zaterdag 11 april 2026
Home Blog Pagina 828

Eerste test 2021 BMW M 1000 RR

0
2021 BMW M 1000 RR

Eerste test 2021 BMW M 1000 RR. M is de sterkste letter ter wereld. Althans, volgens BMW. Bij de Duitse fabrikant staat de letter synoniem voor motorsport en prestaties. Tot voor kort vertaalde dit zich vooral naar consumenten die hun heil zoeken op vier wielen. Nu kunnen ook motorrijders aan de slag op een Beierse M. Wij testen de 2021 BMW M 1000 RR op het circuit van Zolder.

De 2021 BMW M 1000 RR is het sportieve neusje van de zalm bij BMW. Die eer was lange tijd weggelegd voor de S1000RR, een motor waarmee zowel in het WorldSBK als in het WK endurance successen geboekt werden. ‘Het nut van de ervaringen opgedaan in dat laatste wereldkampioenschap mag niet onderschat worden’, zegt de Belg Werner Daemen, teammanager van het BMW Motorrad World Endurance team. ‘De blokken die we daar gebruiken, zijn voorzien op een levensduur van minstens 4.000 km. Terwijl een superbike het veel minder lang moet volhouden.’ Dat toont aan dat topprestaties en duurzaamheid wel degelijk hand in hand kunnen gaan. Ook al is de M1000RR helemaal gericht op topprestaties, over de levensduur van het blok of andere delen hoef je je geen zorgen te maken. Toch zouden de naakte cijfers die gedachte kunnen opwerpen. 212 pk voor 192 rijklare kilo’s. Komt dat wel goed?

M&M’s

Die vraag stellen is ze beantwoorden. BMW heeft de M 1000 RR ontworpen met het oog op prestaties. Maar niet ten koste van alles. Je kunt er perfect de openbare weg mee op.

Maar het is op het circuit dat de M echt tot zijn recht komt. Gewoon omdat de grootste troeven van de motor tevoorschijn komen als je hem tot het uiterste pusht. En dan kom je tot de vaststelling dat die limieten vaak verder liggen dan die van de rijder. We hadden in Zolder even het genoegen om vòòr Barry Veneman op een circuit te rijden. Dat duurde welgeteld 100 meter. De lengte van de box waar we vertrokken tot het opdraaien van het circuit bedroeg 120 meter. De volgende keer dat we Barry zagen, was bij aankomst in de BMW-box. De ene M ging dus al wat harder rond dan de andere. Dat is niet verrassend als één van de betrokken partijen een ex-winnaar van de 24 uur van Le Mans is.

2021 BMW M 1000 RR

2021 BMW M 1000 RR: Grensverleggend

Punt is dat de M je toelaat je grenzen te verleggen. Het blok kan een waanzinnige top van 15.100 tpm aan met een vermogenspiek van 212 pk bij 14.500 tpm. Gesmede Mahle-zuigers, titanium drijfstangen, een hogere compressieverhouding, lichtere tuimelaars… alles staat in het teken van de vaak geroemde M-performance. Het blok is vanaf 6.000 tpm niet alleen stukken sterker dan dat van de S 1000 RR, het is gewoon in-druk-wekkend. BMW paste niet alleen het rijwielgedeelte aan, maar verdiepte zich ook in de aerodynamica. Zie de carbon winglets die voor belangrijke downforce zorgen op hoge snelheden. Optimaal contact voor de banden dus en hoe harder je gaat, hoe groter die wordt. Klinkt mooi, maar je voelt het ook wel als je even later een been gooit over de standaard S1000RR. Nuttig? Ja, maar niet alleen om enkele tienden van een seconde sneller te gaan, het doet ook wat met je zelfvertrouwen. En misschien is dat nog belangrijker voor een snelle rondetijd dan het pure effect van de aerodynamica. Zelden doken we de eerste linker van Zolder in met meer vertrouwen dan op de 2021 BMW M 1000 RR.

Eerste test 2021 Triumph Speed Triple 1200RS

2021 BMW M 1000 RR: elektronisch vangnet

Dat komt ook omdat je weet dat er een elektronica pakket is dat je een zo hoog mogelijke graad van ondersteuning geeft. Rij-modi met Rain, Road, Dynamic, Race en Race Pro1-3 gaan hand in hand met Dynamic Traction Control (DTC) en DTC wheelie controle. Het wordt allemaal gestuurd door een zes-assige IMU die alles haarfijn monitort, ook de mate waarin de motor duikt, steigert en ‘hellingshoekt’. En dan hebben we het nog niet eens gehad over het merkbaar lichter sturen. Carbon wielen en dus een veel lager onafgeveerd gewicht zijn zoveel meer dan een gadget. Gooi daar nog remmen bovenop die zowel op het vlak van doseerbaarheid als pure remkracht nauwelijks hun gelijke kennen, en je weet waarom je als doorsnee sterveling nooit in de buurt van de limieten van deze motor komt. Dat geldt ook voor de top van 315 km/u die op Zolder niet haalbaar was.

En Pierre…

Het is des te opvallender dat BMW er ook blijft op hameren dat de motor goed uit de verf komt op de openbare weg. We vlooien dat graag eens verder uit. De vraag blijft dan ook of BMW met deze M 1000 RR geen parels voor de zwijnen gooit. De rijders die deze motor ten volle kunnen benutten zijn te tellen op de vingers van één hand. Maar het gaat in deze niet om het volledig kunnen benutten van een motorfiets. Daar zijn racers voor en, jawel, nòg exclusievere motoren.

Zoals op alle motoren, gaat het ook met de M1000RR om rijplezier. En met het totaalpakket dat BMW hier samengesteld heeft, valt het niet te ontkennen dat de 2021 BMW M 1000 RR ook op dit vlak de hoogst mogelijke score haalt. Moet dat dan 39.350 euro kosten? Met alles wat hierboven opgesomd is en de tientallen grote en kleine kenmerken waar we het nog niet eens over gehsd hebbden en het aantal geproduceerde motoren, lijkt het moeilijk om het voor minder te doen. Tenzij de overheid iets doet aan de BPM, natuurlijk.

Mag het wat meer zijn?

Voor wie dit allemaal niet genoeg is – en er wat financiële ruimte over blijft – biedt BMW ook het M Competition Pack aan. Daarin zitten onder andere een 220 gram lichtere swingarm, een DLC-coated endurance ketting en, jawel, een passagierpakket met buddyseat cover.

2021 BMW M 1000 RR

Kawasaki VN800 Drifter – Marathonmotor

0
Kawasaki VN800 Drifter

Je vindt het geweldig of je vindt het helemaal niks. Zo omschrijft Auréle Pauw zijn Kawasaki VN800 Drifter, die er uit ziet als een naoorlogse Indian Chief. Uiteraard vindt hij zijn eigen creatie geweldig. Niet alleen om naar te kijken, maar vooral ook om ermee te rijden. Liefst in bergachtige streken waar hij met de kolossaal ogende Drifter verrassend goed uit de voeten kan. Daarnaast laat de Kawasaki zich wat betreft betrouwbaarheid gelden als de beste.

In 1995, Auréle Pauw was toen 22 jaar, haalde de technicus uit Emmen zijn motorrijbewijs waarna hij, met weinig financiële middelen ter beschikking, een Honda CB650Z kocht. ‘Die Honda, waarvan ik het frame had gereviseerd, was allesbehalve een succes. De motor verbruikte veel olie. Daarna een Honda CB750 gekocht, maar ook die verbruikte olie, zelfs na een grondige revisie. Deze motor reed ik overigens plat. Mijn derde motor was toch weer een Honda, dit keer een GoldWing K3. Maar ook deze motor was op technisch gebied een ramp. Ik verkocht de motor aan een opkoper en ging via internet op zoek naar een opvolger.’

We zijn dan inmiddels aangeland in 2007. Pauw: ‘Op www.mobile.de zag ik in Kassel een zeven jaar oude Kawasaki VN800 Drifter te koop. Het was liefde op het eerste gezicht. Maar alvorens ik de knoop doorhakte om de motor in Kassel op te halen, heb ik toch wel een week onrustig geslapen. Het contact met de (particuliere) verkoper verliep moeizaam. Het was net of deze man mij niet vertrouwde. Maar eenmaal bij de verkoper thuis, was het ijs snel gebroken. De verkoper, een Kfz Werkstattmeister, werkte bij de TüV (keuringstations in Duitsland). Misschien was dat de reden waarom de motor met slechts 17.900 kilometer op de teller in nieuwstaat verkeerde. Nadat we de prijs, 3.500 euro, overeen waren gekomen, bleek het lastig om de motor op mijn naam te zetten. Gelukkig had de verkoper inmiddels zoveel vertrouwen in mij dat ik op zijn kenteken naar huis mocht rijden. In Nederland heb ik de motor direct laten keuren, op naam gezet en een klein bpm-bedrag betaald.’

Man en motor

NaamAuréle Pauw
WoonplaatsEmmen
Leeftijd48
Beroepkwaliteitsfunctionaris
Rijdt sinds1995
Aangeschaft2007
Nieuwprijs€ 9.500,-
Dagwaardecirca € 4.000,-
Rijstijltoer
Gebruiktoer/vakantie
Brandstofverbruik1:20
Olieverbruiknihil
Onderhoudzelf
Bouwjaar2000
Kilometerstand107.500 km

Uitdaging

Na de rit van Kassel naar Emmen had Pauw geen kont meer over. ‘Het eerste wat ik dan ook heb gedaan is het originele vlakke zadel vervangen door een pan-zadel uit de Tweede Wereldoorlog. Ik heb een constructie bedacht, waarbij de vering en zitpositie voor mij optimaal waren. Een vriend van mij – die stevige lederen motortassen maakt – heeft de lederen zitting van het zadel gefabriceerd. Compleet met Indian-logo. De tweede aanpassing betrof het stuur. Dat vond ik veel te smal. Ik kocht een beach bar voor een meer relaxte zithouding. Dat stuur was zo breed dat ik wel alle kabels moest verlengen.’

Het aanpassen en personaliseren van de Drifter is daarna nooit meer gestopt. Beetje bij beetje begon de Drifter steeds meer op een Indian Chief te lijken, zijn droommotor. Maar zowel een oude Chief als een nieuwe Indian zijn voor hem onbetaalbaar. Pauw: ‘Ik heb meer hobby’s dan alleen motorrijden. In de basis rij ik op een goedkope motor rond, maar als ik de Kawasaki ergens parkeer, is er altijd bekijks. Laatst nog van een paar oude mannetjes van wie de een tegen de ander zei dat hij de motor nog kende uit de oorlog. Ik heb maar wijselijk mijn mond gehouden. Over het Kawasaki-logo is een Indianenhoofd gespoten. Dat had de eerste eigenaar gedaan. In het begin was ik er niet kapot van, maar later ben ik het gaan waarderen. Op heel veel plekken op de motor siert mijn eigen verzonnen Indian-logo. Met een koplamp van een Opel uit 1938 en opvallende knipperlichten lijkt de motor voor een leek een oldtimer. Bepaalde onderdelen met logo heb ik zelf gemaakt, omdat ze niet te koop zijn (zie waslijst aan accessoires). Dat zorgde soms voor grote uitdagingen.’

Het moet kloppen

In 2009 ontdekte Pauw de motor als ideale reispartner. ‘Gelukkig heeft mijn vrouw, die voordat onze dochter werd geboren wel eens achterop mee ging, er geen moeite mee dat ik eens per jaar alleen een grotere reis met de motor maak. Zij heeft niks met motorrijden, maar ik na mijn eerste reis door de Alpen des te meer. Daarnaast raakte ik steeds meer geïnteresseerd in het merk en type motor. In Nederland rijden er niet zo veel, in Engeland en Scandinavië is het aantal wat groter. In 2011 kwam ik op het idee om de eerste Holland Drifter Rally te organiseren. Omdat de deelnemers uit Engeland kwamen, had ik een camping in Zeeland als basis gekozen.

Kawasaki VN800 Drifter

Ik was al blij geweest als er tien Drifters waren gekomen. Het werden er 26! Ik heb er zelfs enkele vrienden voor het leven aan overgehouden. Later, in 2016, heb ik in Ommen het nog eens dunnetjes overgedaan. Toen kwamen er Drifters uit Nederland, Duitsland, Engeland en België.’

Na diverse trips door de Alpenlanden las Pauw een artikel over een motorreis naar de Noordkaap. Dat sprak hem wel aan. ‘Ik heb mijn vrouw het artikel ook laten lezen en tot mijn grote opluchting was haar reactie “dat moet jij ook gewoon een keer doen”. Het werd een fantastische trip, zestien dagen uit en thuis en 10.000 kilometer op de teller. En veel bijzondere ontmoetingen onderweg. Wel was na 6.000 kilometer (normaal goed voor ruim 10.000 kilometer) de thuis nieuw gemonteerde achterband tot op het canvas versleten. Bij een motorzaak in Tromso vond ik een nieuwe band. Moest wel buiten op de stoep zelf het achterwiel monteren. En zelfs toen het begon te regen mocht ik niet in de werkplaats schuilen. Wel 300 euro afrekenen. Het enige minpuntje van een verder geslaagde reis. In 2019 heb ik een rondje Engeland gedaan. Van Schotland tot het zuiden van Engeland. Van een Engelse vriend had ik het advies gekregen om voor vertrek de originele voorvorkveren te vervangen door progressieve veren. Volgens hem was dat op de slechte Engelse wegen noodzakelijk. Ik was blij dat ik zijn advies heb opgevolgd. Veel (binnen)wegen waren inderdaad slecht, maar de omgeving des te mooier. Voor de trip naar Engeland heb ik zelf de balhoofdlagers vervangen. Ik doe al het onderhoud zelf. Enerzijds uit kostenbesparing, maar vooral toch ook omdat ik het leuk vind. Ik heb de motor niet nodig voor dagelijks gebruik. Als ik aan een klus begin, kan ik er mijn tijd over doen. En het moet bij mij altijd puntje precies. In het dagelijks leven ben ik kwaliteitscontroleur bij een machinefabriek. Daar moet ook alles kloppen en dat is bij mijn Drifter niet anders.’

Ducati SportClassic 1000 – Marathonmotor

Remmen

Onderhoud aan de motor heeft Pauw zichzelf aangeleerd. ‘Met een goed werkplaatshandboek en logisch nadenken kom je een heel eind. Aan het motorblok heb ik met inmiddels 107.500 kilometer op de teller nog nooit iets hoeven te doen. Iedere 10.000 km nieuwe olie erin en op tijd filters vervangen. De originele bougies heb ik vervangen door iridium bougies. Die gaan veel langer mee. De ketting heb ik vervangen bij 36.000 en 75.500 kilometer. Met behulp van een laser zorg ik ervoor dat het voor- en achtertandwiel honderd procent in één lijn staan. Dat voorkomt extra wrijving, waardoor de ketting langer mee gaat. Ja, ik ben soms een Pietje Precies.’

De Drifter heeft van huis uit één dichte remschijf voor. Pauw: ‘Toen ik de motor kocht, zat die er nog op. Ik heb deze al vrij snel vervangen door een geperforeerde schijf. In combinatie met gesinterde remblokken zorgde dat voor een betere vertraging. Met bijna een ton op de teller heb ik de remleidingen vervangen. Daar zaten kleine haarscheurtjes in en het remmen begon een beetje sponzig aan te voelen. De laatste grotere onderhoudsklus dateert van begin vorig jaar. Ik heb toen de koppelingsplaten vervangen, omdat ik vond dat de koppeling niet meer lekker oppakte. Daarna weer wel. Behalve met onderhoud, wat niet veel tijd vergt, ben ik constant op zoek naar mogelijkheden om de Kawasaki VN800 Drifter nog verder te personaliseren. Ik denk dat er ondertussen voor meer geld aan onderdelen en gadgets is gespendeerd, dan wat de motor veertien jaar geleden heeft gekost.’

Kawasaki VN800 Drifter
De eigenaar vertelt graag en veel over zijn dierbare Drifter.

Kawasaki VN800 Drifter op de brug

Voor een ritje Emmen-Volkel, zelfs bij lagere temperaturen, draait Pauw zijn hand niet om. Motor.NL-expert Van Sleeuwen inspecteert vol bewondering de ‘Indy Drifter’, alvorens hij een proefritje maakt. ‘Rijdt als een nieuwe, al is de zitpositie met het brede stuur niet mijn ding.’ Je hebt geen kennersoog nodig om te constateren dat deze Drifter in puike staat verkeert. Het motorblok ziet er nog uit als nieuw. Alle lak zit er nog op. Roest is nergens te vinden, evenmin als slecht chroom of aluminium. Overal waar mogelijk prijkt de naam Indian, geen wonder dat alleen een kenner er nog een Kawasaki in ziet. In de remschijf voor zitten groeven, maar het oogt erger dan het is. De slijtage is minimaal. De originele schijf achter lijkt amper gebruikt. De lagers van het linksysteem zitten keurig in het vet. De eerste eigenaar heeft de originele schokdemper vervangen. Afgezien van geregeld een nieuwe accu (de eerste gaf onderweg in Duitsland de geest) zijn er nooit elektrische storingen geweest. Van Sleeuwen: ‘Of je de transformatie van Kawasaki naar Indian nu mooi vindt of niet, technisch valt er niets af te dingen op deze motor. Het V-twin motorblok loopt als een zonnetje, dat gaat nog jaren mee. En voor de rest ben ik ook niet bang.’

Pauw: ‘Omdat de motor na aanschaf nog nooit in een motorzaak is geweest, was ik heel benieuwd wat de bevindingen van een pro zouden zijn. Het stemt me dan ook blij dat hij zo positief is en dat ik nog jaren vooruit kan met deze motor. Van een echte Indian, oud of nieuw, blijf ik voorlopig maar gewoon dromen.’

Kawasaki VN800 Drifter: goed om te weten

De Kawasaki Vulcan 800 Drifter is een cruiser gebaseerd op de lijnen van de Indian Chief van net na de oorlog. De Drifter 800 werd geproduceerd van 1999 tot 2007. De Drifter is er ook in 1500cc-uitvoering. De Drifter vond slechts mondjesmaat aftrek bij de Nederlandse consument, die blijkbaar nog niet klaar was voor een ‘Japanse Indian’. De nieuwprijs voor de 800 bedroeg destijds omgerekend € 9.500,-, de 1500 kostte € 14.500,-.

Pluspunten Kawasaki VN800 Drifter

Soepel en betrouwbaar motorblok

Minpunten Kawasaki VN800 Drifter

Zwakke remmen

Kawasaki VN800 Drifter
Even een bandje wisselen onderweg in Noorwegen.

Reparaties en problemen

  • 37.000 km remschijf voor vervangen
  • 38.000 km accu vervangen
  • 57.000 km kabel snelheidsmeter vervangen
  • 60.000 km accu vervangen
  • 88.000 km accu vervangen
  • 95.700 km koppelingskabel, balhoofdlagers en remleidingen vervangen
  • 96.800 km progressieve voorvorkveren geplaatst
  • 104.300 km koppelingsplaten vervangen

Richtprijzen bij motorzaak

Het aanbod van Kawasaki VN800 Drifters is zeer beperkt. Reken op een aanschafprijs van rond de € 4.000,-.

Merkenclub Kawasaki VN800 Drifter

Er is geen specifieke merkenclub voor de Drifter, maar als Drifter-bezitter ben je wel welkom bij de VRA (Vulcan Riders Association Holland). Hun website vind je onder www.vulcanriders.nl. De club organiseert treffens en motortochten in binnen- en buitenland.

Kawasaki VN800 Drifter
In de Alpen voelen Pauw en de Kawasaki VN800 Drifter zich goed thuis.

Zondagmorgenfilm: vlak voor de Moto2-start

0
Moto2

Normaal gesproken willen coureurs vlak voor de start geen pottenkijkers, maar Moto2-rijder Cameron Beaubier doet allemaal niet zo moeilijk en dat geeft ons een waanzinnige kans om de spanning voor een wedstrijd van heel dichtbij mee te maken. Leuk ook om begeleider John Hopkins weer eens te zien!

Ongemakkelijk moment tijdens MotoGP Japan – Terugblik

0
MotoGP Japan

Voorafgaand aan een Grand Prix-weekeinde moeten de toprijders geregeld komen opdraven bij een media-event. Verplicht opdraven, want anders zouden ze echt nooit komen… Het leedvermaak onder teamgenoten is vaak groot als bekend wordt wat ze precies gaan doen en wie van het team ‘verwacht’ wordt. En ergens is dat wel te begrijpen, omdat ze vaak als een soort circusclowns een vaak veel te vergezocht trucje moeten doen. Alles voor de pr van het evenement.

Maar heel soms levert het volkomen onverwacht waanzinnige pareltjes van fotografie op. Zoals hier, met Max Biaggi, Nobuatsu Aoki en Carlos Checa, tijdens een sumo-demonstratie in 1999. ‘Zijn we voor deze onzin echt helemaal naar Tokio gereisd?’ Je hoort het Biaggi en Checa haast hardop denken. Nooit eerder zagen we twee grote kampioenen zo ongemakkelijk zitten en met aangrenzende zekerheid is nu al te zeggen dat we ook nooit meer twee grote kampioen zo ongemakkelijk gaan zien zitten.

Het applaus van Casey Stoner – Terugblik

Foto-info

FotograafToshifumi Kitamura/AFP
Jaar1999
OnderwerpJapanse Grand Prix

Wetenswaardigheid

Opvallend genoeg durfde Max Biaggi het, eenmaal een beetje gewend, aan om een wedstrijd handje-druk aan te gaan met een professioneel sumoworstelaar. Dapper voor iemand die slechts 1.68 meter is en toen amper 60 kilo woog. Best een contrast met de bijna twee meter en 300 kilo van zijn opponent… Het eindresultaat laat zie uiteraard raden! Net geen gebroken arm voor Biaggi…

MotoGP Japan

TankTasTocht #2 Vught: Door het hart van Brabant

0

Grensgebieden zijn altijd interessant. Neem nou hartje Brabant. We zijn amper een half uur onderweg of kijk, daar heb je alweer een dorp met een neogotische kerk van buitenproportionele afmetingen. Op goed moment raak je de tel kwijt en ligt levensgroot de vraag op tafel: zijn die Brabanders nou zulke kerkgangers of hoe zit dat?

Totdat je beseft: hier lag de grens tussen het protestantse noorden en het katholieke zuiden. Toen dat laatste zich dankzij Thorbecke midden negentiende eeuw weer mocht laten zien, dachten de roomsen: ‘We zullen die protestanten eens een lesje leren!’ Waarop ze hun nederige schuurkerken vervingen door dit soort pronkpaleizen.

Tweede wat opvalt. Ergens richting Sprang-Capelle, we zijn dan halverwege, verandert het landschap van intiem, bosrijk en kleinschalig in open, licht en ruim. Waar we eerst over populierenlaantjes reden, belanden we nu op kaarsrechte strepen asfalt en, jazeker, heuse dijkjes waar we in de heupen mogen. Anders gezegd: van de Brabantse zandgronden zijn we in het rivierenland terechtgekomen en ook daarvan pikt Brabant een graantje mee.

Het avontuur begint in Vught, een sfeervol dorp, eigenlijk meer een uitgestrekte villawijk met een oud hart waar we onze eerste Sint-Petrus scoren. Hij is nu in gebruik als bibliotheek, dus in Vught nemen ze het niet meer zo nauw met het geloof. Ironisch: uitgerekend in deze overdadig rijke omgeving staat de EBI, de Extra Beveiligde Inrichting, nota bene op een steenworp afstand van de IJzeren Man. Bij een beetje weer horen Mohammed Bouyeri en Willem Holleeder de vrolijke stemmen van duizenden badgasten. Ook een straf.

Maria

Door de bossen koersen we naar Helvoirt waar ons beeld van het katholieke Brabant verder wordt bijgesteld. In de schaduw van de Sint-Nicolaaskerk runt Marty van de Loo zijn winkel in groente en fruit. Of hij weet waar we de Mariagrot kunnen vinden? ‘Eh … ’t grotje van Maria ken ik wel’, lacht-ie, ‘maar de Mariagrot … nee.’ Met een bakje vers geplukte aardbeien voor thuis peren we er vandoor, richting Boxtel waar we ons gaan vergapen aan klassieke automobielen, in het Classic Park. Onderweg erheen maken de bossen plaats voor een kleinschalig coulisselandschap met aan de horizon steevast de spits van, jawel, weer een enorme kerk.

Nu gaat er natuurlijk niets boven een lekker ploffende Douglas uit 1925, een Nimbus met open klepstoters of een jaren-zestig Puch met zo’n geil rood achterlichtje. Maar klassieke automobielen kunnen ook op onze sympathie rekenen, vooral die uit de jaren vijftig toen de wereld nog een toekomst had. Diep gelukkig staren we naar een mintgroene Cadillac Series 62 uit 1956 – mooier zal het nooit worden. Ook gezien: een T-Fordje zo koket, met dat kontje, de cabine, die neus en dan, om het af te maken, een zonneklep boven de voorruit. Dit gaat niet over snelheid. Dit gaat over schoonheid.

Via de Pastoor Mandersstraat en de Deken Frankenstraat en de Kapelaan Huyberslaan – ja, die jongens telden ooit mee – snorren we naar de Markt van het schone Oirschot. Daar verorberen we een worstenbroodje, onder het gebeier van de Sint-Petrusbasiliek – het is twaalf uur. De grootste verrassing wacht buiten het stadje als we de bossen inrijden om daar, aan de Proosbroekweg, de Kapel van de Heilige Eik te bezoeken. Een heus bedevaartsoord en dat is te merken. Het stikt er van de bejaarde Brabanders die er, het is een zonnige dag, op hun elektrische fiets naartoe zijn gereden om bij te praten met andere bejaarde echtparen. Onder de bomen klinkt een gedempt geroezemoes, aangevuld met de aarzelende zang van net uit Afrika teruggekeerde vogels.

Stront

Richting Oisterwijk maken de bossen plaats voor de openheid van stil boerenland. Dat betekent lekker tuffen, over de Brandsbeemdseweg en de Broekstraat en de Langendonksedijk en, … eh, maar wacht even. Wat lezen wij daar? B&B Boertel & Welness Suite De Meander, gevestigd op het terrein van een melkveebedrijf. Even later gevolgd door Bij Ons, Boerderijterras en Zichtstal, ook al een melkveebedrijf, met, volgens de website, ‘een prachtig uitzicht op het groene natuurgebied’ langs de Beerze. Zo doe je dat dus, de publieke opinie beïnvloeden door mooi weer te spelen, terwijl het diezelfde intensieve veehouderijen zijn die al die prachtige, groene natuurgebieden bedreigen. Boertel – na lang nadenken begrijpen we dat het hier om een hotel op een intensieve veehouderij gaat. En Wellness Suite… vraag dat maar eens aan de koeien die jaar in jaar uit binnen mogen blijven, met hun poten in de stront.

TankTasTocht #1 Leeuwarden: Door de weidsheid van het Friese land

Natuurlijk rijden we een rondje over De Lind, dat opvallende hart van Oisterwijk, met zijn snoeilinden in het midden en de tientallen terrassen erlangs. Maar hip Oisterwijk verzamelt zich tegenwoordig aan de overkant van het spoor. Daar bevond zich tot 2000 één van de grootste leerfabrieken van Europa, de Koninklijke Verenigde Leder KVL. Nu bieden de voormalige fabrieksgebouwen onderdak aan instellingen als EKWC, het Europees Keramisch Werk Centrum, een hotel en Robèrt van Beckhoven, ja inderdaad, die van het tv-programma Heel Holland Bakt. Maar onze interesse gaat vooral uit naar de stoommachine die ooit de fabriek en half Oisterwijk van stroom voorzag. Een kolossaal apparaat, bestaande uit twee liggende, meterslange cilinders en een reusachtig vliegwiel, goed voor 800 kVA. Een prachtig stukje industrieel erfgoed.

Als we tegen drieën Waalwijk naderen en Drunen, hangt verandering in de lucht. Je voelt hier de hete adem van de Randstad, met al dat verkeer op de A59 en de uitgebreide industrieterreinen. Er bestaat zelfs een afslag Drunen-Noord en een Kastanjelaan-West – hoe verzin je het? Eenmaal boven de A59 keert de rust terug en kunnen we ons overgeven aan de geneugten van het rivierenland en dat betekent natuurlijk dokkeren over de dijk. Maar voordat we dat doen, hebben we nog een afspraak op de Wolfsburcht – museum voor luchtgekoelde Volkswagens, aan de Perzikstraat 9 in Wijk en Aalburg.

Brilletje

Het is het levenswerk van veehouder André van Wijlen, van huis uit al verpest want zijn ouders reden in een Kever, net als die van zijn vrouw Antoinette, met eveneens fatale gevolgen. En Antoinette, zij bestiert het museum, weet nog goed de eerste keer dat André haar kwam ophalen, in een Kever natuurlijk waarna de liefde natuurlijk niet kon uitblijven. Inmiddels telt hun verzameling enige tientallen VW’s, van ’t brilletje met zijn twee achterruitjes tot het ovaaltje en van een originele brandweerbus tot het ultimum onder VW-aficionados, een VW Cabriolet in Hebmüller-Karosserie – om van te watertanden. Tekenend voor hun liefde: het museum heeft een voorgevel waarin de contouren zijn te herkennen van het oude beeldmerk van VW, een kasteeltje!

Download de route

De TTT-rijders

Het aantal spontane deelnemers viel niet mee. Zondag 20 juni 2021 speelde Nederland de laatste groepswedstrijd tegen Noord-Macedonië, reed Max Verstappen in de F1 op Paul Ricard en voorspelde Buienradar weinig goeds. Slecht gesternte dus waaronder de TTT-rijders van start zouden gaan. De opkomst was dan ook zoals verwacht. Maar daardoor had fotografe Claudia Huigsloot wel alle tijd om te spelen met camera, mens & motor.

Jan Kruithof: ‘Nooit meer koud’

0
Jan Kruithof

Ineens bedacht ik me dat ik het eigenlijk nooit meer echt koud heb gehad op de motor. Verkleumd wel, maar tot op het bot koud? Dat verbaasde me. Dat tweecilinders 12.000 tpm draaien en na 100.000 kilometer nog niet barsten, vinden we heel gewoon. We staan er niet bij stil dat motorbanden stilletjes enorm aan grip hebben gewonnen. Rubber moet rollen, ook dat vinden we heel gewoon. En dan al die elektronische rijhulpen, die voorkomen dat je omvalt. We gebruiken ze alsof ze niet heel bijzonder zijn. Met motorkleding is het nauwelijks anders.

Herman Brusselmans: Vier motoren voor één man, dat is toch te veel?

Ooit reed ik naar het toenmalige Tsjechoslowakije. Een lederen oliejack uit Noorwegen, een open helm met Climax-bril, Oostduitse tanklaarzen en een Braziliaans regenpak van elastisch bananenrubber beschermden mij tegen Het Weer. Je wist dat je het koud kreeg, maar nooit waar en wanneer. Bij Bayreuth raakte ik bevangen door de kou, ondanks dat de hele dag de zon had geschenen. Later reed ik in een gebruikte Belstaff – een originele, niet dat modespul van tegenwoordig. Dat was warm tot het regende, want echt waterdicht was een vetpak nooit. Eind jaren tachtig volgde een blauw, met aluminium gevoerd MQP-pak, dat nauwelijks verschilde van de zeilbootversie. Het was van honderd procent Heel Dik Stug Waterdicht PVC. Het verlengde je levenskansen in ijskoud water, maar aan land zweette je als een otter. Rond 1994 kocht ik mijn eerste moderne textielpak, van soepel cordura met een waterwerende Gore-tex Z-liner. Een verademing, een ontdekking, een revolutie, die wat mij betreft het motorrijden echt heeft veranderd. Oneindig rijden zonder kou.

Vanmorgen was het min 2 toen ik naar Zwolle reed. Onder m’n jack droeg ik een Coolmax-shirt. Het was behaaglijk warm. Toen ik in Bayreuth einde dag bijna van de motor donderde, was het nog steeds 22 graden!

Michael van der Mark analyseert BMW-analyse uit 2020

0
Michael van der Mark

Omdat Michael van der Mark begin juli 2020 contractueel nog niets mocht zeggen over zijn transfer naar het BMW Motorrad WorldSBK Team tikte MotorNL-sportredacteur Marien Cahuzak vorig jaar een analyse vol met eigen aannames, suggesties en conclusies. Nu Michael na de eerste testen – en vlak voor het nieuwe WorldSBK-seizoen – echt een beeld heeft van zijn nieuwe M1000RR is het de hoogste tijd om te kijken of Marien het bij het rechte eind had. Niemand die dat beter kan beoordelen dan de hoofdrolspeler zelf.

Conclusie 1

Volgens veel insiders heeft de BMW het potentieel om mee te kunnen met Kawasaki en Ducati, en Michael lijkt dus één van die insiders te zijn.

‘Het is natuurlijk niet zomaar één, twee, drie dat een gloednieuwe motorfiets, want dat is de BMW M1000RR echt, direct klaar is om te winnen. Het niveau in het WorldSBK is op dit moment zo hoog. Vorig jaar had BMW met de S1000RR het vooral lastig op het gebied van topsnelheid, maar de rest stond echt al op een goed niveau. Met de nieuwe M1000RR hebben we flink wat extra vermogen, waardoor het er nu op lijkt dat we er qua topsnelheid goed bij zitten. Het is nog wel zo dat het hele pakket, zowel de motor als ik, nog één moet worden. Als je echter kijkt naar de mogelijkheden die we op dit moment hebben, maak ik mij geen zorgen over de toekomst. Mede daarom heb ik inderdaad voor BMW gekozen. Voordat ik het contract tekende, had ik zeker de nieuwe M1000RR al gezien. Daarmee liet BMW aan mij zien dat het wil winnen, want de nieuwe Superbike is speciaal daarvoor ontwikkeld. BMW wil dus niet per se een nieuw model presenteren, nee, het wil echt een motor hebben die kan meedoen om de SBK-zeges. Ik wil ook winnen, dus dat paste perfect en daarom was de keuze voor BMW ook niet erg ingewikkeld.’

Eindoordeel conclusie 1

Correct.

Conclusie 2

Vanuit Japan ligt de focus van Yamaha op de MotoGP en dat heeft gevolgen voor het SBK-budget in 2021. Het is een publiek paddock-geheim dat BMW flink wat meer budget over heeft voor het WorldSBK-project.

‘Dat is een stelling waar ik eigenlijk geen antwoord op kan geven, want ik heb geen idee wat het budget van zowel Yamaha als BMW precies is. En ik denk ook niet dat je ooit het antwoord daarop zult krijgen, al ken ik de verhalen ook. Wat ik wel kan zeggen, is dat er bij BMW heel veel mogelijk is. Op bijna alle gebieden van de motor zijn we op dit moment verschillende dingen aan het testen en dat laat wel zien hoe serieus het merk is met het WorldSBK-project.’

Eindoordeel conclusie 2

Correct.

Conclusie 3

Binnen BMW ligt de focus volledig op het WorldSBK, net als dat bij Kawasaki het geval is. Dat is de enige manier om te slagen in het Superbike.

‘Daar lijkt het wel op en BMW heeft inderdaad die focus volledig op het WorldSBK. Dat is zeker positief en het merk heeft recent ook het één en ander gewijzigd in de strategie, waarvan de M1000RR het beste voorbeeld is. BMW wil winnen, iets wat ook door de top van het bedrijf wordt uitgesproken. Daarom is het eerst racen en dan pas marketing, terwijl het bij veel merken precies andersom is. Om in deze omgeving te werken, is als coureur echt geweldig.’

Eindoordeel conclusie 3

Correct.

Conclusie 4

Met de keus voor BMW laat Michael de ingang naar de MotoGP los, al moet je ook realistisch zijn dat die overstap er waarschijnlijk niet in zou hebben gezeten.

‘In principe heb je gelijk, maar ik wil winnen en ik denk dat ik daar bij BMW meer kans op heb. Als ik heel eerlijk ben, was ik ook vorig jaar niet meer met de MotoGP bezig. Natuurlijk sluit je dat hoofdstuk nooit af, maar je moet wel realistisch zijn als je toekomstplannen maakt. Maar je weet nooit…’

Eindoordeel conclusie 4

Correct.

Conclusie 5

Dat Toprak direct won op de R1 kwam uiteraard hard aan, zoals verlies bij elke sportman lastig is, maar Michael stapt echt niet naar BMW over omdat hij weet dat hij daar een mindere teamgenoot zal hebben…

‘Dat klopt helemaal. Natuurlijk baalde ik er echt wel van dat Toprak direct won in zijn eerste raceweekeinde voor Yamaha, maar uiteindelijk waren de verschillen tussen ons heel klein. Het was ook echt niet zo dat ze alleen maar bezig waren met Toprak, echt niet. Sterker nog, Yamaha heeft meerdere keren laten weten dat ik voor de ontwikkeling van de R1 heel belangrijk was, ook toen Toprak erbij kwam. Dat blijkt ook wel uit het aanbod dat Yamaha mij gaf. Dat was goed en daar lag het zeker niet aan. Maar als Ducati, Kawasaki en Honda met nieuwe motorfietsen komen, moet je daarin meegaan en de kans op een nieuwe R1 is voor zover ik niet weet niet zo heel groot.’

Eindoordeel conclusie 5

Correct.

Zo gaat het tot nu toe

We hebben je, in vergelijking met vooral Yamaha, Ducati en Kawasaki, nog weinig zien testen met de nieuwe M1000RR. Waarom?

‘Dat is gewoon een andere manier van aanpak. Wij hebben besloten om het testen iets dichter bij het seizoen te laten plaatsvinden. Je hebt tegenwoordig maar tien vrij te bepalen testdagen per jaar, dus je moet er een beetje voorzichtig mee zijn. Zo hebben we vrij recent nog getest op Aragón, waar ook het eerste raceweekeinde wordt verreden. Omdat een aantal onderdelen iets later beschikbaar was, kwam dat nu ook wel goed uit.’

Je had het tijdens de grote WorldSBK-test op Barcelona niet gemakkelijk. Moeten we ons zorgen maken?

‘Nee hoor, lekker rustig blijven allemaal! Tijdens de tweede testdag had ik echt een heel goed gevoel en zat ik bijvoorbeeld bij Jonathan Rea in het wiel. Toen ik een snelle tijd wilde zette, crashte ik helaas en daarom geeft de test niet helemaal het juiste beeld voor ons. Ik snap wel dat, als je alleen naar de tijden kijkt, je het gevoel krijgt dat het niet helemaal lekker ging. We hebben daarnaast veel dingen getest en geprobeerd en dat kost natuurlijk ook tijd.’

Toen je overstapte van de Honda CBR600RR naar de Fireblade was je meteen snel en dat gold ook voor de eerste keer op de Yamaha R1. Wat is er nu anders?

‘Met de R1 duurde het als ik heel eerlijk ben ook wel even voor ik echt snel was. Dat maakt ook allemaal niet zoveel uit, als je er met de eerste race maar staat.’

Die eerste race had Assen moeten zijn, maar dat weekeinde is verzet naar eind juli. Dat komt je dus helemaal niet slecht uit.

‘Ik had heel graag al geracet, want dan weet je echt waar je staat. Daarnaast ben ik altijd klaar voor Assen.’

Het WorldSBK begint nu op Aragón en aansluitend Estoril. Blij met direct een dubbelweekend?

‘Zeker weten. Het is vooral erg fijn dat er een keer geen raceweekeinde wegvalt, maar bij komt, zoals met Estoril. Je weet nooit hoe het allemaal gaat lopen… Een voorspelling voor de eerste races van het seizoen is nu echt heel ingewikkeld. Natuurlijk ga je voor het podium. Of dat realistisch is? Bel mij even na Estoril, dan weet ik meer, ha ha!’

Teruglezen?

De analyse van vorig jaar nog eens teruglezen? Lees hier het artikel ‘Michael van der Mark: Het waarom achter de overstap naar BMW’.

MrGPS: Welke routeplanner? Deel 6: Routeyou

0
Routeyou

Net als de eerder besproken planners MyDrive en MRA is ook Routeyou browser-gebaseerd. Sinds kort hebben ze een app voor gebruik op de PC die het geheel nog intuïtiever maakt. Hoe werkt het?

Nadeel van de nieuwe opzet van Routeyou is dat het in eerste instantie lijkt alsof je alleen nog routes kunt maken voor wandelen of fietsen, maar dat is zeker niet zo. Als motorrijder moet je hooguit even iets verder kijken dan je neus lang is (maar dat deed je natuurlijk toch al).

Routeyou is in basis gratis in gebruik; je hoeft zelfs niet eens een account aan te maken. Wil je je routes kunnen bewaren, dan is een account wel nodig. Wil je extra opties, zoals Streetview, dan kies je voor de betaalde versie (€ 2,50 per maand, waarmee je meteen ook verlost bent van de advertenties).

MrGPS: Wat gebeurt er onderweg?

Routeyou: supereenvoudig

Het werkt werkelijk supereenvoudig. Je gaat naar www.routeyou.com. Als er voorgesteld wordt de gratis app te installeren: doen! Maakt het nog wat gemakkelijker (maar het hoeft niet). Kies vervolgens voor ‘plan een route’.

Je zult zien dat het programma standaard een mooie wandelroute plannen. Geen probleem: klik even op de motor.

Vervolgens kies je je startpunt. Dat kan door een adres in te voeren, maar ook door gewoon met de linkermuisknop op de kaart te klikken. Ik kies ervoor te starten in Rapallo en een stukje ham te gaan halen in Parma. Binnen een fractie van een seconde zie je het resultaat.

Een rit van 175 kilometer, met de knop linksboven zie je ook het hoogteprofiel.

Tip: met de knop rechtsboven kun je het routeyou-motornetwerk aanzetten. Die wegen worden automatisch gekozen, maar daarmee kun je zien welke wegen er nog meer als mooi gezien worden en je route misschien nog iets interessanter maken. Kwestie van klikken op zo’n groene lijn.

Offroadrijden met Routeyou

Wil je het echt spannend maken en ook offroadrijden, zet dan de wegeigenschappen aan.

In de legenda kun je zien of er sprake is van een begaanbaar gravelpad of dat het echt ‘werken’ wordt. Op die manier gemanipuleerde routes zijn overigens alleen bruikbaar in de Garmin Zümo, niet in de TomTom Rider.

Wil je een dag later gewoon een rondrit rijden vanuit Rapallo, dan voer je de lengte in (maximaal 200 kilometer) en de windrichting. Wederom: halve seconde werk. En dan voor dag 3 en 4 een net iets andere richting: laat je verrassen! Eenmaal klaar met de route, kies voor de knop ‘download’, sla de route op en kies voor de optie ‘gpx’.

Je krijgt dan een gpx-bestand met track.

Benen strekken

Wil je niet de hele dag in het zadel, maar geregeld even de benen strekken bij een bezienswaardigheid? Maak dan je route op de normale manier, maar geef de servers even een minuutje de tijd om wat toe te voegen.

Laad je route na een minuutje opnieuw en je ziet in het hoogteprofiel POI’s (bezienswaardigheden) verschijnen.

Klik je op zo’n bolletje, dan lees je over die bezienswaardigheid.

Je kunt echter die bezienswaardigheden ook eerst zelf opzoeken om je route er bewust langs te leiden, in plaats van andersom. Gebruik daartoe weer de knop rechtsboven de kaart en vink de bezienswaardigheden aan.

Vind je zelfs dat te veel werk, dan kun je uiteraard ook kiezen voor bestaande routes. Dat kan binnen de routeyou-site op verschillende manieren, maar ik vind het het makkelijkst om dat ook op deze plek te doen, simpelweg door het aanvinken van ‘routes’ in plaats van ‘bezienswaardigheden’.

De route-verzameling is echt enorm. Bovendien is de route vaak voorzien van een ster-waardering, waardoor je makkelijker het kaf van het koren scheidt.

Nu maar hopen dat we snel weer Europa in kunnen!

Routeyou

Routeyou is een platform van Vlaamse origine, met een zeer stevig fundament. Het werd zestien jaar geleden opgericht door één van de oprichters van Teleatlas, Philiep de Sueter, al heel snel versterkt door Pascal Brackman als de technische baas. Ter illustratie: Teleatlas werd in 2008 voor zo’n 2 miljard euro overgenomen door TomTom. Als gezegd: een stevig fundament, maar tegelijk, anders dan Teleatlas, qua cartografie veel breder kijkend dan alleen ‘zo snel mogelijk met de auto van A naar B’. Zo stond MrGPS in een vorig leven aan de weg van de zogenaamde OnRoute-motorkaart en mocht ik samen met de heren van Routeyou sleutelen aan de algoritmes om automatisch de mooiste routes te berekenen. Dat is ook meteen het grote voordeel van routeyou.com: de kwaliteit van de berekende route.

Boudewijn Geels: ‘Dat hoor ik over Yamaha’s en Kawasaki’s nou nooit’

0
Column Boudewijn Geels

Als ik nu geen Italiaan koop, doe ik het nooit meer. Na een Honda CX500E, een Suzuki Bandit, een Yamaha V-Max en een Honda X11 is het nu tijd voor een niet-Japanner. Die Harley-Davidson komt wel als ik groot ben – ik ben pas vijftig – en BMW heeft zijn kans verbruid door middel van een proefrit op een aangrijpend slome R1200C. Zo’n dikke bul 61 pk meegeven, hahaha!

Goed, een Italiaan dus. Mijn geliefde K. hitst me op. Haar vader reed Italiaans, haar broers rijden Italiaans en de enige tweewielers waarvoor ze haar hoofd omdraait zijn Italianen. Edoch, je hoeft maar één keer semi-lollig ‘Ducati, stuk gaat-ie’ tegen me te zeggen en ik durf niet meer. Temeer omdat werkelijk elke Italiaan-bezitter, die ik in mijn leven ben tegengekomen, me vertelde over malheur die ik met mijn Japanners nooit had. ‘Karakter’ noemden ze dat dan vergoelijkend.

Eigenlijk durf ik als ’s werelds slechtste sleutelaar alleen een Moto Guzzi aan. Die lijken me net iets minder hittepetitterig-kwetsbaar dan Ducati’s, Aprilia’s en MV Agusta’s. Bovendien heb ik een collega die zijn Guzzi V11, voor zover ik weet, altijd aan de praat krijgt. Maar zekerheidshalve vraag ik dat toch nog even na.

Welnu, de collega is nog steeds verliefd op zijn Guzzi. ‘Ik heb alleen wel diverse elektronische problemen gehad, ook met starten’, zegt hij. ‘Onlangs stelde de garage vast dat er een te zware voorlamp op zat die te veel stroom trok en daardoor de zekering van de dynamo deed smelten. Sinds de nieuwe voorlamp heb ik geen problemen meer.’

Juist ja. Dat hoor ik over Yamaha’s en Kawasaki’s nou nooit.

En toch, een Guzzi Griso 1100 is op de plaatjes wel verduiveld mooi. Dus tuffen we op een regenachtige zaterdag met de auto naar Roké Motors in Woerden, die er een op zijn website heeft staan. Terwijl K. rijdt, vind ik op YouTube een filmpje van een jonge Brit die zijn Griso 1100 recenseert: ‘Ik wil niet zeggen dat alle Italiaanse motoren last hebben van elektronicaproblemen. Maar alle drie de mijne toevallig wel.’

Boudewijn Geels: ‘Eureka! Skip de stickers’

Oké, ik weet eigenlijk alweer genoeg, maar de Brit verzekert me ook dat de Griso heerlijk rijdt, en precies de goede mix biedt qua performance en comfort. ‘Alleen, als je lange benen hebt, is dit misschien niet de bike voor jou.’ Ik kijk naar mijn benen. On-Italiaans lang. Ik ben dan ook 1.88 meter.

De zwarte Griso bij Roké is uit 2006, heeft 28.000 kilometer op de teller en moet 6.750 euro kosten. Ik vertel over het filmpje van de Engelsman. De verkoper, glimlachend: ‘Rij je vaak in de regen dan?’ Eh, bij voorkeur niet. Maar soms heb je geen keus.

‘Je kunt prima Italiaans rijden zonder dat je elektronica er de brui aan geeft’, zegt de Roké-man. ‘Maar in principe heb je nu de motorfiets met de minste problemen. Een Honda X11 doet alles goed. Alleen, je hebt er niet zoveel beleving bij. Deze Griso is een tweecilinder. Het rammelt en trilt en heeft karakter. En is hij mooi of niet?’

‘Hij is schitterend’, erken ik grif, ‘maar zo te zien wel erg laag.’ Ik zwaai een been over het zadel, en inderdaad, ik ben gewoon te groot voor dit ding. Vriendin K.’s gezicht spreekt ook boekdelen.

Terug in de auto kijk ik naar de foto’s die K. heeft gemaakt en schud het hoofd. ‘Alsof ik op een bovenmaatse teckel zit. Wat die verkoper vroeg over dat in de regen rijden vond ik ook omineus. Ik wil een motor waarmee ik ongestraft een zwembad in kan rijden.’

Italo-groupie K. slaakt een berustende zucht. ‘Oké, toch weer een Japanner dus.’

Nico Rosberg crasht zijn Energica in Monaco

0

Nico Rosberg heeft een YouTube-kanaal. Dan moet-ie zo nu en dan wel een filmpje online zetten, zoals iedere influencer. Maar dat ging vorige week een beetje verkeerd.

Aan de vooravond van de Formule E neemt Rosberg zijn bijna 1 miljoen volgers mee op een rondje langs een aantal van de hoogtepunten van het bochtige stratenparcours. Onderweg stapt hij van zijn Energica om bij een vriend z’n accreditatiepassen op te halen voor het raceweekeinde. Als hij die heeft opgeborgen, stuurt hij zijn motor naar voren. Jammer voor Rosberg houdt zijn motor niet en tuimelt hij pardoes onder de bumper van een dikke Audi.

Harley-Davidson maakt van LiveWire een elektrisch motormerk

Rosberg eindigt vastgeklemd tussen de motor en de ruimte onder de voorbumper van de Audi, met de benen in de lucht. Met hulp weet hij aan zijn benarde positie te ontsnappen. Niet zonder zelfspot verwerkt Rosberg zijn val als een goede grap.