zaterdag 23 mei 2026
Home Blog Pagina 475

Exclusieve 2024 KTM 890 Adventure R Rally binnen een week uitverkocht

0
(Foto: KTM)

Op 20 september 2023 startte KTM de wereldwijde verkoop van de limited edition 2024 890 Adventure R Rally. Een week later zijn alle 700 stuks van dit model uitverkocht. De verkoop was daarnaast exclusief online, waarbij kopers een aanbetaling van 890 euro, op 26 september 2023, moesten doen.

Hoewel de 2024 KTM 890 Adventure R Rally nieuw is, gebruikte KTM dezelfde strategie al in 2020. Toen konden klanten een 2021 890 Adventure R Rally aanschaffen, waarvan er ook maar 700 stuks wereldwijd beschikbaar waren. Dat model was binnen twee dagen uitverkocht, wat net ietsje sneller dan de drie dagen van het huidige model is.

KTM 450 RALLY REPLICA: gebouwd voor Dakar en meer

Verder zijn ook alle beschikbare plaatsen voor de bijbehorende Ultimate KTM Desert Experience ingenomen. Dat is de speciale motoren-avonturentour, waar alleen 2024 Adventure R-kopers aan deel kunnen nemen. Daarentegen is deze tour nog exclusiever, omdat er maar 34 beschikbare plaatsen zijn.

Maar de releases voor 2021 en 2024 hebben een andere overeenkomst. Zo gaf de motormaker pas een prijs voor zijn motor op, nadat de reserveringen waren geopend. De motor van 2021 had een prijs van €20.899. De huidige motor kost daarentegen in Duitsland 22.990 euro en dat is nog zonder btw. Het is niet bekend hoeveel hij precies in ons land heeft gekost.

Als je de inschrijving op deze motor hebt gemist, is er altijd nog een wachtlijst beschikbaar op de website van KTM. Mocht iemand van de 700 die hun motor kochten, voordat ze waren uitverkocht van gedachten veranderen, kunnen mensen op de wachtlijst geluk hebben. Er zijn nog geen officiële cijfers gegeven over hoeveel mensen zich tot nu toe hebben aangemeld voor de wachtlijst, maar je weet maar nooit.

MotoGP planning voor 2024 bekend: extra veel races

0
MotoGP planning 2024
Afbeelding: MotoGP

De voorlopige kalender voor het FIM MotoGP Wereldkampioenschap 2024 is onthuld. Het kampioenschap heeft volgend jaar maar liefst 22 Grand Prixs, in 18 landen.  

Het belooft een gedenkwaardig jaar te worden, aangezien MotoGP in 2024 het 75-jarig jubileum van de Grand Prix-motorraces viert. De sport markeert deze mijlpaal ook met een overgang naar 100 procent duurzame brandstof. Vanaf 2024 moet de brandstof minimaal 40 procent van niet-fossiele oorsprong zijn, voordat dit in 2027 de volle 100 procent moet zijn. De kalender voor 2024 behoudt ook zijn regionale karakter, met races gegroepeerd op geografische locaties en langs routes die een verhoogde efficiëntie mogelijk maken bij het vervoer van vracht en personeel over de hele wereld. Met 11 races voor de zomerstop en 11 daarna, is het een perfecte balans.

De sensationeelste transfers in de MotoGP. Wordt Marc Márquez de volgende?

Dus, waar beginnen we? De actie begint met de Grand Prix van Qatar, als seizoens-opener. Het Lusail International Circuit wordt daarna opgevolgd door het indrukwekkende Autodromo Internacional do Algarve, in Portugal. MotoGP gaat vervolgens naar Amerika voor de eerste back-to-back met Termas de Rio Hondo en het Circuit of the Americas in april.

Daarna keert het terug naar Europa voor het klassieke Circuito de Jerez-Angel Nieto, voordat Le Mans in mei op de planning staat. De Catalaanse GP keert daarna terug naar een eerdere positie in de kalender en krijgt opvolging door Autodromo Internazionale del Mugello. MotoGP™ gaat midden juni nieuwe wegen inslaan op het Sokol International Racetrack, waar het circuit de 75e locatie wordt om een race in de premierklasse te organiseren. Daarmee is Kazachstan hiermee het 31e land, dat de Grand Prix-motorraces verwelkomt. Daarna sluit een andere back-to-back het eerste deel van het seizoen af met het TT Circuit Assen voorafgaand aan de zomerstop.

Na de zomerstop

De actie keert na de zomer terug op Silverstone en de Red Bull Ring. Hierna komt de laatste Europese back-to-back MotorLand Aragon, vlak voor Misano. Vervolgens vertrekt de paddock voor twee actievolle triple headers.

Na een bejubeld debuut voor de Indian Grand Prix in 2023, is het Buddh International Circuit in 2024 onze eerste stop in Azië. Daarna gaan we naar het Pertamina Mandalika International Circuit in Indonesië. Het Mobility Resort Motegi in Japan staat verder op de planning.  

Na een weekend pauze begint het laatste gedeelte Down Under. MotoGP gaat naar Phillip Island en keert daarna terug naar Buriram in Thailand en het Sepang International Circuit in Maleisië. Tot slot roept het sluiten van het seizoen op het klassieke Circuit Ricardo Tormo in Spanje, terwijl een seizoen dat de geschiedenis ingaat, wordt afgerond.

MotoGP planning 2024
Afbeelding: MotoGP

Kevin Schwantz: ‘Na de crash tijdens de TT Assen in 1992 was onze vriendschap voorbij’

0
Kevin Schwantz

Voor Kevin Schwantz kwamen veel mensen jarenlang naar de TT Assen. Tijdens de TABAC Classic GP was de Amerikaan even terug op het Drentse circuit. Motor.NL sprak uitgebreid met de 59-jarige Schwantz over zijn haat-liefdeverhouding met Assen, het onopgeloste meningsverschil met Eddie Lawson en zijn carrière. Verder vroegen we de 500cc-wereldkampioen van 1993 hoe hij tegen de huidige MotoGP aankijkt.

Fotografie: Henk Keulemans, Damon Teerink

Kevin, geeft het jou een speciaal gevoel om terug te zijn in Assen?

‘Het is 28 jaar geleden dat ik hier ben geweest. In 1995 heb ik nog een aantal ereronden gereden, nadat ik net was gestopt. Toen reden we nog op het oude circuit, dus ik raakte een beetje verdwaald tijdens de demonstratieronden van de Classic GP. Maar gelukkig heeft Randy Mamola mij daar goed bij geholpen. Maar zonder gekheid, Assen is altijd zeer speciaal voor mij geweest. Het was zo’n circuit waar ik hele mooie momenten heb beleefd, maar ook een aantal van mijn zwaarste blessures heb gekend. Denk aan 1992 en 1994. In 1986 reed ik mijn allereerste grand prix op Assen. Ik won in Assen of finishte niet. Ik heb drie keer gewonnen en alle andere keren ben ik gecrasht, had ik pech of was ik geblesseerd.’

De sensationeelste transfers in de MotoGP. Wordt Marc Márquez de volgende?

Kan jij je eerste kennismaking met Assen in 1986 nog goed herinneren?

‘Absoluut. Het was mijn allereerste Grand Prix. Het circuit was toen nog enorm smal en er waren nergens curbstones. Ik reed in de F1-klasse en in de 500cc. Ik ben dat weekend denk ik wel vijf keer gecrasht. In de F1-race had ik een mooi gevecht met Joey Dunlop en werd ik tweede. In de 500cc-race ging ik met een aantal andere rijders in de tweede ronde al onderuit. Toch was het geweldig. Het was één van de eerste ervaringen in Europa, nadat Barry Sheene mij geholpen had met deze weg in te slaan en Heron Suzuki voor mij een motor had gebouwd. Ik weet nog dat ik Kenny Roberts tegenkwam in de paddock en hij vroeg mij waarom ik in hemelsnaam deze plek had uitgekozen voor mijn eerste grand prix. Mijn antwoord was simpel, want dit was één van mijn drie vrije weekenden in 1986. Ik racete toen nog in Amerika. Door de jaren heb ik veel vrienden gemaakt in Nederland. De TT Assen was ook altijd rond mijn eigen en mijn moeders verjaardag. Deze race gaf dan ook extra motivatie om mijzelf en mijn moeder een verjaardagscadeau te geven.’

Het eerste optreden van Kevin Schwantz op Assen vond plaats tijdens het bijprogramma van de TT van 1986. In de F1-race, die werd gewonnen door Joey Dunlop op een 750cc-Honda, werd Schwantz op een 500cc-Suzuki tweede voor merkgenoot Paul Iddon.

Wat was je beste race in Assen?

‘Ik denk 1989, ook al won ik toen niet. Ik begon net iets weg te lopen van Wayne Rainey en de rest, totdat mijn motor kapotging. Dat moment kan ik me nog heel goed herinneren. Ik liep langs de baan en mensen klommen over het hek om mij support te geven. Dat is ook Assen. En natuurlijk in 1991 toen ik in de laatste ronde het ronderecord reed en won. Dit ronderecord is blijven staan, totdat de baan veranderde. Het was een speciale race. Wayne reed voorop en maakte een fout in de laatste chicane waardoor ik kon winnen. Als dat niet was gebeurd, had hij het ronderecord gehad. Hij liep iedere bocht iets van mij weg. Hij was zeker een halve seconde sneller geweest, wat aangeeft hoe goed zijn ronde wel niet was. En het is grappig, want als je Wayne nu nog vraagt of hij ergens spijt van heeft in zijn carrière, dan zal hij vast beginnen over die laatste ronde in 1991 op Assen. Want hij vond het maar niks dat het ronderecord in Assen zo lang op mijn naam heeft gestaan.’

Na je laatste zege in 1993 op Assen had je bijna een karretje nodig om alle vlaggen in de uitloopronde mee te nemen.

‘Dat was een hele mooie race en mijn laatste zege van dat jaar, voordat ik kampioen werd. Ik had een duel met Mick Doohan tot in de laatste ronde, nadat Alexander Barros kort daarvoor was gevallen. Na afloop van de race kreeg ik drie grote vlaggen. Ze waren mega zwaar. Wat Assen een speciale plek maakte, was dat de mensen na de race massaal de baan opkwamen. De uitloopronde was een bijzondere rit. Ik probeerde de vlaggen vast te houden en geen mensen te raken die allemaal op de baan stonden. Ook de lege bierblikjes, die in het gras langs start-finish lagen, zal ik nooit vergeten. Het was altijd een ongekend feest in Assen.’

Je was mega populair. Het leek erop dat je wist wat het publiek nodig had. Was je daar bewust mee bezig of ging dat vanzelf?

‘Ik had absoluut geen idee wat ik teweegbracht. Ik was alleen maar bezig met het winnen van races. Ik moest en zou winnen, zeker in mijn jonge jaren. En dat resulteerde ook wel eens in een crash in de slotfase. Gelukkig niet op Assen. Maar bijvoorbeeld op Spa (1989) lag ik in de regen meer dan vijftien seconden voor en ging ik nog onderuit. Op Jerez (1989) reed ik ruim vijf seconden voor en ging ik ook onderuit. Vijf seconden is een compleet recht stuk voorsprong. Ik denk nu wel eens; waar was ik toch mee bezig en wat dacht ik toch in die tijd? Ik was jong en het moest altijd voluit.’

Qua rivaliteit heeft iedereen het altijd over jou en Wayne Rainey. Dat is na jullie carrière weer goed gekomen. Maar kan je wat meer vertellen over je rivaliteit met Eddie Lawson?

‘Eddie en ik waren hele goede maatjes. Eddie probeerde uit te vogelen hoe hij Wayne kon verslaan en hij wist hoe erg Wayne mij niet mocht. Eddie en ik werden vrienden. Waarschijnlijk voor Eddie alleen om te profiteren van de situatie tussen Wayne en mij. Totdat Eddie mij hier raakte op Assen (1992) en we samen crashten. Ik kon het gewoon niet geloven. Ik was altijd zeer netjes in de onderlinge duels wanneer hij voor het kampioenschap reed. Ik was jarenlang die “extra rijder” in het gevecht, die ging voor de dagzege. Ik heb mijzelf nooit in een situatie gebracht dat zoiets kon gebeuren zoals Eddie dat toen bij mij deed. En ik snap niet waarom ik niet hetzelfde respect van hem kreeg. Hij reed met een Cagiva en was nergens in het kampioenschap, terwijl ik kans had op de wereldtitel. Hij had een goede motor die dag, maar wees niet zo stom. Het moment liet mij inzien hoe hij was als persoon. Onze vriendschap was vanaf dat moment voorbij.’

Classic GP 2023 foto’s: Randy Mamola en Kevin Schwantz waren echt terug op het TT Circuit

Voor de mensen die zich het moment niet meer herinneren. In 1992 gingen jullie samen onderuit in de Haarbocht. Jullie remden beiden laat. Jij reed aan de buitenzijde, stuurde als eerste in en Lawson raakte jou op het achterwiel. Jullie kwamen beiden hard ten val. Heb je er later nog samen over gesproken?

‘Nee. Ik begreep dat hij terugkwam in de pits en tegen iedereen zei dat ik van geluk moest spreken dat ik geblesseerd was, want als ik dat niet was geweest, had hij mij iets aangedaan. Ik had een arm gebroken en mijn heup uit de kom. Hij vond blijkbaar dat hij niet fout was en hij wilde dat graag aan mij duidelijk maken, maar dat is nooit gebeurd. Wat ik begreep vond Eddie dat ik te laat remde. Maar ik reed voorop en het was aan hem om mij in te halen. En als hij niet meer tijdig kon afremmen voor de bocht, is dat niet mijn fout. Ik vond het verkeerd wat hij deed. Toen ik als eerste de bocht instak, had hij dat gewoon moeten accepteren. Het was niet de laatste ronde, er viel daar nog niks te winnen of te verliezen. Maar wij zullen het er nooit over eens worden. We zien elkaar soms nog bij evenementen en dan negeren we elkaar. Ik heb mij gerealiseerd dat hij niet de vriend was die ik dacht dat hij was.’

Over je carrière. In 1993 werd je 500cc-wereldkampoen. Was dat ook je beste jaar?

‘Ja absoluut, met uitzondering natuurlijk van het ongeluk van Wayne. Een jaar ervoor in 1992 ging het zo slecht. Ik dacht zelfs aan stoppen. Ik had maar één keer gewonnen, terwijl ik in de jaren ervoor zeker vijf of zes races won. Ik dacht eind 1992: gaat dit nog wel goedkomen voor mij? Mijn nieuwe crew chief en engineer Stuart Shenton overtuigde mij. Samen zijn we met de motor een nieuwe richting opgegaan en hebben we heel veel testwerk gedaan. We waren in 1993 beter voorbereid dan ooit. Ik kan wel zeggen dat we toen de beste motor en het beste team op de grid hadden. Tijdens de eerste race in Australië reed ik na een slechte start vijftiende of zo. Ik wist heel snel naar voren te komen en weg te rijden. Toen het begon te regenen, kwamen de achtervolgers terug. Toen het weer droog werd, reed ik opnieuw ver weg. Vanaf dat moment begonnen we het gevoel te krijgen dat het mogelijk was om kampioen te worden. De motor was niet overal zo goed, maar wel overal goed genoeg om voor het podium te gaan. We hadden zo’n goede set-up dat ik vaak in mijn laatste ronde nog mijn beste raceronde kon rijden. Dat Wayne later dat jaar zo zwaar geblesseerd raakte, nam wel een bepaalde glans van de titel af. Maar we hadden onszelf wel in de positie gebracht om kampioen te kunnen worden.’

Wat was de beste race uit je carrière?

‘Ik denk dat mijn beste race in 1991 tijdens de Japanse Grand Prix op Suzuka was. Ik racete toen voor de eerste keer met Dunlop-banden. Het ging heel slecht met testen. Ik kwalificeerde mij als derde, maar aan het begin van de race ging iedereen mij voorbij. Ik had totaal geen goed gevoel met de motor. Toen ik uit de laatste chicane kwam, zag ik de koplopers al de eerste bocht ingaan. Ik dacht dat het niks ging worden. De motoren vooraan kregen het lastiger gedurende de race, terwijl ik mij met een legere tank alsmaar beter voelde. Ik kwam terug vooraan. Het was een geweldig gevecht met zeven rijders en in slotfase met vier. Het was in die tijd vaak een duel tussen twee rijders en om toen de race te winnen met zoveel sterke rijders bij elkaar maakte het speciaal. En natuurlijk dat ik met zo’n grote achterstand halverwege de race nog eerste werd. En mijn laatste zege in 1994 op Donington Park heeft ook een speciale plek in mijn hart.’

Ik had gedacht dat jij je eerste Grand Prix-zege in 1988 op Suzuka zou noemen.

‘Die overwinning was een mega verrassing voor iedereen, inclusief mijzelf. Suzuki was de jaren ervoor nog nergens in de 500cc. Het was mijn eerste volledige jaar in het wereldkampioenschap en de eerste race van het seizoen. Ik reed lang voorop met Wayne Gardner kort achter mij. Ik dacht dat hij nog wel zou komen en daar had ik ook vrede mee. Want een tweede plaats zou niemand op dat moment al geloven. In de laatste ronde ging Wayne van de baan. Hij schakelde zichzelf uit en ik won de race met Suzuki uitgerekend in Japan. Dat was wel heel bijzonder.’

Kijk je nog steeds alle MotoGP-races en wat vind je van de Sprint?

‘Ja, de meeste races kijk ik wel. Ik vind de Sprints vermakelijk. Ik kan mij alleen niet voorstellen hoe het moet zijn om veertig races in een seizoen te hebben. Dat is echt bizar veel. Je hebt twee keer zoveel kans om geblesseerd te raken en twee keer zoveel kans om punten te verliezen of te winnen. Het verschil met onze tijd – toen we twaalf of dertien races per jaar hadden – is dat de titelkandidaten nu wel iets meer fouten kunnen maken. Dat is ook te zien aan het aantal crashes dat Pecco Bagnaia dit jaar al heeft gehad. Het had mij misschien in het verleden ook geholpen wanneer er meer races in een seizoen waren. Dan had ik de kans gehad om wellicht mijn nulscores tijdens een seizoen nog goed te maken. Dat ging met twaalf of dertien races niet.’

Heb je een favoriet in de MotoGP?

‘Ik zie Jorge Martin heel graag rijden. Uccio (Salucci – teammanager Mooney VR46 Racing Team) introduceerde mij tijdens de Amerikaanse Grand Prix bij Marco Bezzecchi. Marco zag mij en gaf mij een dikke knuffel. Ik ben een fan van deze twee jongens. En ik verwacht veel van Pedro Acosta wanneer hij in de MotoGP gaat rijden.’

Kan jij het jezelf nog voorstellen om in de MotoGP anno 2023 te rijden?

‘Ik twijfel eraan. De remmen zijn heel heftig en door de aerodynamica is er veel meer neerwaartse kracht. Mijn toch wat gevoelige en gekwetste linkerpols zou het waarschijnlijk niet lang volhouden. De laatste keer dat ik op een MotoGP-motor heb gereden was in 2014. Toen kreeg ik de kans om de Suzuki MotoGP-motor te testen, voordat ze terugkwamen. Ik reed in Austin. Daar is een heel lang recht stuk, gevolgd door een hard aamrempunt. Op het moment dat ik aankwam bij de bocht, had ik zo’n rare houding op de motor. Ik kon door de remmen en G-krachten nauwelijks op de motor blijven zitten. Dat is echt verschillend ten opzichte van de tijd waarin wij geracet hebben.’

Kevin Schwantz tijden de TT Assen
1986    DNF
1987    DNS
1988    DNF
1989    DNF
1990    1e
1991    1e
1992    DNF
1993    1e
1994    5e

DNF = niet gefinisht
DNS = niet gestart
Kevin Schwantz (34) en Wayne Rainey (2) vochten tijdens hun carrière heel wat duels met elkaar uit. Zoals hier op Assen in 1990.

Resultaten

JaarWK-standaantal zeges per jaar
1986 220 *
1987160 *
198882
198946
199025
199135
199241
199314
199442
1995150 *

* In 1986, 1987 en 1995 reed Schwantz slechts enkele grand prix-races.

De laatste GP van 1993 (FIM grand prix) op het circuit van Jarama. Het legendarische startnummer 34 heeft op de Suzuki voor het eerste plaatsgemaakt voor de trotse ‘Number One-plate’. Kevin Schwantz viert z’n 500cc-wereldtitel met de Stars and Stripes.

Honda brengt duurzame line-up naar 2023 Japan Mobility Show

0
(Foto: Honda)

Honda heeft een uitgebreide line-up aangekondigd voor de 2023 Japan Mobility Show. Hier krijgt het publiek verschillende, nieuwe voertuigen voor het eerst te zien.

De belangrijkste aankondiging is de ‘Specialty Sports Concept’, een elektrische sportauto, waarvan er nog geen beelden zijn. Daarentegen heeft Honda ook op het gebied van tweewielers plannen. Zo is de ‘Pocket Concept’ een kleine motor, die is ontworpen met het oog op het milieu en duurzaamheid. Dat moet hij bereiken door minder middelen te verspillen en recyclebare materialen, zoals acrylhars te gebruiken. Daarnaast maakt ook de ‘SC e Concept’ zijn opwachting. Dit is een elektrische motorscooter, met verwisselbare batterijen. Hij krijgt zijn energie van een paar Honda Mobile Power Pack e-units. Verder haalt het Japanse bedrijf zijn elektrische EM1 e-scooter van stal. Al is deze laatste al beschikbaar voor de consument.

Honda herintroduceert met Motocompacto vervoer op kofferformaat

Een andere highlight voor Honda is de SUSTANIA-C, wat praktisch een verkleinde Honda E is. Daarnaast komt er ook de CI-MEV. Hierbij kan je nog het beste aan een elektrische Canta denken, die gedeeltelijk autonoom kan rijden. De 2023 Japan Mobility Show begint op 25 oktober, waarna de details over de eerder genoemde voertuigen duidelijker zullen worden. Mitsubishi is verder ook bij de show aanwezig om een nieuw lifestyle voertuig te onthullen.

Honda’s Pocket Concept (Foto: Honda)

Kawasaki HEV in Turijn gespot

0
Kawasaki EV

Kawasaki heeft al zijn nieuwe elektrische (EV) en hybride (HEV)-modellen aan de wereld gepresenteerd. Daarentegen is laatstgenoemde nu ook in het wild gespot.

Het Italiaanse mediabedrijf Torino Cronaca was bezig was met opnames voor een ander verhaal in het hart van Turijn. Daarentegen legde ze bij toeval de eerste blik, op wat wellicht de productie-uitvoering is van de Kawasaki HEV, vast. De krant plaatste de video als een reel op Instagram, waar het op het moment van schrijven al meer dan drieduizend likes heeft verzameld. In de video zien we in eerste instantie een fotobusje dat de doorgang van een motorfiets belemmert terwijl ze om een hoek komen. Duidelijk is te zien dat er iemand binnenin zit, video- en/of foto-opnames maakt. De deuren van het busje staan open en de motorrijder heeft lang blond haar.

Kawasaki Ninja en Z EV modellen luiden nieuw tijdperk in

Livery

Een man in een zwart sweatshirt en spijkerbroek houdt witte papieren omhoog en vertelt de mensen van de Torino Cronaca dat ze de motorfiets niet mogen filmen of fotograferen. Dat spoort de krant natuurlijk aan om in te zoomen, zoals te zien is in deze video. Kawasaki heeft de HEV zelf eerder in het openbaar getoond, dus de vorm van de motorfiets is niet nieuw. Wat hier echter lijkt te worden onthuld, zijn mogelijk de afgewerkte graphics en het uiterlijk van de aankomende HEV. Uiteraard blijft niets officieel totdat Kawasaki dit bevestigt, maar de witte en Kawasaki-groene livery die we op deze motorfiets zien, vertoont sterke overeenkomsten met de look van de recent onthulde graphics van de Ninja e-1 en Z e-1

Ook valt op dat de grafische weergave aan de zijkant van de motorfiets dit voertuig aanduidt als een Ninja HEV. Opnieuw is dit geen grote verrassing, gezien de uitgebreide kuip en het ontwerp van de HEV dat we tot nu toe hebben gezien. Het blijft vooralsnog onduidelijk wanneer we een officiële aankondiging kunnen verwachten over de release van de Kawasaki HEV op de markt.

Italdag 2023: Italiaans motorwalhalla op het TT Circuit

0
Italdag 2023

De Italdag van Ducati Club Nederland in samenwerking met tal val andere Italiaanse motorclubs is een jaarlijks evenement dat is gericht op liefhebbers van Italiaanse motorfietsen en Italiaanse motorcultuur in het algemeen. Het is een ouderwetse ‘meet & greet’ met gelijkgestemden waarbij ‘brommers kieken’ in een hoog vaandel staat. Kom jij zondag 1 oktober naar TT Circuit Assen? De entree is gratis en er is veel veel te zien.

Datumzondag 1 oktober 2023
LocatieTT Circuit Assen
De Haar 9
9405 TE Assen
Aanvang10:00 uur
Afsluiting16:00 uur
EntreeGratis

Italiaanse clubs

Naast de presentatie van Ducati Club Nederland zullen ook de volgende clubs aanwezig zijn: Aermacchi-Gilera Motorclub, Aprilia Riders Associaton, Benelli Club Nederland, Laverda Club Nederland, Moto Guzzi Club Nederland, Moto Morini Club Nederland, MV Agusta Owners Club Benelux.

Je kunt meer te weten komen over de clubs, je direct aanmelden, maar ze nemen vaak ook een paar mooie motoren mee om te bekijken.

Sfeerverslag Ital Dag 2019

Sociale bijeenkomst

Naast het bewonderen van motorfietsen is de Italdag ook een gelegenheid voor motorliefhebbers om elkaar te ontmoeten, ervaringen uit te wisselen en nieuwe vriendschappen te sluiten. Het is een sociale bijeenkomst waar mensen met dezelfde passie voor motorrijden samenkomen.

Toegankelijkheid

De Italdag is voor iedereen vrij toegankelijk. Je hoeft dus geen lid te zijn van één van de deelnemende clubs. De toegang is voor iedereen gratis!

Parkeerplaats en Parc Fermé

Het hoogtepunt van de Italdag is ongetwijfeld de motorparking. Eigenlijk is dit een groot openluchtmuseum, waar je jezelf kunt vergapen aan al het Italiaanse schoon waar bezoekers mee naar het evenement komen en ze hier tentoonstellen.Van klassieke tot moderne motorfietsen en van sportieve tot touringfietsen. Alle Italiaanse motoren staan bij elkaar. Ook niet-Italiaanse motorfietsen zijn uiteraard van harte welkom. Hiervoor is een speciale parkeerplaats ingericht. Parkeren voor motoren én auto’s is gratis!

Het Parc Fermé is natuurlijk het epicentrum van het evenement. Hier staan de echte speciale motorfietsen. De motoren die incidenteel de garage uitkomen voor die paar unieke evenementen in het jaar. Hier worden ook de jaarlijkse Parc Fermé Trophies uitgereikt in diverse klassen. Dus neem je bijzondere motor mee, wellicht val je in de prijzen.

Activiteiten en standhouders

Tijdens de Italdag zijn er verschillende activiteiten (waaronder de Parc Fermé Trophies) en een breed scala aan standhouders. Wil je ook participeren? Mail dan naar italdag@ducaticlub.nl.

Houd voor de meest actuele informatie over de Italdag de social media-kanalen van Ducati Club Nederland in de gaten. We hopen je 1 oktober te zien op het TT Circuit Assen.

Bekijk hier het sfeerverslag van vorig jaar:

Nieuwe Hyosung Bobber-modellen GV125S-EVO en GV300S-EVO onthuld

0
Hyosung Bobber-modellen GV125S-EVO en GV300S-EVO

Zuid-Korea’s motorfabrikant Hyosung heeft zijn nieuwste Bobber-modellen onthuld: de Bobber GV125S-EVO en de Bobber GV300S-EVO. In Nederland importeert SIMA deze motoren en MotoMondo is distributeur voor de Benelux.

Test Hyosung Bobber GV300S

De verbeterde GV125S-EVO en GV300S-EVO Bobber bieden verschillende vernieuwde functies, die de rijervaring voor motorrijders aanzienlijk moeten verbeteren. Zo omvat de lijst onder andere: Een omgekeerde voorvork. Deze vork is niet alleen voor de esthetiek, maar verbeterd ook de prestaties van de motor op verschillende terreinsoorten. Vernieuwde LED-koplampen, richtingaanwijzers en achterlichten zorgen verder voor optimaal zicht en verhoogde veiligheid. Daarnaast stelt het merk dat ze ook een moderne draai geven aan het klassieke bobber-ontwerp. Het ABS-remsysteem voor de 125cc-versie is verder verbeterd, waardoor motorrijders meer controle behouden in diverse omstandigheden.

Het zadel is ook opnieuw ontworpen. Hyosung zegt hiermee maximaal comfort te bieden, zonder afbreuk te doen aan de algehele esthetiek van de motor. Verfijnde details, zoals nieuwe stickers, opnieuw ontworpen zijpanelen, een aluminium luchtfilterafdekking en een aluminium voorspatbordsteun, benadrukken het unieke karakter van de Bobber.

Prijzen Hyosung Bobber-modellen

Prijs Nederland
GV125S-EVO€ 5.899,- rijklaar Incl. onvermijdbare kosten
GV300S-EVO€ 6.899,- rijklaar Incl. onvermijdbare kosten
Prijs België
GV125S-EVO€ 4.899,- Excl. 200,- afleverkosten
GV300S-EVO€ 5.599,- Excl. 200,- afleverkosten

2024 Honda NT1100 krijgt twee nieuwe kleuren

0
2024 Honda NT1100

Honda geeft zijn NT1100-toermotor voor volgend jaar twee opvallende nieuwe kleurupdates. Om zijn aantrekkingskracht nog verder te vergroten, krijgt de motor Matt Blue Jeans Metallic en Candy Chromosphere Red extra in zijn kleurenpalet. Daarnaast blijft de altijd populaire Matt Iridium Gray Metallic kleur beschikbaar. Wat deze kleuren extra karakter moet geven, is de nieuwe Matt Ballistic Black Metallic-gekleurde achterdrager.

Dit is de nieuwe 2024 Kawasaki Eliminator 500

Sinds zijn introductie in het Europese assortiment in 2022 zijn er al meer dan 12.000 NT1100’s verkocht, waarbij ruim 66 procent van de klanten heeft gekozen voor Honda’s Dual Clutch Transmission.

Om ervoor te zorgen dat de NT1100-rijder zijn motorfiets volledig naar eigen wens kan aanpassen, blijven er drie speciale accessoires beschikbaar die zowel het comfort op lange ritten als de praktische bruikbaarheid verhogen. Deze accessoires zijn afzonderlijk aan te schaffen of als onderdeel van de speciale pakketten: Urban, Touring en Voyage. Ze omvatten onder andere een topkoffer van 50 liter, heldere mistlampen en een extra comfortabel zadel. De NT1100 van modeljaar 2024 zal tegen het einde van dit jaar bij Europese dealers beschikbaar zijn.

Spectaculaire première voor nieuwe Triumph 250cc motocrosser

0
Triumph 250cc motocrosser

Op zaterdag 23 september is de nieuwe 250cc motocrossmotor van Triumph voor het eerst aan het publiek onthuld. Dit gebeurde tijdens de SuperMotocross World Championship Final, in het Los Angeles Memorial Coliseum, in Californië. Toeschouwers zagen twee gloednieuwe Triumph-motocrossmotoren de arena betreden te midden van een spektakel van vuurwerk en fanfare.

De langverwachte productiemotor werd bereden door Jeff ‘Six Time’ Stanton, die zijn laatste kampioenschap in het Coliseum won. Momenteel is Jeff de manager van Triumph’s Adventure Experience in de VS. Hij werd vergezeld door Ricky Carmichael, wiens motor was voorzien van zijn eigen graphics. Daarentegen had zijn motor niet-standaard specificatieonderdelen.

Kawasaki presenteert KX250 en KX450 50th Anniversary-modellen

De datum voor de volledige onthulling van de nieuwe motor is aangekondigd op de gigantische schermen rondom het stadion. Dat staat namelijk gepland voor 28 november 2023.

Na zijn rit zei Ricky Carmichael tegen zijn medecommentatoren: “Ik ben zo blij dat we eindelijk aan de fans kunnen laten zien waar we de afgelopen 4 jaar aan hebben gewerkt. De motor voelt geweldig aan, ziet er geweldig uit en is snel. Ik ben echt tevreden met wat we hebben afgeleverd, en ik kan niet wachten om de rest van de details te delen op 28 november.”

Jeff Stanton voegde eraan toe: “Het Coliseum is een speciale plek voor mij, en om hier terug te zijn op de Triumph is een absolute eer. De nieuwe graphics zien eruit als niets anders in het rennerskwartier en geven de motor een scherpe en onderscheidende uitstraling, waar de fans dol op zullen zijn.”

Stamboom Kawasaki W-serie: W1 zette Kawasaki als motorbouwer definitief op de kaart

0
Stamboom Kawasaki W

Hoewel Kawasaki de afgelopen jaren nostalgische harten sneller laat slaan met z’n Z RS-familie, is er één reeks die nog langer diepere retrowortels heeft voor het merk. De W1 zette Kawasaki halfweg de jaren 60 definitief op de kaart als gerespecteerde motorbouwer. Bijna 60 jaar later pronkt achter-achterkleinzoon W800 nog steeds in de catalogus.

Foto’s: Kawasaki

Pedigree. Behalve een merk van hondenbrokken is dat ook de term waarmee we in de motorwereld weleens goochelen als het gaat om motoren met een befaamde afkomst. Wij gaan in deze reeks op zoek naar de wortels van stamboommotoren, en reconstrueren hun groei door de jaren heen. Van bedenksel tot bestseller, da’s immers vaak geen kwestie van altijd prijs – eerder van bijschaven, vijlen en nu en dan de sloophamer gebruiken.

Eerder in deze serie

Opvallend genoeg wortelt het ontstaan van de W-reeks diep in de geschiedenis van twee andere merken: Meguro en BSA. Dat zit zo. Meguro had in 1960 net een licentie verworven bij de Britten van BSA, om een kopie van de halveliter BSA A7 te produceren. Aan ambitie geen gebrek, aan centen helaas wel: op het eind van de jaren 50 had de voormalige, grootste motorbouwer van Japan flinke klappen gekregen, waardoor het bedrijf krap bij kas kwam te zitten. Enter Kawasaki: de Groenen kwamen met een bak geld over de brug voor een aandeel in het bedrijf, waardoor Meguro haar A7 dan toch kon bouwen: de Meguro K.

Drie jaar later, in 1963, kocht Kawasaki de resterende aandelen over en werd het voor de volle 100 procent eigenaar van Meguro. Bij die overname hoorde ook de licentie van BSA, waardoor Kawasaki lustig K-modellen kon blijven bouwen. Zij het met enkele noodzakelijke aanpassingen: betere krukaslagers en een grotere oliepomp zorgden voor een betere smering, en een ander ontstekingsdeksel, subframe, tank en zijpanelen werden toegevoegd. Evenals een nieuwe naam: de K2 ging in 1965 in productie.

Triotest: Kawasaki W800, Royal Enfield Interceptor 650 en Triumph Street Twin

Nog datzelfde jaar liet Kawasaki het Meguro X-650 prototype met grotere cilinderinhoud, een smallere tank en lekker sportieve spatborden zien op de Tokyo Motor Show, die uiteindelijk de basis zou vormen voor de W1. Met dat grotere blok mikte Kawasaki doelbewust en vol overgave op de Europese en Noord-Amerikaanse markt. Een briljante zet, zo zou later blijken.

Eerlijk is eerlijk: echt onontgonnen waren bovengenoemde markten niet voor Kawasaki. Eerder was de 125B8 al in de smaak gevallen. Maar de opmars van steeds grotere cilinderinhouden in de VS en het Avondland was niet te stuiten, dus veranderden de Japanners noodgedwongen van koers. Het originele K2-blok werd opgeboord tot een 624 cc – die het eerder vernoemde prototype sierde. De onthulling in Tokio bleek overigens geen kwestie van voorzichtig aftasten, want minder dan 500 kilometer verderop, in de fabriek in Akashi, rolden de W1’s intussen met een rotvaart van de band. Dankzij de extra cc’s tikte de W1 een top aan van 180 km/u – wat dik 15 km/u sneller was dan de K2. De kersenrode tank met verchroomde flanken was de – eh – kers op de taart en een duidelijke stijlbreuk met de subtiele tinten waarin Japanse merken tot dan toe uitblonken. De presentatie van de W1 werd een schot in de roos, de bestellingen stroomden binnen en Kawasaki werd eindelijk wereldwijd erkend als bonafide producent van ‘grote motoren’.

Stamhouder

1965: W1 650

  • 624 cc luchtgekoelde staande twin
  • 50 pk

Motor

Zoals gezegd entte Kawasaki z’n W1 op de staande twin uit de BSA A7 én de Meguro K2, zij het met aangepaste boring en slag (74 x 72,6 mm). Maar ook de opmerkelijk kortere slag droeg z’n steentje bij: daardoor draaide het blok hogere toerentallen en werd de krukas minder zwaar belast. Bovendien pakte de W1 uit met een meerdelige, geperste krukas met kogellagers en eendelige drijfstangen met naaldlagers – een enorme verbetering ten opzichte van de drijfstangen uit twee delen en glijlagers van weleer. Dankzij de 360°-krukas kon ook een enkele Mikuni-carburateur ingezet worden voor de voeding van het blok.

Remmen

Niet verwonderlijk voor een motor die ontwikkeld werd in de eerste helft van de jaren 60, was de keuze voor trommelremmen voor- en achteraan. Dat bleek voldoende om het rijklaargewicht van 181 kg tot stoppen te manen, maar was op een natte ondergrond vaak een kwestie van alles of niks.

Britse invloed

Qua design – zowel alle optische elementen als het frame – kon de W1 moeilijk verbergen dat hij een afstammeling was van de rijke Britse motorindustrie. Van de telescoopvork met stofhoezen, over de tank met kniepads tot het schakelen van de vierbak en de remmen aan toe. Het schakelpedaal zat immers – averechts Brits – aan de rechterzijde, terwijl de achterrem bediend werd met de linkervoet.

Rijbeelden van de Kawasaki W1.

1967

650-W1SS/W2SS

  • 624 cc, luchtgekoelde staande twin
  • 50 pk/53 pk

Kwestie van het ijzer te smeden als het heet was, ontwikkelde Kawasaki na twee jaar enkele varianten op de W1. De W1SS kreeg een subtiele finishvlag op de zijkappen geschilderd, kort afgezaagde uitlaatdempers voor een potente soundtrack, en ingekorte (en sportiever ogende) spatborden. Op de W2SS monteerde Kawasaki dubbele carburateurs en grotere inlaatkleppen, waardoor het vermogen opliep tot dik 53 pk.

650-W1SS/W2SS.

1968

650-W2TT

  • 624 cc, luchtgekoelde staande twin
  • 53 pk

Eind de jaren 60 stak de scramblergekte – voor het eerst – de kop op, met een hang naar hoge uitlaatdempers tot gevolg. Geen probleem voor Kawasaki, dat prompt z’n W2TT in de markt zette. Inclusief dubbelloops hoge demper aan de linkerzijde, en aanvankelijk een tank met chroom zijschilden, die later vervangen werd door een volledig gelakte versie. De daaropvolgende versies zouden die trend voortzetten. In hetzelfde jaar kwam Kawasaki ook met de 489cc-tweetakt driecilinder H1 (Mach-III) op de proppen. Die deelde z’n verfschema met de ‘grotere’ W-familie, waardoor hij meteen opviel tussen de zwaardere machines en instant populair werd.

650-W2TT.

1971

650-W1SA

  • 624 cc, luchtgekoelde staande twin
  • 53 pk

De W1SA zorgde voor een behoorlijke kentering. En dat mag je behoorlijk letterlijk nemen: de Britse manier van schakelen en remmen (versnellingspook met rechtervoet, rempedaal met linkervoet) ging overboord en werd ingeruild voor een Europees model (schakelen links en remmen rechts). Een verademing voor Europese rijders, al was de interesse al tanende. In een zweem van ‘eigen motoren eerst’ kozen motorrijders liever voor een echte BSA, dan voor een Japanse motor die leek op diezelfde BSA. Dat de Japanse bouwkwaliteit mijlenver voor stond op die van de stilaan in verval rakende Britse motorindustrie, was toen duidelijk nog niet iedereen ter ore gekomen.

650-W1SA.

1973

650RS W3

  • 624 cc, luchtgekoelde staande twin
  • 53 pk

In 1973 verscheen de 650RS W3 ten tonele. Die was nog steeds overduidelijk een nazaat van de W1, maar werd de allereerste Kawasaki met dubbele schijfrem aan de voorzijde. Ondanks de stijgende populariteit van de driekwartliter-klasse en de 900cc’s – denk aan de Z1 en Z2 – bleven veel motorrijders kiezen voor het zachtaardige karakter van de W-reeks. De W3 pakte verder uit met richtingaanwijzers en een dimlicht, een killswitch en een opgewaardeerde tellerpartij. Veel leuke extraatjes, maar die konden de (voorlopige) zwanenzang van de W niet voorkomen.

650RS W3.

1999

W650

  • 676 cc, luchtgekoelde staande twin
  • 50 pk en 56 Nm

Een dikke kwarteeuw heeft het geduurd, maar daar was dan toch de langverwachte comeback: in 1999 keert de W-reeks terug in het Kawasaki-gamma. Naar aloude traditie met een luchtgekoelde, staande twin met 360°-krukas, zij het een volledig nieuwe krachtbron. De cilinderinhoud was aangezwollen tot 675 cc, een vijfde versnelling en elektrische starter (kickstarter bleef behouden) maakten hun opwachting, en de klassieke stoterstang van de oergeneratie had plaats gemaakt voor een opmerkelijk in beeld geplaatste, maar complexe koningsas voor de bediening van de acht kleppen via een enkele, bovenliggende nokkenas. Van de naam, over het lange en vlakke zadel, tot de tank met verchroomde flanken en kneepads: het was overduidelijk dat deze nieuwe versie moest hinten naar de originele W1. Een enkele schijfrem moest voor de nodige stopkracht zorgen. De W650 zou uiteindelijk bijna tien jaar in productie blijven, tot de emissienormen een genadeloos einde aan de nog steeds gecarbureerde 650 maakten.

W650.

2011

W800

  • 773 cc, luchtgekoelde staande twin
  • 48 pk en 60 Nm

Dik een decennium later blaast Kawasaki z’n in stilte van de bühne verdwenen W650 nieuw leven in. Het boort het blok van de W650 met vijf millimeter op, waardoor de cilinderinhoud opliep naar 773cc. Net een tikkeltje te veel om ‘m nog als ‘650’ te vermarkten, dus kiezen de Japanners voor een meer passende naam: de W800 is geboren. Mét injectie, vanaf heden, maar zonder kickstart. Wat wel overeind blijft, zijn de looks: van de enkele ’peashooter’-uitlaat aan elke kant met een geweldige tuffende soundtrack, over de dubbele analoge tellerpartij (met ingewerkt LCD-schermpje), de enkele schijfrem vooraan, de trommelrem achteraan, de chroom spatborden, tot de gelakte-tank-met-chroom en de koningsas. Wat een plaatje. Kawasaki bouwt doorheen de jaren verschillende speciale versies, zoals de Special Edition, de Cafe Style en de passend genaamde Final Edition. Eind 2017 lijkt de W800 immers eenzelfde lot beschoren als z’n illustere voorganger… Al is dat gelukkig maar voor even: in 2019 is de W800 helemaal terug: Euro5 en fris als een hoentje!

W800.

Nieuwste loot

2019 – heden: W800

  • 773 cc, luchtgekoelde staande twin
  • 48 pk en 62,9 Nm

Motor

Ondanks de opgelegde emissie-aanpassingen aan het blok, blijft de basis trots overeind: een 773cc-luchtgekoelde staande twin met 48 pk en 62,9 Nm. Die heeft een lekker lange slag en is getuned op forse prestaties bij lage en middelhoge toeren. Koppel bij de vleet dus, en Kawasakiaanse souplesse.

Remmen

De trommelrem achteraan ruimt plaats voor een enkelzuiger remklauw en 270mm-schijf, om de enkele 320mm-remschijf vooraan bij te staan. De remmen zijn voorzien van het inmiddels door Europa verplichte ABS.

Modern classic

Van de LED-verlichting, naar het ABS en een LCD-schermpje dat subtiel in de tellerpartij verstopt zit, tot de slipperassistkoppeling: de W800 mag dan wel oerklassiek ogen, onderhuids hoeft deze Modern Classic niet onder te doen voor z’n broertjes en zusjes in andere segmenten.

19-inch voorwiel

Stabiliteit ten top en een ontspannen rijgedrag, dat lijkt op het lijf geschreven van het 19-inch voorwiel en z’n kompaan van 18” achteraan. De stereovering achteraan en de conventionele 41mm-voorvork maken niet alleen het retroplaatje af, maar kruiden ook de relaxte en comfortabele rijhouding verder af. Mooi achteroverleunen en pruttelend door de provincie kachelen. Heerlijk.

W800.