maandag 4 mei 2026
Home Blog Pagina 728

Moto Guzzi V100 Le Mans concept

0

Het valt niet te ontkennen dat Moto Guzzi de laatste jaren tekenen van hernieuwde vitaliteit heeft getoond, eerst met de V85 TT en meer recent met de V100 Mandello, mooie motorfietsen die wij veel succes toewensen.

Maar, eerlijk gezegd, ontbreekt er nog steeds een motorfiets die liefhebbers echt doet dromen. OK, supersportfietsen zijn steeds minder in trek, ze zijn te duur, te krachtig, te rijbewijsgevoelig enz. enz.

En toch, zou je een gloednieuwe Le Mans willen, met het nieuwe motorblok, met de karakteristieke afmetingen van een competitiemotor, met onderdelen van topniveau en… monsterlijke prestaties, in een zeer agressieve look …..?

Meer details van de Moto Guzzi V100 Mandello

Ja, zo’n Le Mans is ook duur, veeleisend, knorrig en oncomfortabel, praktisch alleen bruikbaar voor het circuit of een paar zondagse uitstapjes, ja… maar nog steeds zeer begerenswaardig!

Natuurlijk, dan zou het hoofd en de portemonnee je leiden tot het kiezen van meer bruikbare modellen. Maar als je weet dat je Mandello V100 op de een of andere manier ‘verwant’ is aan deze Le Mans, zou dat toch zeker een bron van trots zijn. En daar zijn droomfietsen voor, met dank aan Oberdan Bezzi.

Groen licht voor de Red Bull Erzbergrodeo 2022!

0

Na een onderbreking van twee jaar is het eindelijk opnieuw van datum. De Red Bull Erzbergrodeo in Stiermarken zal dit jaar doorgaan. Van 16 tot 19 juni 2022 zullen endurorijders uit de hele wereld opnieuw de beruchte “Ijzeren Berg” (proberen) trotseren. Gemakkelijker gezegd dan gedaan, als we de beelden en onderstaande video zo even bekijken…

Hoeven we u nog uit te leggen wat ’t evenement de afgelopen twee jaar in een flinke winterslaap heeft gehouden?Net zoals alle grote evenementen van de afgelopen twee jaar, werd ook de Erzbergrodeo door corona in de tang gehouden. Zonde, want het evenement, dat intussen al voor de 26e keer plaatsvindt, wordt beschouwd als het grootste motor offroadfestival ter wereld. Nu de inschrijvingen opnieuw vlotjes binnenlopen, heeft organisator Red Bull nu de eerste details bekendgemaakt.

Zo wordt Spa-Francorchamps weer ‘een beetje’ van ons!

Meer dan 1.000 deelnemers

Op de website van het evenement blijkt dat de pauze van twee jaar weinig effect gehad heeft op de populariteit van de Rodeo, integendeel. De deelnemers lijken nog meer gebrand op een deelname. “Momenteel kregen we 1.200 inschrijvingen binnen uit heel Europa. Voorlopig is er ook contact met rijders uit andere continenten, maar we moeten even afwachten hoe de pandemie zich doorzet. Dan denk ik aan mogelijke reisbeperkingen en dergelijke. Maar we kunnen ervan uitgaan dat we tegen april een volledig startveld zullen hebben voor de Erzbergrodeo 2022”, vertelt evenementmanager Karl Katoch. Een flinke opsteker, voor zowel de organisatie als het deelnemersveld.

In de afgelopen tweeënhalf jaar is de Erzberg bovendien opnieuw helemaal veranderd door de lokale ertswinning. Bij de aanleg van het parcours staan de organisatoren dus voor nieuwe uitdagingen. Al zit ’t timinggewijs wel snor: dankzij de vrij zachte winter in het gebied, kon de organisatie al veel nieuwe en oude delen van het traject bekijken en evalueren. Komt goed!

Nieuwe regels

Kwestie van de beklimming van de Erzberg nog iets moeilijker te maken dan hij al was, heeft de organisatie nieuwe regels in ’t leven geroepen. Zo is het hele parcours uitgeroepen tot ‘no-helpzone’. Wat in wezen betekent dat deelnemers gedurende de hele race geen hulp mogen krijgen van toeschouwers, mecaniciens of andere teamleden. Bovendien zullen er op het bijna 35 kilometer lange parcours geen tank- of oplaadpunten meer zijn, zodat de deelnemers de hele race met één tank- of accutank zullen moeten afleggen. Dat is in het verleden de dooddoener gebleken voor enkele – vooral elektrische – rijders. Doseren, jongens!

Wie na het zien van onderstaande video nog geen last heeft van klamme handen of een stroompje angstzweet langs de ruggengraat: inschrijven kan hier.

Speculaties over een BMW M1000R

0

Kardesign publiceert regelmatig computergegenereerde schetsen van mogelijke toekomstige motorfietsen. De foto’s van de BMW M 1000 R veroorzaken enige speculaties.

De ontwerpen van Kardesign zien er allemaal erg goed uit en met de M1000R heeft ontwerper Karl Lee weer eens een gevoelige snaar geraakt. Aangezien naked bikes steeds zwaarder worden en er ook steeds meer hypernakeds op de markt komen, zou een M1000R zeker binnen de mogelijkheden liggen.

Waarom de BMW R18M uniek is

Al een jaar geleden presenteerde BMW een radicalere en beter uitgeruste versie van de S1000RR, uitgerust met zogenaamde M-Parts, de M1000RR was geboren. De S1000R is een naakte versie van de S1000RR, dus een M1000R zou niet meer dan logisch zijn.

De foto’s laten zien hoe Lee zich de motor voorstelt, dit betekent niet dat een aankomende M1000R er ook echt zo uit zal zien. Maar je mag hopen dat BMW zich zal laten inspireren door het ontwerp.

Video: Harleys rijden naar de top van de wereld

0

Een groep van vijf rijders in India reed op Harley-Davidson Pan Americas naar Key La, een Himalaya-pas waar de onverharde weg stijgt tot 5.670 meter. De bewering lijkt correct dat dit de hoogste pas is waarop iemand met een Harley-Davidson heeft gereden. Zeker, je zou het niet willen proberen op een Low Rider, maar de Pan America opende nieuwe routes voor Harley-Davidson.

Harley-Davidson presenteert nieuwe modellen voor 2022

De rijders varieerden van een voormalig rallyracer tot een leider van de Harley Owners Group in India die, naar eigen zeggen, zelden buiten de stoep had gereden voordat hij deze tocht naar ’s werelds hoogste onverharde weg ondernam, inclusief een omweg door rotsachtig terrein dat elke off-roadrijder op de proef zou stellen.

Bekijk de video hier.

Ducati Unica: jouw one-off uit Borgo Panigale

0

Ducati kondigt de geboorte aan van Ducati Unica, het nieuwe customprogramma voor motorrijders die hun eigen exclusieve en unieke motorfiets willen ontwerpen en bouwen. Met Ducati Unica opent het Centro Stile haar deuren voor Ducatisti en begeleidt ze bij de verwezenlijking van hun droom: direct samenwerken met ontwerpers en technici om een motorfiets te creëren die uniek in de wereld is.

Motorrijders die deelnemen aan het programma betreden het atelier van Centro Stile Ducati persoonlijk, kunnen hun wensen aan de ontwerpers omschrijven en krijgen periodiek toegang om de voortgang van hun motorfiets te kunnen volgen.

Hoe werkt het?

Met de steun van de professionals van het Ducati Unica-team, wordt de unica geschetst, waarbij elk detail wordt gedefinieerd: kostbare materialen, speciale afwerkingen, speciale kleuren en Ducati Performance-accessoires. Alles in overeenstemming met de stilistische criteria die bij een Ducati past. Elke fase van het project wordt gedocumenteerd en de klant wordt er rechtstreeks bij betrokken, zodat hij of zij de motorfiets gestalte zien krijgen, vanaf de eerste schetsen tot de afleveringsceremonie. Het eerste exemplaar dat het grote publiek heeft bereikt is de Ducati Superleggera V4J, van een paar maanden geleden.

2006 Ducati Paul Smart 1000 LE zoekt nieuwe eigenaar

Andrea Ferraresi, directeur van het Ducati Stijlcentrum: ‘Design is een onderscheidend element van onze creaties. Wij wilden Ducatisti de kans geven om zich nog meer met hun motor te identificeren, waardoor Ducati een directe uitdrukking van hun persoonlijke stijl wordt. Daarom hebben wij Ducati Unica in het leven geroepen, een exclusief programma dat getuigt van de uitmuntendheid van in Italië vervaardigde producten, waarvoor Ducati de wereldwoordvoerder is. Het is een boeiende en onvergetelijke customervaring in ons Stijlcentrum. Voor ons bij het Centro Stile is het moment waarop Ducatisti eindelijk zien hoe hun motor gemaakt wordt erg opwindend en een bron van trots.’

Eenmalig van het Huis

Elke Ducati Unica wordt aan de eigenaar geleverd met een certificaat dat de originaliteit bevestigt en garandeert dat het eindresultaat niet wordt gekopieerd. Het niveau van uniciteit en de aandacht voor detail van elk Ducati Unica-project betekent dat Ducati slechts een zeer beperkt aantal aanvragen per jaar kan accepteren en alleen die waarvan wordt aangenomen dat ze in harmonie zijn met de waarden van het merk. Ducati-dealers zijn een integraal onderdeel van het project. Als je contact met ze opneemt, krijg je de nodige informatie om van het programma gebruik te maken.

Waarom de BMW R18M uniek is

0
BMW R18M

Zeg je BMW ‘M’ dan vliegen de pk’s, lichte onderdelen en vaak ook de euro’s je om de oren, zowel op twee als op vier wielen. Sterker nog: jarenlang was de M-serie voorbehouden aan auto’s, maar sinds kort kennen we natuurlijk allemaal de M1000RR. Al is het maar dankzij onze Michael van der Mark. Een R18 past wat ingewikkeld in dit rijtje. Paste wat ingewikkeld in het rijtje moeten we zeggen, want op de Verona Motor Bike Expo zagen we ineens een heuse R18M, gebouwd door ombouwspecialist American Dream, met medewerking van BMW Italië en dat maakt deze R18 een M, want het is dus verre van een hobbyproject waar het grote BMW niets van wist. De eerste schetsen werden ontworpen door Oberdan Bezzi, die erin slaagde een powercruiser te creëren zonder de essentie van de motorfiets te veranderen. American Dream zorgde er vervolgens voor dat er ook daadwerkelijk een motorfiets gemaakt werd, met hulp van andere specialisten:

  • Elaboratorio, gespecialiseerd op het gebied van prototyping en modelbouw, maakte de glasvezel kont en de kuip van de motorfiets.
  • Carbon Italy zorgde voor de kleppendeksels en inlaatkanalen, plus andere koolstofvezel details.
  • De korte uitlaat, ontworpen om de lijn compacter te maken en grotere hellingshoeken mogelijk te maken, is van ER Exhaust Revolution. De korte uitlaat geeft ook extra nadruk aan de blootliggende cadanas.
  • L.R. Leather bekleedde het zadel en Dox Art Factory deed het spuitwerk.
  • Rizoma leverde accessoires als spiegels, handgrepen en richtingaanwijzers, die allemaal het karakter van de motorfiets perfect aanvullen.

Ook een BMW R18 Aurora

Het idee van Garage 221 om een aangepaste R18 te maken, begon met de presentatie van de motorfiets op de EICMA 2019. Het resulteerde uiteindelijk in deze R18 Aurora. ‘Het was hard werken’, zegt de man van het project, Pier Francesco, ‘maar het resultaat is echt verrassend. De structuurlak van de kleppendeksels, de injectiebehuizingen en de oliekoelergrille maken het geheel homogeen, waardoor een uniek effect ontstaat met het cilinderblok en de carcanoverbrenging.’ Bijzonder is dat de onderdelen voor de bouw van deze R18 allemaal komen van andere BMW-modellen.

  • Het zadel is geleend van een 2005-1200C.
  • De batwingmounts zijn gemaakt van de steunen van een 1982-R100.
  • Een deel van een achterframe is van een 1991-K75.
  • Voor het spuitwerk werd de kleurcode van een RT100 uit 1983 als referentie genomen.
  • De grille van de oliekoeler van de R18 Aurora is geïnspireerd op de grille van BMW-auto’s uit de jaren zestig.
  • Buitenbeentje zijn echter de uitlaten. Die werden gebouwd in samenwerking met LeoVince.
BMW R18 Aurora.

Motorrijders zien andere dingen in het verkeer dan autorijders

Mirjam Pol en Wiljan van Wikselaar; twee Nederlandse Dakar-helden

0

Winnares van het damesklassement of beste Nederlander tijdens je Dakar-debuut. Nee, natuurlijk is in deze waanzinnige prestaties geen enkel onderscheid te maken. Sterker nog: als je Le Dakar weet te finishen, ben je voor ons al een Held (ja, met hoofdletter H). Daarom staan in dit verhaal zowel Mirjam Pol – inderdaad de winnares van het damesklassement – als Wiljan van Wikselaar – de beste Nederlander tijdens z’n debuut – centraal.

Interview Mirjam Pol: Van de nood een wereldtitel maken!

Mirjam Pol

‘Die laatste etappe! Dat had ik niet gedacht, maar daar hebben we, allemaal geloof ik, nog heel erg van genoten. Normaal had ik dat ook tijdens de een na laatste etappe moeten doen, want dat soort terrein is zo ontzettend mijn ding! De duinen waren majestueus, geweldig. Het rare was, de hoge, zachte en moeilijke duinen daar surfte ik zo doorheen, heerlijk. Maar toen… kwamen de kleine en lagere duintjes en daar ging het niet één keer maar twee keer volledig fout, waardoor ik van mijn motor vloog. Ik voel het goed, bij de tweede crash heb ik mijn schouder en schouderblad behoorlijk geblesseerd. Door die hele toestand heb ik ook nog een tijdstraf gekregen, doordat ik te hard reed. Hierdoor moest ik tijdens de laatste etappe van verder achterin het klassement starten. Daardoor dacht ik dat ik de onderlinge strijd die ik met een paar teamgenoten had, wel kon vergeten. Maar… het voelde zo lekker vandaag – ondanks mijn schouderblessure – dat ik er nog maar eens een keertje echt voor ben gaan zitten! En… uiteindelijk was ik ze alle twee nog weer de baas ook! Mijn voorbereiding was supergoed en daardoor krijg je een heerlijk gevoel van zelfvertrouwen. Ik ben gegroeid, als mens en als rijder. Je weet dat het klopt, je weet dat je voluit kan gaan. Andere motorrijders die normaal gesproken een tandje te snel zijn en die je laat gaan, maar waarvan je nu voelt; yes, ik kan dat bijhouden. Ik heb gewoon een hele goede rally gereden, ik heb het met het rijden zo naar mijn zin gehad, heb er echt van genoten. Het is zo fijn als alles klopt, dat gevoel van “tak-tak-tak”, alles loopt zoals het hoort en dat m’n motor doet wat ík wil, op het moment dat ík dat van hem vraag. Terugkijkend is er maar één minpuntje; het grieperige gevoel. Het vroeg veel energie om te herstellen. Maar, het beste medicijn is de prachtige medaille en de Women’s trophy.’

TeamHT Rally Raid Husqvarna Racing
MotorFR 450 RALLY
Bijzonderheid1e damesklassement
Klassering algemeen49e
Totaaltijd49 uur, 23 minuten, 49 seconden
Verschil winnaar+ 10 uur, 36 minuten, 19 seconden
Straftijd37 minuten
Mirjam Pol.

Wiljan van Wikselaar

‘Ik ben heel dicht bij uitvallen geweest, daarom ben ik heel blij dat ik de finish gehaald heb. Met mijn rug, een erfenis van een crash in Marokko, zag ik er wel echt tegenop, ik vreesde vooral dat de verbindingen een probleem zouden worden. Daar had ik alleen de eerste twee dagen last van, daarna viel het mee. Maar toen kreeg ik last van die pols en in de tweede week nog een crash, waardoor ik er met mijn hoofd niet helemaal bij was. Ik heb dus wel een paar klotedagen gehad, maar aan het einde ging het goed en vandaag was helemaal een superdag. Ik heb gelukkig een heel goed team om me heen; er ging nog een blok kapot, maar dat werd gelukkig net op tijd gezien door de monteurs. Die hebben er nog een nieuw blok in gesleuteld. Dat heeft me wel vijftien minuten tijdstraf gekost, maar die kon ik hebben. Als de arts mij na die crash in de tweede week had gezien, had ik waarschijnlijk niet meer mogen starten. Wat dat betreft ben ik dubbel zo blij dat ik de finish nu gehaald heb. Aan het begin van de laatste proef waren er meteen een paar die in de fout gingen met navigeren. Ik maakte dezelfde fout waardoor er weer een paar langzamere rijders voor me kwamen en ik weer in het stof zat. Toen ben ik er nog een keer voor gaan zitten om er voorbij te komen. Daarna heb ik een groepje van vijf rijders ingehaald en die hebben de rest van de proef achter mij aangezeten.’

TeamBas World KTM Racing
MotorKTM 450 EXC
BijzonderheidBeste Nederlander
Klassering algemeen44e
Totaaltijd48 uur, 8 minuten, 43 seconden
Verschil winnaar+ 9 uur, 21 minuten, 13 seconden
Straftijd38 uur, 14 minuten
Wiljan van Wikselaar.

5 etappes, 5 verhalen

Etappe 8: Winnen maar toch gemengde gevoelens hebben, het is het verhaal van Sam Sunderland. Hij is de beste in deze etappe, maar moet morgen de dag openen en dat is vanwege lastige navigatie geen voordeel in Le Dakar 2022. Een dag later wordt hij slechts 13e… Maar ho, daar is hij ‘super blij’ mee en dat zegt alles.

Etappe 9: Met nog altijd vier motorrijders binnen vijf minuten, is het ongekend spannend in de tussenstand. Matthias Walkner heeft de leiding, maar Sunderland, Adrien van Beveren en Pablo Quintanilla volgen hem op de voet. De oplettende lezer weet dat er dan met KTM, GasGas, Yamaha en Honda vier verschillende merken aan kop staan.

Etappe 10: Toby Price wint en is alweer de zevende winnaar in slechts tien etappes. Het is ook de dag dat we weten dat er een nieuwe winnaar komt want Kevin Benavides – de beste in 2021 – valt uit met technische problemen. Het teamspel van de KTM-groep en Honda richting Yamaha wordt steeds duidelijker. Vooral koploper Van Beveren is daar niet blij mee, zeker niet omdat hij minder hulp kan krijgen van teamgenoten, al weet hij heel goed dat zijn werkgever hetzelfde had gedaan als ze de kans hadden gehad. Het is dus niet alleen mens tegen mens maar nog veel meer fabrikant tegen fabrikant. Ook dat is Le Dakar.

Etappe 11: Het plan van de KTM-groep lijkt te werken want Sunderland staat na de een na laatste etappe – volgens velen de beslissende – bijna zeven minuten voor op op Quintanilla en iets meer dan zeven minuten op Walkner. Van Beveren verliest dik twintig minuten en lijkt kansloos voor de eindzege. Benavides mag dankzij nieuwe regels wel weer meedoen (zonder kans op de eindzege) en pakt direct de dagoverwinning, met precies 4 seconden voorsprong op Sunderland.

Etappe 12: Quintanilla en Walkner gaan vol in de aanval vanaf de allereerste centimeter in de allerlaatste, vrij korte proef. Al snel wordt duidelijk dat het vooral tussen Quintanilla en Sunderland heel spannend gaan worden. Zelfs als Sunderland gefinisht is, blijft het wachten… Tot het verlossende voor hem en zijn GasGas komt: gewonnen! Quintanilla komt uiteindelijk slechts 3 minuten en 27 seconden te kort en dat na dik 38 uur getimede proeven!

Klassiekers en racemotoren in de schuur van Frank

Joan Lascorz

Ook Joan Lascorz heeft – samen met navigator – Miguel Puertas  Le Dakar uitgereden op een geweldig knappe negende plaats. Lascorz-Puertas kregen dat voor elkaar door zo goed als foutloos te rijden en ook kregen ze geen enkele lekke band of technisch probleem. Iets dat klaarblijkelijk heel bijzonder is als je met een buggy onderweg bent.

Dubbeltest: Aprilia Tuono 660 vs. Yamaha MT-07

0
Aprilia Tuono 660 vs. Yamaha MT-07

De middenklasse-nakeds laten als sinds jaar en dag uitstekende verkoopcijfers optekenen. Wij zetten de nieuwe Aprilia Tuono 660 en de laatste versie van de Yamaha MT-07 dan ook graag even neus aan neus. Allebei hebben ze een 270°-paralleltwin in het vooronder. Is de Tuono 660 z’n meerprijs echt waard? Of hengelen we na de test toch opnieuw naar de sleutels van de MT-07?

TestlocatieGent, België
Testomstandighedendroog met een waterig winterzonnetje
Temperatuur7 graden, blauwe vingertoppen ontvriezen nadien
Testkilometers124 km, openbare weg

Een gelijke opzet en toch zo verschillend, allebei met een vertimmerde façade ten opzichte van eerdere incarnaties of afgeleide modellen. Een beetje zoals de recent schielijk overleden Franse Bogdanoff-tweeling. Maar, eh, anders. De MT-07 werd vorig jaar grondig bijgespijkerd, maar de Tuono 660 is sinds 2021 nieuw in het Aprilia-gamma. Laat ons van wal steken met de nieuwkomer.

Twee walletjes

Onze kleine Italiaan eet een beetje van twee walletjes. Hij stamt qua insteek uiteraard af van de Aprilia Tuono V4 1100, maar wordt net zoals z’n grote broer gebouwd op het platform dat eerder als middenklasse-racertje in de markt werd gezet: de Aprilia RS660. Een portie genendelerij die zo z’n repercussies heeft: het stuurtje staat dan wel iets hoger op de vorkpoten gemonteerd en de rasp had best wat werk om de volle kuip tot een halfje te reduceren, maar verder straalt de Tuono 660 een en al snelheid uit. Van de dikke 41mm-upsidedownvork vooraan, via de face-down-ass-up-lijn in de carrosserie, tot de radiaal gemonteerde vierzuigers vooraan. Laat er geen twijfel over bestaan: deze knaap is boven de doopvont gehouden als volbloed renpaard. En als Casanova bij uitstek. Want over smaken en kleuren wil ik gerust een tijdje met je bakkeleien, maar als je beweert dat de Aprilia Tuono 660 lelijk is, gaan we zo even samen op de koffie bij Hans Anders. Van de symbiose tussen matte en glanzende lak, via het gespierde kuipwerk, de banaanvormige (‘gullwing’) achterbrug en het onderliggende, kort afgezaagde sportuitlaatje, tot de lekker agressieve, tot spleetjes dichtgeknepen DRL’s… Mamma mia, wat een ding! Nog voor je de sleutel hebt omgedraaid, is eenieder met octaan in de aderen helemaal om. Geen wonder, aangezien het ontwerp van de hand is van niemand minder dan Miguel Angel Galuzzi, de ontwerper van de originele Ducati Monster (en de ‘grote’ RSV4/Tuono, uiteraard).

Dubbeltest: Honda NC750X DCT vs. Kawasaki Versys 650 Tourer

Led-cycloop

De Yamaha MT-07 is op zijn beurt dan weer de (sinds 2014 vermarkte) opvolger van Yamaha’s FZ6 van weleer. Een vrij onopvallende verschijning die het vooral hoger in de toeren van zijn vierpitter moest gaan zoeken en het jonge volk wist te verleiden met het nodige gekrijs uit de tweeloop onder het kontje. Met de MT-07 ging de vier-in-lijn op de schop, maakte de inmiddels legendarische CP2-paralleltwin zijn intrede en werden de brave looks flink scherp getrokken. Na enkele subtiele updates door de jaren heen, springt sinds vorig jaar vooral de nieuwe koplamp meteen in het oog, zij het niet altijd om de loftrompet te steken. Want de nieuwe voorgevel lijkt nog het meest op een led-cycloop met twee verticale DRL-streepjes, een stijlkenmerk dat ook de nieuwe MT-09 zal – eh – sieren.

Wel volledig nieuw zijn de geïntegreerde luchtinlaten, die nu geen afzonderlijke zwartplastieken afschermkap krijgen, maar meegespoten worden als deel van de tank. Oogt toch net een stuk netter en zelfs een tikkeltje meer premium dan voorheen. Van beneden naar boven: zowel de remschijven als de spiegels komen van de triple naar de twin overgewaaid, maar de MT-07 blijft wel trouw grijpen naar de axiaal gemonteerde vierzuigers van de vorige generatie. Wie in dezelfde beweging de overstap naar een tft-schermpje had verwacht, krijgt een teleurstelling te verwerken. Yamaha kiest voor het lcd-schermpje van de Tracer 7. Een opvallende keuze, maar niet geheel onlogisch, aangezien een behapbare prijs altijd al een dingetje was voor de midsize ‘Master of Torque’.

Aprilia Tuono 660 vs. Yamaha MT-07

Elektronische snufjes

Qua uiterlijk gaan de bloemen naar Italië, dat het tft’tje van de RS660 overneemt. Een noodzaak, aangezien Aprilia allesbehalve beknibbeld heeft op de elektronische snufjes op z’n middenklasser en duchtig heeft geplukt uit de APRC-catalogus. Standaard krijg je vijf rijmodi (twee enkel voor circuitgebruik) ABS, wheelie, cruise en traction control. Voor de IMU, quickshifter en noodstopverlichting betaal je extra. Daardoor kan je de wheelie en traction control bijvoorbeeld niet afzonderlijk instellen, is het ABS niet hellingshoekgevoelig en hoort bochtenverlichting niet tot de mogelijkheden op de standaardversie. Een lichtpuntje daarbij is dat je amper enkele honderden euro’s bijbetaalt voor die opties. En die zijn het overwegen zeker waard.

En toch zijn we geneigd om de MT-07 een streepje voor te geven in deze categorie – hoe vreemd het ook klinkt. De opstap-Japanner heeft namelijk helemaal geen opsmuk: een toerenteller, klok, versnellingsindicator en een snelheids- en brandstofmeter. Klaar. Geen traction control om in te stellen, rijmodi om uit te kiezen of quickshifter op deze knaap. Sleutel omdraaien en wegwezen. Als we even advocaat van de duivel mogen spelen: traction control, ride-by-wire en bijbehorende rijmodi worden tegenwoordig op goedkopere en lichtere motoren voorzien… als deel van de veiligheidsuitrusting. Maar tegelijkertijd heb je ze eigenlijk niet nodig op een motor van dit kaliber.

Piekvermogen Aprilia Tuono 660 vs. Yamaha MT-07

Over dat kaliber gesproken: dat ligt op beide machines in dezelfde lijn en toch ook weer niet. We verklaren ons nader. Beide motoren vallen net onder de 700cc-grens, hebben een paralleltwin aan boord en zijn voorzien van een 270°-ontstekingsvolgorde. De CrossPlane2 van Yamaha weet daarmee goed 73 pk te presteren bij 8.750 tpm en peurt er 67 Nm uit bij 6.500 tpm. Klinkt mooi, maar toch doet de Italiaan het vermogensgewijs opmerkelijk beter: waar de Yamaha stilaan in de begrenzer draait, haalt Aprilia z’n piekvermogen van 95 pk. Dat is 10 pk minder dan de RS660, maar dik 22 pk meer dan de MT-07. De Master of Torque presteert exact evenveel koppel als de Tuono – 67 Nm –, maar haalt die koppelpiek wel 2.000 toeren eerder. En daar zit ook het grote verschil qua gevoel tussen beide motoren.

Yamaha’s CP2-blokje is zoals steeds heerlijk soepel onderin, met iets kortere verhoudingen voor de drie laagste versnellingen, en drie net iets langere ratio’s voor de vierde, vijfde en zesde in de bak. Een combinatie die perfect werkt: ideaal voor een kwieke acceleratie als het moet of kan en een langgerekte spurt tot net voorbij de 200 km/u in de vijfde versnelling. Daarbij draai je een rustige 5.500 toeren in de zesde versnelling en 120 km/u, al dient gezegd dat de Yamaha MT-07 zich net op dat punt in de powerband bevindt en het verleidelijk is om de gaskraan iets verder open te draaien… Het feest begint namelijk pas echt bij 6.000 toeren.

Helemaal onderin klinkt de Tuono wel potent, maar blijf het behoorlijk mager qua machtsontplooiing. Vanaf 4.000 toeren steekt het koppel lekker de kop op, maar net daarna krijgt de Tuono 660 het heel even lastig – tussen de 5.000 en 6.500 toeren zit een opmerkelijke dip verscholen. Eentje die evenwel snel vergeten is als je ziet hoe kwiek de Italiaan vervolgens richting begrenzer knalt. Lekker lineair, maar duidelijk hongerig naar toeren. Maar het hierboven omschreven dipje steekt daarbij wel net de kop op in een toerengebied dat je vaak aanwendt bij gebruik in de stads en net erbuiten, wat op z’n minst gedeeltelijk verklaart waarom je die verduivelde MT-07 maar niet ziet verkleinen in de spiegels, integendeel zelfs.

Uitgebalanceerd vs. speels

De andere verklaring zit ’m in de volledig afwijkende insteek qua rijwielgedeelte. Als vanouds blinken de Italianen uit met een waanzinnig knap uitgebalanceerd, in gegoten aluminium uitgevoerd frame (en ditto swingarm). Aangevuld met een qua veervoorspanning en uitgaande demping instelbare 41mm-Kayaba-upsidedownvork en een instelbare KYB-monoshock achteraan. De stuuruitslag is bovendien een heel stuk ruimer dan wat je met de clip-ons op de RS660 gedaan krijgt, waardoor je ’m op de spreekwoordelijke vierkante centimeter gekeerd krijgt. Alles opgeteld werkt het plaatje zo goed dat je de Tuono 660 al na enkele honderden meters vol vertrouwen de bocht doorjast. Wat een strak stuurijzer! Een compliment dat ook geldt voor de 1100’s van de familie – de appel valt doorgaans niet ver van de boom, nietwaar?

De Yamaha MT-07 moet het op papier met een stuk minder zien te rooien: een conventionele telescoopvork vooraan en een enkel qua veervoorspanning instelbare monoshock achter moeten het geheel de hoek om loodsen. Wat in vergelijking tot z’n Italiaanse concurrent een stuk deinender verloopt, van het accelereren tot het insturen onder remdruk, al brengen we dat element in dit geval liever als ‘speels’. Een element dat de MT-07 tot in de puntjes beheerst: van het kabelbediende gas met vederlichte on/off, via de (32mm) breder geworden hefboom waarmee je ’m met één vinger aan elke kant van zijn ene op zijn andere oor vleit, tot het steeds hongerige maar nooit overweldigende blok. Je went zo snel aan deze motor, dat je ’m zonder twijfel door druk verkeer loodst of in een rotvaart de bocht induikt. Vertrouwen dat aan kracht wint door de Michelin Road 5’s om de wielen die tijdens onze test op geen moment hun grip op het asfalt verliezen en vederlicht insturen. Ook de Diablo Rosso Corsa II’s op de Tuono 660 warmen snel op en kwijten zich geweldig van hun taak. Punten voor beide heren, die ondanks hun erg afwijkende insteek elkaars evenknie blijven als we het tempo opporren. Opvallend, toch.

Duotest BMW F900XR vs Aprilia Tuono 660

Enkel als we flink in de ankers moeten, loopt de Aprilia Tuono 660 een heel stuk voor op de Yamaha. Ondanks de upgrade in remschijfdiameter (298mm) sinds 2021, presteert de axiaal gemonteerde vierzuigersetup van de MT-07 een stuk minder bijtgraag dan de dubbele, radiaal gemonteerde Brembo-vierzuigers (320mm) op de Tuono. Wat met de vrij soepele voorvork misschien niet zo’n slecht idee was. Achteraan valt de Italiaan dan weer gedeeltelijk door de mand, met verrassend weinig gevoel qua remkracht op de achterband (tweezuiger, 220mm-remschijf). Dat terwijl je de goed bijtende achterrem op de MT-07 (enkelzuiger, 245mm) er vaker wel dan niet bijneemt om ’m krapper de bocht door te loodsen.

Conclusie Aprilia Tuono 660 vs. Yamaha MT-07

De olifant in de kamer is uiteraard het riante verschil qua aankoopprijs tussen beide motorfietsen. Voor de Aprilia Tuono 660 in standaarduitvoering tel je in Nederland € 11.959,- neer, voor een derde minder heb je de Yamaha MT-07 in de garage: € 8.299,-. Een verschil van € 3.660,-. Dat is een bom duiten, waarvoor je in Yamaha’s optiecatalogus bijvoorbeeld volledig instelbare Öhlins-cartridge-vorkpoten en een NIX-monoshock kan toevoegen, verstelbare hendels van Gillis Tooling en een MotoGP-stijl uitlaat kan kiezen. En nog € 2.000,- op zak houden. Het is maar een ideetje, uiteraard. Als we even advocaat van de duivel mogen spelen: voor de Tuono 660 betaal je quasi evenveel als je voor Triumph’s Street Triple R zou betalen, een motor die ’m quasi op elk vlak overklast. En dat zou ’m wel eens zuur kunnen opbreken. Waarmee we uiteraard niet willen zeggen dat we de Tuono 660 zonder meer aan de kant schuiven: de motorfiets oogt geweldig, klinkt nog beter en is zonder twijfel een van de betere stuurijzers die je bij de middenklasse-nakeds aantreft. De exoot uit Noale is bovendien volgestouwd met elektronische rijhulpjes en kwaliteitscomponenten die zijn meerprijs wel vergoeilijken. Maar… Je kan je afvragen of het allemaal wel nodig is, als je ziet dat het surplus qua prestaties verwaarloosbaar is bij dagelijks gebruik ten opzichte van een minstens even leuk te rijden, maar doodeenvoudige Yamaha MT-07. Aan jou de keuze.

Zondagmorgenfilm: Het wonder van de MXGP

0
MXGP Jeffrey Herlings

Het crossseizoen staat weer op punt van beginnen. Yes, yes! Maar voor het zover is, kijken wij natuurlijk nog heel graag een keertje terug naar 2021. Naar Jeffrey Herlings. Naar het wonder van de MXGP. Heerlijke beelden!

Toerisme Gelderland: uithoek Lobith

0

Het leven is één grote ontnuchtering. Neem nou de Rijn. Die stroomt helemaal niet bij Lobith ons land binnen. Lobith ligt niet eens aan de Rijn. En dat verhaaltje over de Batavieren, ook flauwekul. Voordat zij in een holle boomstam ons land binnendreven, had je al gasten die door de Limburgse heuvels zwierven, en types die op terpen zaten, in Friesland. Maar een uithoek is het wel, de plek waar de Rijn ons land binnenkomt. Bij Spijk wel te verstaan!

Nou moet je je bij Spijk nog minder voorstellen dan bij Lobith. Een grote kerk, St. Gerardus Majella, een basisschool, café De Smid en daaromheen wat jaren-zestig-straatjes. Het enige historische feit, dat ik kan achterhalen, staat op de kerk: ‘… op 14 januari 1914 gewijd onder erbarmelijke weersomstandigheden’. Een windhoos, denk je dan, een dijkdoorbraak, een vliegende storm, hagelstenen zo groot als voetballen. Maar nee hoor, het vroor en er stond een gure wind. Ja hoor es, jongens, als we zo beginnen, winnen we die cup nooit.

Toerisme: Eilandhoppen rond het IJsselmeer

De Rijn stelt trouwens ook geen ruk voor, zie ik als ik boven op de dijk sta. Niks geen watervallen zoals bij Schaffhausen, maar gewoon een suffe watermassa die willoos naar het westen drijft. Geen erehaag, geen bord ‘Welkom in Nederland’, alleen een grote ronde steen met de fantastische titel ‘Und so weiter’. En dat voor de rivier, die Nederland eigenlijk heeft gemaakt, met zijn eeuwige aanvoer van bezinksel waarop wij later konden rondlopen. Maar zelfs dat is niet helemaal waar.

Eridanos heette de rivier, en zij ontstond veertig miljoen jaar geleden in Lapland. De rivier werd steeds langer, om uiteindelijk, twaalf miljoen jaar geleden, het Noordzeebekken te bereiken – de zee bestond toen nog niet. Daar legde zij met materiaal, afkomstig uit Scandinavië, de Baltische staten, Polen en Noord-Duitsland, de ondergrond van Nederland, met name ten noorden van Utrecht. Aan dat proces kwam een miljoen jaar geleden een einde toen de ijstijden het stroomgebied van de Eridanos dusdanig wijzigden dat de rivier ophield te bestaan.

Geheel nuchter keren wij westwaarts om bij Tolkamer toch nog iets van historie op te snuiven. Maar dan moet je wel achter die berg van terrassen kijken waarmee ze het plaatsje, laat ik zeggen, hebben ‘aangekleed’. En via de Boterdijk belanden wij pardoes ook nog even in Lobith – ooit, jawel, de plek waar de Rijn ons land binnenkwam maar dat eindigde toen men, om de rivier beter bevaarbaar te maken, wat oude lussen heeft rechtgetrokken. Nu kijk je vanaf de Dorpsdijk op een maïsveld uit.

Download de route Lobith

Lees hier meer informatie over Lobith.