zaterdag 23 mei 2026
Home Blog Pagina 1091

Dubbeltest – Ducati Panigale V4S Corse vs Aprilia RSV4 1100 Factory

0
Dubbeltest Ducati Panigale RSV4 1100 Factory vs Ducati Panigale V4S Corse

Superbikes op straat; kan dat nog? in zowel Noale als Bologna zien ze heil in 100cc extra in de V4-blokken van respectievelijk de Ducati Panigale V4S Corse en de Aprilia RSV4 1100 Factory. Maar klopt de theorie?

Wat superbikes betreft, legt de Ducati V4S de lat hoog – zeker in de Corse-uitvoering. Kan de hypermoderne Bolognees zijn rol als gevestigde orde handhaven tegen zijn matzwarte landgenoot? In de basis heeft Aprilia voor die landgenoot simpelweg het Tuono V4 1100-blok in de aloude RSV4 Factory gehangen. Ware het niet dat er meer aan de hand is. Kan deze oude hond nog nieuwe trucjes leren?

Ducati Panigale V4S Corse

Vette klappen uit vier cilinders. Desondanks is het onmiskenbaar een Ducati. Enkel het tempo waarmee het toerental de ruimte vult met pure trommelvlies oprekkende decibellen, verraadt dat de V4S Corse toch iets bijzonders is, en blijft. Nu rest de vraag of dat imago deze test overleeft.

Mat is een thema, blijkbaar. Zowel de rode als de zwarte Italiaanse V4-superbike waarmee we naar het stratencircuit van Chimay togen is mat afgelakt. Het overwegend rood-witte exemplaar komt er beter mee weg, trouwens. De kleuren knallen en benadrukken dat de stekjes van de Panigale V4S Corse met Grand Prix-water bevochtigd zijn. Hoe Ducati ook de GP-klanken heeft weten te homologeren voor straatgebruik, is alleszins de vraag. De klappen zijn niet alleen hard in geluid, maar ook in power. De manier waarop de V4 Stradale-krachtbron zijn immense 216 pk (zie Meten is Weten-pagina) loslaat op zowel de berijder als het asfalt, is moeilijk te bevatten.

Ducati Panigale V4S Corse

Terwijl de met autobanden behangen betonnen telefoonpalen langs het circuit vervagen – eerst enkel in de ooghoeken, maar al snel in het geheel – merk je pas hoe het ongehoorde vermogen omgezet wordt in rauwe versnelling. Meer nog dan de beleving an sich, valt op dat je je de baas voelt. Bizar is het, maar overdonderend niet zo zeer. Deels komt de wendbaarheid en de bruikbaarheid van de V4S op conto van zijn rijwielgedeelte, dat uitgerust is met Ohlins’ dynamische dempingsysteem. Maar ook de zithouding verdient lof.

De Panigale is in alles wat met ergonomie te maken heeft een moderne superbike.

De Panigale is namelijk in alles wat met ergonomie te maken heeft een moderne superbike. Je zit redelijk met je kont de lucht in, de voetsteunen staan niet heel extreem ver naar achteren en ook de clipons liggen niet heel diep. Wel staan ze behoorlijk breed en met een niet al te scherpe hoek. Het is een aanvalshouding, zonder je echt linea recta naar de chiropractor te jagen. Vanuit Nederland tot aan de Franse grens en terug knallen, heeft wonderwel weinig afgedaan aan het functioneren van de beide polsgewrichten. Vooral ook omdat een V4 feitelijk zo breed is als een staande twin, wat de motor smal houdt.

Al heeft de Panigale natuurlijk ook niet de beperkende factoren van een conventioneel frame. Dat stond het rode merk toe de tank precies zo te vormen dat je elk beetje raakvlak kunt benutten om met de knieën te klemmen. Nodig ook wel, zo hard als het almaar lijkt te willen gaan, evenals wanneer je de 330mm grote Brembo-ankers in het voorwiel aanspreekt.

Het is pas wanneer je echt doorhebt dat de V4S je het hoofd niet van de romp zal rukken, dat je er echt van kunt profiteren. Aan boord van de Panigale tref je meer elektronica dan je ooit dacht nodig te hebben. Elk van die enen en nullen is gerangschikt om jou niet alleen veilig te houden, maar ook vooruit te helpen. Je wordt even goed bij het gevaar weggetrokken als dat je ook een duwtje in de rug krijgt om nog iets meer gang mee te nemen. De V4S weet dat hij het kan, dus waarom jij niet? Dat idee.

Nadeel aan de aanpak

En behalve dat het de Ducati in veel opzichten een voorsprong geeft op de Aprilia, zit er wel een flink nadeel aan deze aanpak. Je kunt tot op grote hoogte boven je eigen kunnen uitstijgen, juist omdat de elektronica en het rijwielgedeelte je helpen. Dat is een voordeel. Alleen op sommige momenten gaat het simpelweg te gemakkelijk. Het is niet alsof je plots passagier op je eigen motor bent en het zijn maar momenten, maar toch. Op die momenten merk je hoe de invloed van de Duitsers (Ducati is eigendom van Audi, red.) een deel van dat wat Italiaanse motoren zo machtig maakt, tot een hoogglans opgepoetst heeft. Dat het blok onderin het toerenbereik karaktervol bokt, lijkt zelfs een voorgeprogrammeerd beetje bokken. Daardoor kan de Panigale V4S soms wat te digitaal aanvoelen. Allicht is een nadeel als dit, afgewogen tegen de grandioze rijbeleving en immense snelheid die er tegenover staan, prima te verantwoorden. Maar ergens is het wel jammer dat de Duitsers de techniek lijken te hebben verzorgd en de Italianen zich bezig hebben moeten houden met dat de motor er goed uit zou zien in de brochures.

Ducati Panigale V4S Corse

Gelukkig is er hoop. Je spoelt die vieze bijsmaak van de nadelen moeiteloos weg door de rechterpols aan het werk te zetten. Dan houdt het hoge en smalle ruitje je weer letterlijk en figuurlijk uit de wind. Zetten de fijn korte voetsteunen je weer klaar om die ene bocht, die je al honderd keer eerder reed, net dat beetje vlotter te ronden. De Panigale V4S Corse is op een aantal vlakken simpelweg net dat beetje te goed. Maar of te goed een belediging of compliment is?

Dubbeltest Ducati Panigale V4S Corse vs Aprilia RSV4 1100 Factory

Aprilia RSV4 1100 Factory

Het gelig licht dat uit de koplampen sijpelt is de grootste weggever dat de RSV4 1100 Factory dan wel een 2019 model mag zijn, maar zijn oorsprong ouder is dan dat. Geen ledverlichting zoals bij zijn landgenoot, maar wel eenzelfde blokconfiguratie en de inherente bloedspoed. Waarvan akte.

Bijzonder hoe twee fabrikanten uit één land, krap 150 kilometer bij elkaar vandaan, beide een superbike neerzetten met vier cilinders in v-vorm, die ook allebei 1100cc aan cilinderinhoud hebben, en toch niet verder uit elkaar zouden kunnen staan. Alleen al het geluid is niet te vergelijken. De Ducati heeft een blokhoek van 90 graden terwijl de Aprilia het met 65 graden tussen de cilinderrijen doet. Bij de krukas is ook alles anders, want de Bolognees kreeg zijn kruktappen op 70 graden van elkaar – wat Ducati tot Twin Pulse gedoopt heeft. In Noale kozen ze voor een 180 graden-krukas. Het verschil uit zich in meer toerengretigheid. Inwendige haast, zou je het kunnen noemen, zo vlot als het zich laat optoeren.

Aprilia RSV4 1100 Factory

In Noale kozen ze voor een 180 graden-krukas. Het verschil uit zich in meer toerengretigheid.

In het rijden uit het zich in net zo veel geweld als bij de Panigale ingebakken zit, maar het geweld van de Factory raast je om de oren in plaats van dat het je om de oren slaat. Het voelt minder gecontroleerd, het voelt mechanischer. Die vergelijking merk je in meer dingen. Hopelijk vat de RSV het niet persoonlijk op, maar het de zithouding is niet meer helemaal van deze tijd. Zadel en clipons zitten nagenoeg op dezelfde hoogte, terwijl de kniehoek vergelijkbaar is aan die van de Duc. De tank is vervolgens fiks breder en behoorlijk gewelfd. Het zorgt ervoor dat je je iets meer in dan op de motor waant dan bij die rode machine.

Bijzonder genoeg werken beide op hun eigen manier heel intuïtief. Waar de Panigale zich met speels gemak laat wenken, vergt de Aprilia wat meer eigen inbreng. Maar Mozes-kriebel, zie het als een investering. De energie die de RSV van je vraagt wordt beloond. De zit ‘in’ de motor zorgt dat waanzinnig intuïtief en bevredigend stuurt, remt en accelereert. Je moet alleen wel eerst zelf het startschot geven.

Aprilia RSV4 1100 Factory

De krachtbron van de Aprilia staat gretig paraat en drukt je met je zitvlak ferm tegen het kleine extra kontzadeltje. Zo breed als het zadel naar achteren uitloopt, kun je je prima schrap zetten – noodzakelijk als dat ook is. Ter hoogte van de tank is het zitje vervolgens perfect smal. Waar dat aan de ene kant helpt om vanuit het redelijk hoge zadel met een voet aan de grond te komen, maakt het over de motor bewegen ook gemakkelijker.

Hoewel je in eerste instantie de indruk krijgt dat je het geen tien minuten in dat taaie zadel uit gaat houden, blijft echt doorzitten je bespaard. Toegegeven, blijft het je vooral bespaard omdat de rest van de sportieve houding je al eerder de handdoek in de ring zal doen gooien. Maar overdreven oncomfortabel is het zeker niet aan boord van de Noalees. Het stuur staat vergelijken met zijn concullega onder een beduidend scherpere hoek en van uiteinde tot uiteinde is het stuur smaller ook.

De krachtbron van de Aprilia staat gretig paraat en drukt je met je zitvlak ferm tegen het kleine extra kontzadeltje.

Compact is sowieso een bijvoeglijk naamwoord dat de RSV4 past. Zo compact zelfs dat het her en der onhandig wordt. Koppelingshendel te hoog? Veel lager gaat niet lukken, want dan trek je de hendel tegen de min-paddle van de tractieregeling aan. Stuk of wat keren ontkoppelen, en je jaagt ongemerkt ruim 200 pk de ketting in zonder tussenkomst van het APRC – waarvan Aprilia in de handleiding trouwens zegt dat ook hun APRC toch echt onderworpen is aan natuurwetten. Komisch doch nuttig feitje, zullen we maar denken.

Behalve dergelijke ontwerp-smetjes – het is een Italiaan, dus noem het vooral karakter – blinkt de RSV4 Factory vooral uit in zijn enorm hoogwaardige afwerking. Nagenoeg alles oogt af, of in elk geval doelbewust en doordacht. Een van de zaken die vervolgens onder de noemer ‘goeie poging’ geschaard kunnen worden, is het wel het kunststof met carbon-reliëf in de onderkuip. Imitatie-carbon is bij elke toepassing een no-go van jewelste. Als er dan op ettelijke centimeters authentiek carbon is om mee te vergelijken, ziet het er alleen nog maar goedkoper uit.

Even zo goedkoop uitziend, zijn de richtingaanwijzers. Led is de Factory sowieso vreemd, maar de plastic haaievin-knipperlichtjes waren in 1995 misschien nog hip; anno 2019 wil je die niet eens op een Chinese imitatie-Vespa. Toch zijn het al die kleine mwah’tjes die helpen de prijs van de RSV4 1100 Factory relatief vriendelijk te houden. Al is 26.995 euro nog altijd een smak geld, voor het verschil met prijs van de Panigale V4S koop je er met gemak nog een Aprilia RS4 125 – voor je zoon, dochter, neefje, nichtje, of misschien gewoon voor jezelf – bij ook. Of je bestelt wat nette knipperlichtjes, een paar verstelbare clip-ons en een onderkuip uit echt carbon erbij – en dan heb je nog een hoop geld over.

Dyno Ducati Panigale V4S Corse vs Aprilia RSV4 1100 Factory

Foto’s: Jesse Kraal
Testbank: Marolo/Hoco Parts

Bimota KB4 onderweg? UPDATE

0
Bimota KB4

Update 20-1-2020

Op 21 november 2019 stelden we onderstaande vraag om die vervolgens met een heel voorzichtig ja te beantwoorden. Inmiddels kunnen we dat ‘heel voorzichtig’ wel weghalen, want een woordvoerder van Bimota heeft tegen onze Engelse collega’s van Motorcycle News het volgende laten weten over de KB4:

‘De eerste test met een prototype staat gepland voor de lente van dit jaar. Dus het is op dit moment redelijk om een pre-productiefiets te plannen voor de zomer van 2020.’

Wij zijn benieuwd!

Bericht 21-11-2019

De motor die je wist dat zou komen… Nu Kawasaki de reanimatie van Bimota rond heeft, kon je er donder op zeggen dat er meer Bimota’s met Kawasaki-blokken zouden komen. Het Japanse Young Machine-magazine schijnt weer eens de primeur te hebben.

An sich laat de naam zich raden. Bimota gebruikt namelijk van oudsher een voorletter van de blokleverancier gevolgd door een B. De B staat voor Bimota en het nummer voor de hoeveelste in lijn. Het Italiaanse exclusieve motormerk kwam in 1978 al met de KB1. Daarna volgden de KB2 en KB3 in respectievelijk 1982 en 1984. Nu is het dus tijd voor de KB4. Tenminste, dat schijnt Young Machine te weten.

De rendering is dan ook door hetzelfde tijdschrift gemaakt. Het geeft een goed idee van hoe de aanstaande Bimota KB4 eruit zou kunnen zien. Als basis gebruikt men naar verluidt het Z1000-blok. De vormgeving is vervolgens sportief, zij het met een iets of wat retro-achtig tintje. Dat wil dus zeggen en behoorlijk bolle topkuip inclusief ruitje en een minimalistisch kontje.

Young Machine KB4

Uiteraard volgt de rest van het ontwerp waar Bimota goed in is.

Uiteraard volgt de rest van het ontwerp waar Bimota goed in is. Een buizenvakwerkframe en veel gefreesd lichtmetaal omkadert het Z1000-blok, terwijl de kuip in elk geval ingezet wordt met carbon.

Aangezien het een verder nog totaal ongefundeerd gerucht betreft, ontbreken verder alle details. Wat wel vrolijk stemt is het idee dat Bimota op deze manier een mooie toekomst krijgt en ook Kawasaki van de kennis en nalatenschap van Bianchi, Morri en Tamburini kan profiteren.

Na de op EICMA aangekondigde Bimota Tesi H2, zijn wij heel benieuwd wat de nieuwe samenwerking nog meer voort zal brengen. Tot het zover is wachten wij geduldig af.

Foto’s: Young Machine en archiefbeeld

MOTO73 TripTip update

4
MOTO73 TripTip

Afgelopen tijd zijn de MOTO73 TripTip-routes op de plank blijven en we willen jullie dan ook bedanken voor jullie geduld. Met terugwerkende kracht hebben we nu de TripTips van editie 19 tot en met editie 25 van 2019 voor je klaarstaan.

Helaas ontbreekt TripTip editie 26/1 nog. Die krijg je zo snel mogelijk alsnog van ons zodra die beschikbaar is. Met een beetje geluk houdt de huidige bepaald niet koude winter nog even aan. Dan kun je met de juiste kleding alsnog genieten van een paar mooie dagtochten van de hand van Tom Boudewijn.

In editie 19, editie 21, editie 23 en editie 25 hebben we namelijk routes voor ritten door zowat het hele land. Zo klimt TripTip 19-2019 van Amsterdam tot in de kop van Noord-Holland en leidt TripTip 21 je vanuit de Flevopolder door Overijssel. TripTip 23 neemt je vervolgens vanaf Dordt naar de Zeeuwse kust. Met TripTip 25 kom je erachter dat Limburg veel meer is dan alleen het meest zuidelijke, heuvelachtige deel.

MOTO73 TripTip Editie 19 – 2019 | Van Amsterdam naar Hippolytushoef

MOTO73 TripTip Editie 21 – 2019 | Van Emmeloord naar Kuinre

MOTO73 TripTip Editie 23 – 2019 | Van Dordrecht naar Domburg

MOTO73 TripTip Editie 25 – 2019 | Van Sevenum naar Ysselsteyn

Meer MOTO73-TripTips? Kijk dan eens op de complete overzichtspagina. Daar hebben we in totaal twintig routes voor je klaarstaan, elk in drie type GPS-bestanden te downloaden.

Foto: Tom Boudewijn

De Citrix-file; ben jij er al tussendoor gereden?

0
Een motorrijder in de file
Tussen de file door rijden, het blijft opletten... Foto: ANP

Even dachten we het verkeerd gehoord te hebben op de verkeersinformatie, maar sinds vanmorgen bestaat de Citrix-file echt. Let wel, spreek het uit op z’n Nederlands want anders heb je wellicht niet door dat we doelen op zo’n lange rij stilstaande auto’s.

Wat er precies aan de hand is? Het Nationaal Cyber Security Centrum (NCSC) heeft de Rijksoverheid en vitale organisaties, zoals energievoorziening, de telecom- en de financiële sector, die werken met Citrix-servers geadviseerd deze uit te schakelen vanwege een beveiligingslek. Bij misbruik kunnen kwaadwillende directe toegang krijgen tot het lokale netwerk en systemen, aldus het Nationaal Cyber Security Centrum.

Als gevolg van dit lek, kunnen veel mensen niet thuiswerken en moeten dus de (snel)weg op om naar het werk te gaan. Als resultaat daarvan stonden vooral in de Randstad meer files. Precies, de Citrix-files.

Film: Standbeeld voor Boet van Dulmen

0
Boet van Dulmen met zijn echtgenote en kleinzoon Boetje (foto: Ad van de Graaf)
Boet van Dulmen met zijn echtgenote en kleinzoon Boetje (foto: Ad van de Graaf)

Nog altijd is de 71-jarige Boet van Dulmen dé held van Ammerzoden, het dorp bij Zaltbommel waar jarenlang een beroemde wegrace plaatsvond en waar Van Dulmen geboren werd en nog altijd woont. Niet zo vreemd, want er wonen nog geen 4.000 mensen waardoor iedereen elkaar in ieder geval van gezicht kent. Maar vaak beter.

Een mooi eerbetoon aan ‘Boet’ was er echter niet te vinden in de Gelderse plaats. Tot afgelopen weekeinde! Want op initiatief van Joost de Wit is samen met enkele andere ondernemers een blijvende herinnering aan het dorp én aan de oud-coureur gegeven in de vorm van een prachtig borstbeeld.

Omroep Gelderland was erbij en maakte onderstaande reportage.

Suzuki V-STROM 1050XT First Edition exclusief voor Nederland

1
Suzuki V-STROM 1050XT First Edition
De Suzuki V-STROM 1050XT First Edition.

Zo dan, Suzuki komt speciaal voor de Nederlandse markt met de V-STROM 1050XT First Edition. Deze extra rijk uitgeruste V-STROM is direct te bestellen vanaf 16.999 euro. Of dat veel duurder is? Valt wel mee… En wat je daarvoor krijgt? Allereerst alles wat de ‘gewone’ 1050 ook heeft.

Daarnaast is elk exemplaar met het First Edition-accessoirepakket voorzien van een speciaal genummerd zadel, handvatverwarming en LED-mistlampen. Daarnaast wordt ‘ie geleverd met een zilverkleurige aluminium zijkofferset inclusief twee koffers met een inhoud van 37 liter. Verder kan je kiezen tussen het TomTom Rider 550 World-navigatiesysteem óf een zilverkleurige aluminium topkoffer met een inhoud van 38 liter.

(Tekst loopt verder onder deze galerij)

In totaal worden er 25 stuks van de First Edition geleverd.

De Suzuki V-STROM 1050XT First Edition is direct te bestellen via elke Suzuki Motoren-dealer. In het eerste kwartaal zullen alle V STROM 1050XT First Editions feestelijk afgeleverd worden op een centrale locatie in Nederland.

Ducati Diavel 1260 S wint Good Design Award

0

Menig motorrijder raakte in vervoering toen hij op de EICMA van 2018 oogin oog stond met de Diavel 1260. De strakke moderne stijl viel zeer in de smaak. Niet alleen bij motorrijers, ook architecten en designers vonden de Ducati een toffe machine, de eerder in maart 2019 ook de prestigieuze Europese designprijs, de Red Dot Award, won.

Vorige week sleepte de de Diavel 1260 de zoveelste internationale trofee binnen: de Good Design Award. De prijs wordt toegekend door het Chicago Athenaeum, Museum of Architecture and Design, en door het European Centre for Architecture Art Design and Urban Studies, waardoor het een zeer gewilde prijs is, die al bijna 70 jaar een wereldwijde erkenning is voor uitmuntend design.

Saudi-Arabië betekent keerpunt voor Dakar, Honda en KTM

0

Na 18 overwinningen op rij heeft KTM dan eindelijk een meerdere moeten erkennen: Ricky Brabec wist in het zadel van een Honda de Dakar te winnen. En bepaald niet nipt, want sinds de derde dag reed de Amerikaan al op kop. En z’n eigen kop, die hield hij al die tijd koel.

Er waren jaren waarin het winnen van de Dakar-rally voor Honda meer gesneden koek was. De jaren ’80 waren wat dat betreft de gloriedagen voor Honda. Al was het merk nooit zo overheersend zoals KTM dat de laatste twee decennia was. Sinds 2001 regen de Oostenrijkers de overwinningen naadloos aaneen.

Het was destijds Fabrizio Meoni die de bijzondere reeks startte, op een KTM LC4 660R. In die negentien waarin KTM won, bezetten ze maar liefst zeventien keer óók de tweede plek. In 2015 en 2018 was het Honda die als tweede aan de finish kwam, daarmee voorzichtig op de deur kloppend. Al leek dat in 2019 alweer heel anders, aangezien het gehele podium door KTM werd bezet.

Maar, als we wat verder kijken dan deze scorebordjournalistiek, dan is Honda precies acht jaar zeer serieus bezig geweest met deze come-back in de Dakar. Want in 2013 keerde Honda terug na een afwezigheid van maar liefst 23 jaar. De CRF450 is in die jaren ernstig doorontwikkeld en het gehele HRC-team van Honda werkte net zo professioneel als KTM dat al die jaren deed. Vooral de afgelopen jaren was Honda soms gedurende de Dakar best dichtbij een overwinning, om uiteindelijk in de echte eindstand door pech nauwelijks vooraan te staan. Dit jaar was dat duidelijk anders, het kwartje viel eindelijk een keer de goede kant op.

Ricky Brabec schreef niet alleen historie door Honda de overwinning te schenken, hij was ook nog eens de eerste Amerikaan ooit die de Dakar won. En aangezien hij nog maar 28 is, gaan we de komende jaren nog heel veel van hem horen. Dat spreekt hij zelf ook niet tegen, want hij zei direct na de overwinning voor een volgende in 2021 te gaan:

‘Hopelijk komen we komen jaar hier terug om hetzelfde opnieuw te doen. Natuurlijk weet ik dat dat niet makkelijk zal zijn, met KTM en Husqvarna in onze nek hijgend. Het is voor mij heel speciaal dat ik de eerste Amerikaan ben die de Dakar wint. Nu is het aan ons om onze doelen nog hoger te stellen, en meer successen te halen.’

Aangezien Brabec’s contract tot 2025 loopt, zal hij die doelen en successen met Honda voor ogen hebben.

Natuurlijk werd het motorklassement overschaduwd door de dood van Paulo Gonçalves en het zware ongeluk van Edwin Straver. Het vandaag door de familie van Straver uitgestuurde persbericht, over de coureur die na een crash gereanimeerd werd, bood helaas weinig positieve aanknopingspunten. ‘Edwin is er slecht aan toe. Het is afwachten hoe de situatie zich ontwikkelt’, laat zijn vriendin Anja weten. Doordat de 48-jarige Brabander ongeveer tien minuten geen hartslag heeft gehad en een van zijn bovenste nekwervels heeft gebroken, moeten we nog altijd vrezen voor het ergste.

Mirjam Pol was overigens aanwezig bij de hulpverlening aan Straver, wiens ongeluk een donkere schaduw over de toch bijzondere prestatie van Pol wierp: zij werd de eerste vrouw die de Dakar op drie verschillende continenten uit reed.

Vooruitblik MOTORbeurs Utrecht 2020

0
Motorbeurs opener

Voor iedereen die de afgelopen jaren de teloorgang van de MOTORbeurs voorspelde, adviseren wij de glazen bol nog eens goed op te poetsen. Waar een aantal merken de beurs de laatste jaren de rug toe keerden, lijkt het tij gekeerd voor de 36e editie van de MOTORbeurs Utrecht die volgende maand plaatsvindt.

De 2020 MOTORbeurs Utrecht lijkt namelijk niet alleen op volle sterkte door te gaan dit jaar; het lijkt zelfs groter dan ooit te gaan worden. In totaal zijn niet minder dan 24 motormerken vertegenwoordigd op de komende editie.

Lees ook: Kom met je motor naar MOTORbeurs Utrecht

In 2018 kwam het toch wel trieste nieuws dat zowel Honda als Triumph afzagen van een vierdaags bezoek aan de Jaarbeurs Utrecht. Beide merken besloten hun budgetten elders in te zetten. Twee merken minder mag geenszins de pret verstoren, wat in 2018 met een daling in het aantal bezoekers van 6.781 (-6,8% ten opzichte van 2017) inderdaad wel mee leek te vallen. Dat voor 2019 – naast Honda en Triumph – onder meer ook Kawasaki, KTM en Suzuki af lieten weten, was pijnlijker. Dat is ook terug te te zien met een totaal aantal bezoekers van 80.342 (-11,75% ten opzichte van 2018).

MOTORbeurs - Bezoekers 2009 - 2019

In totaal zijn niet minder dan 24 motormerken vertegenwoordigd op de komende editie.

Een flinke daling dus. Maar terwijl de in 2019 afgehaakte partijen juist aangaven de interesse in de beurs verloren te hebben door het ontbreken van het in actieve zin uitdragen van hun producten op de MOTORbeurs, konden de merken die wel van de partij waren juist daar een slag slaan. Een speciaal overdekt testparcours werd opgezet om motoren te kunnen proefrijden, met als belangrijkste doel de MOTORbeurs niet alleen een statisch iets te laten zijn. Er werden maar liefst 4.699 proefritten gemaakt en bij BOVAG Try The Bike stapten 400 deelnemers voor het eerst op de motor. Met die activiteiten lijkt de MOTORbeurs voor dit jaars editie van 20 tot en met 23 februari nieuwe aantrekkingskracht gevonden te hebben. Naar verwachting zal in 2020 het tij keren, al is dat ook wel noodzakelijk, gezien de sterke daling in bezoekersaantallen de laatste jaren.

MOTORbeurs Harley-Davidson

In totaal pakken zestien motor- en scooterimporteurs, die samen 24 motormerken vertegenwoordigen, dit jaar op MOTORbeurs Utrecht 2020 groots uit in de importeurshal. Zo komt het uiteindelijke lijstje van de in Hal 8 aanwezige merken uit op:

  • Aprilia
  • Benelli
  • BMW
  • Can-Am
  • Ducati
  • Energica
  • Harley-Davidson
  • Honda
  • Hyosung
  • Indian Motorcycle
  • Kawasaki
  • Kymco
  • Mash
  • Moto Guzzi
  • MV Agusta
  • Peugeot
  • Piaggio
  • Royal Enfield
  • SYM
  • Verge Motorcycles
  • Vespa
  • Yamaha
  • Zero

Hal 7 van de Jaarbeurs Utrecht zal dit jaar dienstdoen als locatie van het testparcours, waarbij geinteresseerden motorfietsen dus niet alleen kunnen bekijken maar ook kunnen rijden. Daarnaast verzorgt MotorNL vier keer per dag een podiumprogramma waar al het motornieuws van 2020, zowel fysiek als digitaal, gepresenteerd wordt. Ook aan de allerkleinsten is gedacht; op het kidsparcours kunnen zij met loopfietsjes van de diverse merken hun motorhart sneller laten kloppen.

“Wij zijn ontzettend blij dat er zoveel merken aanwezig zijn” – Martine Sterk, MOTORbeurs Utrecht

Martine Sterk, Brandmanager MOTORbeurs Utrecht: “Wij zijn ontzettend blij dat er zoveel merken aanwezig zijn op de komende editie. Bezoekers geven aan dat ze al het moois dat de motorbranche te bieden heeft graag onder één dak zien. Zestien importeurs geven door hun aanwezigheid gehoor aan deze wens. We zijn in 2019 een nieuwe weg ingeslagen om de presentatie van de motormerken interactiever te maken en dat gaan we dit jaar verder uitbouwen. Het belooft een mooie editie te worden!”

Verder kun je natuurlijk ook rekenen op de gewoonlijke rijen vol occasions, afgeladen rekken met motorkleding en stands met accessoires te over. Zoals de MOTORbeurs het zelf zegt: ‘Met een uniek aanbod is MOTORbeurs Utrecht de ideale plek om het seizoen af te trappen en je te oriënteren op, of het aanschaffen van, een nieuwe of gebruikte motor, kleding en accessoires.’

Mocht je nou die ene tweedehands motorfiets echt niet kunnen laten staan, dan heeft MOTORbeurs Utrecht de ideale winactie opgezet voor jou. Je kunt namelijk het gehele aankoopbedrag van de motor terugwinnen! Check vooral even hier hoe dat zit.

Praktische informatie

Ticketprijzen:
Entreeticket Dag | 14 euro (eenmalig geldig gedurende de hele dag)
Entreeticket Avond | 11 euro (eenmalig geldig op donderdag en vrijdag van 16:00 – 21:00 uur)

Tickets bestellen doe je hier: MOTORbeurs Utrecht 2020 – Tickets

Openingstijden:
Donderdag 20 februari | 10:00 uur – 21:00 uur
Vrijdag 21 februari | 10:00 uur – 21:00 uur
Zaterdag 22 februari | 10:00 uur – 18:00 uur
Zondag 23 februari | 10:00 uur – 18:00 uur

Kijk voor meer informatie op MOTORbeursutrecht.nl

Afbeelding: MOTORbeurs Utrecht
Grafiek: MotorNL
Foto: ANPFoto/Koen van Weel

Benelli homologeert GT 1200 (Qianjiang 1200-3)

0

Een nieuwe GT 1200, aangedreven door een afgeleide van het driecilinderblok van de Tornado, is door Qianjiang, eigenaar van Benelli ,in China gehomologeerd. De GT 1200 zou een vermogen hebben van 136 pk en een top van 220 km/u.

De eerste uitvoeringen van een granturismo die sterk geïnspireerd is op de BMW R1200RT, dateren uit 2016. De interesse van Zhejiang Qianjiang Motorcycle Group Co. (beter bekend als Qianjiang Motorcycle, het bedrijf dat ook het merk Benelli beheerd) is nog immer aanwezig.

Blok van de Benelli Tornado

De homologatie van het nieuwe model, Qianjiang geeft het de naam  QJ1200-3 mee, leert dat de GT een cilinderinhoud heeft van 1.209cc en dat het driecilinderblok een afgeleide is van de 1.130cc van de Benelli TreK en Tornado. Het vermogen is 100 kW, of 136 pk, de maximale snelheid in 220 km/u. Het rijklaargewicht bedraagt inclusief een volle tank 338 kg.

In tegenstelling tot de eerste ontwerpen is een ketting verantwoordelijk voor de eindaandrijving. Het cardan heeft de toets der kritiek niet doorstaan. Als wielbasis wordt 1.550 mm opgegeven, die wielmaten zijn 17 inch en op de achtervelg ligt een bandenmaat van 190/55ZR17.

De China IV-homologienorm lijkt sterk op de Europese Euro4, die qua geluids- en uitlaatgasemissie niet veel verschilt van Euro5.

Benelli GT 1200 voor 2021

Wel moet worden opgemerkt dat in het onlangs aan de Chinese dealers getoonde Benelli-programma, dat ook de nieuwe TRK 800 en 600RRR omvat, een verwijzing naar de GT 1200 ontbreekt. Waarschijnlijk is de GT een model voor 2021.