maandag 13 april 2026
Home Blog Pagina 1093

Indian Riders Fest 2020: Alle Indianen naar Tsjechië

0
Indian Fest 2020

Indian-fans opgelet: blokkeer twaalf tot en met veertien juni 2020 in de agenda. Die dagen vinden het Indian Riders Fest 2020 en de jaarlijkse vergadering van de Indian Motorcycle Riders Group (IMRG) plaats in Tsjechië.

Never change a winning team
Het is de tweede keer op rij dat Tsjechië het Riders Fest organiseert, maar dit keer is feestje dus gecombineerd met de jaarvergadering van het Amerikaanse motormerk. Afgelopen jaar kwamen er al honderden Indian-rijders op het evenement af. Onder het motto ‘Never change a winning team’ is Budweis opnieuw de place to be voor Indian rijders.

Kaartjes kopen
Komen alle leden van de IMRG (inschrijven hier) opdagen, dan mag Budweis zich wel schrap zetten. Het clubje heeft tegenwoordig bijna tienduizend leden. Wil je meer weten over het Indian Riders Fest 2020, of direct kaartjes kopen, klik dan hier.

Meer Indian lezen? Test van de Indian FTR 2019

Winter? Niet rijden? Paul geeft niets om winterstalling

0
Motorrijden in de winter

De motor in de schuur zetten en in het voorjaar weer tevoorschijn halen, ofwel winterstalling, dat is niks voor Paul Buijvoets. In de winters van 1984 en 1985 reed hij samen met zijn zwager op een Moto Guzzi California T3 naar het legendarische Elephanten Treffen, dat die jaren in Oostenrijk plaatsvond. Brrr.

Tekst Jaap van der Sar, foto’s Andrew Walkinshaw

‘Tja, waarom wil iemand in de sneeuw motor rijden? Meemaken, denk ik. Gewoon een keer doen. Dus daarom ben ik met mijn zwager Ton Vugts op donderdag 23 februari 1984 ’s avonds laat op de motor gestapt voor een reisje naar het Elephanten Treffen, een grote bijeenkomst van motorrijders uit heel Europa. Soms wel zo’n 20.000 bij elkaar. Het treffen werd dat jaar op de Salzburgring bij Salzburg gehouden, wat dus een stukje rijden inhield. Kilometertje of 900. In de kou.

De reden dat we er niet teveel over nadachten waarom we nu per se in de winter zo’n reis wilden maken, was eigenlijk heel simpel. De verhalen over het treffen waren legendarisch: alles kan en mag. Dat wilden wij ook meemaken. Bovendien: als tienduizenden motorrijders er naar toe kunnen rijden, dan kunnen wij dat toch ook? We waren echter totaal onvoorbereid. We zijn als het ware gewoon opgestapt, ingepakt in onze normale motorkleding, klein tentje mee en wat schone kleren. Ton reed een tijdje, daarna ik weer en zo kon de ander weer een beetje op temperatuur komen. Het was heel koud weer en bij elke stop moest er dus een kop koffie naar binnen. Na de stop in Nürnberg begon het ook nog eens te sneeuwen. Zag ik ineens van die vlokken sneeuw in mijn lichtbundel. Dan wordt het dus weer een ander verhaal. Na een tijdje weer gestopt, onder de sneeuwsmurrie. Daarna hebben we een groot deel van de weg achter drie sneeuwschuivers gereden. Die ga je met zulk weer niet even voorbij. Maar je denkt dat ze de weg helemaal schoon schuiven, maar dat is dus niet zo. Tussen de sneeuwschuivers zit een beetje ruimte en dat levert van die sneeuwrichels op: sneeuwsmurrie waarvoor je moet oppassen. En dit allemaal in het donker, het was geen feest. We hebben de hele nacht doorgereden, omdat het allemaal veel langzamer ging dan we van tevoren hadden berekend.

Op een gegeven ogenblik begon de Guzzi een beetje te stotteren. Gelukkig wisten we dat de ADAC op het dak van het Olympisch Stadion in München spreekuur hield voor Elephantengangers. Wat nu dus absoluut niet verkeerd uitkwam. Bleek dat de bekabeling nat was geworden en de motor nog maar op één cilinder liep. Gelukkig konden de wegenwachters er iets aan doen en na een heerlijk warme kop soep en een stuk brood zijn we weer opgestapt. Het was toen al vrijdag dik op de middag en we moesten van München nog naar Salzburg, zeker nog zo’n twee uur rijden.

Komen we aan bij de Salzburgring, ligt er een hoop sneeuw en moeten we de besneeuwde toegangsweg naar beneden rijden. Even slikken, maar we glibberden gelukkig niet al te hard. We hebben ons meteen ingeschreven en mochten daarna ons tentje opzetten, ergens tussen de duizenden tenten die er al stonden. Het evenement was immers al op donderdag begonnen, dus we waren wat aan de late kant. Ik had ook niet verwacht dat we er zo lang over zouden doen. Maar goed, we waren er. Even wat half warm eten, het cafe in om warm te worden en daarna slapen. Dat wilde wel lukken, maar ik ben wel heel ziek geweest. Ik denk vermoeidheid en weinig eten, want wat een tocht was het geweest.

De volgende dag hebben we alles over ons heen laten komen. Lekker warme worsten eten, bijkomen van de rit. Wat een evenement, zoveel motorrijders bij elkaar en midden in de winter. Dat is indrukwekkend. Vooral ’s avonds toen alle zijspannen in een fakkeloptocht reden. Dat geeft een bijzonder gevoel.

Zondag weer naar huis, maar eerst die besneeuwde toegangsweg naar boven zien te halen. Dat was een hele klus, maar van de duizenden toeschouwers waren er genoeg bereid om een extra duwtje te geven. Op naar Fulda, daar hadden we een pension geregeld. Komen we in Fulda op een spekglad stuk weg terug en zoef, daar gingen we onderuit. Gelukkig maar wat lichte schade dankzij de valbeugels en na wat aanwijzingen hadden we het pension ook zo gevonden. Heerlijk warm slapen, bijkomen voor de terugrit de dag er na. Was maar goed ook, want die maandagochtend mistte het enorm. Er was nog geen dertig meter zicht. We hadden ondertussen alles al meegemaakt wat je als motorrijder liever niet meemaakt, dus gewoon doorrijden. Later trok de mist weg en hebben we een mooie rit naar huis gereden.

Je zou zeggen, rijden in de winter, eens maar nooit weer. Tja. Je kunt ook zeggen: we hebben een boel geleerd, dus nu gaan we het goed doen. Dat we nog een keer terug zouden gaan, stond eigenlijk ook wel vast. Tijdens het treffen waren we zo onder de indruk van de sfeer, dat we nog een keer wilden gaan. Maar dan wel voor het hele evenement en niet zoals in 1984 halverwege binnenvallen.

Om de kou en het slechte weer deze keer iets minder kans te geven, hebben we wat dingetjes veranderd aan de motor. Zoals rubberen kappen aan de voorzijde van de treeplank om de wind weg te houden bij de tenen. Die werden namelijk wel heel erg koud het jaar er voor. En de knieën werden extra goed ingepakt met folie om ze minder kwetsbaar te maken. Maar het belangrijkste was toch wel de toevoeging van een karretje. Zodat we iets meer konden meenemen: eten, drinken, tent en een brandertje om eten klaar te maken. In de winterse omstandigheden is dat helemaal prima. En we gingen toch niet hard met z’n tweetjes op de motor, dus dat karretje kon best wel. Het viel zelfs op hoe weinig last je er van hebt. Het was gewoon motorrijden zoals je gewend bent.

Om er op tijd te zijn, zijn we in 1985 woensdagnacht vertrokken. Het was wel droog, maar in Zuid-Duitsland was het min twintig! Echt koud. We zijn toen elk uur gestopt voor een kop koffie om wat op te warmen. Tot aan München. Daar hebben we een wat langere stop gemaakt. Lekker koffie en broodjes eten in zo’n fijne Konditorei. We zitten achter de ruit en kijken naar een bestelwagen die achteruit rijdt om ergens uit te laden. We zien hem op onze motor afrijden en krijgen ineens het idee dat hij onze Guzzi helemaal niet ziet. Dat zal ie toch niet doen? Jawel dus. Plof, daar gaat ie. En weer moeten we de Guzzi oprapen en weer zonder noemenswaardige schade. Gelukkig. Daarna meteen maar doorgereden.

Deze keer waren we helemaal op tijd in Salzburg en konden we een fijn kampeerplekje uitzoeken. Vooral fijn omdat het dit jaar allemaal zonder sneeuwellende was verlopen. Lekker kopje koffie zetten voor de eigen tent en even bijkomen van de reis. Daarna rondlopen op het terrein. Wat een ervaring, ook voor de tweede keer. Iedereen komt eigenlijk voor het feest, de sfeer is heel ontspannen. En zo sta je opeens glühwein te drinken met mensen die je helemaal niet kent, maar waarmee je meteen een klik hebt. Trekt een van die gaste de deksel van de glühweinpot af die boven het vuur hangt, met als gevolg een enorme steekvlam in de pan. Maar ja, dat was goed voor de smaak.

De volgende ochtend zag het er allemaal weer wat bekender uit: er was een flink pak sneeuw gevallen en onze tent en motor lagen helemaal onder. Maar dat deert je dan niet meer. Bovendien isoleert sneeuw goed en was het eigenlijk best wel lekker warm in de tent. Niet dat we daar al te lang zijn gebleven, want we wilden weer zien wat er allemaal gebeurt: zien en gezien worden. Met de motor scheuren over besneeuwde wegen, kampvuren, allemaal gezelligheid. Je kijkt inderdaad je ogen uit.

Zondagochtend moesten we er toch een eind aan breien en hebben we alles ingepakt voor de terugreis. Die wilden we deze keer ook in één ruk doen, want we kenden de weg ondertussen wel heel erg goed. Nagenietend van het treffen, kwamen we ’s avonds weer thuis aan. Een heleboel ervaringen rijker. Die overigens later nogal eens van pas kwamen, zoals die keren dat ik op bergpassen werd verrast door sneeuw.’

Meer verhalen? Motorrijden is een ziekte!

Motorroute Seelower Höhen: Het vergeten Duitsland

0
Motorroute Seelower Höhen

Achter de lijn Berlijn-Dresden lijkt Duitsland op te houden. Het grensgebied met Polen staat niet bekend als toeristische trekpleister, terwijl we toch graag bij de oosterburen op bezoek gaan. Het bijzondere is dat zelfs in eigen land dit laatste stukje Oost-Duitsland ‘vergeten’ is. Vandaar de motorroute Seelower Höhen, we zoeken er de sporen van de veldslag die voor de nazi’s één van de laatste stuiptrekkingen zou worden: de strijd op de Seelower Höhen.

Paul Cnossen, Jacco van de Kuilen

Dit najaar dertig jaar geleden kraakte het communisme in zijn voegen om vervolgens om te vallen als een kaartenhuis. Wie herinnert zich niet de beelden van de mensenmassa die de Muur te lijf gaat met zware hamers en van de reutelende Trabantjes die de weg naar het vrije Westen op gingen? De destijds intens verdeelde stad Berlijn is nu uitgegroeid tot een hippe metropool met een rauw randje en bovendien tot het bestuurlijke epicentrum van het verenigde Duitsland. En even buiten die metropool ligt onze motorroute Seelower Höhen.

De strook die Berlijn scheidt van de Poolse grens is slechts honderd kilometer breed. Je zou verwachten dat het er bruist van het leven, meeliftend op de wederopbouw van de Duitse hoofdstad. Niets is minder waar. Het gebied dat meekronkelt met de Oder is in een serene rust gedompeld. Niet in de zin van ‘saai’, maar van ‘even op adem komen’. Lieflijkheid, groene verten en een zeer vriendelijke bevolking geven je een ervaring die je niet zo gauw in Duitsland verwacht.

Motorroute Seelower Höhen: DOWNLOAD GPX, GDB OF TRACK

Een stukje geschiedenis van de Seelower Höhen? Kijk hier op Wikipedia.

Suzuki GSX-R750 – Top Staat #6

0

In de rubriek Top Staat zetten we iedere aflevering een motoroccasion in het zonnetje. In deze aflevering gaan we op zoek naar een Suzuki GSX-R750 uit 2012. Bij Motorcity Amsterdam vinden we de Suzuki GSX-R750 in Top Staat!

Bekijk hier de Kawasaki Versys 1000 in Top Staat #5

Fabio Di Giannantonio lovend over ‘onze’ Collin Veijer

0
Collin Veijer
Wat een mooi beeld, met Collin Veijer links en coureur Fabio Di Giannantonio (rechts)

In de nieuwe MOTO73 (nummer 23) staat een bijzonder interview met Collin Veijer, de nieuwste Red Bull Rookie-held van Nederland. Hoewel pas 14 jaar oud, weet hij al heel goed wat hij wil. Heel erg goed, zou je zelfs zonder enig overdrijven kunnen zeggen.

Een prachtig gedeelte van het interview gaat over zijn speciale band met WK Moto2-coureur Fabio Di Giannantonio, die net als Veijer rijdt voor het Italiaanse Speed Up-team. Met name het gedeelte over wat Collin geleerd heeft van Di Giannantonio laat zien op wat voor hoog niveau de jonge Staphorster nu al zit.

Hoewel Collin Veijer tijdens het interview op zo’n beetje elke vraag een raak antwoord had, stond na het interview één vraag nog op, namelijk wat Fabio Di Giannantonio geleerd heeft van Collin. Dat was klaarblijkelijk nooit ter sprake gekomen en dus namen wij contact op met Fabio en stelden hem zelf deze vraag (en omdat we hem toch aan de lijn hadden, ook nog een paar meer).

Fabio: ‘Ik praat echt graag met Collin over onze trainingen en de voorbereiding op races. Zijn vastberadenheid en toewijding zorgen er namelijk ook voor dat ik mij nog veel meer focus op mijn doelen.’

Wat is Collin eigenlijk voor coureur?

Hij is echt een hele snelle rijder. Het duel met hem aangaan, doe je dan ook niet zomaar. Dat kan ik je echt garanderen, ahahah! Daarnaast is hij een perfecte trainingspartner.’

Is dit bijzonder voor een jongen van 14 jaar?

‘Nou, wanneer je in onze sport op dit niveau wilt rijden, moet je iets bijzonders hebben. En 14 is slechts een getal, qua denken en doen is hij zeker al 20.’

Hoe is Collin buiten het racen om?

‘Een hele aardige jongen, die maar een paar woorden nodig heeft en er vaak ook maar een paar zegt.’

Wat is zijn belangrijkste leerpunt voor 2020?

‘Ik denk dat hij aan zijn rijstijl moet werken. Zijn snelheid zal geen probleem zijn, gezien zijn talent. Maar wanneer iedereen op dezelfde motor zit, kan je als coureur het verschil maken met onder andere je rijstijl.’

Wat verwacht je van Collin in de Red Bull Rookies Cup?

‘Ik weet zeker dat hij direct snel is. De Red Bull Rookies Cup is echt de beste kans om je in de kijker te rijden bij WK-teams. Het niveau is erg hoog, maar Collin zal er staan.’

MOTO73 nummer 23, met daarin het volledige interview met Collin Veijer, ligt nu in de winkel en is ook online te bestellen in de MOTO73-webshop.

Hoe een motor die niet op de EICMA gepresenteerd werd, toch de mooiste van de show werd

1
Ducati Streetfighter V4
Aandacht genoeg voor de Ducati Streetfighter V4 in ieder geval

Een Ducati die tijdens de EICMA in Milaan verkozen wordt tot de ‘Most beautiful bike of the show’ is normaal gesproken geen enkele verrassing. Of zelfs volkomen logisch. Dit jaar werd de verkiezing voor de vijftiende keer gehouden en liefst tien keer stond er een Ducati op nummer 1.

Niet zo gek natuurlijk voor een beurs die in Italië plaatsvindt met – ondanks grote internationale belangstelling – toch vooral heel veel Italiaanse bezoekers.

Maar dat dit jaar de Ducati Streetfighter V4 won, met ook nog eens 36,7 procent, is wel opvallend. De nieuwe Streetfighter werd namelijk helemaal niet gepresenteerd op de EICMA. Ducati besloot het dit jaar namelijk anders te doen en koos voor een eigen evenement dat een paar weken geleden al plaatsvond in Rimini.

Honda…

Normaal gesproken had daarom ongetwijfeld MV Agusta deze verkiezing gewonnen, maar MV maakte het nog gekker door op zaterdagavond vóór de EICMA onaangekondigd alvast het modelnieuws te presenteren. Per mail! Gevolgd door nog een updatetje op dinsdagochtend. Weer per mail!

Even het leek het daardoor dat bijvoorbeeld de nieuwe Honda Fireblade een kans zou maken, maar nee dus…

In totaal stemden zo’n 14.500 mensen in deze verkiezing en dat is best een klein gedeelte als je weet dat de EICMA in 2019 door ruim een half miljoen liefhebbers bezocht werd. Je kunt je daarom terecht afvragen hoe representatief deze verkiezing is. Of dat erg is… Nee, denken wij. Zie het als een leuke afsluiting van de EICMA die bovendien altijd goed is voor discussie.

Dus kom maar op: wat is voor jou de mooiste van de EIMCA 2019?

Sportweekeinde: Lecuona anders bekeken

0
Iker Lecuona
Iker Lecuona kon zijn geluk niet op nadat hij in Thailand op het podium eindigde (foto: 2Snap).

Elke maandag bespreekt Marien wat hem opviel in het afgelopen sportweekeinde. Verwacht geen raceverslagen, maar wel een andere kijk op de actualiteit.

Hoe zou Iker Lecuona geslapen hebben vannacht? Het is echt niet dat ik elke ochtend met dit in mijn hoofd opsta, maar het is wel iets waar ik vaak aan moet denken deze dagen. Zeker nu duidelijk is dat hij niet in 2020, maar al komend weekeinde op Valencia zijn MotoGP-debuut zal maken binnen Red Bull KTM Tech3-team. Dit omdat Miguel Oliveira na zijn spectaculaire crash op Phillip Island niet fit genoeg is.

Het past allemaal wel in de waanzinnige weken die Lecuona vanaf Phillip Island – toen hij officieel KTM-coureur werd – meemaakte. Weken waar hij eerder echt nooit van durfde te dromen. Toen Speedweek.de een paar weken geleden melding maakte dat Lecuona bij KTM in beeld was, als MotoGP-coureur, zorgde dat vooral voor veel gelach. En waarschijnlijk ook bij de coureur zelf…

Iker wie? De echte wegraceliefhebber kent hem natuurlijk wel, maar kijk je lang niet alle races zul je wellicht niet direct weten dat hij tot nu toe twee keer op het WK Moto2-podium stond. Hij werd tweede op een nat Valencia in 2018 en dit jaar derde op een bloedheet Chang International Circuit in Thailand. Beide keren met KTM. Daarnaast maakte hij vorig jaar veel indruk op KTM toen hij de geblesseerde Jorge Martin verving tijdens de test op Valencia.

Maar is dat tegenwoordig genoeg voor een MotoGP-contract? Ja en nee.
Ja, want KTM hoopt dat juist een iets minder ervaren coureur sneller kan wennen aan de pittige KTM RC16 dan een oudere coureur die al helemaal vastgeroest zit in vaste gewoonten. KTM had ook voor bijvoorbeeld Bradley Smith en zelfs voor Alvaro Bautista kunnen kiezen, maar gaat dus voor een pas 19-jarige Spanjaard.

En ja, want na het succes van Fabio Quartararo dit jaar wordt in het MotoGP-paddock echt wel anders aangekeken tegen de overstap van de Moto2 naar de MotoGP. Of dat eerlijk is richting Lecuona denk ik overigens niet. Quartararo was voordat het met hem misging in de Moto3 al een sensatie.

Maar Nee (met een hoofdletter N) omdat de Spanjaard ook gewoon heel veel geluk heeft en er heel veel meezit. Had het een beetje geklikt tussen Johann Zarco en KTM had Lecuona deze stap nooit kunnen maken. Een vervanger vinden voor Zarco was (en is) niet gemakkelijk omdat bijna iedereen met MotoGP-ervaring voor 2020 al vastlag en de meeste Moto2-toppers willen wachten tot 2021 als dus zo’n beetje van elke MotoGP-coureur het contract afloopt en er dus volop kansen komen voor goed materiaal.

En zo zie je maar weer hoe gek het soms kan lopen in de topsport en waarom je dus vooral nooit moet opgeven als topsporter. Je weet nooit…

Ps. Misschien wel het allermooiste is dat dankzij Lecuona het nummer 27 terugkeert in de MotoGP. Ook die vergelijking is niet helemaal eerlijk trouwens… Of wacht, toch wel? Toen Casey Stoner naar Ducati ging, hield het niet op met slechte en soms goede grappen. Tot hij in 2007 wereldkampioen werd!

Zondagmorgenfilm: promo-video KTM Super Duke van weleer

0
KTM 990 Super Duke

Tegenwoordig spenderen fabrikanten fikse bedragen aan drone-beelden, worden waanzinnige special effects toegevoegd en krijgen we de meest idiote onboard-beelden te zien. Nee, dan KTM’s promo-video van de 2007 Super Duke…

Een ritje door de straten van Osaka in Japan – volgens sommigen om de concurrentie uit het land van de rijzende zon een dikke oranje middelvinger te geven. Geruchten en overtrokken verhalen daargelaten is het vooral bizar dat dit ooit een officiële promo was.

In de politiek correcte wereld anno 2019 zou het onverantwoorde rijdgedrag van de KTM-rijder zowat tot rellen kunnen leiden. Dat terwijl het oranje merk er juist altijd trots op geweest is het stoutste jongetje van de klas te zijn.

De 2007 KTM 990 Super Duke past dan ook perfect in dat plaatje, en deze video daarmee ook. Stel je eens voor dat KTM zo’n zelfde video zou maken voor de 2020 1290 Super Duke R

Foto en video: KTM

Vergelijkingstest: Honda CBR500R vs Kawasaki Ninja 650

0
honda cbr500r vs kawasaki ninja 650
Fotografie: Jacco van de Kuilen

De Honda en Kawasaki vechten een strijd uit om de titel ultieme mini-sportfiets. Of zijn het toch sporttoerfietjes?

Aangescherpte Honda
Scherper dan ooit staat de CBR500R in de showroom. Honda hanteerde de kaasschaaf en dat resulteert in een agressiever gevormde stroomlijn. De sportiviteit knalt echt van de motor af en daardoor oogt hij meer dan ooit als een verkleinde uitvoering van de Fireblade. Voor dit jaar heeft Honda het motorblok aangepakt. Het maximum vermogen blijft beperkt tot 48 pk (of 35 kW) – het maximum voor het A2-rijbewijs – maar tussen de 3.000 en 7.000 toeren doet het blok het door een nieuwe in- en uitlaat en kleptiming vier procent beter.

Knorrende uitlaat
Het middengebied is goed gevuld en verrassend soepel. Bovenin voel je het blok eveneens ouderwets vertrouwd werken en helemaal hoog in de toeren is het niet vrij van trillingen. Al blijven die binnen de perken en passen ze – samen met de enthousiast knorrende uitlaatdemper – wel bij het sportieve gevoel dat de Honda oproept.

Krankzinnig sturen
Niet alleen het blokje geeft je het idee een coureur in spé te zijn, de mild sportieve zithouding werkt ook daaraan mee. Alles is rank, slank en voelt lichtgewicht zonder dat een volwassen man van 1.80 mtr opgevouwen zit. Deze motorfiets schreeuwt in al zijn bescheidenheid dat hij de bocht ingesmeten wil worden. Dat bevel volgt hij uiterst lichtvoetig op. De Honda stuurt echt krankzinnig makkelijk, maar nerveus is het allemaal niet. Ook op hogere snelheden weert het rijwielgedeelte zich nog kranig. Pas als alle registers open gaan en het wegdek niet van topkwaliteit is laat de monoschokdemper weten dat hij meer prijs stelt op comfort dan op sport.

Imitatie van ZX-10R
Kawasaki trekt bij de Ninja 650 de troefkaarten spierballen en uiterlijk vertoon. Waar Honda de lichtheid van de CBR500R juist onderstreept met een gracieus en elegant anorexia-design zoekt Kawasaki het meer in anabolen en een brede schouderpartij. De Ninja 650 imiteert de ZX-10R wel heel erg overtuigend. Geen moment heb je het idee met een bescheiden tweecilinder van doen te hebben. Eerder dienen zich associaties aan van een Johnny Rea-replica.

Kawasaki veel krachtiger
De Ninja 650 heeft maar liefst twintig pk meer dan de Honda. Bovendien produceert hij 65,7 Nm bij 6500 toeren en de CBR slechts 43 Nm bij exact hetzelfde toerental. Het gespierde voorkomen van de Kawasaki zet zich door in de zithouding. Waar je echt bovenop de sportievere Honda zit met de smalle benzinetank tussen de knieën, zit je veel meer in de Ninja 650 met een beduidend bredere kuip voor je neus. Het kuipwerk biedt meer bescherming en het sterkere blok trekt er harder aan.

Gretiger en vrolijker type
Net als bij de Honda doen de voor- en achtervering zich sportief voor, maar de nadruk ligt toch echt op comfort. Op slecht wegdek sluipt er makkelijk wat beweging in het rijwielgedeelte. De Ninja 650 stuurt erg makkelijk in, alleen is de Honda een nog gretiger en vrolijker type. De Kawasaki levert volwassener prestaties en zo voelt hij ook aan. Je krijgt gevoelsmatig meer motor voor je euro.

Spaarzaam met benzine
Op het juiste traject is het prima toeven met dit stel. Bochten aaneenrijgen is het devies. Niet dat ze niet voldoen op de snelweg – de Kawasaki beter dan de Honda – maar het is leuker op een kronkelweg. Zet de navigatie op maximaal kronkelen en lach je drie slagen in de rondte terwijl dikke fietsen alles op alles moeten zetten om bij te blijven. De Ninja verslaat de CBR als het op kilo’s aankomt. Veel is het niet, 195,2 om 192 kilo. De Honda gaat wel zuiniger om met brandstof. De Honda gebruikt gemiddeld 1: 29,2 en de Kawasaki doet 1:25,1.

Conclusie
De Kawa en Honda zijn ondanks hun misleidende uiterlijk geen sport- maar mini-sporttoermotoren. Ze bieden alles wat een sporttoermotor zo’n fijne metgezel maakt, maar voor een fractie van de kosten. Ze hebben alle twee een mild-sportieve ontspannen zitpositie, bieden genoeg comfort, al geldt dat alleen bij sologebruik. De Honda is de leukste motor van het stel. Het stuurgemak overstijgt dat van de Ninja, maar het is vooral het plezier dat hij uitstraalt en oproept. De Kawasaki is sterker, volwassener en gunstiger geprijsd en dat is voldoende voor een grote groep motorrijders om de Ninja 650 tot winnaar uit te roepen.

Eicma toppers en floppers volgens Ad

0
Eicma 2019

Wat valt redacteur Ad op aan al het nieuws op Eicma 2019? Waarop verheugt hij zich enorm in 2020 of waar kijkt hij met angst en beven naar uit?

Eicma is de show geworden van de potente nakeds. Het is te bizar voor woorden dat een KTM Super Duke en Aprilia Tuono met respectievelijk 177 en 185 pk nog hoogstens goed zijn voor een: ‘Ach gut, wat lief!’ Het is wachten op de eerste tests hoe makkelijk kanonnen als de Ducati Streetfighter en de Kawasaki Z H2 rijden. Die überpotente nakeds hebben automatisch al genoeg aandacht opgeslorpt, ik kies voor andere dingen die me opvallen.

Prototype van de show
Er kan er maar een de lekkerste zijn en voor mij is dat de Husqvarna Norden 901 (voor meer foto’s kijk hier). Strik er omheen en morgen bij me afleveren. Wat is het heerlijk dat allroads weer terug gaan naar de basis. Het zijn niet langer steeds luxere en zwaardere digitale toerfietsen met een avontuurlijk uiterlijk, maar weer de lichtgewicht handelbare alleskunners van weleer. KTM kennende, pardon Husqvarna, moet deze machine zijn mannetje kunnen staan op de weg en er buiten.

Over de top
Er was een tijd dat ik MV Agusta’s mooi vond. Ik zou liegen als ik zou zeggen dat het voor het laatst in 1975 was met de 750 Sport America. Het ‘nieuwe’ MV heeft ook meer dan genoeg klassiekers gemaakt met beauty’s als de: F750, Turismo Veloce 800 en de Superveloce 800. Maarrrr, de Italianen zitten er tegenwoordig ook net zo vaak naast. Hebben ze designers aangenomen met een voorliefde voor blingbling en Biedermeier aardewerk? Neem deze ongetwijfeld peperdure Rush (zie indrukwekkende specificaties hier). Dat is toch eerder een kermis dan een motorfiets?

Mijn topper
Twijfels overvallen me. Is het de Aprilia RS660 of de BMW F900XR? Uiteindelijk overwint het verstand en trekt de Duitser aan het langste eind. Ik zie me op deze machine net zulke aangename woon-werkkilometers maken als dikke pretritten in de Eifel of de Alpen. Deze alleskunner moet het kunnen. Hopelijk heeft het 900-blok onderin iets meer noten op zijn zang dan het 850-blok. BMW laat me niet langer in spanning en plan de introductie zo spoedig mogelijk in.

De mispeer van de show
Vroeger was echt niet alles beter, maar het ontwerp van een Bimota wel! Wat is er gebeurd met de Tesi? Er was een tijd dat een Bimota Tesi de ultieme afgetrainde hightech motorfiets was. Nu zet een Japans/Italiaanse coalitie ons de Tesi H2 voor…. Als ik naar die enorme kuip kijk bekruipt me steeds het gevoel dat er per ongeluk een halve kuub polyester aan is blijven plakken zonder dat niemand van Bimota het in de gaten had.

Bimota Tesi H2

Het wachten waard
Aprilia drukt de Tuono 660 nog nadrukkelijk het stempeltje Concept bike op, maar dat is een kwestie van tijd. Iets zegt me dat we deze fraaie twin al in 2020 gaan zien. Het is wat mij betreft het wachten meer dan waard. Honderd pk, lichtgewicht verpakking, Italiaans design en sportief rijwielgedeelte, laat maar komen.

Aprilia Tuono 660 2020

Mis ik nog iets?
Yamaha zette ons het afgelopen jaar de heerlijke Ténéré 700 voor. Heimelijk hoopte ik dat de Japanners dit jaar een 1200-variant neer zouden planten. De XT1200Z Super Ténéré heeft niet de sexappeal die de kleine 700 wel heeft. Hopelijk zet Yamaha het in 2020 recht.