zondag 3 mei 2026
Home Blog Pagina 1660

Aalt Toersen op recordkoers

0

Nog zo’n zeven maanden en dan gaat Aalt Toersen, na een jaar uitstel, eindelijk echt het snelheidsrecord 50cc aanvallen. Plaats van handeling is ironisch genoeg het Amerikaanse Bonneville. Ironisch omdat uitgerekend de Amerikaan John Buddenbaum in 2008 het record van Jan Huberts, en dus van Nederland, afnam door gemiddeld 233 kilometer per uur te rijden. Met een 50cc! Huberts klokte in 1981 overigens 224 kilometer per uur. Vier jaar daarvoor was Henk van Kessel de eerste die een recordpoging deed (222 km/u). 

De afgelopen maanden is er door Team Groene Tulp hard gewerkt om de 50cc-raketmotor op scherp te zetten, zoals Maarten Fijlstra – samen met Toersen en Gerrit Tuenter verantwoordelijk voor de techniek – ons telefonisch laat weten. “De kooi is volledig nieuw ontworpen en bestaat nu uit buizen van 38 mm. De oude versie was door een reglementswijziging helaas te dun. We hebben de kooi meteen 80 mm ruimer gemaakt omdat dit veiliger is.” 

Ook rijtechnisch heeft de ‘raket’ een aantal forse aanpassingen gekregen. Fijlstra: “We hebben gekozen voor een monoveer aan de achterzijde en aan de voorkant voor een dubbele parallelle swingarm, van aluminium 7075 met 16 naaldlagers gelagerd!” Het mag dus duidelijk zijn; het is een meer dan serieus en meer dan technisch hoogstaand project aan het worden.

Als alles volgens planning blijft gaan, wordt er dit voorjaar een poging gedaan om een record te vestigen met (KNMV-)erkenning. Waar die poging gaat plaatsvinden is nog niet bekend. Het enige dat vaststaat is dat het in Nederland zal zijn. In mei moet het materiaal vervolgens al op transport. 

Enthousiast geworden? Denk dan eens aan de Club van 50 of de Club van 100. Je maakt dan deel uit van het project en je krijgt daarom een officieel certificaat. Bovendien ontvang je als eerste het laatste nieuws, komt je naam op www.groene-tulp.nl te staan en maak je kans op het winnen van het officiële schaalmodel van de Groene Tulp. Maar het belangrijkste is misschien wel dat je mag mee feesten als het record daadwerkelijk verbroken wordt. 

Binnenkort meer over dit bijzondere project in MOTOR Magazine of op MOTOR.nl. In onderstaand klikbaar fotoalbum kun je nu al meer zien. Let vooral er op hoe weinig ruimte Aalt heeft, ondanks de brede kooi…

 

[justified_image_grid ids=19052,19053,19054,19055,19056,19057,19058,19059,19060,19061]

Motorbeurs Utrecht: Jij en je motor, iets speciaals?

0

Langzaamaan krijgt de Motorbeurs Utrecht vorm. Steeds meer standhouders onthullen hun plannen, met soms opvallende initiatieven.

Europeesche Verzekeringen zet dit jaar ‘de motorrijder en zijn motor’ centraal. Op hun stand worden workshops georganiseerd waar bezoekers informatieve sessies kunnen bijwonen. Het gaat dan over zaken als veiligheid, benodigde kleding en rijtips.

Allemaal leuk en aardig, maar ze zoeken ook voor elke beursdag een motor met daarbij een eigenaar, die op zijn beurt een uniek verhaal te vertellen heeft. De motor wordt in de spotlights gezet en de eigenaar of berijder van de motor krijgt alle tijd om zijn verhaal te doen. Daarbij denkt de Europeesche aan motorrijders die beroepsmatig rijden, motorrijders die in competitieverband racen, de wereld zijn rondgereisd of een ander bijzonder verhaal te vertellen hebben.

Wij zijn reuzebenieuwd wie er in de spotlights komen te staan, geïnteresseerden kunnen hier verder lezen en zich eventueel opgeven. 

Lotus, blijf bij je leest

0

De legendarische Britse autofabrikant heeft het zich in het hoofd gehaald dat motorfietsen ook wel leuk zijn om ’te doen’. Partners in crime is het Duitse autoraceteam Kodewa dat de Lotus T128 LMP ontwikkelde en tevens eigenaar van Kalex, dat frames bouwt voor de Moto2. Designer Daniel Simon tekende voor het ontwerp. Hij is de man achter o.a. de Bugatti Veyron.

Veelgebruikte materialen voor wat de Lotus C-01 gaat heten zijn koolstof (carbon), titanium en staal met luchtvaartkwaliteit. Zeg maar het spul dat Lotus ook in de Formule 1 gebruikt. Op de van Lotus afkomstige computerafleebdling is niet te zien wat voor frame er gebruikt wordt, maar aangezien het subframe uit buizen bestaat, durven we de gok wel aan de onder het koolstof kuipwerk een buizenframe huist. Dat kan net zo goed staal als titanium zijn trouwens. Gezien de connectie met Kalex, is het ook wel duidelijk dat die de constructie voor z’n rekening heeft genomen.

Kloppend hart is niet een of ander waanzinnig eigen F1-gerelateerd blok van Lotus, zoals je zou verwachten, maar een exemplaar uit de KTM RC8R, dat getuned is tot 200 pk. In het Duitse Superbike kampioenschap is reeds ervaring opgedaan met het tunen van blokken (die ook nog eens heel bleven), dus er bestaat geen twijfel over dat die 200 pk wel gehaald zullen worden.

Het design is natuurlijk waar het om draait bij deze machine. Een mix van hypermoderne technologie en retro kenmerken die verwijzen naar het roemruchte raceverleden van Lotus. Een flinke knipoog naar de Lotus T49 racewagen die model stond voor het lijnenspel en details als de luchtinlaat. Natuurlijk komen ook de racekleuren zwart en goud terug.

Lotus zegt zich  serieus beziggehouden te hebben met de rijdbaarheid. Hoewel een hyperdepiepluxe superbike met extreme specificaties, moest er ook gewoon goed mee te rijden zijn en daartoe heeft het ding verbazingwekkend genoeg al een straathomologatie en is er ook reeds ruimschoots mee proefgereden in Duitsland!

Toch moet je jezelf afvragen hoe serieus dit project is. Hoewel er nog met geen woord over een prijs gerept wordt, is het gegeven dat het productieaantal onbekend is, omdat het aantal kopers nog moet worden geïnventariseerd wel een teken aan de wand dat het vooral een leuke vingeroefening is, met als resultaat een handjevol exclusieve motorfietsen voor wat rijke excentriekelingen.

 

Foto: Lotus

SCOOP! MOTOR MAGAZINE

0

Je ziet het al, een nieuw logo en dat is alleen nog maar de cover. Binnen in de lekker dikke uitgave vind je een frisse vormgeving en tal van nieuwe rubrieken, allemaal gebracht in de eigenzinnige en kenmerkende stijl die MOTOR Magazine onderscheidt. Want aan het karakter werd natuurlijk niet gesleuteld. Kortom, alles wat je gewend bent en meer!

Het was voor de redactie best even spannend, zo’n eerste nummer in een nieuwe vorm van een motorblad dat reeds 101 jaar bij de Nederlandse motorrijder op de mat valt. Met wat kleine uitwijkmanoeuvres, enig laveren en nog wat doorbijten, lag alles keurig op tijd bij de drukker en haalde de redactie opgelucht adem om vervolgens te horen dat de distributeur een klein steekje heeft laten vallen…

De vertraging valt gelukkig mee. Vrijdag aanstaande ligt ‘ie in de winkel en zaterdag valt hij bij abonnees op de mat.

Getest: SPIDI HARD TRACK

0

Spidi springt met dit allround (en allweather) pak in op het alsmaar uitdijende Adventure-segment. Moet gezegd, het Long Way Round/Down gevoel spat er vanaf, zeker in deze kaki-woestijnkleurstelling. Aan (binnen)zakken geen gebrek. Dat vraagt wat discipline aangaande huissleutels en bankpasjes, maar eenmaal een favoriete zak gevonden is zo’n ruime voorraad aan opbergmogelijkheden toch vooral praktisch. En aan alles is gedacht. Zo zit in de linkerborstzak een waterdichte map (aan een elastiek) voor eventuele wegenkaart en/of papieren. Heb je echt zin in een stevig stukje toeren, is er rekening gehouden met plaatsing van een Hydrobag en bijbehorend ‘rietje’. Niet echt iets van alledag, wel cool. Wel van alle dag, zegmaar voor het hele jaar rond, zijn de verschillende lagen waaruit de Hard Track is opgebouwd. Liefst drie lagen telt het pak. De eerste laag heeft een voeringfunctie, de tweede, ademende ‘H2out’ laag zorgt voor volledige waterdichtheden en de derde (buiten)laag is behandeld met een waterafstotende materie. Zo zit je van Sahara tot Antarctica aardig geramd. Het verwijderen van de verschillende voeringen gaat zonder al te veel problemen.

Het pak is na z’n ontmaagding in de verschillende herfststormen in ieder geval bewezen waterdicht. De pasvorm en afwerking zijn buitengewoon te noemen: mooie leren ‘pads’ en ventilatieopeningen op de belangrijke punten. Ronduit handig is de ‘uitschuifbare’ binnenschacht van de broek die je diep je laarzen in kunt laten zakken. Vreemd genoeg zijn broek en jas niet aan elkaar te ritsen; in plaats daarvan heeft Spidi gekozen voor een constructie waarbij je twee elastieken stelriempjes – tussen de benen door – aan de jas vastklikt. Soort bodystocking, voor de jaren-negentigliefhebbers onder ons. Ietwat apart. Grote voordeel is wel dat de jas niet gaat ‘trekken’ zodra je op de motor gaat zitten. Zowel esthetisch als kwalitatief een prima pak.

Getest door Randy van der Wal
Prijs € 569,90 (jas), € 379,90 (broek)
Info www.hocoparts.com, www.spidi.com

Ongeluk achtervolgt Tech 3

0

Dikke pech voor Tech 3. Terwijl het team klaar stond om in te pakken voor de eerste tests in Maleisië, werd de Zuid-Franse regio waar de teambasis huisvest, getroffen door enorme waterval. Al snel stroomden de rivieren over, terwijl het team dacht zich nog niet zoveel zorgen te hoeven maken. Een waterdichte deur zou namelijk wel bestand zijn tegen de waterdruk. Maar helaas, die waterdeur bleek niet te doen waar ‘ie voor gemaakt is, en al gauw stond de gehele basis onder water.

Team Manager Herve Poncharal, die ook de foto’s maakte, toonde zich teleurgesteld maar tegelijkertijd plaatste hij ook een positieve kanttekening: ‘We hebben pech, maar als dit midden in het seizoen was gebeurd, waren de gevolgen niet te overzien geweest. Hoewel we veel dingen moeten repareren en schoonmaken, zijn de gevolgen te overzien.’

Foto’s: Herve Poncharal

[justified_image_grid ids=19047,19048,19049,19050]

Regen hindert Van der Mark. Alweer… UPDATE

0

Je kunt het haast geen nieuws meer noemen: een WK Superbike- en WK Supersport-test op Portimão die in het water valt. Ook in 2014 werd deze treurige traditie helaas voortgezet met veel regen en lage temperaturen in de Algarve. Kortom, absoluut niet wat je wilt vlak voor de start van het nieuwe seizoen. Toch Michael van der Mark? “Inderdaad, maar het is niet anders. We hebben gelukkig nog wel op een droge baan kunnen rijden, maar de omstandigheden werkte natuurlijk niet echt mee. Dat we desondanks nog van alles hebben kunnen testen is erg fijn. We hebben bovendien wederom veel vooruitgang geboekt, dus dan mag je gezien het weer niet ontevreden zijn. Na Jerez merkten we dat vooral achter de grip nog verbeterd kon worden. Doordat Portimão vanwege het vele water weinig grip bood, was het lastig om op dat gebied vooruitgang te boeken, maar het is desondanks wel gelukt. Net als bij de andere gebieden!”

Volgens de WK Superbike-organisatie zou Van der Mark begin februari ook nog op Jerez gaan testen, maar dat blijkt iets anders in elkaar te steken. “Alleen het WK Superbike-team komt dan in actie. Gelukkig hebben we nog een tweedaagse test op Phillip Island. Ik kijk daar echt naar uit. Vorig jaar hadden we een hele goede set-up gevonden voor dit schitterende circuit. Ik ben benieuwd of deze afstelling net zo goed gaat werken met de grote stappen die weg gemaakt hebben deze winter.”

Tony Coveña, de tweede Nederlandse WK Supersport-coureur, rijdt pas op Phillip Island voor het eerst in 2014. Coveña: “De bedoeling was om voor het vertrek naar Australië nog te testen in Jerez maar dat bleek logistiek niet haalbaar omdat alles al vroeg naar de andere kant van de wereld moet”, aldus de Intermoto Ponyexpres Kawasaki-rijder. “Natuurlijk had ik graag nog een paar dagen willen rijden. Bij de officiële testdagen, maandag 17 en dinsdag 18 februari Op Phillip Island, komen we wel in actie.” Overigens is Intermoto niet het enige team dat ‘koud’ naar Phillip Island trekt. Sterker nog, de meeste WK Supersport-deelnemers zullen daar voor het eerst dit seizoen testen. Gelukkig kreeg Coveña in 2013 al wel de gelegenheid om de Intermoto Kawasaki uit te proberen en heeft wat dat betreft een voorsprongetje.

UPDATE 21-1-2014
In het WK Superbike zorgde de slechte weersomstandigheden eind vorige week plotseling voor een erg interessante test op Portimão. Pata Honda besloot vanwege de regen langer te blijven en daardoor kwamen veel topteams in actie. Suzuki domineerde zoals ze vroeger soms deden in de MotoGP. Toen waren ze op Phillip Island echter vooral snel door het stopwatch iets te vroeg in te drukken, op Portimão omdat de GSX-R1000 grote stappen gemaakt lijkt hebben. En omdat ze natuurlijk met Alex Lowes en Eugene Laverty twee goede rijders hebben. Lowes: “De test ging erg goed en we komen steeds dichterbij het punt waar we willen zijn, al is er nog genoeg te leren. Tijdens de laatste dag heb ik voor het eerst een race-simulatie gedaan. De tijden waren goed maar nog gelukkiger ben ik met het goede gevoel dat ik had met de Suzuki. Dat geeft echt vertrouwen. Veel dank gaat uit naar mijn team, want ze hebben tijdens de test op Almeria en hier op Portimão ongelooflijk hard gewerkt.”

Ook bij Pata Honda zagen we lachende gezichten dankzij de derde plaats van Jonathan Rea. Hoewel Rea toegaf dat er nog veel moet gebeuren, lijkt het Nederlandse team het lek boven te hebben. Datzelfde kan gezegd worden van Ducati, want met Davide Giugliano op de vierde plaats en Chaz Davies op de zesde stek zat de Panigale er twee keer goed bij. Iets dat vorig jaar eigenlijk niet voorgekomen is. Marco Melandri sloot de test op Portimão teleurgesteld af als vijfde. Problemen met de afstelling van het chassis kostte de Italiaan meer tijd dan verwacht. Positief voor Melandri is dat aan het einde van de test de goede richting wel gevonden werd. 

Onofficiële tijden WK Superbike-test Portimão
1. Alex Lowes (GB) Voltcom Suzuki 1.42,5     
2. Eugene Laverty (IRL) Voltcom Suzuki 1.42,6
3. Jonathan Rea (GB) Pata Honda 1.42,9
4. Davide Giugliano (I) Ducati Superbike Team 1.42,9
5. Marco Melandri (I) Aprilia Racing 1.43,1

6. Chaz Davies (GB) Ducati Superbike Team 1.43,2
7. Leon Haslam (GB) Pata Honda 1.43,3
8. Sylvain Barrier (F) BMW Italia (Evo) 1.44,0
9. Claudio Corti (I) MV Agusta 1.44,5
10. Alex Hofmann (D) Aprilia testteam 1.45,0
11. Jeremy Guarnoni (F) Kawasaki Evo 1.45,3

Van de Supersport-test zijn geen tijden vrijgegeven.  

Getest: Yamaha MT-09

0

In plaats van terug te vallen op de zo vertrouwde, tot in de puntjes doorgeëvalueerde, viercilinder besloot Yamaha het met de MT-09 over een andere boeg te gooien. Die van de driepitter. Op papier is de triple goed voor een gezonde 115 pk bij 10.000 tpm en 87,5 Nm bij 8.500 tpm. Dat lijkt niet hysterisch veel meer dan uittredend stalgenoot FZ8 (106 pk en 82 Nm), de MT maakt er wel al veel eerder in het toerenspectrum serieus werk van dan de piekerige viercilinder. Daar komt bij dat de driepitter door afwezigheid van een hele drijfstang, zuiger, verbrandingskamer en aanverwante artikelen liefst 10 kg minder op de schaal zet dan z’n voorganger. En dan hebben we het alleen over het blok. Over de hele linie maakt de MT, uitgerust met een die-cast aluminium frame een afgetrainde indruk: 188 kg. Rijklaar. Daarmee bivakkeert de MT in Street Triple- en Brutale 800-territorium.

De compacte opbouw van de driecilinder werpt ergonomisch z’n vruchten af. Wat direct opvalt is de riante beenruimte (lees: kleine kniehoek) en de rechttoe-rechtaan, supermotard-achtige zitpositie. Er valt nog iets op. De gretigheid waarmee de MT aan het gas hangt…Met een druk op de knop kun je wel switchen van STD(standaard) naar A- of B-Mode; in A wordt de gasreactie verder aangescherpt, in B juist wat afgevlakt voor ‘easy to use power characteristics’. Gezien de nogal opgewonden standaardsetting, opteer ik gelijk voor B. De driepitter pakt nu wel loepzuiver op.
Je kunt merken dat ze bij Yamaha lang bezig zijn geweest de vermogensafgifte te perfectioneren. De crossplane-lay-out, de verschillende inlaatkelkhoogten, de korte bakverhoudingen; alles dient om de pk’s zo vroeg mogelijk los te laten en vervolgens zo lang mogelijk vast te houden.

Rondsturend over de ietwat gladde Kroatische wegen voel je dat Yamaha de balhoofdhoek en naloop (25? en 109 mm) aardig aan de veilige kant heeft gehouden. Het was de Japanners vooral te doen om een lekker neutraal aanvoelend rijwielgedeelte te creëren. Sturen gaat niet met de gretigheid van een Street Triple of Brutale, maar dat zal zich enkel laten voelen in een direct vergelijk. Daarbij gaan koersveranderingen nog altijd dermate vlot, dat de MT zich het predicaat ‘sportief’ probleemloos mag toe-eigenen. Datzelfde mag zeker ook gezegd worden van de vierzuiger Sumitomo’s, geheel naar hedendaagse standaard radiaal opgehangen en van het monoblock-type. Een vingerhoedje ‘input’ is genoeg om de MT op z’n neus te zetten.

Na een lange periode van radiostilte slaat Yamaha nu keihard terug met deze MT-09. De driepitter brengt verfrissend nieuw (Japans) elan in het populaire naked segment en dat alleen is al pure winst. Hoewel de MT een uiterst fijn sturende en tot in de puntjes verzorgde motor is – het oog voor detail is in design en afwerking uitzonderlijk hoog voor een motor uit dit genre – steelt het driecilinderblok toch de show. De vermogensontplooiing van de 850-triple is om door een ringetje te halen, potent vanaf de eerste omwenteling, maar geciviliseerd genoeg om iedereen te vriend te houden. Schoonheidsfout is de gasreactie, die in STD-mode het Zwitserleven Gevoel aan boord wat in de wielen rijdt. Deze hapering daargelaten, maakt Yamaha met de MT-09 een spectaculaire driecilinder-entree. Prijs? € 9.490,-, inclusief ABS.

[justified_image_grid ids=18935,18936,18937,18938,18939,18940,18941,18942]

Ducati Monster 1200 is geboren!

0

De nieuwe Monster 1200 is gistermiddag voor het eerst in productievorm van de lopende band gerold. Op de foto zien we Claudio Domenicali (de grote baas bij Ducati) de champagnefles hanteren, terwijl chef-productie Silvano Fini de Monster van de band rijdt.

Vanaf nu draait de productieband op volle toeren en zullen de Monsters op transport worden gezet richting dealers wereldwijd. Het is nog niet precies bekend wanneer de Monsters in de showrooms van Nederlandse Ducati-dealers staan, maar langer dan een maand lijkt dat niet te gaan duren.

De dikke supernaked, met het 1198-Testastretta-motorblok, gaat in ‘kale’ uitvoering 135 pk leveren, en in S-uitvoering 145 pk. Ducati verwacht het meeste animo voor het S-model en richt zich in de eerste productiefase dan ook op de S.

 

[justified_image_grid ids=19034,19035,19036,19037,19038,19039,19040,19041,19042,19043,19044,19045]

MV Dragster: brute brutale

0

De gedachte dat de MV Agusta Dragster een soort Ducati Diavel zou worden, blijkt onjuist. In een filmpje dat de Italianen hebben uitgebracht zijn enkele shots te zien waaruit blijkt dat de Dragster een agressievere uitvoering van de Brutale 800 is.

In het filmpje, dat we je maar besparen omdat we eigenlijk ook wel moe worden van al die zorgvuldig geregisseerde promotiefilmpjes, zien we duidelijk dat de Dragster in de basis een Brutale is, maar met een verhoogd stuur (foto boven) en een agressieve achterzijde meer streetfighter dan naked is. Toch lijkt er qua rijwielgedeelte, motorblok en componentkeuze weinig nieuws onder de zon.

Italiaanse media speculeren over een turbo, die momenteel weer in de mode komt, die het motorblok moet onderscheiden van de ‘normale’ driecilinder 800. In het filmpje is daar echter niets van te zien, en zolang er geen geluidsfragmenten te horen zijn, lijkt het ons pure speculatie.

Om het je makkelijk te maken hebben we hieronder de belangrijkste details uit het filmpje op een rijtje gezet:

 

[justified_image_grid ids=19029,19030,19031,19032]