandse deelnemers aan de BMW GS Trophy 2020 zijn klaar voor vertrek. Althans, dat denken ze. Het laatste oordeel is aan Maros, Marco en Ian. Deze drie beulen de deelnemers nog eens flink af, op zoek naar haarscheurtjes en verbeterpunten in het groepsproces.

De laatste loodjes

Trainen? De mannen van Team NL hebben de afgelopen maanden niet anders gedaan. En sinds Nikki van der Spek zich heeft gekwalificeerd voor het damesteam van de BMW GS Trophy 2020, sluit ook zij aan. Vrijwel al die training speelt zich vanzelfsprekend af op twee wielen. Trial, cross en andere trainingsvormen, die allemaal flink van pas zullen komen in Nieuw-Zeeland. Maar, vandaag is anders. Vandaag staan er drie beulen voor de groep: Maros, Marco en Ian hebben hun sporen verdiend bij de marine en marechaussee, en weten alles van teambuilding. Niet van die gezapige teambuilding, waarin je met je team knutselt, babbelt en borrelt, maar teambuilding op het scherp van de snede.

Onstnapte criminelen

‘Goed teamwork draait om blind vertrouwen in je teamleden en alles voor elkaar over hebben. En dat onder de moeilijkste omstandigheden’, zo wordt het vijftal voorafgaand aan de training verteld. Vijftal ja, want ook ondergetekende is de pineut. Ik zal als journalist tijdens de GS Trophy meereizen met Team NL om verslag te doen en ben daarmee onderdeel van het team. En wanneer ik mezelf in een oude boerenoverall hijs en bovendien een hesje met nummer omgehangen krijg, weet ik dat het menens is. ‘Nummer vier’, dat ben ik nu. Ik weet dat het voor een goed doel is. De Trophy is een uitputtingsslag, waarin vermoeidheid, slaapgebrek, blessures en tegenvallers er alles aan zullen doen om de teammoraal te breken. En dus kunnen we de moraal beter vandaag alvast laten breken, om er sterker uit te komen en bepaalde valkuilen in Nieuw-Zeeland te herkennen.

En wanneer ik om me heen kijk, zie ik in de gespannen koppies dat niemand er echt zin in heeft. Wanneer we tien minuten later met een brancard, een stel houten palen en een stuk touw over de openbare weg marcheren, kijkt elke passant ons aan alsof we een stel ontsnapte criminelen zijn.

Onduidelijkheid

De briefing vooraf aan het team blinkt uit in onduidelijkheid. Alleen de begintijd van 14.00 uur en het verzoek sportkleding mee te nemen zijn concreet. Zelfs een eindtijd ontbreekt. Die onduidelijkheid voelt vreemd, wanneer je met een brancard op je schouders een bos in wordt gedirigeerd. En ergens knaagt dat toch. Eenmaal in het bos duurt het niet lang of het zweet komt flink los. We rennen, we springen, we tijgeren en we wandelen. De overalls worden bruin, de voorhoofden bezweet en de moraal groeit. ‘We zullen die drie eens laten zien dat we niet kapot te krijgen zijn’; dat idee leeft sterk in de groep wanneer we uit het oog van Maros, Marco en Ian het zoveelste rondje door het bos rennen.

En dat blijkt hier in het bos ook daadwerkelijk het geval te zijn; zelfs wanneer we vermoeid, deels geblinddoekt én aan elkaar geketend over een balk moeten balanceren wordt er prima overlegd en samengewerkt. Maakt iemand een foutje? Er valt geen woord verkeerd en we beginnen als team opnieuw. Langzaamaan begin ik er ook plezier in te krijgen. En langzaamaan worden de opdrachten zwaarder en moeilijker uitvoerbaar. Het toppunt? Dat is wanneer Nikki op de brancard gegespt ligt en we de brancard met z’n vieren over een bepaald parcours moeten loodsen. Zonder dat de brancard de grond of obstakels raakt, zonder te mogen praten en bovendien met tal van ingewikkelde regels, die de opdracht bemoeilijken. Wanneer ik op een gegeven moment plat op de grond lig, met Nikki op de brancard bovenop me, besef ik me pas dat we in een soort overlevingsmodus zitten. Ik bedoel; had me vooraf gevraagd om in de modder te gaan liggen en tachtig kilo op me te leggen en ik was zo weer naar huis gereden. Maar nu voelt het anders: we hebben een opdracht en we laten ons niet breken!

Niet te breken?

En breken doen we geen moment. Zelfs niet wanneer we in het donker, met Nikki nog steeds in de brancard op onze schouders, over de openbare weg terugmarcheren naar het beginpunt. Het moreel is opperbest: we hebben het geflikt! Er is geen woord verkeerd gevallen en we zijn als team constant blijven samenwerken, ondanks de uren durende uitputtingsslag en de ietwat vernederend aanvoelende opdrachten.

Wanneer we in de kleedkamer vermoeid, maar voldaan het avondeten nuttigen, analyseren Maros, Marco en Ian de dag. ‘Prima teamwork, goede conditie: complimenten!’ Maar, precies wanneer ik m’n veters los wil trekken om te gaan douchen, springt de verlichting van het naastgelegen voetbalveld aan. Deze verrassing verdraag ik slecht. Zeker wanneer ik op het kunstgrasveld een zwaar parcours zie liggen. Gewichten, tractorbanden en andere zware voorwerpen doen mij de motivatie in m’n schoenen zakken. Het is zaterdagavond, ik wil naar huis, de kroeg in. Gelukkig staat het team er beter in. Peet, Nikki, Xavier en Jaap verbijten de pijn en ik doe hetzelfde.

Telkens opnieuw moeten we een fysiek zwaar parcours afleggen. Ik maak kennis met zogenaamde ‘burpees’ en tal van andere uiterst vermoeiende oefeningen, urenlang. Telkens als we met het team weer het parcours van begin tot eind hebben afgelegd, worden we onderworpen aan een denkopdracht. Hoe beter we daarin zijn, hoe eerder de avond klaar is. Maar de vermoeidheid blijkt zwaar toe te slaan, want zelfs een legpuzzel met maar vier stukjes zorgt voor hoofdbrekens. De een na de ander ligt met verkrampte kuiten op de grond. Doet iemand niet meer mee aan een oefening? Prima, maar dan doet de rest van het team zijn of haar oefeningen erbij. Au!

Wel te breken

Dat de grens op een gegeven moment is bereikt, blijkt uit de verwensingen die Maros, Marco en Ian toegebeten krijgen. Gelukkig uit die frustratie zich naar buiten en niet bínnen het team, waar de samenwerking overeind blijft. Dat wordt in de uiteindelijke analyse, wanneer het team voor de tweede keer denkt klaar te zijn maar het nu ook écht is, ook wel duidelijk. ‘Daar waar iemand even niet meer kon, werd dat door de rest opgevangen. Steeds waren jullie er voor elkaar. De teamprestatie stond steeds voorop. Jullie hebben met de training elkaar en ook elkaars grenzen beter leren kennen. Het team ging steeds meer als een geoliede machine opereren’, zo legt Ian uit. ‘We waren echt onder de indruk van de teamspirit en de fysieke kracht van alle deelnemers.’ Vooral Nikki van der Spek maakte als enige dame een onuitwisbare indruk. ‘Zij heeft echt niet ondergedaan voor de mannen, respect!’

Maar, wanneer ik na tienen onderuit zak in de kleedkamer, gaan al die mooie woorden behoorlijk langs me heen. En ik besef me nu pas: ik ben wel degelijk fysiek gebroken. En als ik om me heen kijk, zijn alle deelnemers dat. Maar dat is niet meer dan logisch. De wetenschap dat het team als een team is blijven werken, is een enorme opsteker voor Nieuw-Zeeland. Zeker wanneer de drie beulen afsluiten met de volgende zin: ‘Het team dat gaat winnen in de GS Trophy 2020, is het team dat het best als team functioneert!’

Beulen

De drie beulen

Kijk ze een lol hebben! En terecht. Maros Boskovic, Marco Verhoeven en Ian Miller hebben een verleden bij de marechaussee en de mariniers, en hebben er duidelijk plezier in om een team te doorgronden, te analyseren en te verbeteren. Dit alles met een motorbril op, want onder de vlag van MotoMasters geven zij een-op-een instructie aan motorrijders die zichzelf willen verbeteren. Dat doen zij met instructeurs die onder anderen jaarlijks training aan de motorrijders van de politie verzorgen. Meer info: MotoMasters.nl.

Meer over de BMW GS Trophy lezen?

Team NL BMW GS Trophy bekend

Honda CB500 Life: Waar de MotoGP ophoudt, gaan wij verder!

0
CB500 Life

Het kwik in de thermometer komt net boven de nul uit als de stille dijkweg in Wilnis wordt opgeluisterd door een onwaarschijnlijk kabaal. Wat volgt is – gelukkig – niet van het kaliber kadebreuk zoals in 2003 hemelsbreed een paar honderd meter verderop gebeurde.

Het aanzwellend geluid schept een verwachting, maar een Honda CB500 twin zal bij een onvoorbereid persoon niet de eerste ingeving zijn geweest. Als vervolgens daadwerkelijk juist dat type tweecilinder lesmotor-pur-sang van de dijkweg het erf oprijdt, blijkt de CB500 in kwestie aan legio verwachtingen voorbij te gaan – zowel qua overschatting als onderschatting. ‘Hij loopt echt voor geen meter, en brrr, wat is het koud!’, klinkt er vanachter het vizier. Vergelijkbare uitspraken klinken nog een aantal keer als de CB500-rijders één voor één aan komen rijden, en dat is niet toevallig.

Wirwar van anekdotes

In de compacte, doch complete werkplaats verzamelde de motorvriendengroep zich al langer, maar sinds een jaar of vier draait het allemaal om één type motorfiets: de Honda CB500. ‘Ik moest iets hebben dat reed, aangezien mijn motor het toen niet deed, en dat werd een CB500’, legt Barry uit. De rest volgde spoedig met hun eigen CB500’s, toen bleek dat er best wat schik uit die motoren was te halen. Behalve dat Barry samen met zijn vader eigenaar van de werkplaats is, stelt hij zich ook voor als de testpiloot. Hij vervolgt: ‘Een keer de berg op en de berg af in Luxemburg en mijn voorrem stond te koken. Dat moest beter.’

Als voormalig lid van de Supermofools – een groep supermotard-liefhebbers die online door middel van niet geheel serieuze filmpjes en foto’s een grote schare fans verzamelden – kan Barry volgens de rest van de groep wel een aardig potje sturen. Jan: ‘Hoe oud was Barry toen-ie supermoto ging rijden?’, waarop Tobias de vraag met een vraag beantwoord: ‘Geen idee, welk jaar was dat toen, toen hij al voor wij in Rockanje waren gecrasht was?’ Een wirwar van anekdotes over het kapotmaken van mens en machines volgt. Heel serieus neemt het vijftal het niet, maar al snel blijkt dat ze eigenlijk best een fijne balans tussen gezond verstand en gekkigheid hebben gevonden. Zeker wanneer Keiji een stukje karton van het plafond haalt. Of ja, een van de anderen pakt het. Keiji kan er met zijn wat meer beperkte lengte niet bij en dat wordt hem ingewreven ook.

De elektronica al rijdend aanpassen met een potmeter; dat hebben ze in de GP’s niet eens!

‘Hier begon het allemaal mee’, legt Keiji uit. Het stukje karton is een vel papier met maten geplakt. Alles eraan oogt als iets waar over nagedacht is. ‘Dit moest de bracket voor de remklauw worden. Alleen het bovenste ophangpunt moest nog anders. Vandaar het pijltje wat erop getekend is… We begonnen er op een avond aan met een paar biertjes, dan is het niet in een keer goed.’ Die beugel kwam er. Zoals Barry de werkplaats en technische handigheid heeft – en zijn lichaam blijkbaar opoffert als testpiloot –, is Nick de man die over het freeswerk gaat. Iedereen heeft zijn specialiteit. CNC-man Nick: ‘Tussen de bedrijven door heb ik de eerste versie gemaakt op mijn werk, waarna er meer volgden.’

Met die paar biertjes en het daaropvolgende idee van een grotere schijf en een betere remklauw was het hek finaal van de dam.

Verlegen maar trots

De rempartij waar de keuze op viel was namelijk niet het minste. Grand Prix-materiaal op een Honda CB500? Aan ambitie geen gebrek bij deze heren. Een gefreesde radiale Brembo 16×16-rempomp gekoppeld aan een radiaal gemonteerde gefreesde Brembo-remklauw, die de spreekwoordelijke tanden in een joekel van een zwevende Braking-schijf zet; enkel serieus materiaal dus. Alleen snap je wel dat de 37mm-telescoopvork van Showa daar bepaald niet op bemeten is. Een hoop geklooi met andere veren en andere olie later, bleek wel dat er meer nodig was om de nieuwbakken remkracht de baas te kunnen. Nick was als metaalbewerker de aangewezen man een vorkbrace te maken. ‘Ik heb er een paar verkocht – eentje aan een wat oudere man uit Italië. Bleek die er het regionale hillclimb-kampioenschap mee gewonnen te hebben!’, vertelt Nick wat verlegen maar trots, terwijl hij de podiumfoto van de beste man opzoekt op zijn telefoon.

Elk van de CB’s zit vol met stickers, die vakkundig bevestigen hoe serieus ze het allemaal nemen.

Bij alleen Nicks vorkbrace bleef het niet. ‘Je zou Edgar van HK Suspension eigenlijk eens moeten vragen om een paar woorden’, lacht Keiji. Waar hij op duidt, is het feit dat ze HK benaderden om een voorvork-cartridge. Voor een CB500… Die zijn er natuurlijk niet. Soelaas werd geboden toen Edgar (Hendrikx, de H in HK Suspension, red.) een voorvork-cartridge aanpaste, en niet zomaar een ook: een Öhlins-cartridge die oorspronkelijk voor een Harley-Davidson was bedoeld. Aan de achterzijde heeft het gros van de jongens inmiddels instelbare Bitubo-schokdempers, alleen Tobias heeft Wilbers-dempers. Alles erop en eraan instelbaar, van gelagerde ophangpunten, hoogteverstelling en high- en lowspeed demping. Barry heeft inmiddels het plan opgevat om de Bitubo-dempers dusdanig aan te passen dat ze hoogteverstelling hebben. Er wordt niet stilgezeten…

Stresstesten

Sturen en remmen doet het vervolgens wel. Maar stilzitten is niet aan deze jongens besteed. ‘We hebben laatst een 428-ketting geprobeerd’, vertelt Keiji. Zo’n smalle ketting – standaard monteert Honda een 525-type ketting – kost minder vermogen op weg naar het achterwiel. ‘We hebben een blind kettingwiel besteld en Nick heeft hem vervolgens pasgemaakt en meer “factory”’, vervolgt hij. Barry valt bij: ‘We hebben ’m ondertussen al onderworpen aan een stresstest om te kijken of er haarscheurtjes vormen.’ Geen halve maatregelen dus. Stresstesten doet met name Barry overigens zelf ook, blijkt alweer uit de volgende, grinnikend vertelde anekdote. ‘We waren een keer met z’n allen naar Luxemburg. Ben je net op weg om vervolgens over de Cardo te horen dat een motor in de toerenbegrenzer getrokken wordt… Barry dus!’, grijnst Keiji – bijna net zo hard als Barry zelf. ‘Gevolgd door de opmerking “zo, die is warm!”.’

Dat bepaald niet rustige opwarmen van het blok heeft gevolgen, zoals een MotoGP-waardige rempartij monteren dat ook heeft. ‘Ik ben nu bezig met een big bore-blok. Is helemaal uit elkaar geweest en alle inwendige delen zijn gesuperfinished. Het bedrijf van de vader van Tobias doet dat’, vertelt Barry, voor het eerst zowaar serieus. Tobias neemt het over: ‘Superfinishen is als een soort polijsten, het wordt echt superglad. Je moet het echt met rubber handschoenen uit de bak pakken, anders glijdt het zo uit je handen, zo glad!’ De grijns op Barry’s gezicht is terug: ‘En met het standaardblok is toch mooi 3 pk topvermogen gewonnen!’

Het nieuwe big bore-blok met 540 cc aan cilinderinhoud en een compleet aangepakte cilinderkop ligt al klaar op de bank. Het veel lichtere vliegwiel komt van een Fireblade, net als de carburateurs, die door Barry en zijn vader losgepeuterd zijn uit het standaard rijtje van vier gasfabriekjes. Hun eigen draai aan het rijwielgedeelte geven is duidelijk niet de enige prioriteit. Des te duidelijker wordt dit als de heren beginnen over de quickshifter, pitlimiter en zelfs launch-control. Even ter herinnering: op de ultieme lesmotorfiets, hé!

Na de Bitubo’s heeft het eerste paar echt volledig instelbare Wilbers-dempers de entree gemaakt.

Met open mond

‘We kunnen de elektronica met een potmeter zelfs onder het rijden aanpassen. Dat kunnen ze in de MotoGP niet eens. Waar de MotoGP ophoudt, gaan wij verder!’, lacht Keiji plots heel trots. ‘Ignitech uit Tsjechië maakt de CDI waar je vervolgens de quickshifter op aansluit.’

Barry laat me vervolgens zien dat hij, met de PC aangesloten, de toerenteller rond kan sturen en het shiftlight kan testen. Het systeem laat de heren zelfs de onderbrekingsduur van de quickshifter aanpassen. Je mond valt open van wat een groepje vrienden op vrije avonden, onder het genot van een pilsje of een glaasje wodka, verzint. ‘Sinds kort heb ik ook een duimrem. Dat werkt goed; ik kan het achterwiel zo blokkeren met mijn duim’, vertelt Barry, terwijl hij het stukje GP-techniek demonstreert. Hij onderbreekt zichzelf: ‘Keiji, heb jij die achterremschijf nou eigenlijk al besteld?’ Een brede grijns verschijnt op zijn gezicht als Keiji zijn testpiloot een middelvinger geeft. Nemen die jongens nou niks serieus?

Het eendje heeft een helmpje, en dat helmpje is ook een eendje. Hoe zo schijtlollig?

Als je de foto’s goed bekijkt, zie je dat de techniek serieus wordt aangepakt, maar dat het ook het enige echt serieuze is. ‘Het badeendje op mijn koplamp heeft een helmpje, en dat helmpje is ook weer een eendje’, grinnikt Keiji. ‘Barry had er ook een, maar die is er toen op Mettet afgevallen.’ Barry reageert: ‘Maar goed dat hij een helmpje op had!’ De afvallige badeendjes met helm daargelaten, is elk van de CB’s van de groep afgeladen met details die in de pas lopen met hun eigen schijtlollige sfeertje. Van een sticker die naar het schijnt 5 pk extra oplevert tot een tankpad met Öhshit in de stijl van het Öhlins-logo erop. Net als je denkt dat je alles wel gezien hebt, valt bijvoorbeeld de kentekenplaat met diepe krassen erin op. Niks vervangen. Dat is een verhaal: ‘Dat waren de staalkabels… Barry ging iets te lang door met een burn-out!’

‘Factory’-stijl

Vandaag doopten we onszelf onder in de chaos van Jan, Tobias, Keiji, Nick en Barry. Zoals het allemaal met Barry begon die een goedkope en werkende motor zocht, kwamen er steeds meer CB’s bij – die gaandeweg in meer of mindere mate werden aangepast. Hoe veel ‘factory’-stijl aanpassingen ze ook doen, hoe veel er ook aangepast wordt, de Honda CB500’s blijven toch wel straatmotoren. Behalve een dagje de hort op of een paar dagen naar Luxemburg, lijkt de groep de zinnen meer en meer op het circuit te richten om de lol er vakkundig uit te persen. Voordeel is dan dat de CB’s, hoe je het ook wendt of keert, toch niet snel mooi zullen worden. Crashen is dan ook geen ramp. Sterker nog: dat is gewoon wéér een goed verhaal. Zoals Tobias half België rondreed op zoek naar een motorzaak voor een cross-stuur, nadat hij op Mettet gevallen was en het stuur van zijn CB verbogen was. Uiteindelijk kon Tobias de baan weer in, maar niet met een cross-stuur… ‘Er moest wel wat tape omheen; die gordijnrail was echt geen 22 millimeter!’, lacht Jan.

Prijswinnende vorkbrace naar eigen ontwerp, dames en heren.

Je kunt van hun Honda CB500’s vinden wat je wilt; ze geven er toch niks om. Zij hebben schik. Schik met het rijden en schik met reacties van verbaasde voorbijgangers. Feitelijk belichamen de jongens de kern van wat motorrijden leuk maakt. Dat doen ze door lol te hebben, met de motoren en met – en om – elkaar. Maar ze doen het vooral door het allemaal niet al te serieus te nemen.

Wil je de video van deze reportage zien? Kijk dan hier.

Tekst: Nick Enghardt | Fotografie: Jacco van de Kuilen

Stichting Wegrace Oss blijft vechten voor mooie toekomst

0
Affiche Pinksterraces Oss 2020
Het affiche van de Pinksterraces Oss in 2020.

In Tubbergen, Raalte, Tolbert, Ammerzoden, Eemshaven en in nog heel veel andere plaatsen werd er vroeger geracet op stratencircuits. Hoe anders is dat tegenwoordig, met enkel nog de Varsselring in Hengelo op de kalender. Hoho, en de wegrace in Oss zo blijkt uit een Facebook-post van Classic Road Racing Oss!

Al moeten we eerst even door de zure appel bijten. Stichting Wegrace Oss, organisator van de jaarlijkse terugkerende Pinksterraces, heeft namelijk vastgesteld dat het organiseren van wegraces op het hoogste niveau op Circuit Paalgraven in de toekomst definitief niet meer mogelijk is. Geen verrassing, maar als je het zo zwart op wit ziet staan, blijft het confronterend.

Bebouwing

Volgens Stichting Wegrace Oss zijn er twee bepalende factoren geweest voor deze keuze. Ten eerste is er te weinig aanbod van rijders die in Oss willen rijden. Ten tweede is er door de vele bebouwing op het industrieterrein Paalgraven niet meer voldoende ruimte om een evenement van grote omvang te organiseren.

Om het evenement toch in leven te houden, is er al in 2018 een nieuwe werkgroep gevormd. Genaamd Classic Roadracing Oss, die onder auspiciën van de SAM (Stichting Aanvullende Motorsport) in 2018 en 2019 demoraces gehouden heeft op een afgeslankt Paalgraven Circuit.

Ondernemersvereniging

Om sterker te staan richting de gemeente en de Ondernemersvereniging Paalgraven is nu besloten Classic Roadracing Oss onder te brengen in de Stichting Wegrace Oss. Hiermee lijkt Oss voorlopig dus niet verloren te gaan voor de Nederlandse wegrace en dat is mooi. Want deze Brabantse stad heeft zo’n rijk raceverleden met onder andere de beroemde en beruchte 24 uur van Oss. Dat mag eigenlijk niet verloren gaan…

Binnenkort hopelijk meer!

Honda CB500-motoren tunen als hobby

2

‘Waar de MotoGP ophoudt, gaan wij verder.’

In de compacte, doch complete werkplaats verzamelde de motorvriendengroep zich al langer, maar sinds een jaar of vier draait het allemaal om één type motorfiets: Honda CB500. ‘Ik moest iets hebben dat reed, aangezien mijn motor het toen niet deed, en dat werd een CB500’, legt Barry uit. De rest volgde spoedig met hun eigen CB500’s, toen bleek dat er best wat schik uit die motoren was te halen. Behalve dat Barry samen met zijn vader eigenaar van de werkplaats is, stelt hij zich ook voor als de testpiloot. Hij vervolgt: ‘Een keer de berg op en de berg af in Luxemburg en mijn voorrem stond te koken. Dat moest beter.’

Lees de hele reportage in MOTO73 2 2020

Triumph keert terug op MOTORbeurs Utrecht

2
Triumph Motorbeurs Utrecht
Na afwezigheid van een aantal jaren heeft Triumph Motorcycles Benelux besloten om terug te keren naar de Motorbeurs van 20 t/m 23 februari in Utrecht. Ondank de zeer succesvolle TRIUMPH PREVIEW EVENTS, waarbij Triumph haar nieuwste modellen in een vroegtijdig stadium toont aan dealers, hun VIP’s en consumenten, bleef de vraag uit de markt voor aanwezigheid op de Motorbeurs toch bestaan. TRIUMPH zal aanwezig zijn in (importeurs) hal 7 met een selectie van de nieuwste 2020 modellen als: Rocket 3 R, Rocket 3 GT, Tiger 900 Rally Pro, Tiger 900 GT Pro en de compleet nieuwe Street Triple-serie (RS/R & S). Tevens zullen onze dealers (Blom Motoren Leusden, ROKE Motors Mijdrecht, Motorcentrum Bruurs en Motorcentrum Eibergen) vertegenwoordigd zijn met een selectie aan nieuwe en jong gebruikte Triumph’s.

Cees de Rooij, general manager Triumph Motorcycles Benelux, is verheugd om weer terug te keren. “Het feit dat de markt vraagt om je aanwezigheid is een goed teken. Niet alleen onze dealers, maar ook veel consumenten wilden dat Triumph niet ontbrak tijdens de “opening” van het motorseizoen. Een moment waar veel motorrijders naar uitkijken. Aangezien steeds meer merken terugkeren dit jaar is het belangrijk voor de bezoekers een compleet beeld krijgen van het aanbod voor komend seizoen. Triumph mag daarbij zeker niet ontbreken. Een nieuwe opzet in samenwerking met onze dealers en de combinatie van nieuw en jong gebruikt moet de bezoekers verassen en keuze geven.We kijken er naar uit om zowel onze bestaande klanten als nieuwe prospects te ontvangen op onze stand”.

Vijf februari wordt een belangrijke dag voor verkeersveiligheid

0
KNMV verkeersveiligheid
ANP PHOTO OLAF KRAAK

Waarom dit een belangrijke dag wordt voor verkeersveiligheid? Omdat er een groot debat plaats gaat vinden in de Tweede Kamer over verkeersveiligheid, zo meldt de KNMV. Dit debat had eigenlijk al eind vorig jaar moeten zijn maar dat ging toen ineens niet door meldt de motorrijdersvereniging. Als het goed is, volgende week woensdag dus wel (al geven wij geen garantie…).

Dit is volgens de KNMV – en ook volgens ons – dé kans voor politici om op te komen voor motorrijders. In de zomer worden namelijk aanvullende voorstellen bekendgemaakt om de verkeersveiligheid op N-wegen te verbeteren.

Dé kans dus om bijvoorbeeld bermen en vangrails veiliger te maken, om zo maar twee beruchte gevaren te benoemen. Het debat gaat ons dus een geweldige inkijk geven in wie er echt voor ons opkomt terwijl er geen verkiezingen op het programma staan.

Wij zijn een beetje bang dat het een confronterende dag gaat worden. Jullie?

24 februari: introductie Zero SR/S, een gestroomlijnde sportmotor

0

Op dit moment is alleen de introductie – MotorNL is erbij – bekend en hebben we een rokerig gifje van de nieuwe Zero. Toch is het niet zo moeilijk om in te schatten waar wij volgende maand op gaan rijden.

Op 24 februari rijdt MotorNL op de nieuwe Zero SR/S

Met een slag om de arm – je weet immers nooit zeker – is de SR/S gebaseerd op de onlangs uitgebrachte naked SR/F. Het zou zelf goed kunnen dat de SR/S een volwaardige versie van de SR/F is. Als dat zo is, mag je rekenen op soortgelijke prestaties.

De Zero SR/S met de ZF75-10 aandrijving inclusief standaard accupakket van 12,6 kWh zou een actieradius hebben van zo’n 130 km bij 113 km/u, 110 pk @ 5.000 tpm en 190 Nm over het hele toerenbereik. Ga je voor het ZF14.4 accupakket is een actieradius mogelijk tot 320 km. De acceleratiecijfers liegen er niet om: van 0 naar 100 km/u in 3,5 seconden. Prijs: reken op ver boven de 20k.

Klik hier voor info over alle Zero modellen.

Vooruitblik: 2020 Harley-Davidson Heritage Classic en modellijn

0
2020 Harley-Davidson Heritage Classic 107

Het is een drukte van jewelste met de introducties de komende dagen. Freelance testredacteur Tom van Appeldoorn reist voor ons af naar Zuid-Spanje. Daar rijdt hij met de 2020-modellijn van Harley-Davidson waaronder de licht geüpdatete Heritage Classic. Een vooruitblik.

De Heritage Classic staat bekend als een van de meer ‘oldschool’ modellen die Harley-Davidson bouwt. Dubbele verstralers aan weerszijden van de koplamp, een hoog windscherm, spaakwielen maar bovenal: veel chroom. De Heritage Classic doet zo wat denken aan de de Harley’s van jaren geleden. Eind 2017 reden we voor het laatst met de Heritage Classic. Toen kreeg het model een grote update. Hoewel de looks authentiek bleven, werd onderhuids de techniek naar de moderne tijd gebracht. Nieuw frame, lichter door het gebruik van aluminium in plaats van staal en natuurlijk het destijds gloednieuwe Milwaukee Eight-motorblok.

Voor 2020 krijgt de Heritage Classic weer een update, al is het dit keer veel minder indringend. Werd in 2017 juist gekozen om met de tijd mee te gaan en gebruik te maken van veel zwarte lak bijvoorbeeld op de airbox, de wielen en de voorvork, zien we nu dat Harley-Davidson van gedachte veranderd lijkt. De wielen, voorpoten en airbox glimmen weer. Net als de cilinderkoppen, het instrumentenpaneel op de tank en veel andere onderdelen.

Overigens is die chromen look enkel weggelegd voor de variant met het ‘kleinere’ 107 kubieke inch motorblok. Het model met de grotere 114 kubieke inch aan cilinderinhoud heeft nog wel het zogenaamde ‘blacked out’ uiterlijk. Voor de rest is zowel de 107 als de 114 technisch identiek aan het model hoe deze nu gebouwd wordt.

Naast de Heritage Classic zullen er nog een groot aantal andere modellen voor ons klaarstaan. Altijd een mooie gelegenheid om te ontdekken wat Harley-Davidson de afgelopen jaren allemaal heeft voortgebracht. Ideaal moment om te vergelijken en de gekozen koers in beeld te krijgen.

Vragen over de Heritage Classic of de andere aanwezige modellen van Harley-Davidson zoals de Sport Glide, Fat Bob, Street Bob of de nieuwe – en inmiddels door ons geteste – Low Rider S? Stel ze hieronder in de reacties en we proberen volgende week een antwoord voor je te hebben!

Custom Sportsters

‘Races. Snelheidsrecords. Epische roadtrips. De motor die alles kan, doet dat nu nog beter.’ Dat is hoe de Sportster modellen op de website van Harley-Davidson worden aangeprezen. De standaardmodellen, om precies te zijn. In Spanje staan er aankomend weekend echter een aantal custom Sporters voor ons klaar. Zo krijgen we eindelijk eens de kans om een indruk te krijgen van het enorme accessoirepakket dat de Amerikanen door de jaren hebben weten op te bouwen voor deze motoren. Dé beste manier om te customizen? Die hopen we volgende week aan je uit te kunnen leggen.

In ieder geval rijden we met een Roadster, Iron en Forty-Eight tijdens een heuse avondrit. Wat daaraan allemaal verbouwd is blijft nog even in het ongewisse maar onze vingers zijn gekruist om in ieder geval eens te horen hoe die fameuze Screamin’ Eagle uitlaatdempers klinken. Zeker in groepsverband!

Vragen over de custom Sportsters of accessoirelijn van Harley-Davidson? Die zijn ook welkom in de reacties. Volgende week heb je hopelijk een antwoord.

King of the hill

Naar een goede Harley-Davidson traditie zal er ook gesport worden. Niet met een Sportster maar met aangepaste Street Rods. Die machine werd de afgelopen jaren al gebruikt om de flattrack geschiedenis van Harley-Davidson te onderstrepen tijdens dit soort evenementen, maar voor dit jaar is er iets nieuws bedacht. Harley heeft namelijk niet alleen een geschiedenis op de kleibaan. Nee. In het verleden werd er ook wellustig gebruik gemaakt van Harley’s bij zogenaamde hillclimbs. Dat stukje historie zullen we ook gaan beleven.

Of de machines een verlengde achterbrug of vette noppenbanden hebben gekregen weten we niet. Maar als we koning van de heuvel willen zijn moeten we ons beste beentje voor zetten. Zij die klimmen gaan, groeten U! Hopelijk kunnen we je deze tijd volgende week gerust stellen dat alles goed is gegaan..

Byrd McKinney Hillclimb Harley-Davidson

Foto’s: Harley-Davidson

Video: Scrambler Ducati 1100 Pro & Sport Pro

0

Als een duvel uit een doosje duiken opeens twee nieuwe Ducati Scrambler 1100 op, de 1100 PRO en de 1100 Sport PRO.

De twee nieuwe versies van de Ducati Scrambler 1100 PRO vallen op door vernieuwde graphics, nieuwe uitlaat- en zadelbekleding, een korter achterspatbord en een lage nummerplaathouder.

Ducati Scrambler 1100 Sport PRO heeft een sportiever karakter dankzij het nieuwe, smallere en kortere stuur met spiegels in Café Racer stijl en Öhlins vering.