vrijdag 22 mei 2026
Home Blog Pagina 1125

Twee nieuwe Indians: Challenger Dark Horse en Limited

0

Deze week werden we geconfronteerd met de PowerPlus, Indians nieuwste blok. Da’s een beest van 1.769cc. De 60 graden vloeistofgekoelde V-twin perst er 122 pk uit en 178 Nm. Maar voor welk model was dat blok eigenlijk bedoeld? Nou, voor de Challenger Dark Horse en Limited. Met de vaste kuip, ‘omgekeerde’ voorvork zijn de Challengers geen motoren die onopvallend voorbij rijden.

Het blok is een beest, maar het onderhoud eraan is beperkt. Dankzij hydraulische klepstoters en spanners op de distributieketting kun je duizenden kilometers voor de Indian naar de dealer moet. Behulpzame elektronica is volop aanwezig. Zo heb je de keuze uit drie rij-instellingen: Rain, Standard en Plus waarmee je de gasrespons van het blok voelbaar verandert. Alle instellingen zijn natuurlijk gekoppeld aan een passend ingrijpende traction control.

Comfortabel motorrijden

De Challenger beschikt over tal van comfortverhogende accessoires, zoals een langeafstandszadel (!), elektronische cruisecontrol, waterdichte zadeltassen met een inhoud van 68 liter en je kunt de contactsleutel in je broekzak houden als je de Challenger start. Het scherm is instelbaar, evenals de ventilatieopeningen. De LED dagrijverlichting, centraal geplaatste koplamp en nieuw vormgegeven Indian-embleem op het voorspatbord geven de Indian Challenger een heel eigen profiel, overdag en ‘s nachts.

In de fraaie ‘omgekeerde’ voorvork zijn radiaal gemonteerde Brembo-remmen met race-specificaties geïnstalleerd. Mochten de Metzeler Cruisetec banden tijdens het remmen toch blokkeren, grijpt ABS in. 

Volop techniek

De Challenger is niet zomaar een bagger. We schreven het al eerder: er zit volop techniek op de motor die het motorrijden eenvoudiger maakt. De Challenger heeft bijvoorbeeld Smart Lean Technology. Da’s  elektronica dat je helpt beter de bocht door te komen. Hart van het systeem is de Bosch IMU, dat cornering pre-control geeft aan de dynamische tractiecontrole en ABS, naast Drag Torque Control.

Eenzaam op en lange rit? Dan zet je de RodeCommand aan. Da’s het grootste touchsceen infotainementsysteem van maar liefst 17,5 cm. Het systeem toont naast weer- en verkeersinfo ook allerlei belangrijke info over de motor. Gekoppeld aan het systeem: Bluetooth® en USB-koppeling voor smartphones. Je kunt het systeem eventueel upgraden met het PowerBand Audio Plus systeem, dat bestaat uit 50% krachtigere speakers in de kuip en zadeltassen.

Accessoirepakketten

Direct beschikbaar zijn twee accessoirepakketten waarmee je je Challenger naar eigen smaak kunt verfraaien. De Challenger Roque Collection biedt keuze uit  allerlei premium zwarte items en een zwart middelhoog stuur, een getint windscherm en zwarte valbeugels. De Challenger Tour Collection verhoogt het comfort met een 406mm hoog windscherm, een afneembare sissy bar, een rugleuning en voetsteunen voor de passagier, een verlengd zadel, een rugsteun voor de rijder, highway pegs en een hak/teen versnellingspedaal.

De Challenger Dark Horse is leverbaar in de kleuren Thunder Black Smoke, Sandstone Smoke en White Smoke. De Indian Challenger Limited is beschikbaar in Thunder Black Pearl, Deepwater Metallic en Ruby Metallic. Prijzen en levertijden zijn op dit moment niet bekend.

Foto’s van de Indian Challenger Dark Horse

Foto’s vn de Indian Challenger Limited

Nikki van der Spek in 2020 GS Trophy Female Team

0
Nikki van der Spek
Van der Spek, samen met Claire Bichard (Frankrijk) en de uiteindelijke nummer één Isabela Londoño Rivas (Latijns Amerika).

Nikki van der Spek en Petra Kroon hadden zich geplaatst voor de 2020 GS Trophy Female Team-kwalificatie. Met een tweede plek in de eindstand bij de dames wordt Van der Spek nu de vierde Nederlandse deelnemer in de GS Trophy 2020.

‘Het ging echt boven verwachting goed’, vertelt Van der Spek opvallend rustig. ‘Je gaat erheen en weet dat het Zuid-Afrikaanse team en de rijders uit Zuid-Amerika heel sterk zijn. Dan verwacht je niet na de eerste dag tweede te staan. Echt super!’

Oorspronkelijk was Van der Spek geselecteerd om zich te kwalificeren voor TeamNL van de GS Trophy. Tijdens de qualifiers bleken Peet Gerards (30), Xavier Tobé (22) en Jaap van Hoofwegen (35) toch de drie beste Nederlanders en leek het avontuur in Nieuw-Zeeland aan de Zuid-Hollandse voorbij te gaan. Dat Van der Spek vervolgens tussen 31 vrouwelijke deelnemers op een haar na zelfs de allerbeste van het Female Team was, maakt wel wat goed. Van der Spek: ‘Het is wel een goedmakertje, maar onderdeel van TeamNL zijn had toch wel mooier geweest. Maar ja, die jongens zijn gewoon zo goed!’

Dat effe onderuit trekken… kostte Van der Spek veertig punten: ‘Anders had ik gewoon eerste gestaan!’

Dat Van der Spek na twee dagen zelfs aan de leiding ging, om uiteindelijk toch als tweede te eindigen in de finale, lijkt haar weinig te deren. ‘Je wint er niks mee, als beste uit een qualifier komen. De beste zes gaan door, dus de tweede plek was al genoeg’, legt ze kalm uit. ‘De navigatietest op dag twee had eigenlijk iedereen verkloot, maar omdat mijn eerste dag zo goed ging, lag ik toch eerste in de tussenstand. Ook de finale ging lekker, met veel heuvel op en af, veel grote stenen. Alleen toen trok ik hem toch effe onderuit net voor het eind.’

Nikki van der Spek
Met die roze broek is Van der Spek moeilijk te missen!

Dat ‘Effe onderuit trekken…’ kostte Van der Spek toch wel ‘effe’ veertig punten. ‘Ja, dat is jammer. In de eindstand werd ik tweede op vijf punten van de nummer één. Anders had ik gewoon eerste gestaan!’

Met haar deelname in het 2020 GS Trophy Female Team maakt Van der Spek uit van een zeskoppig damesteam en kan ze zich opmaken voor een winter trainen. ‘Trainen gaat gewoon door. Je moet toch de feeling blijven houden’, stelt ze. ‘Ik ga niet uit van een topklassering in Nieuw-Zeeland, maar de dames hebben de heren wel eens vaker kunnen verrassen in de GS Trophy!’

Foto’s: BMW Motorrad en Nikki van der Spek

Britse V8-straatmotorfiets onderweg

0
Eisenberg V8

Wat krijg je als een meervoudig landsnelheidsrecordhouder een 3000cc V8-motorblok ontwerpt en er een chassis voor ontwikkelt? Een waanzinnige machine genaamd de EV8, met – zit je goed? – 420 pk.

De gekke geleerde achter dit project is Zef Eisenberg, die met bijna vijftig Britse titels en wereldtitels terugkeerde naar het Britse eiland Guernsey om samen met zijn MADMAX Race Team de EISENBERG V8 te bouwen. Zijn doel was altijd de conventie te vermijden; geen Amerikaanse V8, maar een met een vlak getapte krukas. Toeren draaien, dat moest het.

Zo’n krukas met de vlakke kruktappen maken het blok totaal anders dan de kenmerkende Amerikaanse V8-motorblokken. De kruislings getapte krukas van die V8’s zorgen voor de niet te missen V8-roffel. Maar terwijl dat geluid leuk is, is die configuratie geënt op koppel. De EISENBERG V8 moest paardenkrachten produceren.

Dus koos men voor een krukas met de kruktappen vlak verdeeld over de as. Dat biedt niet alleen een veel smallere krukas, maar staat het ook meer toeren toe. Tel erbij op dat Eisenbergs compactere krukas ook helpt het blok zelf compacter te houden.

Hoe bepalend een motorblok ook is voor een motorfiets; het is nog altijd slechts een deel.

Eisenberg V8

Nog een ander belangrijk doel was dat het een ‘straat’-motorfiets moest worden. Die aanhalingstekens plaatste het Eisenberg er zelf bij, trouwens. Met E85 – 85 procent ethanol dus – wist men zelfs 500 pk te produceren, maar een straatmachine rijden op ethanol is geen doen. Zodoende werd er opnieuw verfijnd en werd alles zo aangepakt dat er een nog altijd bizarre 420 pk uit de achtcilinder gehaald kon worden.

Alleen zijn dit soort immens krachtige blokken vaker bedoeld voor powercruisers dan nakedbikes. Om het geheel te laten sturen werd de geometrie scherp gehouden, de wielbasis bleef beperkt tot 1.650mm en het gewicht kwam uit op een rijklare 280 kilo.

Hoe bepalend een motorblok ook is voor een motorfiets; het is nog altijd slechts een deel. Inmiddels hebben Eisenberg en de zijne de motorfiets als een geheel ook bijna af – zoals de foto’s laten zien. Naar verwachting tonen Eisenberg en MADMAX de EV8 in zijn definitieve vorm op de Motorcycle Live-show in Londen vanaf 16 november.

Tot die tijd wil je natuurlijk voor horen hoe dat klinkt – en gaat – toch?

Foto’s en video: Eisenberg Racing / MADMAX Race Team

Suzuki Recursion (2013) – Het had zo mooi kunnen zijn

0
Suzuki recursion

Bij Suzuki moeten ze doodziek zijn van alle mensen die maar om de Recursion blijven zeuren. Laat ze in Hamamatsu niet met het beschuldigende vingertje richting die zeurpieten wijzen, maar naar zichzelf. Suzuki, laat die kleine turbo nou gewoon eens komen!

Het zijn zware tijden voor verstokte Suzuki-fans. Waar andere fabrikanten de afgelopen jaren een stortvloed aan begeerlijke, technisch hoogst interessante, pk-brakende en wonderschone motoren over ons heen storten, bleef het verdacht stil bij Suzuki. Dit jaar zagen we alleen een nieuwe Katana en GSX-R1000. Waar zijn de tijden gebleven dat we likkebaardend uitkeken naar nieuwe Soezen? Zoals in 2013, toen de Recursion voor het eerst zijn opwachting maakte.

Verbazingwekkend leuk
We zijn ondertussen bijna zeven jaar verder en nog altijd heeft de Recursion de status van conceptmodel. Terwijl het ding er in 2013 op de Tokyo Motor Show al zo verschrikkelijk productierijp uitzag. Dat niet alleen, de motor maakte ook extreem nieuwsgierig. Hoe geweldig moet een lichte motorfiets met een moderne turbo rijden? Een 589cc staande twin met een enkele turbo met intercooler in een levendig rijwielgedeelte moet goed zijn voor verbazingwekkend leuke rijervaringen.

Schor van het schreeuwen
Dankzij de turbo levert het bescheiden blok moeiteloos het koppel van een liter-zware motorfiets. Bovendien moet het koppel breed uitgesmeerd zijn over een groot toerenbereik. Een moderne turbo transformeert een motor ook niet meer in een notoire zuipschuit, maar juist in een gematigde innemer. Als je dat soort dingen leest wil je maar een ding van de daken schreeuwen: laat dat ding komen! Helaas zijn we schor van het schreeuwen. Dat deden we in 2013, 2014, 2015, 2016, 2017, 2018 en 2019.

Zou het dan toch?
Geen idee of alle schreeuwers en zogenaamde zeurpieten gehoord worden, maar er verscheen dit jaar plotseling weer nieuws op het Recursion-vlak. Uit het niets doken patenttekeningen (die vind je hier) op van een Recursion met een dubbel wiegframe. Het DOHC-blok is niet langer dragend onderdeel van het rijwielgedeelte. De cilinderinhoud groeide in de loop der lange jaren van 589 naar 700 cc. Zou het dan toch? Suzuki heeft een lange traditie van betaalbare, eenvoudige, maar geweldig leuke machines. Hopelijk voegt de Recursion zich ooit bij deze lange rij motoren.

2020 Aprilia RSV4 krijgt af-fabriek elektronische vering

0
2019 Aprilia RSV4 1100 Factory

Volgens berichten krijgt De Aprilia RSV4 1100 Factory volgend jaar niet alleen een semi-actieve elektronische vering van Öhlins, maar ook nieuw tricolore kleurenschema.

De upgrade jaagt meteen de geruchtenstroom aan. Voor modeljaar 2020 zitten er geen andere updates in de pijplijn voor de eerbiedwaardige superbike. Dat zou kunnen duiden op een nieuwe RSV4 (of hoe het ook zal heten) voor 2021.

Hoe die motor er uit zal zien, is natuurlijk voor iedereen nog een raadsel. Mogelijk dat rond de EICMA show een teaser van de motor de wereld wordt in gestuurd.

Dat het V4 blok gehandhaafd blijft, is meer dan zeker. Maar het belangrijkste kenmerk van de superbike zal het actieve aërodynamica-programma A³ zijn. Wat dat betreft gaat Honda er met de primeur vandoor, omdat die het eerst aan het front verschijnt met actieve aërodynamische oorlogsvoering.

Nieuw 108 PowerPlus-blok van Indian

0
Indian PowerPlus

Indian komt voor de aanstaande nieuwe top-bagger met een nieuwe 108 kubieke inch tweecilinder blok. Dit PowerPlus-motorblok produceert een niet te zuinige 120 pk, maar vooral het koppel is indrukwekkend.

Met 178 newtonmeter koppel is het nieuwe Indian PowerPlus-blok met recht een aanwinst om trots op te zijn. Als vuistregel kun je stellen dat iedere 10cc goed is voor 1 Nm koppel. Alleen wordt het steeds moeilijker aan die richtlijn te komen naarmate het blok groter wordt. Dat Indian desondanks maar liefst 178 Nm bij 3.800 tpm uit de 1769cc-krachtbron weet te trekken, is dus behoorlijk knap.

Beelden van het nieuwe blok lekte eerder dit jaar al. Indian presenteerde toen de aanstaande Challenger – een grote toergerichte bagger. Het Amerikaanse merk vond dat het nieuwe vlaggenschip een blok als dit verdiende en liet het niet enkel bij woorden. Groot verschil is wel dat de gelekte beelden toen een verchroomd blok toonde. Indian is sowieso wel van de glimmende afwerkingen bij hun grotere cruisers, dus wellicht zien we de PowerPlus V-twin later nog in het chroom.

Met de vloeistofgekoelde tweecilinder V-motor doet Indian opnieuw wat concurrent Harley-Davidson maar moeilijk lijkt te kunnen verkroppen. Vloeistofkoeling zou gevoelig liggen bij de doelgroep, waarop Harley-Davidson voorzichtig – maar doeltreffend – met het olie- en vloeistofgekoelde Milwaukee Eight blok kwam.

Indian gooit het over een andere boeg en breekt met traditie.

Indian gooit het over een andere boeg en breekt met traditie van de Amerikaanse twins met klepbediening middels stoterstangen. Naast het ontbreken van luchtkoeling heeft het PowerPlus-blok namelijk ook een bovenliggende nokkenas. Traditie is een slechte raadgever, en dat weet Indian. Dus geen conservatisme vanuit Springfield, Massachusetts; progressie.

Indian PowerPlus
De Indian PowerPlus uit 1919.

Wil overigens niet zeggen dat het nieuwe PowerPlus-motorblok volledig gevrijwaard van historie of traditie is, trouwens. De PowerPlus-noemer verwijst namelijk naar de Indian PowerPlus. Dat sportmodel werd tussen 1916 en 1924 door Indian op de markt gezet om de strijd aan te gaan met de dominante Amerikaanse racemerken van toen, Excelsior en Harley-Davidson.

Naar alle waarschijnlijkheid zien we de Indian Challenger en het PowerPlus-blok volgende week onthuld worden op de EICMA in Milaan.

Foto: Indian en Bonhams

Aston Martin gaat motoren bouwen

0
Aston Martin Brough Superior

Telkens als een autofabrikant besluit zich – wel even – op de motorfietsmarkt te storten, moet je dat met een korreltje zout nemen. Dat Aston Martin het nu gaat doen, nemen we serieuzer. Zeker omdat het Britse automerk het samen met Brough Superior gaat doen.

Het herboren Brough Superior heeft eenzelfde nalatenschap als Aston Martin – historisch, gedistingeerd, exclusief – en de samenwerking lijkt dus op voorhand al meer dan logisch. Met name dat derde eigenschap zal de boventoon voeren in hoe de twee Brough Superior en Aston Martin in hun samenwerking stappen.

Geen intenties voor massaproductie dus; exclusiviteit pur sang. Brough Superior doet dat nu al met hun huidige SS100. Die machine is niet alleen haast onbetaalbaar duur, maar ook waanzinnig fijngevoelig en met de hand gebouwd. Dat wil Aston Martin in haar aanstaande tweewieleravontuur dus ook gaan doen.

De zwarte kriebeltjes die je bovenaan dit bericht ziet; al wat we nu te zien krijgen.

Wat we precies moeten verwachten, is nog totaal ongewis. In een gezamenlijk persbericht laat Aston Martin weten dat zij en Brough Superior de wereld op EICMA in Milaan volgende week kennis willen laten maken. Of de Aston Martin-motorfiets een moderne, hyperexclusieve sportmachine wordt – denk aan de Norton V4SS – of toch een machine meer in lijn met de SS100 van partner Brough Superior, dat is de vraag.

Brough Superior SS100
Brough Superiors bizar exclusieve SS100; bedenk eens hoe dat met een Aston-sausje oogt!

Reken trouwens nog niet op een productiemodel. Het persbericht laat doorschemeren dat we een blik in de toekomst krijgen, maar nog niks definitiefs. Al zal het sowieso beter zijn dan de zwarte kriebeltjes die je bovenaan dit bericht ziet; al wat we nu te zien krijgen.

Het is te hopen dat Aston Martin het avontuur beter doorkomt dan toen ze ooit een samenwerking met Toyota aangingen. Aston Martin stak toen de supermini Toyota IQ in een Aston-jasje; de Cygnet genaamd. Slechts twee jaar duurde het, zonder succes.

Aston Martin
Aston Martins laatste samenwerking, met de links de Toyota IQ en rechts de Aston Martin Cygnet. Een flop pur sang.

Hoe deze nieuwe samenwerking wel uit gaat pakken, zien we volgende week. Nog even geduld!

Afbeeldingen: Aston Martin, Toyota, Brough Superior

En wéér wordt de motorfiets vergeten!

3
File
Foto: ANP

November wordt een horrormaand op de weg, zo lezen we vanochtend op de website van het Algemeen Dagblad.

November is sowieso al een drukke maand omdat bijna niemand vrij neemt in deze tijd. Niet zo gek natuurlijk met de herfstvakantie net achter de rug en de kerstvakantie aanstaande. Daarnaast speelt het weer vaak een weinig positieve rol bij de verkeersdrukte. Tel daarbij de wintertijd op en het is bingo. Gemiddeld zijn er alleen al 324 ongevallen per dag in deze maand. Daarnaast zijn er paar ingewikkelde werkzaamheden. Ellende dus.

De ANWB springt handig in op dit ‘dreigende nieuws’ en komt met vijf tips plus zelfs een supertip om files te ontwijken, bedacht door ANWB-filelezer Bianca Damink. Iemand met ervaring dus. Haar tips zijn dan ook zeker niet slecht, alleen er wordt wederom met geen woord gesproken over het grote voordeel van de motor in dit soort omstandigheden. Bizar!

Bij Tip 3 komt ze overigens heel dichtbij maar een eclectische scooter kunnen wij helaas toch niet goed rekenen…

Overigens zijn wij de laatste om te roepen dat op de motor tussen de file doorrijden ontspannen of zorgeloos is. Iedereen heeft ooit minimaal een oei moment gehad, maar samen staan we sterk. Daarom zijn we erg benieuwd naar jullie tips om veilig door de file heen te rijden.

Deel ze hieronder en help elkaar.

Sportweekeinde: Ten Kate Racing anders bekeken

0
Ten Kate Racing 2019
Het volledige Ten Kate Racing-team. Ja echt, het volledige.

Elke maandag bespreekt Marien wat hem opviel in het afgelopen sportweekeinde. Verwacht geen raceverslagen, maar wel een andere kijk op de actualiteit.

Of ze voor dit seizoen bij Ten Kate Racing ooit zo tevreden zijn geweest met een tiende plek in het WK? Dat hoef je niet eens na te vragen bij Ronald, Gerrit of Kervin Bos. Nee, natuurlijk niet. Als je jarenlang reed voor de wereldtitel – en dat deden ze in totaal tien keer succesvol – kun je helemaal niets met die klassering. Een keer twee of derde geeft normaal gesproken al een winter lang stekende hoofdpijn.

Maar 2019 is natuurlijk niet normaal met de komst van Yamaha, het opbouwen van een nieuw team, het missen van de eerste vijftien races en het leren werken met een nieuwe rijder. Midden in het seizoen.

Dat kan eigenlijk niet.

Maar juist deze laatste vier woorden gaven het nieuwe Ten Kate Racing – Yamaha zoveel motivatie dat ze het vanaf Jerez toch nog voor elkaar kregen om 138 punten bij elkaar te rijden. Marco Melandri had een heel seizoen nodig om op een Yamaha R1 tot 177 te komen… En vorig seizoen kwamen twee niet altijd even fitte en gemotiveerde Red Bull Honda-rijders tot slechts 172 stuks…

Met een normale voorbereiding hadden Ten Kate Racing en Baz daar dik over heen gegaan. Geen twijfel mogelijk. “Creatief zijn met middelen die we eigenlijk niet hebben”, noemt Kervin Bos dit in een binnenkort te verschijnen interview in MOTO73 en dat is wat mij betreft meteen dé uitspraak van 2019.

Waarom? Omdat heel veel rijders en raceteams het niet eens lukt creatief te zijn met de middelen die ze wel hebben… Boerenverstand heeft Ten Kate gelukkig altijd heel ver gebracht en dat gaat ze komend jaar ook nog heel ver brengen.

Ik hoop verder dan ooit met Honda gelukt was!

MOTO73-reportage: Maïscross

0
Maiscross

Maiscross, maisplakcross of zelfs gewoon maisplak; namen te over voor het jaarlijks terugkerend fenomeen van het crossen op gerooide maisvelden. In de Achterhoek, Twente en in Brabant ontkom je er bijna niet aan, maar wat houdt het nou eigenlijk in?

In MOTO73 editie 22 neemt redacteur Nick Enghardt zelf een kijkje. Verleden jaar was hij bij de seizoensfinale van het kampioenschap van Maiscross.nl. Vier Brabantse motorcrossverenigingen hebben via die website de krachten gebundeld. Zodoende werden de aparte maiscrossen van MCC De Ganghouwers uit Sint-Oedenrode, MAC BEDAF uit Uden, De Vlammers uit Boekel en De Peelrijders uit Handel stuk voor stuk rondes van een waar kampioenschap, waarna de winnaar per klasse tot Maiscross Kampioen gekroond wordt.

En nou klinkt maiscross op die manier heel serieus – en qua opzet en organisatie kun je er niet omheen dat dat ook het geval is – terwijl de sfeer juist gigantisch gemoedelijk is. Deels omdat de rijders veelal meer liefhebbers dan topsporters zijn, maar ook omdat alle rijders samen sterk staan tegen bepaald niet het allerlekkerste weer. Zoals ieder jaar, gaat om deze tijd de mais van het land en zodoende gaat, zoals ieder jaar, in november de maiscross van start. Alleen of november garant staat voor droog weer… Nee, natuurlijk niet.

Kijk overigens uit niet in de verleiding te komen maiscross als een paraderondje over een lege akker te bestempelen. Meer liefhebber dan topsporter; dat gaat voor velen op – maar bloedfanatiek zijn ze stuk voor stuk. Al was het maar omdat er behoorlijk volle startlijsten aangerukt worden. Voor zo’n beetje elk van de klassen, trouwens.

Alle crossen worden verreden onder de vlag van de MON, wat onder meer de tijdwaarneming voor haar rekening neemt. Desondanks is een MON lidmaatschap geen vereiste. Inschrijven dan weer wel. Inmiddels zijn de inschrijvingen al open, en voor veel klassen dan ook mogelijk alweer gesloten.

Toch een kansje wagen op een deelname of gaan kijken? Op www.maiscross.nl vind je alle informatie over het waar en wanneer. Het verhaal lees je in MOTO73 editie 22. Deze ligt nu in de winkels en is hier te bestellen.