dinsdag 5 mei 2026
Home Blog Pagina 1659

Test: BMW S1000R

0

Zo ‘in your face’ als met deze S1000R hebben we het zelden meegemaakt; 160 pk, 207 rijklare kilo’s, 3,1 seconden naar de 100, meer elektronica dan het International Space Station, ze winden er in Beieren geen doekjes om. Om de transformatie van Superbike naar naked goed te laten verlopen heeft BMW meer gedaan dan alleen een hoop elektronica op de S000R plakken. In grote lijnen is de vierpitter ongemoeid gelaten, zo bleef de overvierkante boring/slag verhouding ( 80 x 49,7 mm) en dus ook de aangeboren honger naar hoge toerentallen intact. Het fameuze  top-end werd met het oog op lijfsbehoud iets gekortwiekt, het toerenplafond is vastgezet op 12.000 tpm, 2.000 tpm minder dan op de RR. Daarmee komt het topvermogen nu op 160 pk bij 11.000 tpm. Uitzonderlijk potent voor een motor uit de kuiploze categorie. Verder werd het inlaattraject aangepast (langer, de 48 mm gasklephuizen bleven) en het nokkenasprofiel bijgeschaafd. Ergo: de kleppen gaan minder lang (en ver) open. Resultaat is dat de vier-in-lijn tot 7.500 tpm 10 Nm meer koppel richting de achterste Pirelli dirigeert, met een piek van 112 Nm bij 9.250 tpm.

De robuuste vierpitter laat ondanks z’n race-komaf zien gedreutel bij lage toeren prima aan te kunnen. Afknijpen tot pakweg 1000 tpm slikt de BMW zonder problemen. Minder probleemloos is de absurde afstand die de linkerhand dient te overbruggen tot het koppelingshendel. Afgezien van deze misser steelt de S1000R over de krappe rotondes de show met een uitzonderlijke lichtvoetigheid.  Om de S1000R af te schilderen als de ideale stadsmotor gaat wat ver, maar het gaat toch op z’n minst opvallend makkelijk.
Desondanks schreeuwt de naked in al z’n vezels om meer speelruimte. Dat enthousiasme kun je temperen. BMW zou BMW niet zijn als je niet ergens een ‘Mode’ voor kan selecteren. Om te beginnen is de S1000R standaard uitgerust met een Road en Rain Mode, gekoppeld aan een vrij eenvoudig ASC (Automatic Stabiltity Control) systeem dat ingrijpt wanneer er verschil in wielsnelheid optreed . ‘Road’ biedt de maximale 160 pk en een directe gasrespons, ‘Rain’ roomt daarentegen de prestaties af tot 136 pk en 104 Nm, daarbij is de gasreactie een toef softer.  Optioneel is het DTC (Dynamic Traction Control) met hellingshoeksensor, deze vervangt het ASC en breidt het menu uit met twee extra modi: Dynamic en Dynamic Pro. Laatste is puur een circuitsetting. Dynamic combineert het beste van twee werelden en laat bevoordeeld een zeker mate van wheelie toe.

De zitpositie wakkert de lichtvoetigheid van de S1000R ook op psychologisch vlak nog wat extra aan door een ranke taille te combineren met een lekker breed stuur en opvallend veel beenruimte. Moet gek lopen wil je het hier niet een tijdje op uit houden. Overigens zijn de voetsteunen ten opzichte van de RR vijftien millimeter lager en twintig millimeter naar voren geplaatst, hetgeen de opvallend comfortabele kniehoek verklaart. Grondspeling? Hm, ook op droog asfalt aan het einde van de route bleven de stepjes royaal verwijdert van eventuele schraapgeluiden, dus dat zit wel snor.
Met de vermaarde Spaanse zon en droog asfalt in het vizier positioneren we het DTC in de Dynamic (Pro) stand en kan de S1000R zonder (al te veel) restricties z’n kunsten vertonen. En dat doet de naked met verve. Halleluja, wat een power. De vermogensontplooing is, hoe ballistisch ook, te categoriseren als ‘mooi progressief’, en dus voorspelbaar. Dat bevordert de rijdbaarheid en het zelfvertrouwen aanzienlijk. De R is minder intimiderend dan de RR en dat maakt ‘m direct ook tot de betere straatmotor. Sfeerverhogend is het DDC, oftewel Dynamic Damping Control. Het adaptieve veersysteem van het Italiaanse Sachs bewijst op straat z’n meerwaarde. Op alledaags asfalt van wisselende kwaliteit blijkt het systeem meester in het gladstrijken van oneffenheden zonder daarbij in te boeten op kernwaarden als stabiliteit en koersvastheid.

DTC, ASC, DDC, het gevaar door de kabelbomen het bos niet meer te zien ligt op de loer bij BMW’s nieuwst aanwinst. Zeker aangezien het leeuwendeel van de elektronica optioneel is. Hoe goed is de 14.700,- euro kostende ‘instapper’? Hm, blokprestaties en rijwieltechnische balans zijn dermate indrukwekkend dat ook een S1000R zonder elektronica een prima testrapport zal weerleggen. Maar is de Sachs vering zonder DDC ook zo uitmuntend? Het veelzijdige DTC mag boven ieder twijfel verheven zijn, de vrij eenvoudige standaard ASC heeft in het verleden al laten zien een sportieve rijstijl aardig in de weg te kunnen zitten. Wat als een paal boven water staat is dat de S1000R mét DTC en DDC tot de absolute top in het nakedsegment behoort.

Dit was de MotorExpo Assen

0

Altijd spannend, zo’n eerste beurs. Wat is er te doen en wat is er te zien? Voor de thuisblijvers onderstaande foto-gallerij. Veel occasions, kleding- en fanshops en de nodige klassieke en eigenbouw-motoren vormden de basis van de beurs. Daarnaast waren er ook tal van activiteiten te doen en te zien, maar ja, daar moet je volgend jaar toch echt zelf voor komen…

Foto’s: www.ben-media.com

 

[justified_image_grid ids=19163,19164,19165,19166,19167,19168,19169,19170,19171,19172,19173,19174,19175,19176,19177]

Introductie: BMW R1200GS Adventure

0

Nadat vorig jaar al de ‘gewone’ nieuwe GS het licht zag, hebben we lang moeten wachten op de herziene Adventure-uitvoering. MOTO73-redacteur Ad van de Wiel reed afgelopen week voor het eerst op deze nieuwe R1200GS Adventure. Nooit te beroerd om ons te woord te staan vroegen we Ad het hemd van het lijf:

Nou Ad, zo’n Adventure, dat is toch niets meer dan een volledig met BMW-accessoires aangeklede ‘gewone’ GS?

Ad: Dat idee krijg ik ook altijd bij een Adventure. Goed aangekleed en flink wat marketing-jus eroverheen en voila. Toch ligt het wel iets genuanceerder. BMW doet namelijk flink wat meer aan de reiskolos dan bijvoorbeeld alleen een grote benzinetank te monteren. Zo stijgt de veerweg voor en achter met twee centimeter tot 210 en 220 millimeter. Daardoor neemt ook de wielbasis met 3 millimeter toe.
Het geheel is ook flink wat zwaarder, want het rijklare gewicht stijgt van 238 naar 260 kilo, maar dan sleep je wel tien liter benzine meer mee in de imposante dertigliter-tank. Het voelt trouwens ook allemaal groter, want de zadelhoogte stijgt van 850 en 870 naar 890 en 910 millimeter. Los van al die cijfertjes ziet de Adventure er natuurlijk ook gewoon heel anders uit. Het meest opvallend zijn de spaak- in plaats van gietwielen.
En, terugkomend op je vraag, dat zelfs het blok onder handen is genomen, zegt toch genoeg? Een zwaarder vliegwiel en een extra trillingsdemper in de aandrijflijn maken de Adventure nog soepeler in het terrein.

Wat? Aanpassingen aan het blok? Dat was bij de ‘oude’ Adventures toch niet zo? 

Ad: Nee, je kon bij de oude Adventures slechts een kortere eerste versnelling laten monteren om trialachtige passages goed door te komen. Bij het watergekoelde motorblok is er blijkbaar meer behoefte om een paar wilde haren plat te kammen. Het verschil tussen de water- en luchtkoeler mag er dan ook zijn. De laatste generatie boxer is speelser en draait veel gretiger toeren. Het bulkt nog steeds van koppel, maar heeft nu ook een indrukwekkende paardenstal aan boord.

De Adventure is dus wat soepeler, mis je op straat nu niet die agressie die de standaard GS juist heeft?

Ad: Als je de twee direct met elkaar vergelijkt, mis je mogelijk iets. Maar om eerlijk te zijn: tijdens de solotest miste ik geen seconde iets. Het blok reageert nog altijd zeer enthousiast op het verdraaien van het gas. Het watergekoelde boxerblok is het beste wat de Adventure kon overkomen.

En wat viel verder op?

Ad: Los van het nieuwe blok blijft het meeste bij het oude. Een Adventure vervoert je nog altijd in grote luxe. Het zadel is van topkwaliteit, de zitpositie volledig uitgedokterd, de windbescherming uitstekend en de elektronica is eenvoudig te bedienen en bij elke druk op de knop verandert er ook daadwerkelijk iets aan de vering of rijmodus. De Adventure is nog altijd een topfiets die wel met een prijs komt, alleen maakt het blok hem leuker dan ooit.

Waar lezen we je complete testbevindingen?

Ad: In de MOTO73 die volgende week in de supermarkt ligt! Of bij de abonnee op de deurmat, natuurlijk. 

 

[justified_image_grid ids=19154,19155,19156,19157,19158,19159,19160,19161]

In beeld: WSBK- en WSS-tests

0

En daarom blikken we even terug op de WSBK- en WSS-trainingen, weet je nog wel? We doken even in onze fotovoorraad en besloten dat onderstaande kiekjes de twee onlangs gereden testen het mooist in beeld brengen. En stiekem he… vinden we die matzwarte motoren, zonder al teveel sponsor-uitingen, gewoon supergaaf! Van der Mark reed trouwens wel in vol ornaat, zoals op bovenstaande foto te zien is.

Fotocredits: 2SNAP

 

[justified_image_grid ids=19094,19095,19096,19097,19098,19099,19100,19101,19102,19103]

Cal Crutchlow spreekt oorlogstaal

0

Bij Ducati zullen ze wel geweten hebben dat je met Cal Crutchlow iemand in huis haalt die nooit een blad voor de mond neemt, maar nog voor het seizoen goed en wel is begonnen spreekt de Brit al klare oorlogstaal. In een interview met Motor Magazine laat hij weten dat hij niet van plan is op dezelfde manier als Dovisiozo ‘rondjes te rijden’.

Ook geeft hij aan dat er nog heel veel moet gebeuren aan de Desmosedici: ‘Er is niet een aanwijsbaar probleem met de Ducati, maar een hele serie dingen die aangepakt moeten worden. Hij spint teveel, wheeliet teveel en rondt de bochten niet al te fris.’ Crutchlow heeft er echter wel vertrouwen in dat het helemaal goed gaat komen, al zal dat de nodige tijd kosten. 

De Brit vertelt ook openhartig over zijn relatie met zijn oude teambaas, Hervé Poncharal. ‘In Laguna Seca hadden hij en ik de ergste ruzie die je ooit hebt gezien. Ik had hem gezegd iemand anders te contracteren en uiteindelijk sleepte ik hem aan z’n blote poten uit het motorhome’, zo vertelt Crutchlow.

Verder vertelt Crutchlow over zijn voorkeur de underdog te zijn, over dat ‘ie zijn Ducati Hypermotard moest verkopen omdat vrouwlief bijna van de duo-zit viel toen hij een wheelie trok, en blikt hij terug op zijn carriere. 

De nieuwe Motor Magazine ligt, inclusief het totale interview van zes pagina’s, in de winkels en is online te bestellen.

Getest: Kymco K-Pipe 125

0

Voor € 1799 wisselt de K-Pipe van eigenaar en dat is voorwaar een prachtig bedrag voor een echte motor. Iemand die de Taiwanees eerder ziet als ‘iets geinigs voor erbij’ hoeft waarschijnlijk niet eens te sparen voor de aanschaf.

Van een budgetuitstraling is geen sprake, wel van een hippe look. Het kost weinig fantasie om vlotte reclamejongens van K-Pipes te zien stappen, hun Macs te zien openklappen, waarna ze cafe macchiato drinkend prangende zaken bespreken. Wij zijn niet zo van de suède molières en designerjeans en daarom kijken we door de vormgeving heen. Zelfs met een kritische bril op duurt het even voordat we tegen echt goedkope onderdelen aanlopen. Het gaat mis bij de lompe voetsteunen, de remtrommel achter, het eenvoudige chromen stuurtje en de kettingspanners, die rechtstreeks van een fiets komen. Daar staan weer ontzettende originele details tegenover als de driekleurige lak en het ‘zwevende’ achterframe dat achter het motorblok ophoudt. Conclusie na een grondige inspectie van de K-Pipe: zoeken naar prutonderdelen is hetzelfde als spijkers op laag water zoeken. 

De eerste minuten staan vooral in het teken van wennen. Vijf keer wennen aan vijf opmerkelijke zaken. Het eerste wat bij een 125’tje eigenlijk niet mag opvallen, maar het wel doet, is de piepkleine ruimte die je als bestuurder ter beschikking staat. Het lage stuurtje priemt voor je gevoel ergens uit je navel. Je weet dat er ergens tussen je benen een benzinetankje zit, maar het had ook een forse plooi in je motorbroek kunnen zijn. Het zadeltje is niet breder dan je bilspleet en snoeihard. Wat wel direct goed aanvoelt, is de redelijk grote kniehoek die je maakt door de lage plaatsing van de stepjes. 

Spektakel
De zithouding went snel, maar hoe zit het met de rest? Een benzinekraan aan boord vormt verrassing twee. Ondertussen gewend aan injectiemotoren vergeet je die hoogstens één keer te openen voordat je het voor eens en altijd weet. Dat geldt ook voor verrassing drie: de choke. Lang hoef je er geen gebruik te maken, het blok is bijna direct op bedrijfstemperatuur. Een schakelaar voor de verlichting is verrassinkje vier, maar pas bij nummer vijf wordt het echt vreemd. Aan de linkerkant van het stuur ontbreekt namelijk het koppelingshendel. De vierbak is een halfautomaat. Net als bij de oude Honda Cub staat het aanraken van het versnellingspookje gelijk aan ontkoppelen. Hier begint het echte wennen. In eerste instantie behandel je de versnellingspook als versnellingspook en niet als een koppelingshendel. Je laat de ‘koppeling’ dus veel te snel opkomen en dat zorgt vooral bij terugschakelen voor spektakel. Omdat de remmende werking van het eencilindertje er plotseling volledig inkomt, ga je er bijna voorover af of kom je volledig dwars op een rotonde afzetten. Met zo’n harde leerschool leer je het pookje al snel met beleid te lossen. 

Het schakelpatroon werkt niet mee, want je trapt vier keer naar beneden om op te schakelen en vier keer omhoog (met het hak-teenpedaal) om terug te schakelen. Dat gaat dus geheid een keer mis. Bij een verkeerslicht trap ik vol accelererend van twee naar één. 

Bewonderen
Proefondervindelijk blijkt de K-Pipe dus over meer dan voldoende motorrem te beschikken. De remkracht die schijf en trommel genereren, haalt ook een voldoende. Meestal hoeven ze niet hard aan de slag. Het 8,2 pk sterke motortje is geen toonbeeld van brute kracht en het halen van de kaap van 100 km/h is een echte opgave. 

Op de provinciale weg en in de stad valt alles beter op zijn plek. Sneller dan je schaduw wissel je van richting en door de lage snelheden verg je niet te veel van de vering. Die is wat uit balans: aan de voorzijde nogal zacht en achter een stuk harder. Ach, daar kraait geen haan naar als je blits door een stadscentrum knort. Bewonderende blikken vanaf terrassen zullen je deel zijn. Dat de jeugd daarvoor gevoelig is, weten we allemaal, maar stiekem zijn we allemaal een beetje jong gebleven. Enkele opmerkelijke zaken van de K-Pipe vragen om een korte gewenperiode, maar het rondrijden als blikvanger hoort daar niet bij. Kortom: een spotgoedkope, maar leuke motorfiets die logischerwijs zijn beperkingen heeft. Respecteer je die, dan krijg je wel erg veel motor en aandacht voor je euro.

 

[justified_image_grid ids=19080,19081,19082,19083,19084,19085,19086,19087]

Film: Harley begeeft zich op glad ijs

0

In Aspen, in Amerika, zijn de X-games van start gegaan. Harley heeft daar, bij wijze van proef, een demowedstrijd ijsracen georganiseerd. De organisatie en Harley-Davidson wachten de reacties van fans en bezoekers af, om uiteindelijk te besluiten of het ijsracen als vast onderdeel in de X-games wordt opgenomen. Op Twitter wordt de hashtag #XGICERACE gebruikt om de race te waarderen of juist niet te waarderen.

Is dat interessant voor ons? Niet echt, maar het levert wel fraaie spectaculaire beelden op! Onderstaand filmpje is een zogenaamd ’teaser-filmpje’, waarin het ijsracen in beeld wordt gebracht. Een beetje spektakel op de vroege zaterdagochtend…

 

 

[justified_image_grid ids=19089,19090,19091,19092]

2 pk maken A28 onveilig

0

We moeten als motorrijders al voor van alles oppassen: vrachtwagenchauffeurs die een sjekkie draaien, moeder-de-vrouw die haar lippenstift bijwerkt en de willekeurige automobilist die zijn of haar auto in de file plots naar links gooit.

Sinds vanmiddag kunnen we daar één risicofactor bijschrijven: loslopende paarden. Het verkeer op de A28, vlakbij Harderwijk, werd zonet opgeschrikt door twee paarden die de snelweg als manegebak gebruikten. Het bleken op hol geslagen paarden die hun twee vrouwelijke ‘rijders’ van hun rug hadden gegooid. ‘Maar de weggebruikers hebben erg goed gereageerd, één automobilist is er achter gaan rijden met de alarmlichten aan, waarna iedereen keurig vaart minderde’, zo laat de politie weten.

De paarden zijn inmiddels ingerekend en de eigenaressen achterhaald. Zowel paarden als berijdsters maken het goed.

Foto: Twitter, Henk Drost, @Henkdrost59

MotorExpo opent deuren

0

Vanavond om 18:00 openen de deuren van de TT Hall en barst het driedaagse evenement los. Tot en met zondag kunnen motorliefhebbers rondstruinen op de beursvloer, uitkijkend naar nieuwe en tweedehands motoren, genietend van show en spektakel of zelfs proefrijdend over het TT-circuit. 

Wij zetten even de belangrijkste informatie op een rijtje, te beginnen met de openingstijden:

Vanavond van 18.00 tot 22.00 uur
Morgen, zaterdag 25 januari van 10.00 tot 18.00 uur
Overmogen, zondag 26 januari van 10.00 tot 18.00 uur

De entreeprijzen:

Volwassenen: € 10,-
Kinderen t/m 12 jaar: € 5,-
Kinderen t/m 7 jaar: gratis

De in onze ogen meest spectaculaire bezigheden en bezienswaardigheden, naast de vele stand vol motoren en motorgerelateerde artikelen:

Je eerste rijles: Motorliefhebber maar nog geen rijbewijs? Op de MotorExpo kun je bij motorrijschool 2Speed je eerste (les)rondje rijden.
Stuntshows: het Northside Freestyle Stuntteam geeft veel stuntshows weg en laat daarbij zien wat er op een motorfiets allemaal écht mogelijk is.
Ook jij wheeliet: Wil jij ook op je achterwiel rijden? Op de wheelie-simulator van Harley Club Annen kun je het veilig uitproberen.
Junior Track: Op het nabijgelegen Junior Track TT Assen worden races op minibikes georganiseerd en ook jij kunt daar op zo’n minibike stappen!
Motorquiz: Jij denkt alles van motoren en motorsport te weten? Test je kennis in de motorquiz, gepresenteerd door Diederick de Vries, en ga met een fraaie prijs huiswaarts.
Racen op het TT-circuit: Ben jij de nieuwe Rossi? In de race-simulator kun je kijken hoe lang jij doet over een rondje op het heilige asfalt van Assen.
Fietsstunt: Dat je ook zonder motor gekke stunts op twee wielen kunt uithalen laat het team van Zero Gravity zien op hun springschans.

Een kleine plattegrond en een lijst van deelnemers vind je hier.

Meer informatie op de website.

Foto boven: dit voorproefje werd opgestuurd door Lars van den Heuvel.

Film: de nieuwe BMW R1200RT getest

0

Onze collega’s van MOTO73 hebben reeds op de nieuwe BMW R1200RT, met het watergekoelde blok, gereden. Ad van de Wiel, redacteur van MOTO73, praat je even snel bij over deze nieuwe BMW. De gehele test kun je volgende week in de nieuwe MOTO73 lezen. Onderaan dit bericht vind je een klein foto-album van deze nieuwe kolos!

[justified_image_grid ids=19072,19073,19074,19075,19076,19077,19078]