woensdag 8 april 2026
Home Blog Pagina 344

Unboxing Ixon Etna Motorjas | Motorkledingtips

0

De IXON ETNA textiele motorjas is een perfecte combinatie van technische innovatie en eigentijds design. Deze motorjas is waterdicht met een ultra geventileerd bovengedeelte.

Bewonder de splinternieuwe Indian Scout op RIDERS Festival

0

Op 2 april werd hij internationaal gelanceerd, en op 4 april was ‘ie voor het eerst in Europa te zien voor dealers en genodigden. Op 1 en 2 juni ben jij speciaal uitgenodigd om de nieuwe Indian Scout te bewonderen op RIDERS Festival. Wees één van de eersten die dit iconische model in zijn nieuwe jasje ziet.

De Scout is een waar begrip. In 1919 werd de eerste Scout geïntroduceerd, geroemd om zijn legendarische evenwicht tussen vermogen en controle. Kort daarna werd de Indian 101 Scout gelanceerd, die de overtreffende trap werd. De Scout onderging veel veranderingen door de jaren heen. Maar het nieuwste design voor modeljaar 2025 grijpt terug naar die succesvolle tijd, met iconische lijnen die we herkennen vanuit de eerste, originele Scout.

Test de BMW R 1300 GS, de F 900 R en de S 1000 XR op RIDERS Festival

Ook de 101 Scout is terug van weggeweest. Jarenlang bleef de 101 enkel een begrip. Nu zien we dit begrip terug in staal en technologie, met een splinternieuw motorblok. Kom jij hem bewonderen? 

Het blijft natuurlijk niet alleen bij kijken. Helaas wel voor Scout-fans. Maar er staat heel veel ander moois voor je klaar om uit te testen. Wat dacht je bijvoorbeeld van de zéér exclusieve FTR R Carbon 100% in zijn Blue Candy Carbon kleur?!

Op de volgende modellen kun jij proefrijden tijdens het festival:

  • Sport Chief
  • Chief Dark Horse
  • Roadmaster Dark Horse
  • Springfield Dark Horse
  • Chieftain Dark Horse
  • Pursuit Limited
  • FTR 
  • FTR R Carbon
  • FTR R Carbon 100%
  • FTR Sport
  • Scout Bobber
  • Scout 1200
  • Scout Rogue

Wil je zeker weten dat je erbij bent? Scoor dan nu alvast je tickets! Je besteld ze hier. Wil je meer weten of een sfeerimpressie van het festival? Check ridersfest.nl.

Praktische info

WaarAutotron Rosmalen

Wanneer         
1 en 2 juni 2024
Zaterdag van 10.00 – 17.00u
Zondag van 10.00 – 17.00u
Meer informatieRIDERSfest.nl
Ticketsticketpoint.nl/RIDERSfestival

Nederlands REV’IT! opent eerste eigen winkel in Denver, Amerika

0
REV'IT! Amerika

REV’IT! heeft de deuren geopend van zijn eerste fysieke winkel. In het hart van Denver in Amerika beschikt het Nederlandse merk nu over 576 m² winkelruimte in het bruisende Denver RiNo Arts District. Met de opening van de REV’IT! Denver-winkel wil het merk een plek bieden die ruimte geeft aan creativiteit, modern design, goede verhalen en nog betere vriendschappen.

Om motorrijders wereldwijd optimaal te bedienen en de ultieme merkbeleving te bieden, zowel fysiek als digitaal, opent REV’IT! zijn eerste merkwinkel in Denver, Amerika. Deze primeur breidt het bestaande dealernetwerk uit met een exclusieve eigen retailruimte. De Verenigde Staten vormen een kernmarkt voor REV’IT! vanwege de diepgewortelde motorcultuur en de kansen om de interactie met motorrijders en liefhebbers te vergroten. De keuze voor Denver, de ‘outdoor’-hoofdstad van de wereld, is bewust gemaakt. De winkel bevindt zich in het bruisende River North Arts District, een epicentrum van creativiteit en innovatie, wat perfect aansluit bij de positionering en ambities van REV’IT!

Iain Howe, Global Marketing Director bij REV’IT!: “Het openen van een eigen retailruimte is een geweldige stap voor ons merk. De winkel is zorgvuldig ontworpen om onze drie kernprincipes: Design, Performance en Innovatie, te weerspiegelen. Dit wordt bereikt door een zorgvuldige combinatie van materialen. Van het innovatieve design van handbewerkt aluminium en strak beton tot de originele houten spanten in het plafond. Voeg daarbij de flexibele indeling en een uitnodigende gemeenschappelijke ruimte, en je hebt REV’IT! Denver, een motorkledingwinkel zoals er nog geen bestond.”

Houd de regen van je af met dit vreemde motorafdak

De winkel

De REV’IT! Denver-winkel is opgedeeld in verschillende zones, elk ontworpen om gasten kennis te laten maken met de diverse rijdersegmenten en collecties die het Nederlandse merk aanbiedt. Van avontuurlijk tot urban, van race tot essentiële benodigdheden en op maat gemaakte professionele racepakken.

Meer dan alleen een winkel, is REV’IT! Denver bedoeld als een gemeenschapshub. Het is een plek waar rijders hun avonturen beginnen, inspiratie opdoen, informatie vinden en advies krijgen. Of je nu deelneemt aan een geplande ride-out, een seminar bijwoont of gewoon langskomt om verhalen te delen bij een verse kop koffie, het gepassioneerde team van REV’IT! Denver heet je van harte welkom.

REV’IT! Denver bevindt zich op Walnut Street 2800 (Suite 120), 80205, in Denver, CO, VS. De winkel is geopend van dinsdag tot vrijdag van 11:00 tot 19:00 uur, op zaterdagen van 10:00 tot 19:00 uur en op zondag van 11:00 tot 17:00 uur.

Eerbetoon aan Henk van Kessel: leven tussen start en finish

0
Henk van Kessel

Tijdens een drukbezochte bijeenkomst in Mill ontving voormalig 50cc-wereldkampioen Henk van Kessel uit handen van auteur Marcel Hermans het eerste exemplaar van ‘Leven tussen start en finish’. Het boek is gewijd aan Henks jeugdjaren en succesvolle carrière.

Voor Marcel Hermans aan zijn boek over motorcoureur Henk van Kessel begon, had hij al twee boeken op zijn naam staan. Zijn eerste kreeg de titel ‘Motocross der Azen’ en was gewijd aan het motocrossdorp Sint-Anthonis. Zijn tweede – met de intrigerende titel ‘Het atoomkanon van Helmond’ – beschreef het leven en de carrière van crosser Jan Clijnck. Op zondag 21 april kreeg Henk van Kessel het derde boek van Hermans overhandigd: ‘Leven tussen start en finish’. De datum was niet toevallig gekozen, want op 21 april 1974 won Henk van Kessel zijn eerste 50cc-GP.

Finland 1979: Randy Mamola jongste podiumfinisher ooit

Op de presentatie, die aan elkaar werd gepraat door voormalig TT-commentator Jan de Rooy, waren veel coureurs aanwezig uit de periode dat Henk van Kessel racete. Niet alleen coureurs uit de lichte klassen, zoals Jos Schurgers, Aalt Toersen, Jan Zoombelt en Juliaan Vanzeebroeck, maar ook Marcel Ankoné en Hans Spaan. Ook voormalig KNMV-secretaris Jos Vaessen was erbij. En uit Finland kwam Antti Urrila over. De Fin was vroeger verbonden aan MP-asu, het merk waarvan Van Kessel de racekleding betrok.

Uit handen van Marcel Hermans ontving Henk van Kessel het eerste exemplaar van het boek over hem.

Wurgcontract

In 1971 en 1973 werd Jan de Vries wereldkampioen op een 50cc-Van Veen Kreidler. Na zijn tweede titel besloot hij te stoppen. Voor seizoen 1974 bood de Nederlandse importeur Van Veen bood de Kreidler aan Henk van Kessel, die in seizoen 1973 als derde was geëindigd in het wereldkampioenschap. Het contract dat Van Veen sloot met Henk van Kessel staat afgedrukt in het boek en je mag het gerust een wurgcontract noemen. Vijftig jaar later vat Van Kessel het contract samen als ‘ik mocht niets en moest alles’. Het contract stond vol verplichtingen. Het wat Van Kessel wel mocht was het houden van start- en prijzengeld. Premies van sponsoren gingen allemaal naar Van Veen, maar reis- en verblijfkosten kwamen voor rekening van Henk van Kessel. Toch tekende hij het contract, want de Kreidler was op dat moment de beste motor. Het 50cc-seizoen 1974 verliep voortreffelijk voor Van Kessel, die van de tien GP’s er zes wist te winnen, tweemaal tweede werd (Assen en Francorchamps) en twee keer puntloos bleef. Met een ruime puntenvoorsprong behaalde hij de wereldtitel. Daarnaast werd hij ook Nederlands kampioen in de 125cc-klasse.

Tegenwoordig gaan ook nationale coureurs in de wintermaanden naar Spanje als voorbereiding op het nieuwe seizoen. Dat ging destijds heel anders. Voor Van Kessel afreisde naar het Franse Clermont-Ferrand voor de eerste GP, reed hij eerst nog de Olof-wegraces op circuit de Beekse Bergen. Daar begaf de ontsteking van zijn motor het. Een week voor de Franse GP gaf zijn Ford Transit de geest, maar iemand van de supportersclub had een Transit te leen. Die begaf het onderweg, maar Marcel Ankoné, ook op weg naar Clermont-Ferrand, nam hem op sleeptouw. Zo was Van Kessel toch nog op tijd voor zijn race.

Supportersclub

Vader Ben van Kessel had een fietsenzaak. Omdat bromfietsen in opkomst waren kwamen die erbij. Voor velen was de topsnelheid van de brommer niet voldoende. Henk had er wel kijk op om de brommers wat sneller te maken en voerde ze op verzoek op. Als de NMB in 1967 met wegraces begon, was Henk er als de kippen bij om een startbewijs aan te vragen. Nu hoefde hij zich niet langer te beperken tot Mill en omgeving, maar kon hij zich ook meten op andere circuits. Op basis van een Victoria-bromfiets bouwde hij zijn eerste racer, maar om lekker te kunnen racen had hij behoefte aan een echte racer. Hij wist een Kreidler voor 700 gulden (ruim 300 euro) op de kop te tikken. Later bleek dat deze Kreidler had toebehoord aan Jacky Ickx, die een succesvol autocoureur werd. Dat Henk talent had, bleek meteen in zijn eerste jaar, want hij werd 50cc-kampioen. Door veel pech kon hij zijn titel niet prolongeren.

In 1969 maakte Henk de overstap naar de KNMV. Vanaf dat jaar werd hij gesteund door een Supportersclub. Dat betekende meer financiële mogelijkheden. Hij werd dat jaar kampioen 50cc bij de Nationalen en promoveerde naar de Inters. Daar reed hij onder andere tegen Jos Schurgers, die werkzaam was bij Kreidler-importeur Van Veen. Schurgers: ‘Ik bouwde daar de frames. En ik heb de 125cc-Bridgestone gebouwd. Nadat ik was gestopt, ging er een blok naar Henk. Ik ben dus de stamvader van Henks 125cc-racers. Ik heb hem altijd gewaardeerd omdat zijn motoren altijd super waren klaargemaakt.’ De Bridgestone werd door Henk al snel aangepast en veranderde in de naam Condor.

links Gerhard Waibel, midden Jean-Marc Velay – rechts Henk van Kessel.

Kees Siroo

Marcel Hermans staat bekend als een groot liefhebber van de cross. Vanwaar nu dit boek? Hermans: ‘Het was bij de presentatie van het boek over Jan Clijnck in 2018, waar Tonny van Duren mij vroeg een boek over Henk van Kessel te maken. Ik had vier jaar aan het boek over Clijnck gewerkt en had nog geen zin om aan een ander boek te beginnen.’ Er bestaat ook een verband tussen de drie boeken van Hermans, vertelde Henk me later. Als klein manneke ging hij met zijn oudere broer naar de Motocross der Azen in Sint-Anthonis. Daar zag hij Jan Clijnck rijden en maakte tekeningen van hem. Henk vond op het circuit ook een nummerplaat van Clijnck, die hij jarenlang heeft bewaard.

Na vier jaar kreeg Hermans zin in een nieuw boek en kon het voorwerk beginnen. Dat betekende veel zoeken in oude jaargangen van MOTO73, MOTOR, De Pits (het fanclubblad van de Supportersclub) en Motorpost van de NMB. Veel foto’s komen van Jan Burgers en NMBA.NL, maar ook andere fotografen stelden foto’s beschikbaar. En Hermans ging op zoek naar sponsors, want het maken van een boek is een kostbare aangelegenheid. Toen alles was geschreven, moest de tekst nog geredigeerd worden. Hermans: ‘Dat is gedaan door iemand die helaas niet meer onder ons is, Kees Siroo. Hij leed aan een ernstige ziekte. In 2022 sprak ik met Kees af dat we een jaar later, zo rond juli of augustus, zouden beginnen met het redigeren. Maar Kees’ gezondheid ging heel hard achteruit. Toch heeft hij alle tekst nog gelezen.’ Kees Siroo raakte betrokken bij de fanclub van Henk van Kessel en kwam zo in aanraking met de motorsport. Hij schreef berichten voor huis-aan-huis-bladen in de omgeving van Mill en later ging hij ook fotograferen. Kees leverde ook artikelen aan MOTO73.

De opkomst en ondergang van de Nederlandse Motorsport Bond (NMB)

Apetrots

Boeken over sporters die een vervelende periode hebben doorgemaakt worden doorgaans goed verkocht. Denk maar aan een boek als ‘Kieft’. Maar boeken over sporters over wiens privéleven niets schokkends te melden valt verkopen aanzienlijk minder goed. Daarom is het financieel niet aantrekkelijk voor een auteur om zonder sponsoren een boek over een motorsporter uit te brengen.

Maar nu is er dan toch een boek over Henk van Kessel, die naast de 50cc-wereldtitel elf Nederlandse titels behaalde en een wereldsnelheidsrecord vestigde op de A50 tussen Zwolle en Apeldoorn voordat deze snelweg in gebruik werd genomen. Van Kessel is apetrots op ‘Leven tussen start en finish’: ‘Wat Marcel heeft gedaan is overweldigend. Een boek schrijven over een iemand uit de Nederlandse wegracesport is wel uniek. En dan denk je al snel of het nou zo belangrijk is wat ik heb gepresteerd.’ Maar dat is het zeker, want Henk van Kessel kan terugkijken op een mooie carrière, die maar liefst twintig jaar heeft geduurd. Nadat de schrijver het boek overhandigde, sprak Van Kessel een dankwoord uit: ‘Ik wil Marcel en iedereen die aan het boek heeft meegewerkt ontzettend bedanken. Het is een hele eer dat 38 jaar nadat ik ben gestopt er een boek over mij uitkomt. En dan ook nog zo’n boekwerk. Ik ben er erg trots op. Een boek over een gewone jongen, zoon van een rijwielhersteller, fietsenmaker zeggen ze hier. Ik had in mijn grootste dromen niet kunnen verwachten dat zoiets ooit zou gebeuren.’ Hermans sprak van een ‘geslaagde middag’. En nu beginnen aan een vierde boek? Hermans: ‘Daar moet ik het eerst maar eens met mijn vriendin over hebben.’

Foto’s: Jan Boer

Waar te bestellen?
‘Leven tussen start en finish’ bestel je op www.motocrossderazen.com. Het boek kost €37,50. Daar komen binnen Nederland negen euro porto- en verpakkingskosten bij, voor België 22 euro. Het is een zeer lezenswaardig boek dat begint met de jeugdjaren van Henk van Kessel. Daarna worden alle racejaren beschreven. Elke race waarin Henk is gestart komt aan bod. Aan het eind van het boek staan de uitslagen van al die wedstrijden, waarbij de eerste vijf staan vermeld. Zit Van Kessel daar niet bij, dan wordt aangegeven op welke plaats hij wel is gefinisht of dat hij is uitgevallen. Alleen dat uitzoeken moet een hele klus zijn geweest. Het boek is geïllustreerd met heel veel foto’s, zowel in kleur als in zwart/wit.

Op bezoek bij Tony Leenes – Indian Motorcycles Museum

0

We gaan langs bij het Indian Motorcycles Museum van Tony Leenes in Lemmer. Deze markante Fries heeft door de jaren heen een indrukwekkende collectie opgebouwd, die getuigt van zijn passie voor deze iconische Amerikaanse motorfietsen. Het museum is een ware tempel voor liefhebbers van de legendarische Indian-merknaam, waar bezoekers zich onder kunnen dompelen in de rijke geschiedenis en het unieke karakter van deze motorfietsen.

Motor.NL TV 2024 – Aflevering 4

0

In Motor.NL TV aflevering 4 van 2024 gaan we langs bij de markante Tony Leenes en zijn Indian Motorcycles Museum in Lemmer, testen we de BMW F 900 GS en de 2025 Indian Scout in Amerika en unboxen we een bijzondere motorjas.

Lezers testen Honda A2-motoren: ‘Je mag hier maximaal 130 km/u, dus waarom zou je veel meer willen?’

0

Of A2-motoren een beetje populair zijn? En of, want nadat wij een oproep deden voor het Honda A2-testevent werden we bedolven onder aanmeldingen. Een dag rijden met de Honda Transalp 750, CB750 Hornet, CL500 en CB500 Hornet, allemaal A2-waardig, willen heel veel motorrijders, zo blijkt. Uiteindelijk waren Alexander, Koen en Tim de gelukkigen.

De motoren in het kort

Honda Transalp 750

Honda introduceerde de originele Transalp in 1986, uitgerust met een 583cc V-twin motorblok. Het model groeide uit tot een legende, geruggensteund door een grote betrouwbaarheid en een tijdloos design, en is ook nu nog regelmatig terug te vinden op Europese wegen. Doordat er ook een A2-versie is van de Transalp, is deze icoon dus ook bereikbaar voor jonge(re) rijders.

CB750 Hornet/ CB500 Hornet

De originele Honda CB600F Hornet uit 1998 groeide om vele redenen uit tot een enorm populaire motor in Europa. De compacte viercilinder naked oogde geweldig, was een fijne machine in de stad, maar hij had tevens het vermogen en de wendbaarheid aan boord voor buiten de stad. Na meerdere updates, upgrades en generaties dook de naam ‘Hornet’ even in een lange winterslaap. Maar hij is helemaal terug, in dus zowel een 750 A2-uitvoering als in een 500-variant.

Honda CL500

De CL500 moet het vooral hebben van zijn stijl. Hij haalt inspiratie uit de CL’s van de jaren 60 en 70 en vertaalt die invloed naar een moderne machine. Dat komt neer op een hoog stuur, hoge uitlaat, licht offroad gericht, plat zadel, scramblerbanden, en een elegante, afgeronde benzinetank. Het hoofdframe komt van de CMX500 Rebel, het subframe is nieuw voor de CL. Verder is deze scrambler uitgerust met volledige ledverlichting, leuke kleurtjes en een rits aan accessoiremogelijkheden.

Alexander Kind: ‘Alles boven de 100 pk is te veel als je het mij vraagt.’

Naam Alexander Kind
Woonplaats Rotterdam
Leeftijd 23 jaar
Huidige motorfiets Honda NC750X
Rijbewijs A2 code 80 – met code 80 mag je rijden op een driewielige motor, een lichte motor (A1) en een middelzware motor (A2)
Rijbewijs sinds mei 2022

‘Omdat ik zelf al een Honda NC750X in A2-versie rij, hoef ik vandaag niet al te veel te wennen. Ooit hoop ik een Africa Twin te rijden, maar dat is voor later, als ik een volwaardig A-rijbewijs heb. Kijkend naar mijn eigen NC750X, komt de Transalp 750 het meest dichtbij en dat is ook de motor die het meest bij mij past. De Hornet 750 is eveneens een hele fijne motor, maar niet voor lange(re) ritten, want dan mis ik een windscherm veel te veel. Zodra je een motor hebt gehad met een windscherm, kun je niet meer terug en wil je nooit meer zonder. Zeker in mijn geval, want ik rij tussen de  25.000 tot 30.000 kilometer. Da’s inderdaad veel, maar geen auto dus alles op de motor. Toch ben ik ook gecharmeerd van de CL500. De zithouding op die motor klopt gewoon en je kunt hier fantastisch bochtjes mee pakken. Zo lang je maar niet op de snelweg gaat. Ja, die motor heeft mij echt positief verrast, ook qua looks. Gewoon hartstikke mooi, al had ik nooit gekozen voor de versie met de witte looks. Gelukkig zijn er ook andere kleuren. En ook de Hornet 500 is een prima motor, heel fijn, heel wendbaar maar persoonlijk zou ik nooit kiezen voor een 500-versie, maar voor een teruggeschroefde versie. Je merkt gewoon dat de twee 500’s minder kracht hebben als je op het gas gaat. Ik zou elke A2-rijbewijshouder dan ook willen adviseren zwaardere motor te kopen met een 35 kw-optie. Ook voor de langere termijn, want dan kun je eventueel al zwaarder gaan rijden zonder dat je een nieuwe motor moet gaan kopen. Begrijp mij zeker niet verkeerd. Ook met een 500-tje kun je hartstikke veel plezier beleven. En bijna altijd zo hard acceleren als je wilt. Zelfs als je dat doet, ben je niet zomaar je rijbewijs kwijt. Dat mensen het soms hebben over maar een A2-tje snapte ik voor deze dag al niet en nu al helemaal niet. Je mag in Nederland maximaal 130 mag op de snelweg dus waarom zou je veel meer willen? Ik zie het dan ook niet als een logische stap om een 1000cc te nemen. Alles boven de 100 pk is te veel als je het mij vraagt en ik vermaak mij voorlopig prima op mijn A2 Honda NC750X.’

Koen Vianen: ‘Als er ooit een nieuwe motor bijkomt, is het voor erbij. Nooit voor in plaats van!’

Naam Koen Vianen
Woonplaats Montfoort
Leeftijd 21 jaar
Huidige motorfiets Honda MTX 80 OT
Rijbewijs A2

‘Ik vind die CL500 het lekkerst rijden, heel soepel, en dan heeft ‘ie ook nog vermogen onderin zitten. Dan heb je voor mij ook nog de Hornet 500. Die is wel heel wendbaar, ook in vergelijking met de 750-versie, maar de 500 mist naar mijn idee wel een beetje het vermogen onderin en dat compenseert Hornet 750 wel weer. Uiteindelijk zou mijn keuze, ook al rijden de 500’s lekker, toch gaan naar de CB750 Hornet. Als je dan toch geld uitgeeft, is het wel lekker dat je er lang meer kunt doen en dat kan met de 750 om je ‘m kunt omzetten naar vol vermogen. Maar of ik ooit voor een echt nieuwe motor ga.. Ik rij nu op een Honda MTX 80 OT en soms met de Honda XL500 van mijn vader. Oud, maar mooi spul dus. Qua looks komt dan de CL500 daar wel het meest dichtbij, qua gewicht trouwens ook. De overgang tussen klassiekers en nieuwe motoren is trouwens wel echt groot. Het schakelt zoveel soepeler, een startmotor in plaats van aantrappen en ja, natuurlijk de remmen in combinatie met ABS. Wel lekker hoor, iets meer veiligheid. De eerste kilometers zullen straks wel even worden op mijn MTX 80 OT, ook al zit er een 125cc-blok onder. Dat mag haha, de tijd van de rollerbank heb ik gelukkig gehad. Als ik vandaag moet kiezen, ga ik voor de CL500. Ik ben en blijf toch een echte klassiekerman. Als er ooit een nieuwe motor bijkomt, is het voor erbij. Nooit voor in plaats van!’

Test: 2024 Kawasaki Z 500 SE

Tim Boks: ‘Als ik nu moet kiezen wordt het een van de twee 500’s; iets wendbaarder en iets soepeler’

Naam Tim Boks
Woonplaats Almere
Leeftijd 22 jaar
Huidige motorfiets Geen
Rijbewijs A2

‘Ik heb nu een jaar mijn rijbewijs, nadat vrienden mij voorgingen, maar nog geen motor. Tot nu toe is het gebleven bij proefritten en dan voornamelijk binnen het Honda-kamp. En nu dan deze XXL-proefrit op allemaal Honda’s, ideaal! Als ik nu moet kiezen wordt het een van de twee 500’s. Nee, niet de 750’s dus in A2-uitvoering waar de andere testrijders wel voor gaan. De reden daarvoor is heel simpel; de 500’s zijn iets wendbaarder en iets soepeler en ook nog eens iets lichter en dat is ook wel een voordeel voor mij, want dat rijdt gewoon ietsje makkelijker en uiteindelijk dus lekkerder. Als is het natuurlijk wel een voordeel dat je een teruggetunde motor later ook met vol vermogen kunt rijden, zonder dat je dus een andere motor moet kopen. Ik weet nu alleen niet of ik dat meer vermogen ook echt wil. Als ik echt elke dag zou rijden, misschien wel, nu in ieder geval nog niet. Voor ik naar de MOTORbeurs ging, wist ik ook zeker dat ik sowieso voor een Honda zou gaan, maar in Utrecht heb ik ook op een Benelli Leoncino 500 gezeten. Die motor sprak mij echt aan en daar zou ik heel graag nog een keertje mee willen rijden. Omdat de Benelli nu een beetje vreemde eend in de bijt is, laat ik die maar buiten beschouwing en ga ik voor de Hornet in 500-uitvoering. Ik heb eerder met die motor gereden en het voelde daardoor direct al thuiskomen. Ik hoefde totaal niet te wennen, ook al was het alweer even geleden dat ik die testrit maakte. Maar als ik heel eerlijk ben, kan ik nu nog geen keuze maken omdat ik eerst nog op de Leoncino wil rijden.’

Foto’s: Jane van Daalen

2025 Indian Scout line-up getest in Californië, Amerika 🇺🇸

0

Een bobber, een klassieke uitvoering, een toervariant, een sportieve versie en een extra sportieve versie. Maar liefst vijf verschillende nieuwe Scouts stelt Indian Motorcycle voor. Allemaal ineens. De 2025 Scout moet niet alleen Amerika veroveren, maar ook andere markten inpakken. We vliegen naar San Francisco, Californië – het blijft natuurlijk een oer-Amerikaanse machine – om de nieuwe Scouts in een mix van omgevingen aan de tand te voelen.

2024 BMW F 900 GS test

0

BMW trakteert ons dit jaar op een gloednieuwe BMW F 900 GS. Hoe verschillend is de F 900 GS van zijn voorganger, de F 850 GS?

Vier vrienden op Himalayans door Nepal: naar het Dak van de Wereld

1

Het begint zoals elk mooi verhaal… Huib vertelt over een motortocht van een Engelse vriend op een Royal Enfield door Nepal. Eigenlijk ben ik direct ook enthousiast en na kort overleg met het thuisfront gaan we uitzoeken wat er allemaal bij komt kijken. Ook verschillende gesprekken gevoerd met de leden van HDC ‘t Centrum die heel verschillend reageren. De één verklaart ons voor gek en de ander wil gelijk mee. Uiteindelijk zijn Ronny en Ad bereid om het grote avontuur met ons aan te gaan…

Nadat we besloten hebben er definitief voor te gaan, volgen verschillende avonden van ‘vergaderen’ waarbij de plannen steeds concreter worden. Via internet komen we in contact met een Nepalees reisbureau dat ons wil helpen (en dat inderdaad ook perfect heeft gedaan!). Tickets boeken, visa regelen, vele dure inentingen halen en uiteindelijk kunnen we dan de spullen pakken.

Mw. Davidson op motoravontuur in Scandinavië met haar Yellow

VERKEERSREGELS

Henny is zo vriendelijk om ons op Schiphol af te gooien en we beginnen aan een lange reis van ongeveer 24 uur om via Abu Dhabi in Kathmandu te landen. Halfgaar lopen we uit het vliegtuig en belanden letterlijk in een andere wereld. Vier blanke reuzen lopen op een mega-chaotisch vliegveld hun tassen te zoeken. Nadat we alles gevonden hebben, stappen we naar buiten, waar we toch redelijk snel onze contactpersoon tegen het lijf lopen. Met allemaal een mooie bloemenslinger om de hals naar het busje om naar het hotel gebracht te worden; een eerste rit om nooit te vergeten. Ooit heeft iemand in Nepal waarschijnlijk wel wat verkeersregels bedacht, maar men is vergeten dit aan de rest van de bevolking te vertellen. Wat een zooitje! Alles en iedereen rijdt dwars door elkaar en niemand houdt zich aan ook maar enige regel (behalve dan misschien af en toe links rijden). Links, rechts, tegen het verkeer in… Het gebeurt allemaal. Als onze chauffeur vlak voor het hotel de rotonde tegen het verkeer in neemt, zijn we er helemaal uit. Dit wordt gegarandeerd een reis om nooit te vergeten!

KLEINE OOGJES

Na een eerste lokale horecatest, liggen we rond 1 uur op bed. Totdat Ronny het in z’n bol krijgt en weer de hort op wil. Ik ben er klaar mee, maar de heren hebben het blijkbaar wel gezellig gehad als ze de volgende ochtend met erg kleine oogjes aan de ontbijttafel zitten. Half Kathmandu schijnt vanaf die nacht de hele tijd ‘Ronny!’ te roepen… Deze dag staat in het teken van toeristje spelen en oude gebouwen bezoeken. Bhaktapur is inderdaad schitterend met prachtige tempels, mooie houtsnijwerken en stenen beelden. Helaas heeft de aardbeving van 2015 ook hier flink huis gehouden en staan veel gebouwen nog steeds gestut. Arbeid is echter goedkoop en iedereen werkt mee om alles weer tip-top te maken. Zelfs oude vrouwtjes dragen grote manden met cement of zand om alles op de bouwen! Heel gaaf was het om te zien hoe een groep van een man of twintig met grote precisie de houtsnijwerken aan het maken was. Echte ambachtslieden!

HIMALAYANS

De volgende dag gaat het dan echt beginnen. ’s Avonds werden de motoren bij het hotel gebracht. In plaats van de oude Royal Enfield Classic 500, bleken het nieuwe Royal Enfields Himalayans te zijn. Achteraf waren we hier erg blij mee! Wat een topmachines zijn dit, ondanks dat het maar 410 cc ééncilinders zijn. Power zat en we waren het na 100 meter al eens; een Harley heeft hier niets te zoeken! De volgende morgen staan we vroeg op, om voor de grote spitsdrukte weg te zijn. Onze gids Chandra wordt al snel omgedoopt tot ‘Sjaki’ en hij gaat voorop de mierenhoop in. Al snel blijkt dat als je een beetje meegaat in de flow, het allemaal best lukt. Veel toeteren (een Nepalees kijkt niet in het verkeer, maar luistert alleen…), niet te hard rijden en diegene die als eerste komt voorlaten. Dan komt het best goed allemaal! Na een uurtje durven we zelfs al tegen het verkeer in te rijden! Langzaam rijden we de stad uit en komen in de steeds mooier wordende natuur, de groter wordende armoede en slechter wordende wegen tegemoet. Waar het eerst nog ‘asfalt met af en toe een gat’ is, draait dit rap om naar ‘één groot gat met af en toe asfalt’, waarna het asfalt het zowaar opgeeft om voor de komende acht dagen ook bijna niet meer te verschijnen. Nu komt de Himalayan echt tot z’n recht! Af en toe staand op de pedalen over onverharde wegen, dwars door rivieren en tegen steile bergen op. Gewoon allemachtig mooi! Bij een waterval over de weg wordt spontaan Chapter Nepal opgericht.

RAVIJNEN EN KLIFFEN

Het landschap van Nepal wordt gedomineerd door de hoge pieken van de Himalaya, die zich prachtig aftekenen tegen een strak blauwe lucht. Acht van de tien hoogste bergen ter wereld – waaronder de Mount Everest als hoogste en meest bekende – liggen in dit land. Nepal wordt daarom dan ook wel ‘Het Dak van de Wereld’ genoemd. Aan het einde van de eerste dag zitten we allemaal volledig onder het stof aan de welverdiende Ghurka bieren! Mooie verhalen over wat we allemaal gezien hebben blijven maar over de tafel rollen. Prachtige vergezichten, bizarre wegen, trucks met mooie slogans als ‘We make travel fun’, terwijl ze bijna het ravijn in vallen en een drietal makaken (apen) aan de kant van de weg. Toch iets anders dan een rondje door de Meierij… De dagen daarop komen we steeds hoger. De bergen worden steiler en de ravijnen en kliffen dieper. Een hoogtepunt (of is het dieptepunt) is een verticale klif van een meter of 400 hoog, waar langs de rand een weg uitgehakt is. Fuck, da’s echt steil. We stoppen en zien 150 meter lager een pick-up truck op z’n kop in de rivier liggen… Nogmaals fuck! Wij moeten nog verder… Rustig aan rijdend, zo dicht mogelijk tegen de bergwand aan, komen we aan het einde van de weg, waar een verrassing ligt met een haakse bocht langs de bergrand. Pffff, we zijn allemaal toch wel een beetje opgelucht dat we dit bizarre stuk route achter ons kunnen laten.

YAKSTIER

De dagen daarna rijden we door tot aan Manang en beginnen we echt te merken dat we de 4.000 meter hoogte naderen. We lopen nog een stuk omhoog om geluksvlaggen op te hangen en een tempel te bezoeken, maar dan is het toch echt meer dan hoog genoeg. Snel weer naar beneden aan het (kool)zuurstof uit een fles! Manang was letterlijk één van de hoogtepunten, maar daarnaast ook de koudste plek van de hele trip! In Kathamandu was het nog rond de 35 graden, in Manang reden we weg terwijl de rijp op de velden en bruggen lag. Net boven het vriespunt… Toch met goede moed op weg, in de gebruikelijke volgorde. Sjaki voorop, dan Ad, Huib, ik en vervolgens Ronny als hekkesluiter. Na 500 meter moest ik even vol in de ankers. Een yakstier kwam aangedenderd en vond het nodig vlak voor Ronny en mij het pad op te knallen om aan de overkant bijna vertikaal de berg op te rennen. Wat een machtig gezicht! Even samen hard lachen om daarna snel weer naar de andere  jongens toe te rijden, want die waren alweer een stuk verder.

AFDALEN

De volgende dagen vooral weer afdalen naar een zuurstofrijkere omgeving met een weer steeds groener wordende omgeving. Dat leek een voordeel, maar om op één dag meer dan 100 kilometer offroad en dan ook voornamelijk omlaag te rijden, vergt een hoop concentratie en stuurmanskunst. Met name op de stofzandwegen heb je bijna geen grip en was het soms puur geluk dat de glimmende kant boven bleef. Doordat we op de heenweg al vaak gestopt waren en veel foto’s gemaakt hadden, konden we ons nu vooral ook op het motorrijden en nog meer op de omgeving concentreren. Het is en blijft een schitterend mooie en bijzondere omgeving.

OM NOOIT TE VERGETEN

Richting Kathmandu werd het verkeer ook weer steeds drukker en het wegdek weer steeds beter. Langzaam maar weer een beetje de ‘beschaafde’ wereld in. Een lekkere warme douche is wel prettig na een paar dagen koude (of geen) douches en halve gaten in de grond als toilet. Druk toeterend door het verkeer, totdat we ineens bruut geconfronteerd werden met de realiteit dat het helemaal fout kan gaan. Er lag een bus in een ravijn, waarbij bleek dat helaas niet iedereen het overleefd had… Toch iets rustiger verder gereden, waarbij het geregeld schrikken was als er een oude Tata vrachtwagen met alleen trommelremmen de berg af kwam zeilen. Gelukkig ging het laatste traject soepeltjes en wachtte ons een schitterend luxe hotel in Kathmandu. Na een heerlijk traditioneel diner met Nepalese volksmuziek en dans, zat het avontuur erop en was het tijd om de terugreis aan te vangen! Het was een trip om nooit te vergeten en heeft ons alle vier schitterende herinneringen opgeleverd! Voor eeuwig blij dat we het hebben gedaan!

Tekst & foto’s: Martijn