Home Blog Pagina 920

In memoriam: Jan de Vries (1944 – 2021) – Kleine man, groot mens

0
Jan de Vries

Nederlands meest succesvolle wegracecoureur (in een soloklasse) is niet meer. Op 77-jarige leeftijd overleed tweevoudig wereldkampioen en veertienvoudig Grand Prix-winnaar Jan de Vries in zijn woonplaats Purmerend aan een acute hartstilstand.

Jan de Vries en de 50cc-klasse vormen een onlosmakelijk duo. Met zijn tengere postuur en 1.68 meter lengte was De Vries geknipt voor de borrelglasklasse. Als geen ander wist hij zich weg te vouwen achter de minuscule stroomlijn van de magnifieke Van Veen Kreidler-racers. Bovendien reed De Vries altijd netjes en secuur. Het leverde hem in 1971 en 1973 de 50cc-wereldtitel op. Na die laatste titel kondigde hij onverwacht zijn afscheid aan om zich te concentreren op iets wat hij eigenlijk nog leuker vond dan racen: sleutelen. Het overlijden van Renzo Pasolini en Jarno Saarinen speelde bovendien een rol bij de beslissing om te stoppen, net als het feit dat aartsrivaal Angel Nieto het een klasse hogerop zocht.

Grasbaanracen

Ooit had ik het geluk Jan de Vries te interviewen. Het voelde als een eer om een tweevoudig wereldkampioen te spreken. Jan de Vries bleek niet alleen de nuchterheid zelve, maar ook een aangename gastheer. Hij verloste me van de eindeloze martelgang door zijn buurt – een nieuwbouwdoolhof – door me persoonlijk van straat te pikken. In zijn door eikenhout gedomineerde rijtjeswoning nam hij alle tijd om vijftig vragen – één voor iedere cc van zijn racer – te beantwoorden. De beroemde racer zelf stond in smetteloze conditie op zolder. Met een gewicht van 58 kilo lukte het wel om die binnendoor twee trappen op te dragen. Overigens moest een 50cc-racer in die tijd verplicht zestig kilo wegen. Ook de immer keurige Jan de Vries zocht blijkbaar de grenzen op in zijn titanenstrijd met Angel Nieto.

Zijn hele leven lang heeft De Vries respect gehad voor Nieto. Het was volgens hem een concurrent, maar geen vijand: ‘Nieto was een Spaanse rijder en heetgebakerd, maar hij was wel de beste rijder. Ik ben er trots op dat ik hem af en toe kon bijbenen. Het grote verschil tussen ons is dat hij overal risico nam en ik op sommige plekken minder. Hij zag het gevaar niet of wilde het niet zien. Wij hadden respect voor elkaar en lieten elkaar rijden.’

De Vries startte niet direct met wegrace, maar begon eerst met grasbaanracen. Zijn eerste wedstrijd reed hij – hoe toepasselijk – op een brommer. Tijdens een kermiskoers grasbaanrace in Oudebildtzijl werd hij in zijn eerste race al tweede. ‘Nummer één had het voordeel dat hij na iedere bocht kon meetrappen op zijn Berini.’

Pril begin: grasbaanracen op Batavus.

Jan de Vries: verslaafd aan de proefbank

De overstap naar de wegrace volgde pas, nadat De Vries in 1965 meedeed aan een door Kreidler-importeur Henk van Veen uitgeschreven talentenjacht. Op het circuit van Zandvoort waren hij en Aalt Toersen de snelste deelnemers. De Vries was overigens niet naar de badplaats afgezakt om zijn wegracecarrière een kickstart te geven. De techneut in hem wilde simpelweg met een twaalfversnellingsbak rijden. Om daarop voorbereid te zijn oefende hij elke avond in bed.

De voorliefde voor techniek verdween nooit. Nadat Jan de Vries in 1973 op zijn hoogtepunt als coureur stopte, begon hij fulltime als monteur/tuner voor de renstal van Van Veen. Met succes. In het eerste jaar sleutelde hij aan de WK-winnende machine van Henk van Kessel. Het jaar daarop flikte hij nogmaals hetzelfde trucje, maar dan voor voormalig concurrent Angel Nieto. Ook als techneut bleef De Vries bescheiden. De wereldtitels van 1974 en 1975 zet hij weg als een teamprestatie van een gouden club mensen, niet als zijn eigen prestatie. In die jaren ontwikkelde hij wel een verslaving voor de proefbank: ‘Dat is nog erger dan een gokkast. Je wilt maar een ding: pk’s zien. ’s Nachts lag ik er van wakker en stapje voor stapje kregen we steeds meer vermogen. Soms lukte iets, soms ook totaal niet.’ Als coureur had De Vries maximaal 19 pk tot zijn beschikking, het latere blok van Herbert Rittberger had er 23.

1972: weer lukt het niet in Assen.

Naar de 125cc

Het verhaal van De Vries en de TT van Assen is bekend. Telkens weer startte hij als grote favoriet, maar winnen deed hij er nooit. Het groeide niet uit tot een frustratie, omdat de nuchtere De Vries altijd kon beargumenteren waarom hij niet won. ‘In 1972 was mijn Kreidler sneller, maar reed Nieto ongelooflijk goed. Toch sloeg ik in de laatste ronde een gaatje tot het vermogen er langzaam uit ging en Nieto alsnog terug kon komen en winnen. In de pitstraat voelde ik dat er nog amper compressie in zat. Er bleek een puntje van de zuigerveer afgebroken.’

Lees ook: Dutch TT, gefeliciteerd met je 95e verjaardag!

Ondanks alle fans langs de kant, was Assen niet de favoriete baan van De Vries. Hij vond de Kathedraal van de Motorsport te snel en daardoor te makkelijk voor een 50cc-wegracer. Liever had hij tragere en technischer baantjes. Niet omdat hij angst had voor hoge snelheden. De Kreidlers bleven, ondanks hun smalle bandjes, tot op topsnelheid volkomen strak. ‘Je kunt hem dan zelfs nog met één hand sturen. Het is echt verbazend hoe gemakkelijk dat gaat.’

Jan de Vries
Gentleman De Vries met wildebras Nieto.

Jan de Vries bleef Van Veen en de borrelglasklasse altijd trouw. Casal en Monark benaderden hem met een blanco cheque, maar hij bleef loyaal aan Kreidler en Van Veen. Op zich had De Vries na 1973 best naar de 125cc-klasse willen gaan, maar dan wel met Van Veen. De raceafdeling had buiten medeweten van Henk van Veen een 125 cc zware twin ontwikkeld die op een haar na klaar was. Het was alleen nog wachten op de carters toen Henk van Veen de stekker uit de complete raceafdeling trok, omdat hij zich op de OCR1000 wankel wilde concentreren.

Door zijn onverwachte overlijden staat De Vries nog een keer in de schijnwerpers. Een plekje waar hij als coureur niet dol op was, maar waar hij door zijn prestaties wel recht op had. ‘Ik zag in journalisten en publiciteit in die tijd meer nadelen dan voordelen. Ik had maar een doel en dat was winnen met die dingen. Voor mij hoeft aandacht allemaal niet zo, maar Bert Smit verwoorde het ooit wel aardig: “Dat had je moeten bedenken voor je wereldkampioen werd”.

De anekdotes kwamen later

In het NOS-radioprogramma Langs de Lijn haalt sportverslaggever Hans van Loozenoord herinneringen op aan Jan de Vries. Als motorsporter heeft De Vries volgens Van Loozenoord een palmares waaraan niemand in Nederland kan tippen. Als mens was het tijdens zijn actieve loopbaan vooral een stil bescheiden mens. De media hoefden niet te rekenen op boude uitspraken of grootspraak; De Vries bleef een man van weinig poeha. Dat veranderde na zijn sportieve carrière. Mede dankzij een prima geheugen diste een loslippiger De Vries toen wel eenvoudig allerlei vermakelijke anekdotes op. Als coureur was De Vries volgens Van Loozenoord evenmin een wildebras. De Vries was een keurige nette coureur die secuur reed en geen vlieg kwaad deed. Het contrast met zijn grootste rivaal Angel Nieto kon niet groter zijn. Toch vertelde De Vries altijd vol respect over zijn Spaanse rivaal die in 2017 overleed.

Jan de Vries

‘Concurrent’ Henk Keulemans over Jan de Vries

Als 50cc-liefhebber en vooral Jamathi-man wist ik halverwege de jaren zestig van de vorige eeuw al wie Jan de Vries was, maar met de leden van het Van Veen Kreidler-team had ik in die tijd weinig tot geen persoonlijk contact. Jaren daarna vernam ik dat Henk van Veen liever had dat de leden van zijn team niet al te veel (of liever helemaal geen) contact hadden met ‘de concurrentie’.

Zo heb ik Jan pas vele jaren later, in 1992, veel beter leren kennen. In dat jaar maakte ik namelijk voor het (eerste) TT-nummer van MOTO73 een serie van drie interviews onder de titel ‘Oude TT-glorie’ met Rob Bron, Aalt Toersen en Jan de Vries. Een groot deel van de ontmoeting met Jan en zijn vrouw Rommy de Vries in hun huis in Purmerend vond plaats op… de zolderkamer van Huize De Vries! Want na een periode van ruim tien jaar(!) had Jan (vanwege de te maken foto) zijn 1973-er Van Veen Kreidler achter het linker kruipgat vandaan gehaald.

Het toeval wilde dat hij door mijn interview met Aalt Toersen weer in contact kwam met zijn vroegere teamgenoot en tegenstander. Met als gevolg dat ook Jan met zijn Van Veen Kreidler ging deelnemen aan 50cc Classic Races. Er ontstond een echte vriendenclub van voormalige 50cc-coureurs, die aan vele evenementen deelnam. Wat het laatste betrof was voor mij de door mij in 2018 geïnitieerde en georganiseerde 50cc Parade tijdens de TT van Assen een absoluut hoogtepunt.

Afgelopen jaar op de dag (28 juni) dat de TT had moeten plaatsvinden, reed Jan samen met Will Hartog een aantal ronden over het TT Circuit. Hij en ik hebben toen nog een tijd met elkaar gesproken. Naar nu blijkt was dat helaas de laatste keer.

Voor mij was/is Jan de Vries niet alleen een groot coureur en begenadigd technicus, maar ook een rustig, bescheiden, nuchter, vriendelijk, en vooral no nonsense persoon.

Jan de Vries
Jan de Vries op Assen in juni 2020 | Foto HENK KEULEMANS

Closer To The Edge – Avondklok-film #2

0
Closer To The Edge avondkolk

Wat een jaar geleden nog volstrekt ondenkbaar was, is realiteit: we hebben in Nederland een avondklok. Natuurlijk kun je nu een hele avond treurloos gaan zappen, ruziemaken met je partner of keer op keer Netflix verversen om te zien of er nog iets leuks bijgekomen is, maar beter surf je elke avond om exact 21:00 uur lekker naar MOTOR.nl.

Wij plaatsen namelijk elke dag, exact op het moment dat avondklok in gaat bijvoorbeeld een interessante film, reportage of een samenvatting van een beroemde race online! Makkelijker kunnen we het niet maken, wel leuker…

Vanavond is het tijd voor Closer To The Edge. Vrij vertaald kom je uit op Dichter bij de rand en dat kan natuurlijk maar één ding betekenen: de TT op het eiland van Man. Een wedstrijd die helaas ook dit jaar niet doorgaat…

Tot morgen!

Zondagmorgenfilm: Is 2003 het beste motocrossjaar ooit?

0
Motorcross 1993

We gaan terug naar 2003. Terug naar Travis Pastrana vs. Ricky Carmichael en terug naar Stefan Everts vs. Mickael Pichon en natuurlijk terug naar de Motocross of Nations. Is 2003 het beste motocrossjaar ooit? Misschien wel…

Eerste test 2021 Yamaha MT-07: Charmante cycloop

0
2021 Yamaha MT-07

‘De cycloop is een figuur uit de Griekse mythologie. Cyclopen zijn woeste reuzen met maar één oog’, althans volgens het woordenboek. In het geval van de 2021 Yamaha MT-07 klopt dat slechts gedeeltelijk, want die éénoog is eerder vriendelijk en zeker geen reus.

Althans… qua grootte is het geen reus. Kijk je naar de verkoopaantallen, dan spreek je wel anders. Dan is de MT-07 een mastodont! Dit model is veruit de bestverkochte Yamaha-motorfiets. Om je daar een idee over te geven: een op de vijf verkochte Yamaha’s – scooters niet meegeteld – is een MT-07. Het is de cashcow van het Japanse merk, het model dat geld in het laatje moet brengen. En dat model is voor 2021 vernieuwd. Geen ingrijpende veranderingen, maar wel voldoende om van een nieuwe motor te spreken.

Waarom rijden we de 2021 Yamaha MT-07?

De MT-07 is veruit de belangrijkste en meest verkochte motor van Yamaha. Hij krijgt een lichte update met een nieuw design en een Euro5-blok. Het laat meteen zien waar de MT-reeks naartoe zal gaan.

Meest in het oog springend (sic), is de koplamp. Uit online reacties valt op dat die niet meteen bij iedereen in goede aarde valt, maar dat zegt natuurlijk niet alles. Yamaha is met haar MT-design een meer futuristische weg ingeslagen ten opzichte van de braver ogende en uitgaande MT’s. Zo’n ingrijpende verandering zorgt natuurlijk altijd voor discussie. In dit geval vertaalt zich dat in: je vindt het mooi of niet. Iemand die ergens tussenin bengelt en zegt dat het hem/haar niet koud of warm maakt, hebben wij nog niet gevonden.

TestlocatieMarseille, Zuid-Frankrijk
OmstandighedenZonnig en ’s morgens koud
Temperatuur12 graden
Testkilometers160

Los van de led-koplamp, inclusief led-positielichten, krijgt de 2021 Yamaha MT-07 rondom led-verlichting en – eindelijk! – standaard led-richtingaanwijzers. Daarnaast is het design van de benzinetank helemaal anders, met twee luchtinlaten aan de zijkanten en een expressievere, scherpere vorm. Het lcd-dashboard leent de MT-07 van de Tracer 700 en dat ziet er prima uit. Het geeft op een overzichtelijke en duidelijke manier weer waar je mee bezig bent. Nee, het is inderdaad geen tft-scherm, maar uit kostenoverweging besloot Yamaha toch voor lcd te kiezen. Je portefeuille zal dankbaar zijn en – laten we eerlijk zijn – je hebt eigenlijk weinig aan zo’n tft-scherm als je er geen rij-instellingen of andere persoonlijke dingetjes op kunt aanpassen.

Eerste test 2021 KTM 890 Adventure

Dualiteit

Naast de uiterlijke updates werd de crossplane-tweecilinder Euro 5-conform gemaakt. Denk daarbij aan nieuwe klepstoters met lage wrijving, een nieuw luchtinlaatsysteem, kleine ECU-aanpassingen en een nieuw uitlaatsysteem. Het resultaat is 1,5 pk verlies ten opzichte van het vorige model, maar daar merk je in de praktijk helemaal niets van. De 689cc-unit heeft nog altijd het koppelrijke karakter dat ‘m zo typeert. Vanuit elk toerental pakt het blok soepel op, zonder drama of gesputter. Een haarspeldbocht in de derde versnelling? Geen probleem, en laat hem maar in z’n drie staan voor de rest van de bergweg, want je trekt zo door tot 130 km/u. Handig als je wat kramp hebt in je linkerhand…

2021 Yamaha MT-07

Op papier mag je dan over ‘slechts’ 73,4 pk beschikken, in de werkelijkheid voelt het alsof er nog 10 extra pk verstopt zitten. Los daarvan heeft het CP2-blok ook een dubbele identiteit: hij reageert rustig in de stad of op kleine, smalle wegen, maar evengoed sportief als je wat zwaarder aan het gas hangt op een bochtig stuk asfalt. Die dubbeld indentiteit typeert dit motorblok, en dat zonder rijmodi of elektronische instellingen. Da’s echt wel een kunstje wat die Yamaha-ingenieurs geflikt hebben!

Ik rijd ondertussen over bergachtige slingerwegen langs de kust en sla af richting de Route des Crêtes. Een klassieker in de streek met een mooi uitzicht, heerlijke bochten en goed asfalt. Maar als ik hoogtemeters win, wordt het steeds kouder. En dat merk ik ook aan de weg. De nachtvorst is nog niet van het asfalt verdwenen en ik probeer zo soepel mogelijk mijn weg te vervolgen. Geen bruuske remmanoeuvres en de motor zo recht mogelijk houden. Meteen al een serieuze test voor de nieuwe Michelin Road 5-banden. Die doen het zelfs in deze extreme omstandigheden heel goed. De 2021 Yamaha MT-07 verroert geen vin, tenzij ik het rubber uit de tent lok door het achterwiel te laten slippen of extra hard rem zodat de ABS ingrijpt. De motor blijft mooi op zijn lijn en geeft je zelfs het vertrouwen om wat harder te rijden.

Remschijven van de Yamaha MT-09

Na de middag is de nachtvorst verdwenen en zijn de wegen op de meeste plaatsen kurkdroog. Nu kan ik echt spelen en kijken wat de vernieuwde MT-07 in z’n mars heeft. Wat blijkt: je voelt eigenlijk geen verschil met de vorige generatie. En dat is zeker niet negatief bedoeld, want de 2021 MT-07 heeft altijd dat lichtvoetige, speelse en tegelijkertijd dat trefzekere gehad. Op de nieuwe is wel de zitpositie licht gewijzigd, met een stuur dat 30 mm breder werd, een tikje hoger geplaatst en iets meer naar je toe staat. Ook daarvan voel je eigenlijk niets, maar ik geloof het meteen dat je nu wat comfortabeler zit. Met mijn 1,90 meter heb ik geen enkel moment van de dag last gehad van rug, nek of armen. Mijn lange benen moeten wel een behoorlijke hoek maken op het 805mm-hoge zadel, maar dat is ook zo het geval op andere nakeds.

Multitest: CF Moto 650MT, Kawasaki Versys 650, Suzuki V-Strom 650 en Yamaha Tracer 7

Qua rijwielgedeelte leent de 2021 Yamaha MT-07 de remschijven, zowel voor- als achter, van de MT-09. Niet dat de vorige remmen zo slecht waren, maar de nieuwe exemplaren hebben duidelijk meer uithoudingsvermogen. Puur qua remkracht zal het verschil niet zo groot zijn, maar je merkt op een lange bergweg wel dat de nieuwe remmen meer reserve hebben en minder snel faden. Ga je trouwens echt hard pushen met de MT-07, bereik je – uiteraard – zijn limiet. Maar de Yamaha zal je altijd op een speelse, maar correcte manier laten voelen dat je daar bent aangekomen. Ervaren rijders smullen hiervan omdat de 2021 Yamaha MT-07 het kind in je naar boven haalt. Beginnende motorrijders stappen op hun beurt op een motor die licht is, fijn stuurt en eenvoudig te bedienen is. Je begrijpt nu vast beter waarom de MT-07 zo’n groot succes is…

Conclusie

De 2021-update, oftewel EU5-update, van de Yamaha MT-07 mag dan niet zo ingrijpend zijn, het zorgt wel voor verdeeldheid. Waren de vorige generaties behoorlijk braaf getekend, krijg je nu twee kampen. You love it or hate it. Daar moet ik wel bij zeggen dat de MT-07 op persfoto’s nogal uitdagend overkomt. In het echt valt het allemaal best mee en zie je een motor die designtechnisch klopt. De overige updates, zoals de nieuwe remschijven en het nieuwe rubber kloppen ook. Je krijgt er geen andere rijsensatie door, maar het is in ieder geval wel een verbetering. Bekijk de levensloop van de MT-07 als volgt: het eerste model in 2013 was een schot in de roos, een diamant. Bij de facelift in 2018 werd die diamant opgepoetst en bijgeslepen. Nu, in 2021, krijgt die nog een extra blinkende laag. Met een klein, opvallend, rond led-steentje in het midden.

Pluspunten 2021 Yamaha MT-07

Motorkarakter, stuurt speels, allemansvriend

Minpunten 2021 Yamaha MT-07

(Te) gedurfd uiterlijk?, € 500,- duurder, mist gimmicks (bijv. quickshifter)

2021 Yamaha MT-07

Wall of death in coronatijd: ‘Show must go on’

0
Wall of death

Helemaal niets – zelfs de zwaartekracht niet – stopt normaal de rijders in Nederlands enige steile wand. Tot dit jaar. Net als in de rest van de wereld zette corona alles stil bij de Wall of death. Maar de ‘show must go on’ en ‘giet ook oan’. Spectaculairder dan ooit.

Net als bij Tita Tovenaar kwam de wereld begin dit jaar onverwacht tot stilstand. Ook de Wall of death moet er vlak na de MOTORbeurs aan geloven vertelt steile-wandrijder Reymond Verhoef. ‘Utrecht was eigenlijk een klein wonder. Er waren heel veel mensen, maar het is geen brandhaard geworden. Wij kwamen er euforisch vandaan. De shows waren goed, de mensen top en de reacties allemaal positief. We stonden opgeladen klaar voor het seizoen en de agenda was lekker gevuld. Vanaf toen haakte het ene na het andere evenement af en was de agenda leeg.’

Op rolschaatsen in de wand

‘Ik ben een geboren optimist, anders begin je niet aan een steile wand’, vertelt Verhoef. Toch schreven hij en zijn kompanen Harm Soppe, Henri van Woerkum en Marvin Prinssen het jaar 2020 volledig af. Het viertal nestelt zich niet elke dinsdag hunkerend naar positief nieuws voor de televisie om de persconferentie van Mark Rutte en Hugo de Jonge te zien. ‘Het is zoals het is. Ik ben blij dat we niet op elke wijziging zijn ingesprongen. Wat is er bijvoorbeeld gebeurd met groepsimmuniteit?’

Een jaar afschrijven staat niet gelijk aan een jaar vakantie. De heren werken en trainen zich een slag in de rondte. De malaise in de evenementenbranche levert zelfs een onverwachte bonus op. ‘We hebben een steile wand kunnen opbouwen in een evenementengebouw in Nijmegen. Dat stond toch het hele jaar leeg. Weet je wel hoe geweldig het is om in je eigen stad te kunnen trainen? We hebben enorm veel vlieguren gemaakt. We willen straks de beste zijn. Nee, maak daar maar de leukste en meest onderhoudende van.’

De schuur van Gerard en Peter Duineveld is groot, groter, grootst

Toekomstige toeschouwers staat iets moois te wachten. De heren rijden bijvoorbeeld tegenwoordig met drie motoren tegelijk in de wand. Verhoef knalt voor het eerst op het stuur van de Indian door de tent, maar daarmee stopt het experimenteren niet. Het is de bedoeling om Marvin op rolschaatsen achter een kart voort te trekken, maar dat vraagt nog wat oefening. Wat is eigenlijk gevaarlijker: corona of trainen voor een nieuwe show? ‘Tijdens de training ben ik wel een keertje naar beneden gekomen. Nieuwe trucjes leer je alleen met vallen en opstaan, maar een valpartij loopt altijd met een sisser af. Meer dan een extra krasje op de motor en een pleistertje is het niet.’

Steile wand in Bagdad

Bij het oefenen van alle nieuwe trucs rijden de rijders geregeld door verfdampen. De gedwongen stilstand is gebruikt om alles tiptop in orde te maken. ‘Het klopt van voor tot achter. We zijn weer helemaal bij de tijd en rijden zelfs Euro 4-goedgekeurd. We hebben Ecomax als sponsor en dat is echt top. Het lijkt alsof er bloemetjes uit de uitlaat komen.’

Het doet zelfs de grootste positivo van de Wall of death verdriet dat corona een streep door vier maanden Dubai trok. De steile wand had anders in 2020 echt zestien weken gedraaid in het oliestaatje. Dat klinkt al ongelooflijk, maar momenteel is Verhoef met iets nog opmerkelijkers bezig. ‘Bagdad heeft een pretpark met allemaal Hollandse attracties. Als we er samen uitkomen gaan we daar staan als het weer mogelijk is.’

Verhoef en zijn collega’s ervaren applaus als verslavend en uitermate belonend. Een jaar zonder is daarom lang, maar de spirit is ongebroken. Realistisch, maar ook optimistisch kijken ze uit naar 2021. ‘Na de bevrijding van de Tweede Wereldoorlog was er een enorme hang naar vermaak. Dat zag je ook na de val van de Muur. Daar hopen wij op. Mensen willen weer naar buiten en iets beleven. Misschien mogen eerst maar dertig mensen in de tent (normaal 200, red.), maar dat is niet anders. In 2020 haakte iedere evenementenorganisator af, maar voor 2021 hebben evenementen ons onder voorbehoud geboekt. Iedere organisatie heeft een draaiboek klaar liggen om direct iets te organiseren als het weer kan. Iedereen staat klaar in startblokken, wij ook.’

Wall of death: van graansilo naar todeswand

De eerste Wall of death in New York opent in 1911 de deuren. Amerika heeft wel wat ronde banen in die tijd. Op houten wielerbanen scheurden de board-trackracers rustig rond met 160 km/u. Boerenzonen bedachten een variant in graansilo’s en dat is de start van de steile wand. Dic en Top Stolte brachten de steile wand in 1933 naar Nederland. Vind je Wall of death al huiveringwekkend klinken, kijk dan nu alsjeblieft weg voor de Duitse variant: Todeswand.

Valentino Rossi, The Doctor – Avondklok-film #1

0
Avondklok Valentino Rossi

Wat een jaar geleden nog volstrekt ondenkbaar was, is realiteit: we hebben in Nederland een avondklok. Natuurlijk kun je nu een hele avond treurloos gaan zappen, ruziemaken met je partner of keer op keer Netflix verversen om te zien of er nog iets leuks bijgekomen is, maar beter surf je elke avond om exact 21:00 uur lekker naar MOTOR.nl.

Wij plaatsen namelijk elke dag, exact op het moment dat avondklok in gaat bijvoorbeeld een interessante film, reportage of een samenvatting van een beroemde race online! Makkelijker kunnen we het niet maken, wel leuker…

We trappen deze serie of met – hoe kan het ook anders – Valentino Rossi.

https://www.youtube.com/watch?v=I1GAGYp3QDc&feature=youtu.be

Tot morgen!

Eerste test 2021 Kawasaki Versys 1000 SE

0
2021 Kawasaki Versys 1000 SE

Saai is zelden positief. Toch is er geen grotere uitzondering die de regel bevestigt dan de 2021 Kawasaki Versys 1000 SE. Voor 2021 heeft Kawasaki besloten de SE-versie van de viercilinder-toermotor uit te rusten met Skyhook-technologie. Verder verandert er helemaal niks, behalve lakkleuren en stickers. Dat klinkt saai, maar is het niet. Sterker: wat er onderhuids gebeurt is zelfs verre van saai!

Verrassend gemakkelijk

Groot is de 2021 Kawasaki Versys 1000 SE zeker. Met een gewicht van 257 rijklare kilo’s is het ook geen lichtgewicht. Daardoor verrast het me des te meer hoe gemakkelijk het rijdt. Je zit niet per se heel hoog, waardoor je ook als je niet heel groot bent toch goed met de voeten bij de grond kunt. Tegelijkertijd zit je wel weer hoog genoeg om een fijn overzicht te hebben, wat een groot voordeel van de grote, toergerichte allroads is. Al is de Versys 1000SE wel een vreemde eend in die bijt. Het gemak waarmee de motor rijdt, komt namelijk voor een groot deel door de keuze voor een 17 inch voorwiel. Het 21 inch- of 19 inch-voorwiel van sommige concurrenten verraadt hun eventuele – hard aangereden – offroad-ambities. Die heeft de Versys 1000SE niet. Dit is een mimicry, een toermotorfiets die er uitziet als een allroad. Een notie die dik onderstreept wordt door de toevoeging van Skyhook op het 2021-model. De voorganger waarmee deze 2021 Versys 1000 SE letterlijk ieder onderdeel deelt had ook elektronische vering. Kawasaki ontwikkelde het KECS met Showa.

Op de ‘oude’ Versys 1000 SE kon je het dempingskarakter en de veervoorspanning elektronisch aanpassen. Elke van de drie rijmodi had een eigen karakter en de veervoorspanning kon je ook verstellen, afhankelijk van hoe zwaarbeladen je op pad ging. Dat kan met de nieuwe Versys 1000 SE dus nog steeds. Kort door de bocht is Skyhook een software-update van de al aanwezige elektronische KECS Showa-vering. Maar dan wel een update die ervoor zorgt dat de vering zich nu elke milliseconde actief aanpast aan de situatie. En zo begint het verhaal van hoe een van de meest comfortabele reismotoren nog comfortabeler werd.

2021 Kawasaki Versys 1000 SE

2021 Kawasaki Versys 1000 SE: overdaad aan comfort

De 2021 Kawasaki Versys 1000 SE voelt eigenlijk zoals iedere Versys 1000. Alleen dan wel een Versys die een nagenoeg perfect afgesteld rijwielgedeelte meegekregen heeft. Alsof Jonathan Rea’s eigen racemonteur eraan heeft mogen prutsen. Het enige dat je ervan merkt is hoe vertrouwenwekkend goed de Versys 1000 SE op de weg ligt. De ruime zit maakt het gemakkelijk de motor te mannen en je hebt een overdaad aan comfortverhogende dingetjes. Zo heb je cruise control, een quickshifter voor op- en terugschakelen, handvatverwarming en bochtrijverlichting. De windbescherming is met handkappen en grote, verstelbare ruit ook helemaal voor elkaar. Zoals je ziet reden wij met koffers en als je nog beter kijkt zie je ook een tankpad. Kawasaki stelde ons namelijk het luxere Tourer Plus-model beschikbaar. Dankzij de subtiele ophangpunten van Kawa’s koffersysteem blijven er geen onooglijke montagepunten in het zich. Ook als je bedankt voor de koffers en de tankpad. Aan alles is gedacht.

Multitest: CF Moto 650MT, Kawasaki Versys 650, Suzuki V-Strom 650 en Yamaha Tracer 7

Is hij dorstig?Nee, hoor! Schommelend rond de 1 op 20 valt dat mee.
Geen fan van groen?De Versys 1000SE is er ook in het zwart met rode accenten
Zit je goed achterop?De bijrijder krijgt een lekker zadel met ruimte en houvast zat.
Wat kost dat Skyhook?De 2021 Versys SE mét Skyhook kost niets meer dan de oude zonder. € 17.999,- om precies te zijn.

Verwend

Of ja, alles… de quickshifter schakelt niet bij ieder toerental even gemakkelijk terug en ik er zou graag verlichte knoppen op het stuur willen. Verder kun je niets aanmerken. Zelfs die verlichte knoppenclusters zijn geen noodzaak. Maaer je raakt zo verwend door de uitgebreide standaarduitrusting al is. En dan zou het niet misstaan. Door de bank genomen is de 2021 Versys 1000 SE met de toevoeging van Skyhook over de hele linie net weer fijner, comfortabeler en simpelweg beter geworden dan de koppelrijke vierpitter-toerder al was. Het rijden vermoeit simpelweg nooit en het blok hangt veel lekkerder aan het gas dan een viercilinder zou moeten kunnen. Voor woon-werk is het een veilige keuze en voor lange afstandsreizen is het misschien wel de beste keuze. De 2021 Kawasaki Versys 1000 SE is niet saai; die is dik voor mekaar!

2021 Kawasaki Versys 1000 SE

Pluspunten 2021 Kawasaki Versys 1000 SE

Complete standaarduitrusting, rijdgemak en het smeuïge blok.

Minpunten 2021 Kawasaki Versys 1000 SE

Zal niet snel verrassen. En dat moet je positief uitleggen.

MOTO73 nummer 1 komt er aan!

0
MOTO73 nummer 1

Goed nieuws voor alle MOTO73-abonnees en andere MOTO73-lezers. Op dit moment zijn wij druk bezig met de afronding van nummer 1. Vandaag gaat het eerste deel al naar de drukker, maandag het tweede – en meest actuele – deel zodat eind volgende week de eerste editie van 2021 op de deurmat ligt of te koop is in onder andere supermarkten en online.

Hoewel dit veel weg heeft van ‘wij van WC-eend, adviseren WC-eend’ wordt nummer 1 er echt eentje om te bewaren! We maken bijvoorbeeld de eerste meters met de 2021 Yamaha MT-07, de 2021 Kawasaki Versys 1000 SE en de 2021 KTM 890 Adventure terwijl de nog altijd populaire BMW K100LT de Marathonmotor is. 

Nieuw in MOTO73 is het Aankoopdossier, waarin we een bepaald type motorfiets volledig ‘uitkleden’. Waar moet je op letten bij de aankoop, hoe zit het met terugroepacties en wat is een gangbare prijs? Deze, en nog veel meer vragen, komen aan bod in deze nieuwe rubriek. We trappen af met de Honda Fireblade. Is deze gentlemen-racer ook tweedehands een heer van stand?

Terug van weggeweest zijn de techniek-verhalen en om dat te vieren hebben we er meteen twee in de eerste editie van 2021. We duiken namelijk zowel de techniek van de Skyhook-vering als die van de secundaire aandrijving.

Sport heeft dit keer ook een groot aandeel, waarbij we uiteraard stilstaan bij het overlijden van Jan de Vries, Joël Robert en Hubert Auriol. Ook interviewde we Bo Bendsneyder over zijn bijzondere Moto2-transfer, kijken we terug op Le Dakar en gaan we terug in dit tijd met Davide Brivio, terug naar het jaar dat hij Valentino Rossi weg wist te lokken bij het machtige Honda en zo er voor zorgde dat Yamaha een merk werd dat weer wist te winnen.

Samen met een bijzonder tourverhaal Propellers in de prut, 24 uur non-stop op pad met een CF Moto 650 NK en Voge 500DS en nog veel meer een nummer dat het wachten meer dan waard is.

Nieuwe kleuren en update voor 2021 Suzuki V‑Strom 650 en SV650

0
2021 Suzuki V‑Strom

Nieuwe kleuren en update voor 2021 Suzuki V‑Strom 650 en SV650. Dit jaar krijgen de twee modellen naast nieuwe kleuren ook een technische update: de 645 cc V-Twin krijgt een update naar Euro5.

2021 Suzuki V‑Strom 650 en V‑Strom 650XT

Voor modeljaar 2021 krijgt de succesvolle V‑Strom 650 in totaal zeven nieuwe kleuren. Drie daarvan zijn voor de V‑Strom 650: wit, grijs en rood. In alle gevallen wordt de kleur gecombineerd met zwarte gegoten wielen en zwarte details. De 645 cc V-twin, die nu aan de Euro5-norm voldoet, levert nog altijd 52 kW (71pk) bij 8.800 toeren. Het maximumkoppel van 62 Nm komt bij 6.500 toeren vrij.

De 2021 650XT wordt leverbaar in vier verschillende kleuren: geel, zilvergrijs, wit en rood. Elke variant is voorzien van contrasterende stickers, die goed bij de kleur van de spaakwielen passen. De witte en de gele variant hebben goudkleurige spaakwielen, de rode variant heeft zwarte spaakwielen en de zilvergrijze V‑Strom 650 krijgt met zijn blauwe stickers en blauwe wielen Suzuki’s MotoGP™-kleuren mee.

SV650

Dit jaar wordt de populaire SV650 in drie verschillende kleurstellingen geleverd: zwart met goud, wit met rood en mat donkergrijs met blauw. Bij de witte en de mat donkergrijze variant krijgen de velgen ook de kleur van het frame.


Ook de 2021 Suzuki SV650 krijgt de Euro5-motorupdate, alleen beschikt de SV650 over net iets meer vermogen en is de afstelling anders dan bij de V‑Strom 650. De motor levert 54 kW (74 pk) bij 8500 toeren en 64 Nm bij 6.800 toeren.

Assistentiesystemen

Zowel de 2021 V‑Strom 650 als de SV650 beschikt over een uitgebreid pakket aan assistentiesystemen. Zo vergemakkelijkt Low RPM Assist het wegrijden en zorgt het geavanceerde tractiecontrolesysteem met twee standen voor optimale controle. Uiteraard beschikken beide modellen ook over ABS en Suzuki Easy Start.

Suzuki GSX-R1000R Legend Edition: welke kampioen kies jij?

Prijzen 2021 Suzuki V‑Strom

Per direct zijn de 2021 Suzuki V‑Strom 650 en SV650 in de nieuwe kleurstellingen te bestellen. Ook zijn de prijzen bekend: de SV650 in de nieuwe kleurstellingen is leverbaar vanaf 7.899 euro. De V‑Strom 650 en V‑Strom 650XT zijn te bestellen voor respectievelijk 9.499 euro en 9.999 euro.

2021 MotoGP-coronapuzzel weer iets verder gelegd

0

Geen Grand Prix van Amerika en geen Grand Prix van Argentinië in 2021 (al zijn ze officieel uitgesteld). Wel twee GP’s op Losail (26-28 maart + 2-4 april) en gelukkig weer een MotoGP-wedstrijd op Portimao (16-18 april). Of ze allemaal daadwerkelijk verreden gaan worden is een tweede, maar voorlopig hebben we in ieder geval een iets realistischere MotoGP-kalender voor dit seizoen.

Het was namelijk al lange tijd duidelijk dat een wedstrijd in Amerika (Circuit Of The Americas) en Argentinië (Termas de Río Hondo) onhaalbaar zouden zijn. De vraag was slechts wanneer het officieel werd dat beide races in 2021 niet door zouden gaan. Dat is nu dus en is helaas voor zowel de Amerikaanse als de Argentijnse Grand Prix voor het tweede jaar op rij.

Coronapuzzel voor Nederlandse motorsport begonnen

Vanaf Jerez, begin mei, wordt de eerdere kalender weer gevolgd. De Dutch TT staat dus nog steeds gepland in het laatste weekeinde van juni, al konden we eerder vandaag al melden dat er tot 1 juni geen grote evenementen in Drenthe gehouden mogen worden. 

De TT valt daar dus niet onder, maar echt veel speling is er ook niet. Verder speculeren daarover heeft overigens verder totaal geen zin nu en dat doen we dus ook niet.