vrijdag 1 mei 2026
Home Blog Pagina 1256

Mogelijk politiestaking volgend weekend

0

Het lijkt erop dat er in het weekend van 14 tot en met 16 september een drastische staking van de politie zal gaan plaatsvinden. Nadat er onlangs al een ‘ludieke’ acties op Utrecht en Amsterdam Centraal plaatsvonden waarbij politiepersoneel in een linie de weg een soort van versperde, zal er volgend een veel drastischere actie op touw worden gezet. Tenminste, als het aan de vakbonden ligt. Vakbond ACP spreekt op hun website zelfs van ‘de heftigste CAO-actie ooit’.

3 dagen
En daar zit natuurlijk ook wel een kern van waarheid in als je kijkt naar de plannen voor de actie. Personeel wordt namelijk opgeroepen om hun werk neer te leggen van 14 september 18:00 uur tot 16 september 23:59 uur. Spoedklussen worden natuurlijk nog wel gedaan omdat de samenleving niet zomaar zonder helpende hand mag komen te zitten. Maar per oproep moet er wel streng geoordeeld worden of het een spoedgeval is of niet. Dit alles moet de CAO-onderhandelingen uiteindelijk kracht bij gaan zetten. Volgens de bonden is de situatie namelijk niet meer te houden nu de werkdruk zo hoog is geworden. 

Temptatie
En zo is het ineens wel erg verleidelijk om volgende weekend – mits de actie mag doorgaan natuurlijk – de gaskraan iets verder open te draaien op je favoriete route. Een oproep van ons: probeer je in te houden. In de eerste plaats omdat niet zeker is dat al het personeel het werk daadwerkelijk zal gaan neerleggen, maar in de tweede plaats vooral om de agenten te steunen in hun actie. Verdienen ze wel, toch?

Foto: ANP

Kramperen op 2 wielen

0

Sommigen zijn er als de dood voor: kamperen. In een tentje liggen als regenbuien ver weg zijn is prima, maar vaak heb je die mazzel niet. Maar de angst begint deels al an te voren. Hoe moet je al die benodigdheden zoals die tent, matje, slaapzak, kookgerei en de beruchte rol toiletpapier überhaupt achterop je motor meekrijgen? 

Denk in mogelijkheden
Ook de Amerikaanse Jeremy Carman zat met dat probleem in zijn maag. Maar ja, als je wel dolgraag met je motorfiets op reis gaat zit er niets anders op dan er iets op te verzinnen. Dat deed hij dan ook. Mogen we je even voorstellen aan de MotoHome? Een creatie van Carman – wat een slechte naam is voor een motorrijder – die als student architectuur wel raad wist met het ontwerpen van een ruimte die hem niet tevele in de weg zou zitten tijdens het rijden. Qua vorm heeft het misschien nog het meeste weg van een wat hoekige vliegtuigmotor door zijn aerodynamische vorm maar ook lompe hoeken. 

Offroad
Wat je hier ziet is nog niet het eindresultaat overigens. Carman wil de Honda – waarvan de basis een CB is, de voorkant van een crosser komt en de achterbrug is verlengd – nog voorzien van noppenbanden. Ja dat lees je goed, de man durft het aan om met dit gevaarte offroad te gaan. En niet eens zo’n klein stukje, nee hij is zich aan het voorbereiden op een trip vanuit zijn huis in California naar het zuiden van Zuid-Amerika en terug als het even kan. De overnachtingen heeft hij in ieder geval al geregeld.

Kawasaki Versys 1000 NL Editie 2018

0

Het aantal allroads waar je uit kunt kiezen, is gigantisch. In krijgshaftige termen spreek je van een slagveld waarop diverse merken strijden om de gunst van de motorrijder. En met alleen modellen ben je er nog niet, per model zijn er ook nog eens diverse versies. Met of zonder koffers, meer of minder sportief, met of zonder hulpmiddelen.

Bart Verhoeven

Je zou bijna medelijden krijgen met de motorrijder die nu moet kiezen. Maar schakel je emotie eens uit en laat je ratio dit keer beslissen. Geheid dat je bij een wat onderschatte motor uitkomt. Een motor die al rijk was bedeeld met spullen, maar die dit jaar z’n non plus ultra heeft bereikt: de Kawasaki Versys 1000 NL Edition. Wel zonder handvatverwarming…

Compleet

Ik ben een Nederlander, dus zomaar geld uitgeven zit er niet in. Ik ga niet over een nacht ijs en ik wil waar voor mijn geld. Mogelijk dat ik daarom niet nieuwsgierig was naar de rijeigenschappen van de Versys 1000, mar veel meer werd opgewarmd door het accessoirepakket. Nu wordt de standaard Versys 1000 Touring al heel compleet geleverd, namelijk met een geïntegreerde kofferset met binnentassen en handkappen op het stuur. Daar betaal je dan de scherpe prijs van €14.299,- voor. Komen nog wel afleverkosten en leges bij… Maar die opties kun je dus meteen van je wensenlijst schrappen, want het kan nog completer.

Mocht je nog een kleine €800,- in je binnenzak hebben branden, dan kun je de Tourer helemaal volhangen met spullen waarvan je nooit had gedacht dat je ze zou missen wanneer je ze eenmaal hebt. Voor 800 euro krijg je een monokey topkoffer, LED mistlampen – die zijn over het algemeen schreeuwend duur! – framebeschermers en een navigatiesteun. Al met al komt de totale som voor de NL Edition dus op €15.098,-. En dan staat er écht wat op je oprit, want de Versys 1000 is absoluut geen kleine jongen.

Een hoop motorfiets dus, die ook bijzonder netjes is afgewerkt. Maar toch mist er iets. Iets waaraan je midden in de hete zomer nooit zult denken, maar mocht je in juli op een alpenpas onverwacht worden overvallen door een koudefrontje wens je dat je het wel hebt: handvatverwarming. Zit er niet op. Niet op de Touring, niet op de NL Edition. Vergeten? Dat moet haast wel, want het is gewoon als officieel Kawasaki product op de website, voor €221,95. Desondanks is de prijs van de Versys 1000 NL Ediotion echt interessant. Zijn directe concurrent, de Suzuki V-Strom 1000A, kost met dezelfde accessoires rond de €15.448. Scheelt niet veel denk je? Klopt, maar bedenk wel dat de koffers van de Versys volledig geïntegreerd zijn met de motor. Inclusief de kleur. De Adventure Pack van de V-Strom heeft weliswaar mooie aluminium koffers, maar er wordt wel een extra beugelset aan je motor gehangen, die behoorlijk detoneert. Daarnaast is er dus duidelijk verschil in afwerking en heeft de V-Strom een tweecilinder in plaats van een viercilinder in lijn. Heeft niets met kwaliteit en rijeigenschappen te maken, maar een viercilinder is wel duurder om te maken.

Rijden

Als je door het grote voorkomen van de Versys heen kijkt en er gewoon een lekker stukje mee gaat toeren, kom je erachter dat het een verassend makkelijke, comfortabele en licht sturende motor is. De kofferset geeft je wellicht onterecht het gevoel dat het een grote, lompe motor is. Uiteraard rijdt een met volle koffers beladen Versys anders dan zonder belading, maar de souplesse en de kracht blijft. Rijden met belading is slechts een kwestie van de veervoorspanning aan de achterkant opdraaien met de toegankelijke draaiknop. Dan staat de Versys weer stevig hoog op de poten.

Waar de Versys zich echt in onderscheidt ten opzichte van zijn concurrenten is het motorblok. De viercilinder kennen we van de Z1000 en Z1000 SX en levert maximaal 120 pk bij 9.000 tpm. Het draait rustig en soepel. Het is duidelijk te voelen dat het blok is afgesteld voor vermogen in het lage- en middengebied. Lekker comfortabel rondtuffen gaat dus prima, geen verassingen en vreemde dips of uitschieters in de vermogensband. De Versys 1000 is een motor om heel lang, heel ontspannen op te rijden.

Twee gezichten

Maar dan komt het. Op het moment dat je de grote machine onder de knie hebt en de brave rijeigenschappen wat gewoontjes begint te vinden ga je toch wat meer op het gas. En dan ontpopt het blok zich als krachtpatser. Het geluid dat gepaard gaat met de flinke acceleratie is verslavend. De soepele vermogensopbouw is geweldig. Een motor met twee gezichten, een Januskop. In een zucht draait de teller naar snelheden die in Nederland niet zijn toegestaan. Ondanks het teruggetuned topvermogen levert de machine enorm veel plezier in de hogere toeren. Comfort en souplesse maken plaats voor sportiviteit. Gecombineerd met een actieve rechtop-zithouding is de Kawasaki in heel veel omstandigheden een echte ‘metgezel’.

Dit vindt Bart

De Kawasaki Versys is zo’n motor waar je misschien in eerste instantie niet aan denkt als je op zoek bent naar een reislustige hoogpoter. Zijn uiterlijk is misschien iets te flitsend of sportief. Maar het is wel degelijk de motor waar je aan het einde van de dag niet meer af wilt stappen. De combinatie van uitrusting, comfort, kracht, sportiviteit en prijs moeten uiteindelijk de overtuigende factoren vormen. Zeker voor de zuinige Hollander. En vergeet niet, met deze complete motor kun je echt op reis, maar ook gewoon een rondje rond de kerk. Twee halen één betalen. Wat wil je nog meer? Warme handen!?

Specificaties:

Motorblok:

vloeistofgekoelde 4-in-lijn

Testlocatie:

Ardennen, België

Omstandigheden:

Zonnig

Temperatuur:

22-23 graden

Testkilometers:

275 km

Cilinderinhoud:

1.043cc

Vermogen:

120pk @ 9.000 tpm

Maximum Koppel:

102Nm @ 7.500 tpm

Gewicht:

250 kilo rijklaar

Tankinhoud:

21 liter

Zithoogte:

840 mm

Geschikt vanaf Rijbewijs:

A

Prijs Nederland:

€14.299,- (2018) NL pakket €799,-.

Fotografie:

Target Press

Ducati Multistrada 1260 S 2018

0

3,6 mm grotere slag, 64 cc meer, 6 pk en 1 Nm erbij, met 48 mm verlengde achtervork, 56 mm langere wielbasis, 2 mm meer naloop en kleurtjes in het TFT display. Het is op de lichtere wielen na, weer meer, meer en nog eens meer bij de nieuwe Ducati Multistrada. Maar waar is dat eigenlijk goed voor?

Mink Bijlsma

Laten we, voordat we naar de Multistrada 1260 zelf kijken, eerst even naar de verkopen kijken. Want al is de motor nog zo goed, al vind je het nog zo okay dat je op een unieke verschijning rijdt, voor de fabrikant geldt dat hij verkocht moet worden. Nu doen de Multistrada´s dat beter dan alle rode super- en hypersports bij elkaar, maar de ‘blauw-witten’ doen het nog zoveel beter. En dus mogen de verkopen wat Ducati betreft nog wel wat beter. Tot zover niets nieuws onder de zon.

Wat wel fris en fruitig staat te fonkelen in de zon is een nieuw vormgegeven Multistrada. De verschillen zullen alleen de experts opvallen. Of als de 1260 naast de 1200 staat. Dat de richtingaanwijzers automatisch afslaan, zie je niet, dat de S een schakelassistent heeft aan de linkerzijde zie je wel, de kleurtjes en nieuwe menuvoering van het dashboard (ook S) zie je alleen vanuit het zadel. En wanneer je met je timmermansoog ziet dat de voorvork op 65 graden staat, de naloop nu 111mm meet en de achtervork nu 1.585mm lang is, mag je het hokje ‘Geschikt’ aankruizen voor de functie van langeafstandsspion bij Defensie. Overigens is de gouden tip: kijk naar de Y-spaken…

Teugels

Net als de top-of-the-bill van de concurrentie, staat ook de 1260 bol van elektronische teugels die je moeten behoeden voor een ongeluk. Bochten ABS, acht standen tractiecontrole, Wheelie Control, vier verschillende rijmodi, Hill Climb Control, een waarschuwingslampje bij vorstgevaar. Als je hiermee de kantonrechter om de oren slaat wanneer je ‘weer eens’ gevaarlijk hard gereden hebt moet ie je wel strafvermindering geven… Maar zoals gezegd: ook de concurrentie heeft de meeste van deze hulpmiddelen. Da’s dus ook al geen nieuws onder zon. Daarbij gaat de nieuwe Multistrada er ook niet beter door rijden en verkopen. Waardoor dan wel? De Multistrada moet dat doen door de geometrische wijzigingen en het aangepaste Diavel 1260 motorblok, wijzigingen die de sportiefste all-road dichter naar de op één na sportiefste only-road moet brengen. De veranderingen aan het rijwielgedeelte zouden zorgen voor meer rust en stabiliteit, het nieuwe motorblok voor meer koppel onderin en vooral de voelbare vermogensdip in het middengebied van de 1200 DVT doen vergeten.

Van 0 naar 45

En doet dat. Het blok is ooit afgeleid van de 1198 Superbike met als grootste verschil dat de klepoverlap van 45 graden naar 11 werd terug gebracht. Daardoor was het veel beter geschikt voor lagere toerentallen. Maar omdat het altijd beter kan, kreeg het in de loop der jaren variabele kleptiming (DVT) waardoor de overlap nu 0 is bij stationaire toerentallen en traploos opschuift naar de oorspronkelijke 45 graden bij toptoerentallen. Maar het bracht niet die verbetering waarop iedereen hoopte, sterker (of zwakker…): de DVT scheen tussen de 3.000 en 6.000 tpm zelfs minder vermogen te leveren dan de oer 11° Testastretta Evoluzione…

En nu? Nu lijkt het blok daar wél verbeterd te zijn. De 1260 loopt feilloos op stationair gas de laan uit, pakt wonderschoon op wanneer je de weg op draait, hangt zuiver aan het gas wanneer je het dorp doorkruist en trekt via één soepele beweging in één streep door naar de doorgaande weg richting snelweg (of Duitsland…) om ongegeneerd blafhard te accelereren naar een topsnelheid die op de teller in ieder geval boven de 252 km/u uit komt. Alles aan het blok imponeert, alles maakt indruk en het is onmogelijk ‘niets’ van het blok te vinden. En dat alleen maar in positieve zin. Maar het meest indrukwekkende is wel de elasticiteit. Je kunt de Duc nóg weer lager in toeren laten zakken, nog weer langer in een lage versnelling laten staan, nóg weer later terugschakelen. Motorische missie vooralsnog geslaagd.

Geometrische les

En rijwieltechnisch? Oef, dat ligt een stukje lastiger, ook al omdat de laatst bereden Multistrada de lichte 950 was en de één na laatste de (zware) 1200 Enduro. Beide hebben een 19 inch voorwiel. De Multistrada 1260 wijkt in dat opzicht (ook) van de concurrentie af. Voor de niet-gyroscopici: door de gyroscopische krachten van een wiel, wil het vooral rechtuit. Hoe groter het wiel, hoe liever ie rechtdoor gaat. Anders gezegd: hoe kleiner het wiel hoe makkelijker hij ‘omvalt’. Denk daarbij aan de kleine wielen van een onrustige vouwfiets. Omdat het ideaal niet bestaat, wordt vaak een 17 inch voorwiel gebruikt voor flitsende stuureigenschappen en een 19 inch voor een meer gemoedelijker stuurgedrag. De grotere balhoofdhoek en naloop en de langere swingarm zou de 1260 wat rustiger en gematigder moeten laten sturen en wat stabieler op koers laten blijven. Dat doet het misschien ook wel, maar daarvoor is het te lang geleden dat we op een ‘gewone’ 1200 gereden hebben. Bij de eerste kennismaking is het dan toch even ‘schrikken’ hoe graag, makkelijk en lichtvoetig de Multistrada de hoek om wil. Té? Dat is persoonlijk, maar wellicht was het beter geweest om, in de pogingen de Multistrada dichter bij de concurrentie aan te laten sluiten, toch ook een 19 inch voorwiel toe te passen. Maar waarschijnlijk was dat Ducati net iets te veel van het goede… Het moet ook gezegd: na een korte gewenningsperiode valt het niet meer op Totdat je een week later op de Super Ténéré stapt, waarover straks meer. Ergo: de Multistrada 1260 stuurt er ondanks de gedane geometrische aanpassingen nog immer frivool en lustig op los, verslind bochten als een uitgehongerde hyena jonge reebokjes, zonder nervositeit of instabiliteit. Rijwieltechnische missie ook geslaagd.

Super

De elektronische hulpmiddelen en mogelijkheden zijn technisch gezien waanzinnig. Of je het nodig hebt? Een regen- en stadsmodus van 100pk terwijl er ook een standje 8 op je tractiecontrole te vinden is. Een mkotir vgan pakweg 40pk trek je op een nat wegdek hel makkelijk onderuit. Heb je bochten ABS nodig terwijl gewoon ABS al tot 45 graden ‘safe’ werkt en van de 1000 motorrijders er 45 zijn die schuiner dan 45 graden een bocht ronden? Hmm… Maar technisch gezien is en werkt het fantastisch en de mogelijkheden om vering, gasreactie, wheelies, anti-slip en ABS te laten ingrijpen zijn legio. Voorbeeldje. In eerste instantie viel de remwerking in de persoonlijk geprefereerde Tourstand wat tegen. Fabrieksmatig ingesteld op ‘ABS-3’, fijne gasrespons, verantwoorde wheelies, maar mindere remwerking dus. Na een korte rondrit door het zeer logische instelmenu lukte het zelfs de grootste digibeet jonger dan 80 jaar het ABS op stand 2 te zetten. Resultaat: een fenomenale remwerking. Hoewel daarbij wel weer aangetekend moet worden dat de Multistrada daarbij afhankelijk van het wegdek behoorlijk onrustig kan worden. Het is voorstelbaar dat motorrijders met minder ‘ballen’ de rem van schrik zouden laten vieren. Het mooie is dus dat het allemaal naar persoonlijke voorkeur in te stellen is. Alleen jammer dat de bediening van de achterrem wat minder duidelijk is en er geen elektriciteit naar de handvaten geleid wordt…

Nodig en meer

Ontegenzeggelijk is de 1260 beter dan de 1200 en zeer erg complete motor geworden die weer een beetje dichter naar de concurrentie geschoven is. Het ‘meer’ lijkt zijn vruchten afgeworpen te hebben zonder dat de Duc ook maar een fractie van zijn charme verloren heeft. Riante zitpositie, fantastisch werkend cruisecontrol, sublieme afwerking en gebruikte materialen, geniaal simpel verstelbare ruit, geïntegreerde koffer ophangpunten, karaktervol motorblok, zeer ruime onderhoudsintervallen, power in overvloed, laag gewicht, enzovoorts. Close tot perfection. Het ‘meer’ was niet nodig, meer een kwestie van: niet omdat het moet, maar omdat het kan.

Dit vind Mink

Als je mij vraagt ‘Mag het ietsje meer zijn’, zou ik zeggen: ‘Nee’. En dan bedoel ik dat voor mij persoonlijk de S-versie niet hoeft. Let wel: De semi-adaptieve Sachs vering werkt goed, maar de ervaring leert dat de standaard vering dat ook doet. De schakelassistent hoeft van mij ook niet, ik speel graag wat met de koppeling en bovendien schakel ik soepeler… En die paar gekleurde blokjes op het overigens enorm uitgebreide en toch goed afleesbare TFT scherm… Het is journalistiek gebruik om te schreeuwen: ‘Het is die € 2.800,- waard’. Maar de meeste journalisten zullen deze motor niet kopen, omdat zoveel geld bij elkaar sparen geen sinecure is. Daarom: ik vind de standaard Multistrada al zó goed dat ie al die extra’s echt niet nodig heeft. Dus als, als, als… dan zou ik de standaard uitvoering kopen. Blijft er geld over voor een mooie trip op een fantastische apparaat dat Multistrada 1260 heet. Dat steeds beter en beter wordt en vooral nog geschikter is geworden voor het gemoedelijkere toerwerk.

Specificaties:

Motorblok:

Vloeistofgekoelde 90 graden twin met vier desmodromisch bediende kleppen per cilinder en DVT

Pluspunten:

Draai-eigenschappen, Sport/tour combinatie, Design en afwerking

Minpunten:

Bediening koppeling en achterrem, Windbescherming/turbulenties, Geen handvatverwarming..

Testlocatie:

Voornamelijk langs meanderende rivieren

Omstandigheden:

Overwegend droog en rustig met een paar fikse buien

Temperatuur:

Tussen 2 en 7 graden

Testkilometers:

Ruim

Cilinderinhoud:

1.262 cc

Vermogen:

158 pk/9.500 tpm

Maximum Koppel:

129 Nm/7.500 tpm

Gewicht:

251 kg (rijklaar)

Tankinhoud:

20 liter

Zithoogte:

825/845mm

Geschikt vanaf Rijbewijs:

A

Prijs Nederland:

€ 23.990,- (2019)

Fotografie:

Andrew Walkinshaw

Yamaha Niken Test 2018

0

Yamaha heeft er een gigantische hype van gemaakt. En toegegeven, met zijn dubbele voorwielen en vier voorvorken is de Niken ook wel heel bijzonder. Toch is de belangrijkste constatering, als je ermee rijdt, dat hij zo normaal aanvoelt. En dat hij soms misschien een licht voordeel heeft ten opzichte van de meeste andere motorfietsen.

Roland Brown

Het voelt inderdaad heel normaal, bedenk ik me als ik de beroemde Grossglockner afrijdt. Het is een van de meest spectaculaire bergpassen die er zijn. Zelfs op een milde voorjaarsdag zijn de meeste bergpieken nog bedekt met sneeuw. Je bent hier ook nooit verder dan een flinke dot gas van de volgende bocht vandaan. De manier waarop de Niken die neemt, is indrukwekkend. Met een speels gemak en een haarscherpe precisie snijdt hij de bochten aan, waarbij de voetsteunen zelfs af en toe over het asfalt schrapen. De motor voelt snel, controleerbaar en biedt enorm veel rijplezier. Zijn beste momenten beleef je waar een normale motorfiets je het zweet in de bilnaad zou bezorgen: van die bochten waar je bij het uitaccelereren bijvoorbeeld een hele rivier van gesmolten sneeuw over het wegdek ziet stromen. Dat zijn normaal van die Hitchcock-momenten, maar toch iets minder op de Niken. Die levert dankzij het extra voorwiel toch een geruststellende hoeveelheid grip en stabiliteit, zeker als de risico’s worden versterkt door een wegverkanting of een wolkje split op het wegdek.

Overgeheveld

Dat gevoel van extra veiligheid kennen mensen die wel eens op een Piaggio MP3 hebben gereden, of op een van de andere driewielscooters die zijn ontstaan na 2006 zijn ontstaan, het geboortejaar van de Italiaanse creatie. Yamaha voegde zich daar vier jaar later bij met de 125 cc Tricity. Die was in sommige markten best succesvol, zonder dat de scooter een vergelijkbare impact had. Maar nu heeft de Japanse motorfabrikant de technologie van de kantelende driewielers van de Tricity overgeheveld naar een grote motorfiets. Yamaha stelt dat deze Niken – twee zwaarden – bedoeld is voor ervaren motorrijders, niet voor scooterrijders of automobilisten. De voorwielen staan ook maar 410 mm uit elkaar. Dat betekent dat je er niet met een autorijbewijs op mag rijden.

Aparte techniek

De Niken heeft een verbluffend design, waarin vooral de technologie opvalt. De dubbele vorkpoten, die met hun blauwe coating scherp afsteken tegen het donkergrijze lakwerk van de motor, lopen aan weerszijden stijl naar beneden, aan de buitenkant van een paar 15 inch wielen (en dus niet aan de binnenkant, zoals bij de Tricity). De stangen en buizen van het kantelmechanisme worden grotendeels aan het oog onttrokken door een brede, agressief vormgegeven bovenkuip, die is voorzien van een klein windscherm en twee koplampen met meerdere LED’s. De rest van de Niken zit er dan weer verbazingwekkend conventioneel uit. In principe is het gewoon een nieuwe telg van de driecilinder MT-09 familie. De 847cc twaalfklepsmotor is maar heel licht aangepast. Het maximumvermogen van 113pk ligt nog steeds bij 10.000 tpm. Het frame is natuurlijk wel nieuw. Het bestaat uit stalen hoofdbuizen en een balhoofdsectie van gietstaal. De schetsplaten voor de bevestiging van de swingarmas zijn van gietaluminium. De horizontaal gemonteerde achterschokdemper wordt bediend door een conventionele, aluminium swingarm.

Zware jongen

De zithoogte is met 820 mm betrekkelijk laag: gelijk aan die van de MT-09 en 30 mm lager dan de SP en de Tracer. Het zadel is echter behoorlijk breed en de Niken voelt dan ook als een behoorlijk grote motorfiets als je gaat zitten. Voor je zie je het gedrongen windscherm en een brede uitstalling van grijs plastic met daarin een eenvoudig LCD-dashboard met een digitale snelheidsmeter en daarboven een toerenteller-staafgrafiek. De elektronica is grofweg te vergelijken met die van de MT-09, met drie rijmodi en een in twee standen in te stellen traction control verder heeft hij net als de Tracer 900 GT een cruise control, die je met knoppen op de linker stuurhelft kunt instellen.

Het brede, eendelige stuur geeft genoeg hefboomwerking om de Niken van zijn zijstandaard af te halen. Met een volle tank weegt de motor 263 kg. Dat is bijna 50 kilo meer dan de Tracer 900 en 20 kilo minder dan de FJR1300. Dus moet je er best flink aan trekken en vervolgens zorgen dat je de controle houdt, want hij heeft geen blokkeersysteem voor het hevelmechanisme, zoals de MP3. De zitpositie is iets relaxter dan op de Tracers. Het stuur en het zadel staan iets lager en verder naar achteren en er is iets minder beenruimte.

Zweven

Als je rijdt, merk je ook wel dat de Niken best zwaar is, maar hij voelde wel erg mooi in balans, toen ik bij het hotel in de buurt van Kitzbühel de straat op draaide, daarbij profiterend van een riante stuuruitslag, die het erg gemakkelijk maakt om met deze motor te manoeuvreren. Eenmaal op gang voelt de motor direct heel intuïtief. Ik was me nauwelijks bewust dat ik een extra wiel had. De Niken voelde niet helemaal hetzelfde als een normale motor, maar hij was veel gemakkelijker te rijden dan bijvoorbeeld een FJR. Af en toe was er een lichte slingering voelbaar als je stapvoets reed, maar dat verdween als je harder ging rijden, zonder dat het hinderlijk was. Het grootste verschil met een normale motor is de moeiteloze manier waarop de Niken over hobbels leek te zweven. Als een wiel over een hobbel reed, was de vering in staat om dit op te vangen zonder dat de andere vorkpoot hierop reageerde. Het leek wel of de motor veel meer veerweg had dan de 110 mm die Yamaha opgeeft. Beide vorkpoten zijn overigens volledig instelbaar, maar ze deden het prima in de standaardafstelling. De achtervering was minder vergevingsgezind, maar deed zijn werk naar behoren. Hij is voorzien van een handversteller voor de veervoorspanning, bovendien kan de uitgaande demping worden ingesteld. De rechtuitstabiliteit van de Niken was goed, maar niet perfect – ongeveer zoals je verwacht van een MT-09 die het gewicht van een extra passagier mee moet torsen.

Ademnood

Voor de aandrijving maakt de Niken gebruik van het driecilinder CP3-blok. Het kreeg wel een zwaardere krukas, met 18% meer inertie. Dit moet het rijgemak verbeteren, maar gaat wel ten koste van de directe gasrespons. Dat wordt echter deels gecompenseerd door de kortere gearing, die ontstaat doordat het achtertandwiel twee tanden meer heeft. Verder zijn de tandwielen in de zesversnellingsbak versterkt, net als de mapping van het injectiesysteem, maar dat kon echter weinig uitrichten tegen de hoogte op de Alpenpas van de Grossglockner. De ijle lucht kostte vermogen, wat ervoor zorgde dat de Niken af en toe toch buiten adem raakte. Zelfs in de sportieve modus had de motor niet dat overenthousiaste wheelie-gevoel van een MT-09, hoewel een Poolse rijder er toch in slaagde om de nummerplaat aan de grond te krijgen. Toch kwam de Niken ook dankzij de in één richting werkende quickshifter snel genoeg van z’n plek om voor het nodige vermaak te zorgen, vergezeld van een overbekend, raspend geluid uit de korte uitlaatdempers.

Exact mikken

Op de rechte wegen onderin de vallei reed de Yamaha bij 150 km/u nog zonder moeite, met een respectabel doordouwersgevoel. De Niken moet ongeveer 210 km/u lopen en bleef lekker stabiel waarbij het ruitje en de brede kuip meer bescherming boden dan ik had verwacht. De Niken voelde eveneens lekker stabiel en uitgebalanceerd in snelle, doorlopende bochten en liet zich ook betrekkelijk gemakkelijk omgooien in korte bochtenseries. Er was slechts een klein rukje aan het brede stuur nodig, waarna de Niken de bochten met een nonchalante precisie volgde en ook op hoge snelheid zeer relaxed aanvoelde. Erg prettig, want een groot deel van de dag reden we op bijzonder bochtige wegen, waar de Niken kon laten zien dat hij de bochten inderdaad neemt met de scherpte van een slalomskiër. De motor voelde zich erg goed thuis op het over het meestal goede asfalt op de Grossglockner; over het algemeen kon je scherpe bochten gemakkelijk in zijn twee vol nemen, met vol vertrouwen in de grip van de voorwielen, soms zelfs met de voetsteunen aan de grond terwijl de motor een groot deel van de geclaimde 45° hellingshoek aansprak.

Veel grip

Later op de dag deed de Niken het soms beter, soms minder goed. We reden op smallere wegen terug naar de vallei beneden. Het wegdek was vaak kapot, met af en toe de excrementen van een onlangs gepasseerde kudde koeien. De stabiliteit tijdens het remmen was gelukkig dik in orde, net als de competentie om met één band grip te vinden, terwijl het andere door de gladde stront ploegde… Ik vond zelf dat de remmen de klus goed klaarden, ook al vonden enkele collega’s dat ze wat feller zouden mogen aangrijpen, vooral als je gewend bent de remmen met een of twee vingers te bedienen. Maar gebruik je gewoon je volle hand, dan weten de 265 mm schijven en de vierzuigerremtangen bij de voorwielen meer dan voldoende remkracht te genereren. Het ABS-systeem werkt op beide voorwielen onafhankelijk van elkaar, zodat je zelfs op gemengde oppervlakken bijzonder hard kunt remmen. Als je hard in het remhendel knijpt, kun je het achterwiel zelfs losremmen. En dat is niet alleen omdat het merendeel van het gewicht van de Niken op de voorwielen rust en het zwaartepunt redelijk hoog ligt. Sommige rijders, die de pech hadden om nogal wat regen tegen te komen, vonden ook dat de 190mm brede Bridgestond achterband niet genoeg grip had en dat de traction control bij een felle acceleratie te snel inkwam. Nu is de Battlax Adventure 41 niet de band met de allermeeste grip, maar ik had er geen enkel probleem mee, zelfs niet op stoffige en vochtige wegen. En op het droge hadden ze meer dan genoeg grip om de riante grondspeling tot op de grens te benutten.

Over- en onderstuur

Als er al een minpunt in de prestaties van de Niken zit, dan vind je die wellicht voornamelijk in heel krappe haarspeldbochten, waar je bijna stapvoets doorheen gaat. Daar merkte ik bijvoorbeeld dat de Niken bij het insturen en beetje de bocht inviel, terwijl hij bij het uitaccelereren juist wat onderstuur vertoonde. Je kon het effect tegengaan als je op tijd afremde en op het gas de bocht instuurde, wellicht geholpen door even de rem aan te tikken. Maar dat hoge, naar de voorzijde geconcentreerde gewicht kon je niet helemaal negeren. Het is natuurlijk ook zo dat de meeste motorrijders zelden of nooit dergelijke krappe bochten zullen tegenkomen, dus eigenlijk kun je het nauwelijks een echt minpunt noemen. Het bevestigde hoogstens dat de driewieler – ondanks het feit dat Yamaha de nadruk legt op sportiviteit en scherpe stuureigenschappen – van nature toch meer een sporttoermotor is. In die hoedanigheid biedt hij ook een redelijke bescherming tegen de rijwind, een zadel waar ik het 280 km en een hele dag op uit kon houden, stevige duo-handvatten, goede, zij het enigszins ver weg geplaatste spiegels, een 12 V stekkerdoos en een 18 litertank, waarmee je ongeveer 250 km ver komt met een niet al te florissant brandstofverbruik van 7 liter per 100 km (1:14,3).

Sportieve accessoires

De praktische eigenschappen van de Niken zouden naar een nog hoger niveau kunnen worden getild met een groter, instelbaar windscherm, beschermende handkappen, verwarmde handvatten en een kofferset. Daarmee zou het een serieuze allrounder worden, waarmee je net zo gemakkelijk naar je werk rijdt, toerritten maakt of over bergwegen scheurt. Deze accessoires zullen er ook zeker komen, hoewel Yamaha de accessoires in eerste instantie richt op sportief uiterlijk en prestaties. Daaronder vallen valbeugels, minimalistische handkappen en een Akrapovič uitlaatdemper. Dat doet een beetje vermoeden dat ze zelfs bij Yamaha niet helemaal zeker weten wat voor motor de Niken is, waarvoor hij het meest geschikt is en waar dit concept toe gaat leiden. Misschien is dat ook helemaal niet zo belangrijk. Het is belangrijker dat het een snelle, wendbare, plezierige en realistisch geprijsde motor is (in de meeste landen kost ie meer dan de MT-09 en de MT-10 Tourer Edition, maar minder dan de MT-10 SP en de FJR1300). De uitzonderlijke hoeveelheid grip aan de voorzijde is dezer dagen misschien niet zo’n groot voordeel, er is immers ook bochten ABS, maar het is toch een unieke en waardevolle eigenschap. Voor een machine die er zo bizar en anders uitziet rijdt de Niken opvallend zinvol en normaal. Of het een succesvolle, driewielige pionier wordt, zoals de MP3, of als later blijkt dat het een blinde duik in het onbekende was, zoals Yamaha’s voorvorkloze GTS 1000 of BMW’s overdekte C1 scooter valt nog te bezien. Als Yamaha genoeg motorrijders weet te vinden die het willen uitproberen, kon deze zeer moedige en originele driewiel-motor wel eens het begin van iets heel groots zijn.

Niken techniek – Yamaha’s hellende driewielmotor

De techniek van de voor wielophanging op de Niken lijkt sterk op die van de Tricity scooter, die Yamaha een jaar of vier geleden introduceerde. Het belangrijkste verschil is dat de twee voorvorkparen aan de buitenkant van de wielen zitten, in plaats van aan de binnenzijde. Daardoor ontstaat de bewegingsvrijheid voor een hellingshoek van 45°. De twee voorvorkbuizen zijn nodig voor de wielgeleiding, maar alleen de achterste, 43 mm buizen zorgen voor de vering, inclusief de afstelmogelijkheid voor de veervoorspanning en de in-en uitgaande demping. De voorste buizen, die een diameter van 41 mm hebben, voorkomen dat er torsie optreedt. Daarnaast zorgen ze voor luchtondersteuning als de 110 mm veerweg wordt aangesproken. De stuurgeometrie is veel steiler dan bij gewone motorfietsen, met een balhoofdhoek van slechts 20° en een naloop van net 74 mm. Het kanton maakt gebruik van een parallellogramconstructie, die zorgt dat de linker en rechter voorvorkpoten evenwijdig blijven staan. Net als bij een auto maakt de Niken gebruik van een Ackermann-geometrie. Dat wil zeggen dat een linksysteem ervoor zorgt dat het binnenwiel in een bocht een krappere radius kan volgen dan een buitenwiel. Yamaha heeft met diverse wielmaten geëxperimenteerd, maar koos uiteindelijk een 15 inch voorwiel. Volgens Yamaha heeft een motorfiets met twee voorwielen 80% meer grip dan een motorfiets met een enkel voorwiel. Toch is dit geen argument om er automobilisten mee te laten rijden. De spoorbreedte is en blijft 410 mm, wat betekent dat de wet het als een eensporig voertuig ziet en je er dus niet met een autorijbewijs op mag rijden, zoals met de Piaggio MP3, die een veel bredere spoorbreedte heeft.

Specificaties:

Motorblok:

Vloeistofgekoelde, dwarsgeplaatste driecilinder in lijn

Pluspunten:

Stabiliteit, scherp stuurgedrag, grip

Minpunten:

Over- en onderstuur in haarspeldbochten, ietwat ademnood op grote hoogte

Testlocatie:

Grossglockner, Oostenrijk

Omstandigheden:

Wisselvallig

Temperatuur:

20 graden

Testkilometers:

267 km

Cilinderinhoud:

847cc

Vermogen:

115 pk @ 10,000 tpm

Maximum Koppel:

87.5 Nm @ 8.500 tpm

Gewicht:

263kg (met volle tank)

Tankinhoud:

18 liter

Zithoogte:

820 mm

Geschikt vanaf Rijbewijs:

A

Prijs Nederland:

v.a. €17.499,- (2018)

Fotografie:

Alessio Barbanti & Jonathan Godin

Suzuki teaset terugkeer Katana

0

Nog geen drie dagen nadat ons ter ore kwam dat er men het in Japan zeker weet – de Suzuki Katana staat op het punt een rentree te maken – komt Suzuki zelf met een teaser, waarin een smid druk is met wat lijkt op de kling van een zwaard – een Katana dus, logischerwijs.

Ter afsluiting toont de teaser een groot wit symbool, waarna er als het ware een zwaard doorheen gaat. Gevolgd door de tekst Feel the Edge. Wat speurwerk levert op dat het symbool vrij vertaald neerkomt op de werkwoorden hakken of snijden. Overigens lijkt het dat het Oosters teken uit het Chinees en niet zoals in sommige media geopperd wordt – logisch ook – Japans komt. En ook dat brengt ons terug bij de katana (met een kleine letter; het zwaard dus) en daarmee de Katana (hoofdletter, dus de Suzuki merknaam). Het ontwerp van de katana stamt uit een tijd dat er veel Chinese invloeden op het Japanse keizerrijk uitgeoefend werden.
Suzuki Katana 2019
Tot zover de geschiedenisles, want wat bovenstaande vooral onderstreept, is dat we ons nu echt op kunnen maken voor een nieuwe Suzuki Katana. Nu schijnt het zo te zijn dat de aanstaande nieuwe Katana een geheel nieuws segment aan zal boren, en dat spitst de oren wel. Eerder deze week toonden we de computertekening van het Japanse Young Machine, die op een GSX-R1000R gebaseerd is – dat trokken we enigszins in twijfel, aangezien een GSX-S1000 zich er veel beter voor lijkt te lenen en daarbij doet Honda met de neo-retro CB1000R hetzelfde dat wij van een nieuwe Katana verwachten. Zoals de CB1000R als moderne naked met retro-invloeden uitgevallen is, lusten wij er wel meer.

Maar wat nou als de Feel the Edge-slogan – let op; Edge met een hoofdletter – een veel scherper, Katana-geïnspireerde machine aankondigt? Wat nou als we een jaren tachtig-achtige, maar toch moderne, GSX-R1000 krijgen? Precies zoals de rendering van Young Machine? Ja, dan kun je wel spreken van een nieuw segment.

Naar het schijnt volgen er nog meer teasertrailers voor de aangekondigde onthulling op 2 oktober – de persdag van de Intermot in Keulen – en dan zullen we het allemaal weten. Tot die tijd; een neo-retro-superbike? Kom maar door!

Foto’s en video: Suzuki en Motor.nl

 

Introductie: Harley-Davidson FXDR 114

0

Een dragracer gekruist met een straaljager, zo werd de FXDR onlangs  getypeerd. MOTO73 reed in Griekenland met de nieuwe Harley. Wij stelden Eddie, de geluksvogel, enkele vragen.

En, is het nou meer een dragracer of straaljager?
Een dragracer, absoluut. In alles zet de FXDR je aan tot stoplichtsprints en andere gekkigheid. Het begint al met de uitstraling van de enorme inlaat, tot de zithouding en de enorme 240-achterband. Check ook het design, met die ingekorte achterzijde, het dichte achterwiel en onderuitgezakte voorvork. En dat dikke 114 Milwaukee Eight-motorblok natuurlijk, 1868cc dik!. Die is van onderuit zó sterk dat elk voornemen om nu een keertje rustig bij het stoplicht weg te rijden, vanzelf z’n waterloo vindt.

Maar je hebt ook meer gedaan dan enkel stoplichtsprints, hopen we?
Zeker. Harley koos er voor om de FXDR in Griekenland te introduceren. Hier, rondom Thessaloniki, liggen bergwegen die aan bochten geen gebrek hebben. Ondanks een aluminium swingarm en tal van andere gewichtsbesparingen weegt ie rijklaar nog altijd ruim 300 kilo, maar gezien dat gewicht en zaken zoals de lange wielbasis, en balhoofdhoek stelt het rijwielgedeelte niet teleur. Ik had vooral veel plezier aan het uitaccelereren van langlopende bochten, want met die dikke achterslof kun je echt héél vroeg en met veel vertrouwen op het gas. Opvallend is de enorm ruime grondspeling. Ik heb echt m’n best moeten doen om de steps aan de grond te rijden. 

En het comfort?
Nogmaals; zie de FXDR maar als een dragracer, met kentekenplaat. Voor comfort is ie niet gemaakt. De zithouding maakt dat ik gisteren, na zo’n 250 kilometer, als een gebroken man afstapte. Nek en rug voel ik nu nog. Hoort er bij, geen probleem. 

Wat gaat ie kosten?
€29.000 in Nederland en €25.000 in België. En tel daar maar €330 bij op voor een gekleurd exemplaar. Hiermee kroont de FXDR vanzelf tot het top-exemplaar in de Softail-lijn, want alle familiaire modellen zijn beduidend goedkoper. 

Waar lezen we je volledige test?
In de MOTO73 die volgende week donderdag in de winkels ligt! En die is hier  online te bestellen…

Harley-Davidson FXDR 114 2018 Eerste Test Vlog #1

3

Bart was in Griekenland voor de persintroductie van de Harley-Davidson FXDR 114. Een eerste test en korte indruk #Vlog #Firstride

Kawasaki Z650 2019-model al leverbaar

0

Bij Kawasaki begint 2019 vroeg. De Z650 in 2019-specificatie staat nu al in de winkel. De naked – die ook geschikt is voor het A2 rijbewijs – is leverbaar in vier moderne matte kleurstellingen, Kawasaki groen, matzwart met een groen frame, khaki en mat wit met witte wheelstriping. Uiteraard is de populaire Performance Kit wederom leverbaar. Het bestaat uit een volledig titanium Akrapovi? uitlaatsysteem, een getint windscherm, een buddyseat cover in kleur, en een Z-tankpad. De Z650 Performance Kit kost € 1.199,-.

Doe op 19 september mee aan de Honda CB testdag!

0

Voor een Honda CB lezerstest door de Kop van Overijssel en lángs de IJssel is Mink Bijlsma op zoek naar piepjonge A1 rijbevoegde bezitters, jonge A2 rijbewijshouders en jong belegen ‘groot’ rijbewijsbezitters om een halve dag de Honda CB 125RCB 300R en CB 1000R te testen.

Heb je tijd, zin, lust én gelegenheid om op 19 september augustus naar Ten Kate in Nieuwleusen af te reizen en niet bang om je mening te geven?

Meld je dan hier aan