vrijdag 24 april 2026
Home Blog Pagina 1154

Cornwall: Waterval van indrukken

2

Cornwall, alleen de naam al laat je wegdromen. Klippen, zandstranden, slaperige vissersdorpjes en een branding die de natte droom van elke surfer is. Herinneringen aan Koning Arthur, lang verlaten mijnen. Land’s End en het Eden Project. Alsof er een clip van de plaatselijke VVV in je hoofd draait. We stoppen de clip even…

Klaus Daams

De beelden gingen de hele wereld rond. Boscastle verdween bijna van de wereld. Dat was op 16 augustus 2004 toen er tijdens een heftig onweer aan de kust van Cornwall zoveel regen viel dat het water in de Boscastle rivier opeens twee meter hoger kwam te staan. Direct daarop liep er nog een vier meter hoge vloedgolf tegen de stroom in naar het 800 zielen tellende dorpje in de nauwe fjord. De bewoners vluchtten massaal de daken op. Op de terugweg nam die watermassa 50 auto’s en zes gebouwen mee, zo de door de storm gegeselde Atlantische Oceaan in. In een spectaculaire luchtreddingsactie haalden helikopters van de Royal Air Force 150 personen, waaronder hotelbezitster Margret Templar, aan hun lierkabels van de daken af. De grote krantenfoto van Margrets redding hangt intussen pontificaal ingelijst in haar herbouwde hotel ‘The Riverside’. En precies daar beginnen we, op 16 augustus, aan onze rit door Cornwall.

Ruïne in Tintagel

Vandaag is de vloed tegen elven op zijn hoogste punt. Maar nu laat het water de bootjes vriendelijk dobberen in de bij eb droogvallende haven van Boscastle. Dat ziet er heel wat prettiger uit dan de vloed van 2004, waar – wonder boven wonder – overigens geen doden bij gevallen zijn. En in de monding van de rivier steigert nu geen vier meter hoge vloedgolf, maar in onze magen klotst het van de koppige Tetley’s bitter waarin vers gevangen makrelen en calorierijke chocokoekjes ronddobberen. Een typisch Engels ontbijt is nu eenmaal net zo overdonderend als een tsunami…
Maar de hemel boven Boscastle is grijs als de lak op onze Triumph. Die kleur staat de Triumph beter. Feitelijk een prima weertje voor een bezoek aan het lokale Witchcraft Museum. Het Heksen Museum. Ook met dit weer is hier van alles te doen over iets dat te maken heeft met Arthur ‘King of the Round Table’. Alleen is een bezoek aan de ruïne van het slot waar Arthur ooit leefde, bij de kust van Tintagel, met motorlaarzen aan toch meer een outdoor activity. De replica’s van zijn nobele zwaard Excalibur zijn er in talloze uitvoeringen, maar allemaal ‘Made in China’. Al dat plastic hadden ze beter voor sufplanken kunnen gebruiken.

Golven rond Gull Rock

Alsof we door de nevelen van Avalon koersen, navigeren we door de soep van minuscule waterdruppeltjes over een dun weggetje naar Trebatwith Strand. En daar lopen we Shaun Boundy tegen het stevig getatoeëerde lijf. De 51-jarige levensartiest heeft niet alleen 17 motoren, maar ook een surf shop. Zijn zoon runt de surfschool. De stek is perfect gekozen, want om de wat vooruitgeschoven Gull Rock loeit de wind en razen de golven. Altijd.

Vroeger verdienden de bewoners van Cornwall hun dagelijks brood in de visserij en, bijvoorbeeld in Delabole, met leisteen. Tegenwoordig zijn toeristen de voornaamste inkomensbron. Het stadje Padstow is daar een mooi voorbeeld van. Het plaatsje met zijn middeleeuwse steegjes en historische vissershaven is zo populair dat motorrijders met een hekel aan ver buiten het centrum liggende parkeervelden zich met loeiende koelventilatoren en gevaarlijk hoog oplopende koelvloeistoftemperaturen door het drukke centrum moeten wringen. Het is zo broeierig heet dat topkok en TV-ster Rick Stein, die in Padstow een visrestaurantenkoninkrijkje heeft opgebouwd, zijn kreeften gewoon op tafel kan laten garen. Wanneer je er de voorkeur aan geeft zeegedierte in hun natuurlijke habitat te bewonderen, is een wandeling door de doorzichtige tunnel van het Bleu Reef Aquarium in Newquay een goede optie. Eenmaal weer buiten stuit je dan al snel op de drukke, kilometerslange zandstranden met hun ideale surfcondities.

Meeste kroegen per inwoner

Op Fistral Beach beloven ze je de hoogste golven van Europa. En dat wil iedereen zien. We stoppen ons gesjok en geloop en duiken de kustweg tussen Portreath en Hayle op. Boven ons hangen rafelig witte wolkjes onder een strakblauwe hemelkoepel. Merlijn heeft met zijn laatste beetje toverkracht alle pedaalemmers laten verdwijnen en het gas gaat er op. We laten zelfs de volgende toeristenfuik voor wat hij is. Ondanks het feit dat het de befaamde kunstenaarskolonie St. Ives met zijn vermaarde Tate Gallery is. Sorry cultuur!

De B3301 en de 3306 zijn de weinige wegen op de kaart met de landschappelijk schoon belovende ‘groene streep’. Soms slingeren ze lui over de met varens begroeide heuvels, soms knikken ze scherp weg voor de krap aan de straatkant geparkeerde boerderijtjes. En overal is de wereld afgezoomd met muurtjes van los gestapelde stenen, bossen hortensia’s en dat alles overspoelt door een zon die ’s avonds de zee inkleurt met goudoranje waterverf. En voor je dan helemaal doezelig je mandje induikt, kom je terecht in Just-in-Penwith.

Het voormalige mijnstadje moet over het hoogste KPI-coëfficiënt (kroegen per Inwoner) van heel Groot-Brittannië beschikken. Om toch weer wat frisser te worden, is het van uit het centrum een stevige wandeling naar Cape Cornwall, een plek die zo buitenissig romantisch is dat zelfs boekhouders aan het dichten slaan. Halverwege tussen Kaap en kroeg vinden we in Boswedden House een überromantische slaapplaats te midden van louter hemelse rust.

Gammele schoorsteenstompen

‘Wanneer je Cornwall wilt leren kennen zoals het is, of zoals je denkt dat het zou moeten zijn, dan moet je het wandelpad langs de kust nemen,’ zwijmelt een verliefd koppel de volgende dag aan het ontbijttafeltje naast ons. Ze lopen de driedaagse tocht tussen St. Ives en Land’s End. En als je daarbij het idee wilt krijgen hoe de mensen hier vroeger leefden, dan is een afzakkertje naar het historisch mijnmuseum Levant Mine ten noorden van St. Just een must. Aan het begin van de 19e eeuw gonsde het in Cornwall van de mijnbouwactiviteiten. Er werd koper en tin gewonnen. De natuur is de klap intussen te boven, maar de gammele schoorsteenstompen en muren herinneren nog steeds aan de glorietijd van weleer.

Rondzwerven en rondkijken. Feitelijk is elke excursie in Cornwall een succes. Lekker in het gras liggen bij de vuurtoren van Pendeen Watch. Wegdromen over Columbus en het ontdekken van heel nieuwe werelden. Jammer alleen dat die dromerijen constant worden onderbroken door vogelliefhebbers met enorme verrekijkers die om de haverklap opduiken en vragen of wij de vogels ook zo mooi vinden. Hinderlijk.

Mousehole: gedecoreerd kleinood

Veel tijd en vier Pond parkeergeld kun je besparen in Land’s End. Tenminste, wanneer je uit de buurt blijft van de kuddes toeristen. Dat is allemaal anders bij het lodderige Mousehole, een met palmen gedecoreerd kleinood aan een met zand afgezoomde havenkom, wat van de kademuur afspringende jeugd en een paar kreeftenvangers. Paul is er de lokale parkeerplaatsbewaker. Hij heeft met zijn Aprilia Pegaso in vier jaren 500 kilometer gereden en heeft de liefde gevonden in zijn zelf geïmporteerde Witrussin uit Minsk. Vergeet ook de wortelcake en de Cream Teas in Cafe Tremayne niet. Daar kan je ook overnachten mocht je in Mousehole stranden.

Een definitiever rustplaats hebben veel zeelui gevonden bij de Lizard Point. Het uiterste zuiden van het Britse Eiland. Er is daar dan wel een serieuze vuurtoren gepoot, maar die garandeerde niet dat je op de klippen liep me je schuit. Tenminste, dat doet het indrukwekkende scheepskerkhof je geloven.

Onoverzichtelijk labyrint

Het einde-van-de-wereld sfeertje wordt stevig onderstreept door het zware donkere wolkendek waar nog maar een enkel lichtstraaltje doorheen prikt. Dat restje licht blikkert op de loodgrijze golven van de van verraderlijke rotsen vergeven zee. Met een bocht van 180 graden en een draai aan het gashandvat voorkomen we nog net dat de lokale spoken ons te pakken krijgen.
Op de weg naar St Mayes moet je nauwkeurig navigeren. De route is een onoverzichtelijk labyrint van smalle door bomen en hekken omzoomde wegen. Al het groen langs de weg wordt gemaaid door de flanken van voorbijkomende vrachtauto’s. En er is net even te veel verkeer om er op te gokken dat er toch niemand aan komt.

Het fietsveer bij Helford blijkt wat te krap voor onze fietsen, maar wat verderop vinden we de ‘King Harry Ferry’ die zomers tot 21.20 zijn werk doet. Hoe graag we ook in het vestingstadje St. Mayes met zijn subtropische begroeiing en gezellige haventje voor anker waren gegaan: we hadden al onderdak geboekt in St. Austel. Daar schetst de waardin van onze B&B – haar dochter vocht in Afghanistan – de lokale visie op de verhoudingen tussen de USA en het voormalige wereldrijk, het Perfide Albion: ‘Als de Amerikanen zeggen “spring!”, dan vragen wij “Hoe hoog?”.

Botanische universum

Zelfs James Bond was al in het Eden Project, een futuristische rij van acht halve bolvormige broeikassen waarin een botanische universum schuilt. Er zijn scenes geschoten voor Die Another Day. Het Project is een spektakelstuk, een bezoekersmagneet voor heel Cornwall geworden. En het is de ideale excuusstop voor als het erg slecht weer is. Niet alleen voor tuinkabouters. Motorrijders mogen direct bij de ingang parkeren. Gratis. Er zijn kluisjes voor je helm en je motorpak. Binnenin de koepels is het erg vochtig en klam. Als in een Turks bad.

Snobistisch interessant

Dartmoor ligt om de hoek. Het ligt niet in Cornwall, maar in Devon. Een kniesoor die hierom maalt. Hetr is er fantastisch toeren. Ook voor liefhebbers van in het wild rondwalende ponies. Booswichten die er in de wereldberoemde gevangenis terechtkomen, zijn dat structureel niet. Dartmoor kreeg zijn stemmig droeve en kale uitstraling overigens doordat alle bomen werden gekapt voor de scheepsbouw, om de wereld verder te ontdekken.

Wil je het echt naar je zin hebben, boek je een kamer in bijvoorbeeld in het Two Bridges Hotel. De lobby is een gezellige grot met tapijten op de vloer en vol lederen fauteuils. Uit een van de eetzalen klinken de schrille kreten van een Crimi Diner en je kunt er besluiten of je wijn uit Devon echt lekker, of alleen snobistisch interessant vindt. Met de huidige klimaatomslag moet het spul over een jaar of tien toch wel drinkbaar zijn. In de tussentijd zal de eer van de regio hoog gehouden moeten worden door Lucy, een van de drie huisganzen. Lucy is nu even weg voor een fotoshoot, want ze wordt het nieuwe beeldmerk van het hotel.

[sgpx gpx=”/wp-content/uploads/gpx/TRK-Cornwall.GPX”]

Aanhoudende hitte: gemeenten strooien zout

0
Zoutstrooien Rijkswaterstaat - ANP

Het was de afgelopen week soms te warm om motor te rijden en aankomend weekend wordt het opnieuw tropisch. Naast de verzengende hitte was er nóg een reden om je motor in de garage te laten staan: diverse gemeenten hebben zout gestrooid. Dit uit angst voor oververhit asfalt, schade aan het wegdek en daaruit voortvloeiende gevaarlijke situaties.

Zout, vooral in opgeloste vorm in pekelwater, heeft een verkoelende werking op het wegdek en bitumen. Zand of grit wordt door sommige gemeenten ook gebruikt, maar zorgt vooral voor grip en voorkomt geen schade aan het wegdek. Voor ons, motorrijders, zijn al deze oplossingen natuurlijk waardeloos. Zand en grit is voor ons juist glad en pekel tast onze motoren aan.

Een gemeente die heeft bevestigd vorige week zout gestrooid te hebben, is gemeente Utrechtse Heuvelrug. Dat is slecht nieuws voor ons, want de gemeente is gastheer van diverse prachtige motorroutes over de heuvelrug.

Foto boven: ANP

Koel toeren langs de Hollandse Waterlinie

2

Het echt warme – tropische – weer laat Nederland voorlopig links liggen. Na de uitschieter op zaterdag a.s. – 32 graden – krijgen we met temperaturen te maken waarin het in een motorpak goed is uit te houden. Heb je voor zaterdag toch en motortocht in gedachten, zou de route langs de Hollandse Waterlinie voor de nodige verkoeling kunnen zorgen.

Met dank aan Yvonne en Hans Vrolijk

De Hollandse Waterlinie was een serie defensieve vesting- en inundatiewerken die het economisch en politiek hart van Nederland – de Randstad – moesten beschermen tegen invallers. Dat had in de 16e eeuw tijdens de Tachtigjarige Oorlog tegen de Spanjaarden ook goed gewerkt. Toen bleek het onder water zetten van gebieden een effectieve manier om de vijand op afstand te houden.

De bedoeling van inundatie was dat het water zo’n 40 cm boven het bewuste terrein kwam. Dat was onbegaanbaar voor de voetsoldaat en net te ondiep om te varen. Het was wel noodzakelijk de waterstand zeer nauwkeurig te kunnen reguleren. Hiervoor werd een slim systeem van sluizen en stuwen uitgedokterd.

Helaas voor de vestingbouwers stond de techniek niet stil. Eind 19e eeuw ondergroef de uitvinding van de houwitzer de voordelen van linie. Daar viel nog enigszins mee te leven, maar het vliegtuig betekende echt de doodklap voor de Hollandse Waterlinie. De – betonnen – vestingwerken werden verlaten en bleven ongebruikt achter in het landschap. Laten staan was immers goedkoper dan afbreken. De natuur kreeg de vrije hand en dat leverde onverwachts een hoop zeldzame plantjes en beestjes op. En nu dus ook een leuke motortocht.

[sgpx gpx=”/wp-content/uploads/gpx/TRK-Waterlinie.GPX”]

Zeelenberg lovend over Quartararo (en andersom)

0
Wilco Zeelenberg
2019 MotoGP World Championship, MotoGP Test, Sepang, Malaysia, Wilco Zeelenberg

Vijf jaar geleden was Fabio Quartararo nog slechts bekend in Frankrijk en Spanje. Frankrijk is zijn geboorteland, hij racete op jonge leeftijd veel in Spanje. Toen al viel hij op bij Wilco Zeelenberg, die Yamaha destijds al tipte hem in de gaten te houden. Quartararo reed twee jaar in de Moto3, met tweemaal een tweede plaats (o.a. Assen 2015) als beste uitslag. Vorig jaar won Quartataro heel verrassend de Moto2-race in Catalunya en werd hij in Assen tweede.

Toen Wilco Zeelenberg werd benaderd voor het nieuwe door Petronas gesteunde Yamaha-satellietteam voor de MotoGP wist hij meteen wie hij als rijder wilde hebben: Fabio Quartararo. Hoe goed Zeelenberg dat had gezien bleek in Qatar al meteen bij de eerste GP, want de Fransman kwalificeerde zich als vijfde. In de GP van Catalunya behaalde hij in zijn zevende MotoGP-race met een tweede plek zijn eerste podiumplaats in de koningsklasse. Zeelenberg: ‘Fabio presteert boven verwachting. Ik ben dit project ingegaan met het idee dat hij in de toekomst zou kunnen gaan winnen.’ Quartararo is op zijn beurt lovend over Wilco: ‘Wilco heeft erg veel ervaring. Hij helpt me kalm te blijven en niet nerveus te worden.’

Nog meer Nederlanders!

Niet alleen Wilco Zeelenberg is verbonden aan het Petronas Yamaha SRT-team, ook Torleif Hartelman zit bij dit Maleisische team. Hartelman is rijderscoach. Dat is een druk bezette baan, want het team is in alle klassen vertegenwoordigd met in totaal vijf rijders. Hartelman: ‘Ik sta langs de baan en kijk hoe ze rijden. Ik let niet alleen op m’n eigen rijders, maar ik kijk ook hoe de concurrentie rijdt. Mocht zich iets aandienen met een rijder, dan lossen we dat met een lach op. We gaan proberen bij de TT beide MotoGP-rijders op het podium te krijgen. ’Quartararo is blij met de aanwezigheid van Hartelman: ‘Torleif staat langs de baan. Als ik een probleem in een bocht heb, vertel ik dat aan hem. Het is goed dat hij in het team zit.’

Perfecte timing

0

Het TT Circuit is er klaar voor, de fans op de Rossi-tribune zijn er helemaal klaar voor en stiekem best veel andere TT-bezoekers ook wel. Alleen: is de man waar de TT voor velen om draait, Valentino Rossi, er zelf wel klaar voor? Dankzij Jorge Lorenzo een vraag die niet te beantwoorden is. Of toch wel? Het zou namelijk niet de eerste keer zijn dat Assen alles voor hem verandert.

Als je ergens tien keer een Grand Prix weet te winnen, hoeft het geen verdere uitleg dat er ergens een klik moet zijn tussen coureur en circuit, zoals in het geval van Valentino Rossi en Assen. Toch verdient deze zegereeks van Valentino Rossi op het TT Circuit wel extra uitleg, want dat Rossi na zijn Ducati-periode drie van zijn tien GP-zeges op Assen pakte, zegt nog veel meer. Hij weet dus dat hij er op een goede dag Marc Marquez kan verslaan. Hoewel GP-coureurs dit soort psychologische argumenten zelden toegeven – ze willen je namelijk altijd doen geloven dat ze hiervoor immuun zijn – speelt het ook in de MotoGP een grote rol, zelfs bij Rossi. Een stelling die wordt bevestigd door Fabio Quartararo, die rijdt voor het Petronas Yamaha SRT-team van teammanager Wilco Zeelenberg.

Honderd procent fit voor Assen

De Fransman liet zich tussen Mugello en Barcelona opereren aan zijn rechteronderarm omdat hij last had van het compartimentsyndroom (opgepompte onderarm). Die operatie was voor de Catalaanse GP niet eens noodzakelijk. Waarom dan toch die operatie voor Barcelona, waar hij vorig jaar in de Moto2 zijn enige GP-zege tot nu toe pakte? Quartararo: ‘Anders was het met Assen en de Sachsenring direct erna te zwaar geworden. Vooral Assen was kritisch geweest en ik denk dat juist dit circuit ons heel goed kan liggen. We weten dat Valentino daar heel veel races heeft gewonnen en we weten dat de Yamaha daar goed is. Er zijn niet te veel rechte stukken en de handling van onze motor is heel goed. Daarom heb ik de operatie direct na Mugello gedaan, want zo ben ik honderd procent fit voor Assen’, aldus de Fransman. Dat Quartararo hiervoor Barcelona wilde opofferen, iets wat uiteindelijk niet gebeurde, laat zien hoe groot het geloof binnen Yamaha is voor succes bij de Dutch TT. Binnen Yamaha ja, want in het geval van Quartararo is het echt niet alleen de Fransman die de beslissing over het moment van opereren neemt. Het feit dat Rossi in de laatste vier edities van de Dutch TT altijd minimaal één ronde op kop doorkwam, versterkt dit geloof natuurlijk enorm.

MOTO73 13/2019

Ben je benieuwd naar de rest van het verhaal? Wat is de belangrijkste opdracht voor Rossi tijdens de Grote Prijs van Nederland als hij in Assen zijn elfde zege wil pakken? Je leest het in MOTO73 13/2019! Koop het nummer hier online in de webshop. De editie is ook tot en met woensdag 3 juli verkrijgbaar in de winkel.

Foto: 2Snap
Tekst: Marien Cahuzak

Scorpion Exo-R1 Air blaast hitte uit de helmschaal

0

Dat had je gisteren moeten weten. Met je helm in de volle zon; je wilt niet weten hoe heet het daar dan wordt. Volgens zeggen heeft de Scorpion Exo-R1 Air ‘een uitstekend ventilatiesysteem en KwikWick3-voering’. Daardoor zou het rond je hoofd een stuk koeler moeten zijn.

De Scorpion Exo-R1 Air is hoe dan ook een opvallende helm. Zeker op het gebied van de pasvorm. Die garandeert Scorpion met Airfit. Deze helm wordt niet passend gemaakt door grotere schuimstukken te plaatsen, maar door er lucht in te blazen. Zo moet de helm altijd perfect aansluiten. Ook voor brildragers, want daarop is de helm ook voorbereid.

Opblaasbaar

Met opblaasbare wangstukken alleen kom je er niet als je een goed passende helm wil. Daarom werkt Scorpion met drie maten helmschalen. Trouwens over die wangstukken. Die haal je er heel gemakkelijk uit zodat medisch personeel in geval van een ongeval de helm zonder moeite kan afnemen. De sluiting is ook voor iedereen te openen en sluiten. Da’s namelijk een dubbel-D sluiting van titanium.

De Scorpion Exo-R1 Air wordt heel compleet geleverd. Want in de box zitten ook twee vizieren. Naast het standaard vizier – inclusief tear off-pins en Pinlock Maxvision – zit er ook een dark smoke-vizier in.

Specs

Maatvoering: XS tot en met XL (drie verschillende buitenschalen), prijs: €369,95 (Solid); €399,95 (Corpus en Ogi) , garantie: 5 jaar

Meer info op trophymotorsport.nl

Klaar voor avontuur: Wrench Kings Royal Enfield Himalayan

0
Wrenchkings Royal Enfield Himalayan

Er is weinig dat allroads gemeen hebben met caféracers. Maar als het op maatwerk aankomt, heeft iedere bouwer wel een gemeenschappelijk doel: een betere en mooiere motorfiets maken.

Neem deze Royal Himalayan: gebouwd door het Nederlandse Wrench Kings. Uit een standaard Royal Enfield Himalayan wisten ze een schitterende urban adventurer te toveren. Ze deden dat overigens in samenwerking met Gannet Design (Ulfert Jansen).

Meer motoren van Wrench Kings zien? Check wrenchkings.com

 

Foto’s Bas Duijs Fotografie

 

Noorwegen: Lofoten – Thor’s Theater

0
Lofoten

‘Groene Alpen in de zee’ noemen de Noren de eilandgroep van de Lofoten die uit de Noordelijke IJszee steekt. Ruig, mysterieus en ongehoord mooi. Een ideale reisbestemming als je niet kunt beslissen of je voor vakantie in de bergen of aan zee wilt rijden. Hier vind je ze allebei, afgetopt met de middernachtzon, die tussen mei en juli de nacht tot dag maakt.

Klaus Daams

Een namiddag eind juni in de havenstad Bodø, 80 kilometer ten noorden van de poolcirkel aan de Noorse westkust. Een ongezellig grijze hemel dreigt met neerslag. Snel weg hier. Naar de Lofoten, want die liggen lekker ver buiten op zee en van daaruit blaast de wind altijd het goede weer deze kant op. Er is nog tijd tot de veerboot om 18.30 uur vertrekt naar Moskenes op de Lofoten. Die gebruiken we voor een spontaan gemaakt soepje uit de voorraden van onze kombuis.

Een zekere ongevoeligheid van de maag kan bij de oversteek naar de Lofoten geen kwaad. Want tussen de eilanden Moskenesøy en Mosken trekt de sterkste zeestroming ter wereld. Deze zogenaamde maalstroom is bijzonder verraderlijk wanneer stormachtige wind tegen het opkomende tij botst, en hij is al heel wat schepen kolkend noodlottig geworden. Maar vandaag gaat het er kalmpjes aan toe. En de blik ver naar voren over de boeggolf van de veerboot werkt enthousiasmerend. Niet alleen omdat de donkere hemel openscheurt en de zon door de wolkslierten knipoogt. Het lijken wel de Dolomieten, wat daar op de horizon uit de zee steekt en steeds groter wordt. Een perfect decor voor deel twee van “The day after tomorrow”, als de klimaatcatastrofe na New York ook naar ‘good old Europe’ komt.

Spooklicht

De uit het water oprijzende bergwand is de 120 kilometer lange muur van de Lofoten, die bestaat uit bergen van de verschillende eilanden van deze archipel. Tegen tien uur in de avond worden de passagiers aan land gespuugd. Moskenes ontpopt zich als een kleinood bestaande uit een kerkje, bonte houten huizen en kotters, ingeklemd door rotswanden als door een steeksleutel uit de gereedschapset.

Tijd om de motoren te starten en nog een paar kilometer weg te spoelen in het zadel van de BMW 1200 G S en de Kawasaki KLV 1000. In Moskenes zorgt de middernachtzon van 27 mei tot 17 juli voor een heldere hemel rondom de klok. Verder naar het noorden wordt die periode nog ruimer; op de Noordkaap loopt hij van 13 mei tot 29 juli. Wie kan en wil er dan aan slaap denken? In het vale licht werken de uitgestorven nederzettingen als na een aanval met neutronenbommen. In de spookachtige entourage brengen diephangende witte wolken een beetje beweging, die als overkokende melksoep over de bergruggen schuiven en dan in ultra- slow-motion in de volgende kom vallen, of zich op wonderlijke wijze weer terugtrekken. Ook een hoop wit in Å, de meest zuidelijke plaats op de Lofoten die via de weg te bereiken is. Als een schaapskudde staat daar een kolonie van campers op een kluitje.

Tijd voor ons om in de tent te duiken. Dankzij het allemansrecht (het recht om overal je tent op te zetten) is het zoeken naar een slaapplaats in Noorwegen eigenlijk heel eenvoudig. Evenwel maken de vele mooie plekjes kieskeurig: voor de eerste nacht op de Lofoten moet het een plaatsje op de eerste rij zijn, met fantastisch uitzicht op zee en middernachtzon. Maar hoe later de nacht, hoe bescheidener vandaag de eisen. Zo zijn we blij als we bij Sakrisøy een acceptabel weitje vinden, weliswaar een beetje schuin op de helling, maar mooi wel met uitzicht op de fjord.

Om 10 uur is de wereld weer in orde. Onder ons de Kirkefjord, die een beetje doet denken aan de Königssee bij Berchtesgaden in de Alpen. De vele bergen aan de oevers van de fjord kun je niet over het hoofd zien. Van alle indrukken dan maar de allermooiste: waterdamp die naar vers gezette koffie ruikt. Aan de andere kant van de weg ruikt het heel anders. Op houten droogstellages hangen bizarre viskoppen in lange rijen, de door het klimaat gemummificeerde resten van kabeljauw waarvan stokvis is gemaakt.

Alpien genieten

Op de eilanden van de Noordelijke IJszee is het overal mooi, op veel plaatsen zelfs bijzonder mooi. Zoals bijvoorbeeld in het Unesco-cultuurhistorisch monument Nusfjord. Rond de binnenhaven staat een paar dozijn pittoreske ‘rorbuer’, oude vissershutten op stelten, die inmiddels als edele vakantiewoningen worden verhuurd. Geen wonder dat aan het begin van de bebouwde kom van Nusfjord veel bussen parkeren en de toegang verboden is voor gemotoriseerd verkeer. Een mooie gelegenheid om de draaicirkel van de enduro’s te testen.

De door de tot 90 kilometer brede Vestfjord van het Noorse vasteland gescheiden Lofoten vormen samen met de ten noorden aansluitende Vesterålen een 300 kilometer lange keten van eilanden. Hoogste top is met 1266 meter de Møysalen. Aangezien de bergen direct steil uit zee oprijzen, hebben ze ondanks de relatief geringe hoogte een alpien karakter. Er zijn maar weinig bomen, die er waren zijn al lang omgehakt voor het maken van boten en huizen. De belangrijkste eilanden zijn door bruggen en tunnels met elkaar verbonden. In het zuid-westen ligt Røst, een archipel die uit 365 eilanden bestaat en een tehuis biedt aan een slordige 2,5 miljoen vogels. Dankzij de golfstroom kan de thermometer hier in de zomer boven de 30 graden stijgen, aan de vele stranden bereikt de watertemperatuur maximaal 20 graden. Maar mooi weer is niet gegarandeerd.

Precies 312 kilometer bestrijkt de “eilandsnelweg” E 10 van Å naar Tjeldsund bru, waar een brug terug naar het vasteland voert. E niet alleen voor Europaweg, maar ook voor extraklasse, ergbijzonder en excellent. Wie daaraan niet genoeg heeft, verlaat gewoon de hoofdweg en versterkt zodoende het plezier, niet in de laatste plaats omdat het er naast de E 10 vaak stoffig aan toe gaat op onverharde wegen.

Noch voorwaarts, noch achterwaarts kan een kudde schapen die in de buurt van Valberg aan het Vestfjord op zee in nood is geraakt. De dieren staan dicht op elkaar gedrongen op een minuscule zandbank, waaraan het zoute water likt. Een geluk voor de dieren dat ze zich aan de “tamme” zuidoostkant van de Lofoten bevinden en alleen natte ogen krijgen, voordat ze uit hun penibele situatie worden bevrijd. Een gezellig droog plekje vinden we even later in het Vandrerhjem van Stamsund. De okergele Rorbu-jeugdherberg is “surrounded by natural beauty”, zoals het zo treffend in de brochure staat beschreven. Snel de bagagerollen van de reismakkers laden en dan opnieuw gas geven.

Doel is het eiland Gimsøya om daar bij Kleivan de zon niet te zien ondergaan. Een hoogtepunt komt in Noorwegen zelden alleen en zo heeft Glimsøya nog meer te bieden: met paardenbloemen bezaaide weiden, als molshopen uit het water oprijzende rotsblokken, horizonten die met gegroefde bergketens zijn bezaaid en de met blauw-wit-grijze wolkenschilderijen versierde hemel. Dat alles wordt door de zon op stroboscoopachtige wijze aangefonkeld die, compleet onberekenbaar, een paar miljoen lux in de rondte strooit.

Vis

Terug in Stamsund krijgen we om middernacht op het terras van de jeugdherberg lekkere minestrone met lastige muggen voorgeschoteld. Als toetje nog een portie romantiek bij het uitzicht op de hemel en de baai. Het is goed voor te stellen hoe ooit Thor, vader van alle goden, in de Noordelijke IJszee de rotsen kapot sloeg en zo de Lofoten schiep, waarna hij de brokstukken rechtop zette om beter uitzicht te hebben op de scholen vissen.

Tussen januari en april trekt de kabeljauw uit de Barentszzee naar de Vestfjord om kuit te schieten. Tot in de jaren 50 liet hij daar het water borrelen en de kassa’s rinkelen, totdat genadeloze overbevissing zijn einde leek te betekenen. Vangquota lieten de visbestanden weer groeien. Tegenwoordig wordt per jaar 20 ton kabeljauw uit de zee gehesen. Die is rond de Lofoten en Vesterålen ongeveer 400 meter diep, samen met verwarmende golfstroom de reden waarom walvissen zich hier zo lekker voelen. Dat moesten ze vroeger overigens regelmatig met de dood bekopen. Inmiddels is de walvisindustrie wat vredelievender: walvissafari’s vertrekken met grote regelmaat uit Andenes, Kabelvåg of Henningsvær.

Een laatste ‘sit-in’ met Nescafe en muesli op de houten planken van de Rorbru-jeugdherberg, waarna de zuigers van de vette tweecilinders ons gestaag de nieuwe dag in katapulteren. Gas erop! Eerste bestemming is Henningsvær, dat in de reisgids wordt aangeprezen als ‘Venetië van het Noorden’. Alleen de weg erheen is al een voltreffer. De door de rots geblazen weg beweegt voort naar het zuiden tussen steile bergflanken en een turkoois gekleurde zee. Op het water zilverachtig glinsterende lichtreflexen, bonte vlekken lijken op het graniet van de machtige, bijna 1000 meter hoge Vågekallen te zijn gekladderd.

Je zou het bijna vergeten: de lol van het surfen op de koppelcurve en het nordic walken door de versnellingen. En in de nauwe doorgangen altijd goed op tegenliggers letten. In de namiddag landen we in Henningsvær. We verdoen daar veel tijd met het bestuderen van meeuwen, die vliegacrobatische territoriumgevechten leveren. Als alternatief is er het bezoek van de pub “Finnholmen Brygge”, maar daarvoor schijnt het nog te licht te zijn. Een slok uit de waterfles dan maar.

IJs op een stokje en de tank vol benzine zijn verkrijgbaar in de Lofotenmetropool Svolvær. Daar staat ook de grootste levertraanfabriek ter wereld. In het stadhuis van de 5000 zielen tellende gemeente herinnert een schilderij aan de Slag in de Trollfjord. In 1890 verdreven de nog met roeiboten werkende Lofotenvissres de moderne, van zinknetten voorziene trawlers uit de slechts 100 meter brede en twee kilometer lange fjord. De eerste strijd over de vruchten van de zee, tussen kapitaalkrachtige ondernemers en arme vissers. Na een beslissing van het parlement zijn zinknetten tot op heden verboden, maar alleen in de Trollfjord.

Offroad

Om 16.40 brengt de veerboot Fiskebøl-Melbu ons op de Vesterålen. Die eilanden komen mild en liefelijk over in vergelijking met de zigzaggende kantelen en kammen van de Lofoten. Ook niet slecht. Langs de Eidsfjord, een van de vele kandidaten voor ‘mooiste zeearm van Noorwegen’, drijven we de GS en de KLV vlot richting Nyksund. Weer zo’n onweerstaanbare tip uit de reisgids, die vervallen historie en de morbide charme van een spookstad belooft. Opnieuw is alleen de rit erheen al een voltreffer. De oevers dicht begroeid met een groen-gele zee van hoog gras, daarboven ook hier de krijsende meeuwen, waarvan de schreeuwen in de wind verwaaien. Bij Myre wordt de hemel bedekt met bruin-grijze zwaveldampen, daaronder goudglanzende vlekken op de zee. De landingspoging op spookstad Nyksund en dan over een piste van aangewalste leem, slingerend tussen Prestfjord en de uitlopers van de bijna 700 meter hoge Klotinden. Een prima gelegenheid voor de vette enduro’s om ook offroad in balans te blijven.

Nyksund staat voor een ingrijpende verandering. Huizen worden gerenoveerd, men bekommert zich zelfs al om gasten. Wij kiezen een dichtbij gelegen baai als kampeerplek. ‘s Nachts domineren het ruisen van de zee en het sissen van bierblikjes, de volgende morgen de nevels van Nyksund. Als het ontbijtbestek is ingepakt lacht de zon alweer. Op en neer, over de piste terug naar Myre. Het spelende kind in de motorrijder heeft pret voor tien, want de achtervering van de GS kan ook tijdens het rijden eenvoudig worden ingesteld. In Sortland genieten wij ‘s middags van twee warme halve kippen uit de supermarkt en aansluitend van de E 10 tot aan de brug over de Tjeldsund en weer naar het vasteland. Zit het erop? Vooruit, nog één toegift: de 720 langs de Asta-, Grov- en Gratangenfjord biedt 70 kilometers van de allerfijnste soort en is gesneden koek voor motorrijders, maar ook voor trage schapen en flinke visotters, die vaak plotseling het wegdek kruisen. Bij Gratangen splitst de weg zich: rechts via Narvik terug naar Bodo (of via de afslag naar Kiruna in Zweden), links naar de Noordkaap…

Informatie Lofoten

Algemeen: De eilandgroep van de Lofoten en daarop aansluitende Vesterålen ligt tussen Bodø en Tromsø voor de westkust van Noorwegen. Daarvandaan is de 300 kilometer lange keten van eilanden te bereiken via een brug in het noorden en via verschillende veerverbindingen in het zuiden. De vaak scherp getande van de Lofoten zijn weliswaar slechts 1000 meter hoog, maar ze stijgen direct uit de zee omhoog en hebben daardoor een indrukwekkend alpien karakter. Naast de traditionele visvangst speelt toerisme een steeds belangrijkere rol. Van de Noorse hoofdstad Oslo naar Bodø is de afstand ongeveer 1400 kilometer.

Middernachtzon: ‘s Zomers verdwijnt de zon ten noorden van de poolcirkel zelfs om middernacht niet achter de horizon. Het blijft dag en nacht licht. Hoe verder men naar het noorden komt, hoe langer de midzomernachtzon schijnt. In Bodø duurt deze periode van 8 juni tot 8 juli, op de Noordkaap van 13 mei tot 29 juli. Keerzijde van de lichtende medaille: ‘s winters duisternis rond de klok.

Reistijd: Voor motorrijders zijn juni tot en met augustus de beste maanden, eventueel ook september, maar dan zijn sommige toeristische faciliteiten al gesloten. In mei liggen nogal wat weggedeelten vaak nog onder een dik pak sneeuw en zijn dan afgesloten. Dankzij de warme golfstroom kunnen de temperaturen op de Lofoten ‘s zomers tot 30 graden oplopen. Het weer kan ook heel anders uitpakken: thermo- en regenkleding zijn daarom zeer aan te bevelen in de bagage.

Motorrijden: De hoofdwegen zijn zonder uitzondering geasfalteerd. Maar het wegdek op weg naar afgelegen oorden bestaat vaak uit steenslag of aangestampte aarde. Overtredingen van de maximumsnelheid op de rijkswegen van Noorwegen van 80 km/u kunnen een groot gat in de reiskas slaan.

Overnachten. Met de tent ben je het meest onafhankelijk onderweg in Noorwegen, speciaal ook in de lange nachten tijdens de midzomernacht. De tent mag vanwege het legendarische allemansrecht bijna overal worden opgezet. Alternatieven met een vast dak zijn de hytter die overal te huur staan, houten hutten voor 2-6 personen. Of op de Lofoten de rorbuer, tot vakantiewoningen omgeturnde vissershutten. Goedkoper dan de vaak dure hotels zijn de vandrerhjemen, jeugdherbergen die voor alle leeftijdsgroepen open staan. Op de Lofoten en Vesterålen zijn er in totaal zes van zulke overnachtingsmogelijkheden.

Prijzen: Betaalmiddel is de Noorse kroon. 100 NOK zijn ongeveer € 13,50. Noorwegen staat bekend als het duurste land van Europa. Een liter loodvrije superbenzine kost omgerekend bijna € 2,00.

Info: www.visitnorway.com; www.norwegen.no.

[sgpx gpx=”/wp-content/uploads/gpx/Lofoten.GPX”]

Paznaun nodigt je uit voor de 5de Biker Summit

0
Paznaun 5de Biker Summit

De Top of the Mountain Biker Summit in Paznaun vindt 26 juli tot 28 juli voor de 5de keer plaats. Het is de hoogste motorrijders meeting van Oostenrijk. Het programma bestaat uit testritten, begeleide tours en stuntshows.

Eind juli draait alles in Paznaun weer om motoren. Het programma van de Top of the Mountain Biker Summit varieert van begeleide toertochten tot stuntshows als de ‘Globe of Death Show’ door de Infenal Varanne Riders. Maar ook e-trial testen voor de jongste motorrijders en wheelie trainingen. De muzikale begeleiding wordt verzorgd door de band Milestone. DJ In Style is verantwoordelijk voor het avondprogramma. En je wordt culinair in de watten gelegd door sterkok Martin Sieberer.

26 juli: Start met 3 verschillende tours

Op vrijdag 26 juli zijn er drie tochten, met een adembenemend uitzichten. Twee zijn meer dan 200 kilometer lang. De kortste, van een halve dag, vindt plaats in het prachtige Silvretta gebergte. In de Biker Village worden verschillende evenementen en motorgerelateerde evenementen georganiseerd. Er vinden ook verschillende trainingen en wheelie sessies plaats. Ieder uur is er een stuntshow met professionele motorrijders waaronder de Globe of Death door de Internal Varanne Riders. Die hebben twee awards gewonnen in Monte-Carlo tijdens het Circus Festival. De Biker Summit Nights met DJ In-Style beginnen vrijdagavond om 21.00 uur. Jonge, nog-net-niet motorrijders kunnen ook deelnemen aan een testrit: de e-trial test op een OSET-motor.

27 juli: Ontspannen op de Idalp

Op zaterdag kun je je opmaken voor een ontspannen rit door het Paznaun gebergte. Rond lunchtijd wacht je dan de traditionele Hill Climb naar het Idalp. Dan overbrug je 2.320 hoogtemeters. De weg is normaal gesproken gesloten, maar voor de Biker Summit is een uitzondering gemaakt. Alle deelnemers kunnen het hoogste punt bereiken. Muzikale begeleiding en een biker BBQ vormen de kers op de taart. ’s Middags zijn er weer stuntshows en wheelie sessies in de Biker Village. De band Milestone begint om 21.00 uur weer met het avondprogramma.

29 juli: Zondag brunch met culinaire hoogstandjes

De ‘bike blessing’ begint zondag om 10.30 uur. Na de mis kun je naar de traditionele ‘Frühschoppen’. Onder het genot van wijn en bier wordt de dan de zondagbrunch genuttigd, met diverse streekproducten. Inclusief muzikale begeleiding. De culinaire hoogstandjes zijn verzorgd door de lokale top chef Martin Sieberer, de ‘Club der Paznauner Köche’ en de ‘Landjugend Ischgl’. Reken op no-nonsense gerechten met regionale ingrediënten.

Extra evenementen: High Bike Testcenter

Iedereen met een geldig motorrijbewijs mag vanaf €20,- een dagje de gloednieuwe modellen van KTM, BMW, Triumph, Yamaha en Aprilia testen. Het High Bike Testcenter biedt ook een complete uitrusting aan voor een klein prijsje. Voordeeltje als je in Paznaun verblijft: op aanvraag ontvang je de ‘Silvretta Card all inclusive’. Deze voucher biedt gratis toegang tot liften, openbaar vervoer, indoor en outdoor zwembaden, musea en korting op de motorhuur bij het High-Bike Testcenter.

Meer info, check: www.ischgl.com 

Mag je water wel of niet zelf meenemen naar de TT?

1
Dutct TT 2018
2018 MotoGP World Championship, Round 8, Assen, Netherlands, Jorge Martin

We hoeven waarschijnlijk niemand te vertellen dat het komend weekeinde tijdens de Dutch TT lekker weer wordt. Misschien zelfs wel heel lekker, al houden we met Assen altijd een slag om de arm (en nemen we toch maar een paraplu mee…). Drinken, drinken, drinken is echter zeer waarschijnlijk het advies tijdens de 2019 Dutch TT. Wat je drinkt, moet je uiteraard zelf weten al adviseren wij vooral water te drinken als je nog iets van de MotoGP-race wilt zien…

Maar mag je water eigenlijk wel zelf meenemen naar de Dutch TT? Het antwoord daarop is een helder JA, zolang je dat water maar niet in bijvoorbeeld een glazen fles meeneemt. Het is namelijk verboden om (alcoholhoudende) dranken in glas op het terrein mee te nemen. Water (mits dus niet in glas) mag je altijd meenemen, zelfs in een koelbox.

Hieronder een opsomming van wat nog meer verboden is:
– Slag- /steekwapens
– Gereedschap
– Landbouwplastic (en andere brandbare materialen)
– Parasols
– Huisdieren

Je kunt het er natuurlijk op gokken, maar weet dat de kans heel groot is dat je gefouilleerd wordt bij binnenkomst op het TT Circuit. En ook goed om te weten is dat overtreders van het terrein worden verwijderd. Zonder terugbetaling van entreegeld…
Surf voor meer informatie naar de FAQ van het TT Circuit.

Foto: 2snap