zaterdag 4 april 2026
Home Blog Pagina 538

TET-test Moto Morini X-Cape

0
TET-test Moto Morini X-Cape

Ik tet, jij tet, wij tetten. Een werkwoord zal het nooit worden, maar de kenner snapt meteen waar het over gaat: de offroadpaden van de Trans Euro Trail verkennen. Maar welke motorfiets is daar het meest geschikt voor? Heel het jaar speuren wij naar die ene motorfiets dir ons op de TET het meest kan bekoren. De motormerken willen dan wel dat we met hun producten de vrijheid van het ruige veld ontdekken, maar dat maken we zelf wel uit. Na de Pan America mag de Moto Morini X-Cape zich op de TET bewijzen.

Fotografie: Deadline

De Trans Euro Trail is een route die zowel van de rijder als van de motor een grote veelzijdigheid vraagt. In de eerste plaats omdat er in de ellenlange TET geen kilometer gelijk is Alle motorfietsen over een kam scheren is onmogelijk. De gravelpaden in Noorwegen, de Kempense zandgrond en de met stenen bezaaide Spaanse hellingen eisen verschillende rijtechnieken, maar de ultieme TET-motorfiets moet wel overal op thuis zijn. Dus is gebruiksvriendelijkheid een belangrijke factor. En laat het nu net dat zijn waarin de Morini X-Cape uitblinkt. De Morini is Easy like Sunday Morning.

TET-test Harley-Davidson Pan America 1250 Special

Rustiger dan verwacht

Zondagmorgen is ook hét moment waarop de drie vaste TET testrijders met de Morini op pad gaan. Op het stuk dat flirt met de grens tussen het Waalse Henegouwen en West-Vlaanderen, kondigt de Trans Euro Trail-organisatie veel verharde wegen aan, maar daarmee bedoelen ze niet noodzakelijk asfalt. We reden vaak op harde gravelbanen en kwamen verrassend weinig wandelaars tegen. Henegouwen is niet echt het toeristisch centrum van de wereld, dus je riskeert er hoe dan ook weinig drukte.

Op een grijze zondagmorgen was het in de omgeving van Spiere Helkijn erg rustig. De Morini verstoorde die rust nauwelijks. De twee-in-een uitlaat produceert een erg beschaafd geluid en het vlotte karakter van het blok noopt je niet tot het opzoeken van hoge toerentallen. De staande twin is allesbehalve een pk-bom, maar de souplesse onderin is er wel. En dat is goed. Je rijdt de Morini eerder op koppel dan op pk’s. Met 59 pk heeft de X-Cape eerder een bescheiden vermogen. Daar staat tegenover dat je offroad aan een kleine 60 pk altijd meer dan genoeg hebt. Het had hier en daar wat meer mogen zijn, maar het vermogen van de Moto Morini volstaat voor dit soort TET-werk.

Geen puncher

Dat soepele vermogen onderin werd door de drie testrijders als hét grote pluspunt gezien. De Moto Morini is een motor die door zijn souplesse overal vlot doorheen trekt. Het is bovendien een gemakkelijke motor. En omdat alles zo vlot gaat, bekruipt je al snel de zin om harder te gaan pushen. Dat is niet altijd een goed idee. Om sportief uit de hoek te komen, heeft de X-Cape iets meer vermogen nodig, een strakkere ophanging en minder gewicht. Met zijn 232 rijklare kilo’s is hij amper 13 kg lichter dan de Harley-Davidson Pan America 1200 die we als eerste in dit TET-avontuur testten. En hij weet 28 kg meer dan bijvoorbeeld de Yamaha Ténéré 700, toch een belangrijke rivaal. Dat is geen verwijt, maar een vaststelling en die leidt tot de conclusie dat je de X-Cape vooral moet gebruiken waarvoor de Italo-Chineze hem bouwden: veelzijdig gebruik tegen een betaalbare prijs. Als dat de twee criteria zijn, is de X-Cape gewoon onklopbaar.

Hij is heerlijk op de weg en hij kan moeiteloos offroad-paden aan. De snelheid waarmee je die laatste aanvat, is de factor waar de beperkingen naar boven komen. Moto Morini noemt dit niet voor niks een ‘Adventourer’. Je kunt voor minder dan 9.000 euro moeilijk méér motor kopen. De Moto Morini X-Cape is veelzijdig én comfortabel. Daarbij is hij gemakkelijk in de omgang en bovendien betaalbaar.

Compromis

Zonder de sympathieke prijs te veel de hoogte in te jagen, kun je van dat gewicht niet veel afhalen. De ophanging harder instellen kan wel. En dat scheelt toch een slok op de borrel. Aan de veerweg kun je daarentgen weinig veranderen en die was op sommige hobbelige stukken wel net iets te beperkt. Zeker als je op het gas gaat, mogen er geen onverwachte diepe kuilen komen, want die verteert de X-Cape net zo moeiljk als een pasgeborene een Big Mac. Een Adventourer, weet je nog?

Moto Morini heeft ook in die vertrouwde gebruiksvriendelijke stijl een handig systeem ontwikkeld om over te schakelen tussen de road- en de offroad-setting en daarbij is het ook nog eens mogelijk om het ABS en de tractiecontrole uit te schakelen. Dat is belangrijk op twee niveau’s. Eén: dat het überhaupt mogelijk is om de elektronische sturing van de wielspin en het remmen uit te schakelen. Twee: het is zo gemakkelijk om dat te doen. Dat verdient een pluim.

Met de Pirelli Scorpion Rally STR -banden was het op modderige stukken echt wel uitkijken, maar dat is niet echt iets dat je Moto Morini of Pirelli kunt aanrekenen. Een setje noppenbanden er op en het maakt een wereld van verschil. Het siert de X-Cape dat hij zich zelfs met deze banden overal goed doorheen sloeg. Precies omdat hij zo makkelijk te controleren is. Alleen hebben we wel de helling waarop een trialist aan het oefenen was wijselijk links laten liggen.

Op de (vele) stukken openbare weg – waarop je niet hoeft te staan – die we tegenkwamen, valt het des te meer op dat je een bescheiden zadelhoogte hebt. Daardoor zit je een beetje in de motor. Dan is ook de windbescherming van het ruitje goed. Offroad onvervind je weinig hinder van het windscherm, dus is de conclusie dat Morini ook hier een goed compromis gevonden heeft.

TET-test Moto Morini X-Cape

Fun

Als we de Moto Morini X-Cape gewoon zouden testen – wat we trouwens al deden – zou het eindresultaat nog positiever zijn dan in deze TET-test. Omdat zijn kwaliteiten op de weg dan ook nog meer wegen en de sportieve toets minder nadrukkelijk in aanmerking genomen wordt. Als pure TET-motor zou de X-Cape lichter en sterker mogen zijn. En voor sommigen ook nog wat beter afgeveerd. Desondanks hebben we ons goed geamuseerd, zelfs zonder specifieke noppenbanden. Wat in dit winterweer toch ook een verschil had gemaakt. De Moto Morini scoort vooral omwille van zijn prijs en zijn gebruiksvriendelijkheid. Dat wil ook zeggen dat je je altijd goed thuisvoelt op deze motorfiets. Zowel staand in de pittige offroad-stukken als zittend in bochtige asfaltwegen. De Moto Morini is meer een middenklasse adventure dan een pure TET-motor, meer een wegmotor met offroad-capaciteiten dan een offroad waarmee je ook op het asfalt kunt. En dat is waar de meeste motorrijders naar op zoek zijn. Toch scoort de X-Cape goed in onze TET Challenge en als je de prijs in ogenschouw neemt, scoort hij uitstekend. We hebben een hoop lol fun gehad en weten dat deze motor in het dagelijks gebruik een nog hogere score zal krijgen. Mooi werk van Moto Morini.

Score Jelle VerstaenScore Thierry Sarasyn Score Nicky Kenis
Prestaties        14/20
Ophanging      14/20
Afwerking       16/20
Gebruiksgemak          17/20
TET gehalte     14/20
Prestaties        14/20
Ophanging      15/20
Afwerking       16/20
Gebruiksgemak          17/20
TET gehalte     14/20
Prestaties        13/20
Ophanging      13/20
Afwerking       16/20
Gebruiksgemak          14/20
TET gehalte     13/20
Totaal:            75/100Totaal:            76/100Totaal:            69/100

Download de route

TET-test Moto Morini X-Cape

De TET-lijst

Deze motorfietsen willen we graag in de verkiezing van de Beste TET-Motor Ter Wereld droppen. Dit is een voorlopige lijst, die we aanpassen als blijkt dat er dit jaar nog adventure-model wordt gelanceerd. Natuurlijk zijn we ook afhanklijk van de beschikbaarheid van modellen in de motortestparken van importeurs. In elk geval bieden we je (minstens) één TET-test per maand en kiezen we in december de beste TET-Motor Ter Wereld.

  • Harley-Davidson Pan America
  • Moto Morini X-Cape
  • Royal Enfield Himalayan
  • Yamaha Ténéré 700
  • Honda XL750 Transalp
  • Honda CRF300L Rally
  • BMW R1250GS
  • KTM Adventure 890 Adventure R
  • Aprilia Tuareg
  • Suzuki V Strom 800
  • CFMoto 800 NT
  • Triumph Tiger 1200 Rally Pro
  • Ducati Desert X
  • Husqvarna Norden

Win een droomreis naar Marokko t.w.v. €5.830,-!

0
Droomreis Marokko website

Wil je op avontuur? Riders regelt het voor je. Op 31 maart geven we een droomreis van Edelweiss Bike Travel naar Marokko weg. Hoe je die wint? Meld je aan bij de leukste motorclub van Nederland – Riders – en wellicht rijd jij volgend jaar door het woeste Marokkaanse landschap. 

Wat moet je doen:

Stap 1: word hier lid van Riders
Stap 2: om voor de prijs in aanmerking te komen, vul het deelnameformulier in via de Riders nieuwsbrief*

* Nieuwe clubleden ontvangen binnen 10 werkdagen de nieuwsbrief met deelnameformulier. Bestaande clubleden ontvangen automatisch de nieuwsbrief voor deelname.



Droom weg in Marokko en geniet van het betoverende landschap.

Wie denkt aan Marokko, denkt al snel aan Arabische nachten, Oosters mysterie en kleurrijke bazaars. Marokko betovert, niet alleen in charme. Het landschap is adembenemend en uitstekend te verkennen op de motor. 

Dus geven wij een droomreis naar Marokko weg met Edelweiss Bike Travel t.w.v. €5.830,-. Exclusief voor clubleden van Riders! Word jij lid voor 31 maart? Dan maak je kans op deze prachtige droomreis.

Het is een land met vele gezichten. Als je denkt dat je tijdens een motorreis door Marokko alleen maar zand en woestijn tegenkomt, heb je het mis. Want ook in Marokko kun je het fris krijgen. Denk bijvoorbeeld aan het Atlas gebergte met haar witte toppen. Of aan de stad Chefchaouen. Niet koud, wel blauw. En fantastisch mooi. 

De droomreis door Marokko begint in Málaga. Vanuit daar nemen we de ferry van Algeciras naar Ceuta, een Spaanse enclave in Afrika. Bochtige bergwegen verwelkomen ons op het Afrikaanse continent, waarna we afdalen naar Azrou en Marrakech. 

De wereld is hier echt oosters. Denk aan souks, markten, smalle steegjes en een vreemd soort fijne chaos. Overal hangt de geur van Arabische Nachten. Beslist een geheel nieuwe ervaring. Onze rit naar de grootste woestijn ter wereld en zijn betoverende oases is een absoluut hoogtepunt van de droomreis, maar ook de straten van de kashba’s zijn onvergetelijk.

Start en eindeMálaga
LuchthavenMálaga
Duur15 dagen vakantie, 13 rijdagen
Route/afstandca. 2.812 – 3.081 km
Dagelijkse afstandenca. 170-413 km per dag
AccommodatiesComfortabele hotels, kasbah’s en riads. Optioneel: een nacht kamperen in de woestijn
HoogtepuntenIfrane, Marrakech, Fez, Erg Chebbi, de Todra Gorge (of Todrakloof), de Dadès Gorges (of Dadès-kloven), oosterse markten

De dagelijkse afstanden zijn gemiddelden van gereden kilometers en kunnen variëren. De eerste en laatste dag in het schema zijn de aankomst- en vertrekdagen; op deze dagen wordt er niet gereden. De aankomsttijd moet op de dag van aankomst voor 15:00 uur zijn. Houd rekening met het tijdsverschil tussen je land van herkomst en je reisbestemming. Let hier dus op bij het boeken van je vluchten. De route en overnachtingsplaatsen kunnen veranderen door onvoorziene gebeurtenissen.

Let op: deze toer is niet geschikt voor mensen met beperkte mobiliteit.

Inbegrepen in de droomreis

  • Alle overnachtingen (comfortabele hotels van middenklasse) tijdens de gehele droomreis
  • Iedere dag ontbijt
  • 2 picknicks/lunches
  • 11 diners
  • Huur motorfiets met onbeperkt aantal kilometers
  • WA-verzekering voor motoren
  • Uitgebreide motorverzekering voor motorfietsen met eigen risico, volgens het geboekte model motorfiets
  • Informatiepakket met veiligheidstips, details over hotels, route en bezienswaardigheden, beschikbaar in het Engels of Duits
  • Engels en Duits sprekende reisleider op de motor
  • Busje voor bagagevervoer (1 stuk per persoon) tijdens de gehele tour
  • Edelweiss rijtips
  • Retour overtocht met de ferry tussen Spanje en Marokko

Niet inbegrepen in de droomreis

  • Retourvlucht Málaga
  • Alle diensten die niet als inbegrepen zijn vermeld en alle zaken van persoonlijke aard
  • Optionele diensten
  • Optionele verlaging van het eigen risico van de inbegrepen motorverzekering

Beschikbare huurmotoren

Tijdens deze droomreis door Marokko rijd je op een huurmotor van Edelweiss Bike Travel. Zij stellen een uitgebreide line-up van motorfietsen ter beschikking.

Inbegrepen motorfiets keuze in deze droomreis (o.b.v. beschikbaarheid):

  • BMW F 850 GS
  • BMW F 900 R
  • BMW F 900 XR
  • Ducati Monster 821
  • Ducati Multistrada V2 S
  • Honda CRF 1100 L Africa Twin
  • KTM 890 Adventure
  • Suzuki V-Strom 1050 XT
  • Triumph Tiger 900 Rally Pro
  • Yamaha Tracer 9 GT

Optionele motorfiets keuze (meerprijs: €380,-)

  • BMW R 1250 GS
  • BMW R 1250 R
  • BMW S 1000 XR
  • Ducati Monster 1200
  • Ducati Multistrada V4 S
  • Harley-Davidson Pan America Special
  • KTM 1290 Super Adventure S
  • Triumph Tiger Explorer

Optionele motorfiets keuze (meerprijs: €490):

  • BMW R 1250 GS Adventure
  • BMW R 1250 RT

Beschikbare data

  • 10 maart t/m 24 maart 2024
  • 7 april t/m 21 april 2024
  • 29 september t/m 13 oktober 2024
  • 3 november t/m 17 november 2024

Actievoorwaarden

  • De prijs is niet in te wisselen tegen contant geld;
  • De prijs is niet overdraagbaar;
  • De winnaar wordt in week 14 (2023) persoonlijk op de hoogte gebracht, aansluitend volgt publieke publicatie;
  • Deze winactie loopt van 17 feb t/m 31 maart 2023;
  • Deze winactie is exclusief voor alle leden van Riders, die op 31 maart lid zijn. Eventuele overige deelnemers worden uitgesloten van deze winactie.

Wil je alvast een voorproefje? Check onderstaande video.

Over Edelweiss Bike Travel

Sinds 1980 organiseert Edelweiss Bike Travel motorreizen in stijl, voor iedereen en bijna overal: voor avontuurlijke motorrijders, ontdekkingsreizigers, lekkerbekken en voor wie gewoon wil genieten van het comfort van een begeleide motorvakantie.

Met Edelweiss Bike Travel is je motorreis meer dan alleen het volgen van een gids. Het is een lifestyle op reis. Een Edelweiss tour is garantie voor een zorgeloze vakantie. En als je aan het eind van een rijdag met een grote glimlach op je gezicht van je motor afstapt, dan weten zij dat ze hun werk goed hebben gedaan! Deze momenten bewijzen dat ze echt “the best ride there is” bieden!

Zij zorgen voor je. Dat is niet alleen een marketingclaim. Er zijn meer dan 46.000 tevreden motorrijders die uit eerste hand weten dat Edelweiss Bike Travel synoniem staat voor kwaliteit, betrouwbaarheid, deskundigheid en know-how.

MotoGP-test Sepang, Maleisië: uniek kijkje achter de schermen

0
MotoGP Sepang-test Maleisië

Het doet me altijd goed als ik begin februari het rennerskwartier van het Sepang International Circuit binnenrijd. Na een ‘gedwongen’ pauze van zo’n tien weken mogen de MotoGP-coureurs weer in actie komen en ik ook. Dat gebeurt dan ook nog eens op de nieuwste racemachines van de diverse fabrikanten onder de noemer ‘MotoGP-test’.

Fotografie: Henk Keulemans

Het gezamenlijk testen werd eind jaren tachtig in het leven geroepen door de Engelsman Mike Trimby, die de International Road Racing Teams Association (IRTA) oprichtte. De IRTA organiseerde voor aanvang van het GP-seizoen een aantal testdagen voor alle aan de GP’s deelnemende rijders. In eerste instantie kwamen die uit in de 125cc-, 250cc- en 500cc-klasse, en werd er getest in Spanje op de circuits van Jerez en Barcelona. Ook vonden hier de nodige teampresentaties plaats. Met de komst van de MotoGP in 2002 veranderde er veel. De opvolger van de 500cc kreeg niet alleen de status van ‘koningsklasse’, maar ging voor aanvang van het nieuwe GP-seizoen ook apart testen. Die eerste testen van het seizoen vonden en vinden al jaren in Sepang plaats vanwege de veelal goede weersomstandigheden (hoewel Pluvius dit jaar bepaalt niet meewerkte), de faciliteiten en vooral de technisch zeer uitdagende baan.

Toen ik als kind de televisie (in die tijd alleen nog maar in zwart-wit) te vroeg aanzette om programma’s als De Verrekijker of Swiebertje te gaan kijken, verscheen het zogenaamde ‘testbeeld’ op het scherm. Als (oudere) volwassene reis ik al weer heel wat jaren naar Maleisië om op het circuit van Sepang het eerste testbeeld (helemaal in kleur) van een MotoGP-seizoen te krijgen. Hierbij dat van 2023.

Henk Keulemans.

Beleving

Voor mij is de beleving van zo’n MotoGP-test totaal anders dan bij de Grands Prix. De van team gewisselde coureurs en technici zijn voor het eerst in hun nieuwe outfits te zien. Terwijl een deel van de machines al in de nieuwe kleuren is gespoten, zijn de meeste nog futuristisch ogend ‘carbon zwart’ gekleurd. Onder tropische omstandigheden van meer dan dertig graden plus een hoge luchtvochtigheid acteren de coureurs ermee op het prachtige, door overvloedig groen omgeven, circuit van Sepang. Wel voor lege tribunes en dat kan als een gemis worden beschouwd.

MotoGP wintertest: MotoGP-coureurs moeten er weer even in komen

Zo gauw de rolluiken van de pitboxen voor het eerst omhoog worden getrokken, wemelt het in de pitstraat van de nieuwsgierige ogen. Dat geldt niet alleen voor die van journalisten en fotografen (waarvan altijd alleen de harde kern in Sepang aanwezig is), maar ook voor die van coureurs en technici, die maar al te graag willen zien met welke nieuwtjes de concurrentie is komen opdraven. Mooi is altijd om te zien hoe met name de Japanners zich dan gedragen/opstellen. De meesten lopen niet direct op hun doel af, maar slenteren langzaam – en dan vaak ook nog eens in een boog – richting een machine van een tegenpartij om die vervolgens op gepaste afstand te gaan bekijken. Wat dat aangaat, zijn Europeanen veel directer, wat brutaler. Op hun beurt proberen de fotografen alle nieuwtjes vast te leggen. En dat is iets, wat dan weer niet door veel leden van de diverse teams wordt gewaardeerd. In veel gevallen ontstaat er een soort kat-en-muis-spel, dat achter en voor grote schermen plaatsvindt. Wanneer de techniek uiteindelijk toch niet voldoende aan nieuwsgierige blikken kan worden onttrokken, volgen er kletterende kettinggeluiden van dichtgaande rolluiken, waarvan de raampjes meestal ook nog zijn afgeplakt. Een voordeel voor de weinige journalisten bij een dergelijke test is dat er uitgebreid met de coureurs en technici kan worden gesproken. Mits ze daartoe bereid zijn… En als fotograaf loop je zo’n beetje in je eentje langs de uitgestrekte baan. Dat gebeurt dan in de zinderende hitte met, naast je camera’s, een hele grote fles water op zak.

Niet welkom

Sinds een aantal jaren wordt de MotoGP-test voorafgegaan door een zogenaamde ‘Shakedown-test’. Hieraan mogen naast de testrijders van de deelnemende fabrikanten – in 2023 zijn dat Ducati, Yamaha, Aprilia, KTM/GasGas en Honda – ook de MotoGP-nieuwelingen deelnemen. Voor dit seizoen is dat alleen Augusto Fernandez. Groot was de verbazing bij de leden van de pers, onder wie ondergetekende, toen twee weken voor de test bekend werd gemaakt dat de pers deze keer niet welkom was. En dat terwijl de meesten hun ticket en hotel al hadden geboekt. Het was voor mijn Italiaanse collega Paolo Scalera (waarmee ik al ruim veertig jaar optrek) aanleiding om een openbare oproep te doen aan de IRTA, Dorna, FIM en teammanagers om de pers wel toe te laten. Juist nu de belangstelling voor de MotoGP dalende is, is het heel belangrijk dat er over de laatste nieuwtjes wordt bericht. Want elke racefan wil die nu eenmaal graag weten.

Al snel bleek dat Ducati, Aprilia en KTM geen bezwaar tegen de aanwezigheid van de pers hadden. Omdat Yamaha de officiële huurder van het circuit was, bepaalde deze partij wat er wel en niet mocht. Uiteindelijk kwam het tot een compromis en mocht de pers alleen niet in de pitstraat komen. Voor mij aanleiding om niet naar deze test te gaan, want dat had voor mij op deze manier weinig zin. Dus lekker een aantal extra dagen in Kuala Lumpur doorgebracht. Dat vervolgens wel een fotograaf van Dorna zijn werk in de pitstraat kon doen, wekte alleen maar verbazing en het nodige onbegrip bij zijn collega’s op. Dat het ingenomen standpunt van Yamaha weinig zin had, bleek al snel. Er liepen nog genoeg mensen met een mobieltje in de pitstraat. Al snel verschenen er foto’s van de nieuwste M1 op internet.

Unieke overstap

Alsof het alleen de fotografen zijn, die ervoor zorgen dat bepaalde technische geheimen in andere handen vallen… Wat te denken van technici die van team veranderen? Door het stoppen van Suzuki zijn dat er voor dit jaar heel wat. De meesten die bij Suzuki werkten, hebben bij een ander MotoGP-merk of -team onderdak gevonden. Naast de overstap van de Suzuki-coureurs Joan Mir en Alex Rins naar Honda, is natuurlijk de komst van technisch directeur Ken Kawauchi (een raceliefhebber pur sang) naar ’s werelds grootste motorfietsfabrikant niet alleen een verrassende, maar ook logische stap te noemen. HRC en als gevolg sterrijder Marc Márquez verkeren immers al geruime tijd in grote problemen, want er wordt niet meer gewonnen! Dus is alle hulp welkom. Al komt die van een (in dit geval voormalige) Japanse concurrent.

Japanners zijn in het algemeen zeer loyaal aan het bedrijf waarvoor ze werken. Dat is onderdeel van hun cultuur. De overstap van Kawauchi van Suzuki naar Honda mag dan ook uniek worden genoemd. Slecht twee keer eerder ging in de racerij een Japans technisch kopstuk naar een concurrent. De eerste was Osamu Goto, de F1-constructeur die in 1994 van Honda naar Ferrari ging en vervolgens in 2001 de Sauber Petronas MotoGP-driecilinder ontwierp. Een machine, die een grote mislukking werd. Later richtte Goto in Zwitserland het bedrijf GEO Technology op, dat in eerste instantie verantwoordelijk was voor de tuning en revisie van de 600cc-Honda-motoren voor de Moto2-klasse. Eind 2004 verwisselde Ichiro Yoda Yamaha voor Kawasaki, nadat Masao Furusawa als de nieuwe grote technische man bij Yamaha voor de MotoGP was aangesteld. Het was het begin van het succesvolle Valentino Rossi-tijdperk bij het merk van de drie gekruiste stemvorken.

Niet alleen Honda trok voor dit seizoen nieuw personeel aan. Dat deed vooral ook KTM. Hier zijn het voor het merendeel Italianen, die tot nu toe een belangrijke rol bij Ducati vervulden.

Brad Binder (KTM) met één van de nieuwe bij Red Bull F1 ontwikkelde stroomlijnen.

Aerodynamica

Bij de MotoGP-test was de pers gelukkig wel welkom in de pitstraat. Maar het is tegenwoordig onmogelijk om nog een machine ‘naakt’ voor de lens te krijgen. Gelukkig is de aerodynamica niet af te schermen. En dat is een element waar het in de MotoGP steeds meer om draait. Dat werd in Sepang nog duidelijker. Termen als ‘winglets’, ‘vins’, ‘sidepods’, ‘diffusers’ en ‘ground-effect’ worden niet alleen meer in de Formule 1 gebezigd, maar ook meer en meer bij de snelste motorfietsen. Bovendien zorgen ze ervoor dat het uiterlijk van die motorfietsen danig wordt gewijzigd. De ingrijpendste technische ontwikkeling bij een MotoGP-machine werd negen jaar geleden begonnen door Ducati, nadat Gigi Dall’Igna er de technische leiding had gekregen. Veel van de ideeën van hem en zijn team zijn niet alleen omstreden (vanwege de hoge ontwikkelingskosten), maar worden door de concurrentie ook volop gekopieerd. De eerlijkheid gebiedt te zeggen, dat Ducati op haar beurt ook weer testte met een idee van Aprilia.

Het meeste opzien werd echter gebaard door Honda, waar Marc Márquez en testrijder Stefan Bradl op verzoek van nieuwe technische man Ken Kawauchi een aantal ronden reed met een RC213V, voorzien van een ‘vleugelloze’ stroomlijn. Toen Marc Márquez even later door de pers om een reactie op dit experiment werd gevraagd, sprak zijn gezicht boekdelen. De in laatste drie jaar door blessures en een niet-competitieve motorfiets geplaagde achtvoudig wereldkampioen hield het netjes met zijn commentaar. Maar dat de huidige situatie bij Honda (waar niemand lachte of met journalisten mocht praten) aan hem knaagt, was meer dan duidelijk.

Ook een andere kampioenskandidaat, Fabio Quartararo, had zo zijn vraagtekens. Aan de ene kant was de Fransman blij met de hogere topsnelheid van zijn Yamaha, maar aan de andere kant wist hij niet waarom hij niet in staat was om één snelle ronde met de nieuwe machine te draaien. En die ene ronde wordt tijdens de kwalificatie door de komst van de sprintraces nog belangrijker. Dit vanwege de startpositie. Nee, na drie testdagen was de meest relaxed overkomende coureur ongetwijfeld Pecco Bagnaia (Ducati). Bij de regerend wereldkampioen was namelijk alles naar wens verlopen. Dat gold ook voor zijn nieuwe teamgenoot Enea Bastianini.

Interessant en fascinerend

Zo kwam er een einde aan de eerste MotoGP-test van 2023. Het was weer interessant en zeker fascinerend. Zoals altijd was ik niet de enige die het circuit van Sepang verliet met de nodige uitroep- en vraagtekens. Uitroeptekens voor de prestaties van de Ducati- en de Aprilia-coureurs. Achter die van de rijders van KTM/GasGas, Yamaha en Honda kunnen nog de nodige vraagtekens worden gezet. Eigenlijk kan worden geconcludeerd dat wat de krachtsverhoudingen betreft er ten opzichte van vorig seizoen nog niets is veranderd!

Op 11 en 12 maart wordt het testen voortgezet in Portimão. Dat is voor de fabrikanten de laatste mogelijkheid voordat twee weken daarna hun motoren voor de eerste GP van 2023, die van Portugal, worden gehomologeerd. Daarna mogen ze nog maar in beperkte mate verder ontwikkeld worden. Inmiddels moet dan ook het langverwachte nieuwe bandenspanningsreglement bekend zijn.

Luca Marini verrassend het snelste

Na drie dagen testen in Sepang eiste Luca Marini (foto) toch wel verrassend de snelste tijd voor zich op. De Italiaanse Ducati-coureur bleef met 1.57,889 minuten net boven het polerecord dat Jorge Martin (Ducati) er verleden jaar tijdens de GP vestigde (1.57,790). Nu gaven de rondetijden niet een exact beeld van de ware krachtsverhoudingen, ook al omdat het een uur voor het einde van deze test (weer) begon te regenen. Hierdoor konden niet alle coureurs nog een aanval op hun beste tijd doen. Of wilden dat niet. Wel was het zo dat de eerste twintig coureurs op dit toch lange circuit binnen een seconde eindigden. Geconcludeerd kan worden dat met name Pecco Bagnaia (Ducati), Maverick Viñales (Aprilia) en Enea Bastianini (op de tweede fabrieks-Ducati) als tweede, derde en vierde alle drie de dagen een sterke indruk achterlieten. Met name wereldkampioen Bagnaia straalde zelfvertrouwen uit op de Desmosedici GP23.

Dat de Ducati GP22 een uitgerijpte motorfiets is, werd niet alleen bewezen door de snelste tijd van Marini. Ook Fabio di Giannantonio verraste op een dergelijke machine door achter Jorge Martin (Ducati GP23) en Aleix Espargaró (Aprilia) de zevende tijd te realiseren. En wat te denken van Alex Márquez. Die was op zijn nieuwe wapen, een GP22 dus, als negende zelfs net iets sneller dan broer Marc op een Honda. Oei! Een andere verrassing was Raul Fernandez, die als elfde liet zien veel beter uit de voeten te kunnen op een Aprilia dan verleden jaar op een KTM. De best geklasseerde KTM, in dit geval in de kleuren van GasGas, was Pol Espargaró als dertiende op 0,908 seconde van Marini. De snelste Yamaha-coureur was Fabio Quartararo (zeventiende). Dat is een positie waar deze combinatie zeker niet thuis hoort. Maar zoals al eerder gesteld, de gerealiseerde  rondetijden zeggen zeker niet alles. Maar zeven Ducati’s bij de eerste negen zegt wel heel veel…

Dubbeltest CFMoto 700CL-X Heritage vs. Yamaha XSR700: knock-out of kamikaze?

0
CFMoto 700CL-X Heritage vs. Yamaha XSR700

Dubbeltest CFMoto 700CL-X Heritage vs. Yamaha XSR700. Europa is niet de makkelijkste motormarkt. Wil je er als motormerk voet aan wal zetten, moet je met een ijzersterk product komen. Yamaha slaagt daar al jaren in, CFMoto is daar volop mee bezig. Met hun 700CL-X Heritage vallen ze hun Japanse tegenhanger genadeloos aan. Harde knock-out in de eerste ronde of volgt er een hopeloze kamikazeactie?

Fotografie: Pien Meppelink

Na de introductie van de CFMoto 700CL-X Heritage waren we al behoorlijk enthousiast over de rijkwaliteiten, het motorkarakter en uiterlijk. Een welkome nieuwkomer in een al rijkgevuld retro middensegment. Een segment dat ook vooral marketingtechnisch interessant is voor motormerken, want grote aantallen worden er niet verkocht van de knappe retromachientjes. Dus hoe bouw je toch retro’s zonder dat ze je al teveel kosten. Daarom staan dus veel van die retromotoren op dezelfde basis als hun veel populairdere naked bike-equivalenten. Bijvoorbeeld: de Kawasaki Z650 en Z650RS, de Triumph Speed Triple RS en RR, en ook de Yamaha MT-07 en XSR700. Maar CFMoto heeft geen bestaande 700-basis, dus is de 700CL-X de basismotor zelf. En die wordt al gebruikt voor de Sport-variant en de Adventure zit er ook al aan te komen. In dat opzicht begint de CFMoto \ aan deze vergelijkende test met een behoorlijke achterstand. De Chinees moet het ook opnemen tegen een uitmuntende Japanner, met een geweldige reputatie. De XSR700 is een motor die al sinds 2016 op de markt is. Vorig jaar kreeg hij een update met LED-verlichting, nieuwe kleuren en wat kleine verbeteringen. Verder werd het veelal gelauwerde motorblok EU5-conform gemaakt. Ook daar moet de CFMoto scherp uit de hoek komen, want de Yamaha-CP2 zit vol karakter en in zijn klasse zijn er weinig motorblokken die kunnen wat hij doet.

CFMoto 700CL-X Heritage vs. Yamaha XSR700

In your face

De belangrijkste reden om voor een XSR700 te kiezen en niet voor een MT-07, is omdat je de retroversie mooier vindt. Er zijn wel wat kleine verschillen qua zithouding en stuurkarakter, maar dat uiterlijk is doorslaggevend. Yamaha heeft een welkome update uitgevoerd. Door de LED-verlichting ziet hij er weer bijdetijds uit – hoe vreemd dat ook mag klinken voor een retromotor – en de kleurstellingen zijn zeer geslaagd. Naast een zwarte met gouden wielen is er ook een witte met zwarte wielen en blauwe lijntjes op de benzinetank. Dat is de versie die wij meekrijgen. Hij ziet er een stuk braver uit dan de zwarte, maar heeft wel iets… lief. Deels komt dat door de kleurkeuze, maar voor een groot deel ook door het platte zadel en de afgeronde styling. In ieder geval: geslaagd, zonder dat de XSR700 er heel speciaal uitziet.

Vergelijkingstest Benelli Leoncino 800, CFMoto 700 CL-X, Kawasaki Z650RS en Yamaha XSR700

De CFMoto is qua uiterlijk veel meer ‘in your face’. Een bruin leren zadel, gouden wielen, een kontje zonder spatbord, Supertrapp-achtige uitlaat, leuke details zoals een X-vorm over de koplamp en cyaangekleurde strepen… De 700CL-X springt er meteen uit, zonder opzichtig te zijn. Hij is breder dan de Yamaha, heeft een stoerder voorkomen. Het is de gewaagdere keuze, de motor met de originelere look. Naast deze grijze kleur is er trouwens ook een blauwe met zwarte wielen beschikbaar.

Eenmaal in het zadel is de zitpositie vrij gelijkaardig. Je benen zijn behoorlijk geplooid en je rug is mooi recht. Wel zit je op de CFMoto 35 mm lager dan op het 835 mm hoge zadel van de Yamaha. Dat kan voor lange motorrijders weleens een verschil maken. Daarbij zit je meer ‘in’ de CFMoto en meer ‘op’ de Yamaha. Logisch, gezien de gebruikte zadels. De dashboards zijn wat ouderwets, waarbij er nog gebruik gemaakt wordt van LCD-technologie in plaats van de veel modernere en beter zichtbare TFT-schermen. Belangrijk? Niet echt, want zowel op de Yamaha als de CFMoto kun je alles prima aflezen. Het is gewoon minder fancy. Maar da’s een mening van de door en door verwende motorjournalist.

Veel karakter

Verwennen doen deze twee Aziatische strijders echt wel. Ze rijden fijn, bieden veel plezier en zijn mooi afgewerkt. Dat laatste was nogal eens een probleem voor motorfietsen uit China, maar de CFMoto is erg netjes gemaakt. Kabels zijn mooi weggewerkt, knopjes op het stuur zien er modern uit en hij zit bomvol details die je op het eerste gezicht niet meteen ziet. Zoals het knap in de kont geïntegreerde achterlicht dat de vrije vorm van een X heeft, en waarboven ook nog eens een apart logootje is geplaatst. Of de aluminium look platen op de benzinetank, de voorspatborden en het motorblok. Het geeft de CFMoto net wat meer dan de eerder droge en wat fantasieloze Yamaha.

Maar start de Yamaha-CP2 en je vergeet alles wat zogezegd fantasieloos is. Dit is het fantastische hart van de motor waar je fantasie helemaal van op hol slaat. Al zoveel bejubeld, en we doen het gewoon nog een keer. Op papier lijkt de tweecilinder niet bijster indrukwekkend, met zijn 73 pk en 67 Nm, maar op de weg krijg je er zoveel plezier van terug. Altijd klaar voor actie, zowel bij hoge als lage toeren, altijd gewillig om in toeren te klimmen en altijd voorzien van een verslavend en typerend geluid. Het is een absoluut meesterwerk. Het is voor de CFMoto 700CL-X dan ook dé grootste uitdaging om enigszins kans te maken tegen Yamaha’s retro.

Waar de XSR700 gebruikmaakt van crossplane-technologie, met de kruktappen onder een hoek van 90 graden, heeft de 700CL-X een ‘normale’ twee-in-lijn met de gebruikelijke ontstekingsvolgorde. Niet bijster speciaal dus, en daar is niets mis mee. Want ook het motorblok van de CFMoto is niet alledaags. Vanaf 6.000 tpm krijgt hij namelijk een enorme vermogensboost. Nu is het niet ongebruikelijk dat elk motorblok in hoge toerentallen beter presteert dan in lage, maar de acceleratietoename is bijzonder fel op de 700CL-X. Alsof het een Honda VTEC-systeem is, dat gevoel. Onder die 6.000 tpm rijdt de CFMoto als een doordeweekse tweecilinder, maar daarboven barst het feest los. Dat verrast soms, als je bijvoorbeeld uit een trage bocht optrekt in een lage versnelling. Of als je een auto in wilt halen en een versnelling terugschakelt. Dan ben je plots veel sneller voorbij die auto dan je had gedacht. Echt iets wat je vooral zelf moet voelen.

Zetten we de Yamaha en CFMoto naast elkaar voor een sprint, gebeurt er iets heel interessant. Op papier heeft de CFMoto 2 pk en 1 Nm meer, maar hij is wel behoorlijk wat zwaarder. De XSR700 heeft een rijklaargewicht van 188 kg en de 700CL-X een drooggewicht van 196 kg. Het verschil is dus iets van een 20 kg. Gaat het los voor de sprint, dan neemt de Yamaha onmiddellijk enkele meters voorsprong. Dat komt niet alleen door dat lagere gewicht, maar ook door het koppelrijkere gebied in lage toeren. Eenmaal vertrokken blijft de Yamaha op exact dezelfde afstand zijn voorsprong behouden. De CFMoto kruipt dus niet dichterbij, maar laat zich ook niet terugzakken. Hetzelfde scenario gebeurt bij sprintjes in alle versnellingen. De Yamaha lijkt wel een soort van sprongetje te maken, waarna ze allebei even snel doortrekken. Dit om maar aan te tonen dat CFMoto een knap staaltje motortechniek in elkaar gestoken hebben, ondanks dat de CP2 de fijnere motor is.

Onverwachte wending

Zo hebben we eigenlijk al de twee grootste verschillen besproken: het design en het motorgevoel. De rest van de beoordeling varieert minder. We beginnen met de remmen. De CFMoto gebruikt één schijf vooraan, de Yamaha twee schijven. Rara, welke motor zou het best remmen? Juist, de XSR700. Toch bijten de van 282 mm tot 298 mm gegroeide Yamaha-remmen te voorzichtig. Je moet de remhendel al behoorlijk wat inknijpen alvorens je echt goed afremt. Ziot je eenmaal in die ‘remzone’, presteren ze wel prima. Op de CFMoto zit je bij sportief rijden al snel aan de limiet van de enkele schijf. Die doet z’n best en is nog best goed, maar een tweede schijf was zeker welkom geweest. Een voordeel van die enkele schijf is wel dat je een mooier zicht hebt op de knappe velg…

Eenmaal flink aan het sturen, valt op hoe gretig de CFMoto is. Hij laat zich gewillig en met veel enthousiasme in een bocht gooien, om er dan met veel vertrouwen en stabiliteit weer uit te trekken. De 700CL-X stuurt mooi neutraal zonder in de bocht te vallen en communiceert uitstekend met zijn rijder over wat er allemaal onder de banden aan het gebeuren is. Een bijzonder fijne en verfrissende ervaring als je het vergelijkt met Chinese motoren van vijf jaar geleden. Ze komen van ver, maar ze hebben de laatste jaren enorme stappen gemaakt.

Twijfeltest Harley-Davidson Nightster vs. Sportster S: welke sportieve Harley moet je hebben?

Dat de Yamaha XSR700 goed stuurt, weet en/of verwacht iedereen. Toch voelt hij in vergelijking met de 700CL-X eerder wat zompig en indirect aan. Op de Yamaha krijg je minder feedback en verloopt het sturen allemaal wat meer gefilterd. Is dat erg? Nee, helemaal niet. Maar de CFMoto is van dit tweetal wel de licht fijnere stuurmachine. En dat had je misschien niet meteen verwacht.

Eigen zin

Aansluitend bij het stuurgedrag is het ook opvallend dat de – goedkopere – CFMoto over meer elektronica beschikt dan de Yamaha. De XSR700 heeft namelijk ABS en… daar stopt het. Geen tractiecontrole, geen cruisecontrole, geen rijmodi. De 700CL-X beschikt er wel over en die werken nogal… hoe zullen we dit zeggen… interessant. De cruisecontrol lijkt namelijk zijn eigen zin te hebben. Soms werkt-ie wel, soms niet. Soms goed, soms slecht. Er zit weinig logica in het systeem en het is niet gebruiksvriendelijk. Vreemd, want dat lijkt ons nou niet meteen het moeilijkste issue. In tegenstelling tot de rijmodi Eco en Sport. Het verschil is bijzonder groot. In Eco wil je nooit rijden, want het typische motorkarakter zakt helemaal in. Sport is dus de modus die je hebben moet. Wil je toch wisselen tussen de twee modi, wat je ooit één keer zal doen en daarna nooit meer, dan kan dat rijdend met je gas open. Dus niet gas dichtgooien, maar gewoon gas open houden. Een systeem dat we nog nooit gezien hebben op een ander merk. Meestal moet je het gas wél eerst terugdraaien tot tegen de stuit. Opvallend dus, en het werkt prima.

Beide machines hebben geen tractiecontrole. Dat is voor motoren met zo’n 75 pk ook geen probleem, want door het relatief lage aantal pk’s ga je er zelden of nooit met een doorslippend achterwiel vandoor. Toch? Want is dat wel zo? Op een droge weg, ja. Op een natte weg, nee. We hadden het ‘geluk’ om beide machines ook tijdens een regenbui te rijden en dan ben je toch een stuk meer op je hoede als je in je achterhoofd weet dat er geen tractiecontrole is. Door de kwiek reagerende Yamaha-motor, maakt die ook bij lage toeren wel eens een klein uitstapje. Niets om je zorgen over te maken, maar voorzichtigheid is geboden. Op de CFMoto is het vooral uitkijken bij het uitaccelereren van natte bochten in eerste en tweede versnelling. Door het plotse extra vermogen vanaf 6.000 tpm moet je op dat moment best niet te veel in een bocht hangen. Of je blijft net onder dat cijfertje 6 als het nat is.

Leren over veren

Beide motoren krijgen veel punten voor hun versnellingsbakken. Die van de XSR700 schakelt trefzeker, die van de CFMoto eerder soepel. Hoe je het ook draait of keert, beide bakken presteren bevredigend. De slipperkoppeling op de CFMoto, waardoor je agressief terug kunt schakelen zonder een slippend achterwiel, maakt het plaatje af. Op de Yamaha ontbreekt die slipperkoppeling, waardoor je dus wat meer met je koppeling moet spelen bij het terugschakelen.

Het speelse karakter van de XSR700 wordt vergroot door de behoorlijk zacht afgestelde vering. De voorvork kreeg voor het nieuwe model nieuwe instellingen, maar het blijft een zacht afgesteld, op comfort afgestemde motor. Dat zorgt dus voor veel beweging en daaraan gelinkt veel speelsigheid. Te zacht of zompig? Dan kun je de veervoorspanning van de monoshock achteraan wat opspannen.

CFMoto maakt niet alleen gebruik van klinkende namen als J. Juan voor de remmen en Pirelli voor de banden, maar ook van Kayaba voor de veren. In vergelijking met de Yamaha zijn die van de CFMoto om te beginnen al veel meer in te stellen. Vooraan kun je spelen met de veervoorspanning en uitgaande demping, terwijl je achteraan alleen de uitgaande demping in kunt stellen. Alles wel in 20 standen, dus mogelijkheden genoeg. In de door ons gereden standaardinstellingen hadden we niet veel te klagen. De 700CL-X voelt een tikje harder aan dan de Yamaha, wat de sportiviteit alleen maar ten goede komt. Toch werd ons achterwerk en onze rug ook ontzien als het asfalt van mindere kwaliteit was. Goed werk van Kayaba en CFMoto.

CFMoto 700CL-X Heritage vs. Yamaha XSR700

Conclusie dubbeltest CFMoto 700CL-X Heritage vs. Yamaha XSR700

Durf jij de stap te zetten? Op de CFMoto, uiteraard. Het merk wint snel aan naamsbekendheid en de motoren die uit de fabriek rollen, worden beter en beter. De stappen die ze maken zijn enorm. Zo groot dat de Yamaha zich nu al zorgen moet maken? Ja. Als je puur naar het rijgedrag, het uiterlijk, de afwerking, de prijs kijkt… dus alles wat losstaat van de merkperceptie, dan levert CFMoto een ijzersterk product met de 700CL-X Heritage. Het is een mooie motor, die fijn rijdt en die ook nog eens een apart motorkarakter heeft. Maar je moet van goeden huize komen als je het wil opnemen tegen de fantastische XSR700. Die werd onlangs mild vernieuwd met LED-verlichting en nieuwe kleuren. Die staat weer zo fris als een hoentje aan de start. Het CP2-motorblok is dé reden om voor de Yamaha te kiezen. Maken we een optelsom voor vijf categorieën, dan wint de XSR700 het gedeelte ‘motorblok’ en ‘comfort’. De CFMoto 700CL-X loopt weg met ‘design’, ‘uitrusting’ en ‘prijs’. Vooral die laatste categorie is een belangrijke reden om de Yamaha te laten staan. Een verschil van 1.600 euro is niet niks. Zeker als de 700CL-X net zo goed presteert als de XSR700.

Pluspunten CFMoto 700CL-X Heritage

  • Geslaagd design
  • Apart motorkarakter
  • Prijs

Minpunten CFMoto 700CL-X Heritage

  • Lcd-dashboard
  • Geen TCS
  • Vreemde werking cruisecontrol

Pluspunten Yamaha XSR700

  • Motorblok
  • Goede updates (led, remmen)
  • Betrouwbaarheid

Minpunten Yamaha XSR700

  • Prijs
  • Weinig speciaal uiterlijk
  • Geen elektronica
CFMoto 700CL-X Heritage vs. Yamaha XSR700

Binnenkort beeldschermen op de motoren en racepakken in de MotoGP?

0
Sponsor ontwikkeling MotoGP 1

Als het in de Formule 1 brandt, dan begint het in de MotoGP vaak ook te smeulen. Het feit dat een Engels bedrijf momenteel experimenteert met digitale beeldschermen voor publiciteit op F1-wagens, betekent dus allerminst dat het bij de vierwielers blijft. Seamless Digital heeft het vizier naar verluidt immers al gericht op de motorsport…

Plaatsje delen

Het is allerminst een geheim dat raceteams voor het leeuwendeel afhankelijk zijn van hun sponsorgelden om te kunnen blijven voortbestaan. Dus komt het er voor de teams in kwestie op aan om de sponsoren van dienst de grootst mogelijke zichtbaarheid te garanderen. Een vooraf afgesproken plaatsje voor het logo van de geldschieter in kwestie is één ding, maar stel je nu voor dat het van plaats en grootte zou kunnen wijzigen? Zou dat niet nóg meer aandacht kunnen vestigen op het bedrijf in kwestie, én meerdere grote sponsors tevreden kunnen stellen? Het Britse technologiebedrijf Seamless Digital meent alvast van wel.

WorldSBK: vindt Michael van der Mark in 2023 de weg omhoog?

Zij hebben flexibele displays ontwikkeld die op verschillende oppervlakken van een racebolide kunnen worden gemonteerd als deel van het kuipwerk. Een kleine batterij voorziet het lichte schermpje (ongeveer 190 gr.) van de nodige stroom, waardoor je tijdens de race verschillende sponsors op dezelfde plaats kan laten verschijnen. Beeldmateriaal op normale displays zou moeilijk zichtbaar zijn voor televisiecamera’s, dus heeft SD gekozen voor zogenaamde e-ink-schermen zoals je die op e-readers aantreft. F1-team McLaren experimenteert al sinds 2021 met de kleinoden, en is stilaan aan een volledige uitrol toe – waarschijnlijk zien we ze dit jaar al in actie tijdens het nieuwe F1-seizoen.

Genoeg posities voor beeldschermen op de motor en racepak.

Meervoudige functie

Heb je op zo’n F1-wagen nog vrij veel plaats om je sponsorlogo’s op te puzzelen, dan is die ruimte een stuk beperkter op een racemotor. Tenzij je ook hier kan afwisselen, uiteraard. Al is er nog een groot potentieel voordeel: de schermen op de motor zouden ook ingezet kunnen worden om dreigend gevaar aan te geven, om verschillende vlaggen op te projecteren, of zelfs de positie in de race aan te afficheren. Veiligheid en sponsortevredenheid in één.

Zo’n projectie op het kuipwerk is één ding, maar ook de lederen motorpakken van de racers staan tot in de kleinste hoekjes vol met sponsorlogo’s. Ook dat is geen probleem, als we Seamless Digital mogen geloven: op bepaalde plaatsen op het pak zou het mogelijk moeten zijn om zo’n flexibel scherm te integreren. Denk aan de rug, de borst en de zijkanten van armen en bovenbenen. Dat zou volgens de Britten kunnen zonder in te boeten aan slijtvastheid van het pak zelf. Er lijkt nog een lange weg af te leggen voor het zover is, maar als de praktijktest in het komende F1-seizoen positief uitdraait, zou de uitrol naar twee wielen wel eens in een stroomversnelling kunnen geraken…

In de video hieronder zie je de schermpjes in actie.

Amerongen gaat niet op slot voor motorrijders

3
Amerongen gaat niet op slot voor motorrijders

Amerongen gaat op slot voor motorrijders, kopten verschillende media vorige week. Dat nieuws was te voorbarig. Wel is het zo dat de grote hoeveelheid motorrijders in het oude dorp van Amerongen blijkbaar om maatregelen vraagt. Na een door 24 van de 29 gemeenteraadsleden van Utrechtse Heuvelrug aangenomen motie met die opdracht ging de gemeente gisteren in gesprek met MAG en KNMV.

Tekst: Hugo Pinksterboer | MAG

Het oude dorp van Amerongen ligt aan het oostelijke uiteinde van de populaire Lekdijk. Motorrijders die dat deel van de dijk in hun route opnemen en boven de rivier willen blijven, komen er dus allemaal doorheen. In de smalle straatjes kan die kwantiteit voor overlast zorgen, beamen ook MAG en KNMV. Een totale afsluiting van het oude dorp, waarbij alle motorrijders gedwongen worden om dit deel van de Lekdijk via de pont ten zuiden van Amerongen te benaderen of te verlaten, is echter onacceptabel.

Inschrijvingen tweedehandsmotoren in België stort na verplichte APK volledig in

Motorrijders maken nu gebruik van drie wegen door het dorp. MAG en KNMV hebben voorgesteld om de Kersweg, kortste van die drie wegen, voor motorrijders open te houden. De aan de westzijde onder het oude dorp lopende Kersweg is nu een fietsstraat waar auto’s met gedeeltelijk eenrichtingsverkeer te gast zijn. Deze weg zou voor motorrijders en fietsers tweerichtingsverkeer moeten worden. Ter compensatie komt er dan een inrijverbod voor auto’s, vanzelfsprekend met een uitzondering voor aanwonenden. 

Motorrijders vanuit of in oostelijke en zuidelijke richting kunnen er in deze situatie voor kiezen om de pont te pakken. Het aantal motorrijders dat door het dorp rijdt wordt zo gereduceerd. De wethouder legt het voorstel van MAG en KNMV voor aan de gemeenteraad. MAG-beleidsmedewerker Vera de Bruijn: “Mocht de gemeenteraad ons voorstel niet accepteren en Amerongen in de weekenden definitief voor motorrijders op slot willen doen, dan laten we het er natuurlijk niet bij zitten. De route via de pont kan voor een deel van de motorrijders een optie zijn, maar is dat voor een minstens even groot deel absoluut niet.”

Amerongen gaat niet op slot voor motorrijders

Met deze podiumprogrammering gaat Motor.NL knallen tijdens MOTORbeurs Utrecht

0
Motorshow Motorbeurs Utrecht 2020

Natuurlijk hoeven we jullie niet over te halen om naar de MOTORbeurs Utrecht te gaan, want dit wil (en mag) geen motorliefhebber missen. En natuurlijk hoeven we jullie ook niet over te halen om naar onze stand te komen in hal 12 (standnummer 12.D100), maar toch geven we graag een extra reden. Of heel veel extra redenen, want op het Motor.NL-podium gaat zoveel gebeuren dat je de hele dag bij ons kunt zijn zonder je ook maar een minuutje te vervelen.

5 redenen waarom je de MOTORbeurs Utrecht 2023 niet mag (en wil) missen!

Van Wat Rij Jij? LIVE tot aan 100 Jaar BMW en de Nieuwsshow 2023 en van Customizing en Circuitrijden tot aan alles over Motorreizen en de kledingsshow van Motormeiden. Elk uur is er wat nieuws te zien en te beleven, waarbij motorrijden en de motorrijder altijd centraal staan.

Wie op donderdag- of vrijdagavond op de beurs is, heeft dubbelgeluk want van 19.00 uur tot 20.30 uur is er een spetterend optreden van RSON Pop & Rock Covers.

We zien je in hal 12!

Bestel hier je ticket(s).

CFMoto Papio XO-1: mini-revival van de jaren 80 op komst?

0
CFMoto Papio XO-1

De 125cc minibikes zijn al een aantal jaar aan een comeback bezig. Zo heeft Honda z’n Grom, Monkey en recent zelfs Dax van een achtsteliter voorzien, heeft Benelli z’n TNT op kleine wieltjes en heeft CFMoto met z’n Papio een alternatief in de rangen. Dat laatste merk zou op datzelfde platform nog een Papio XO-1 in de pijplijn hebben – dat blijkt uit homologatiedocumenten uit China én een foto van een prototype die zonet opdook.

CFMoto komt met zware hypernaked genaamd 1250NK

Jaren 80

Terwijl de huidige Papio een modern neefje is van Honda’s MSX/Grom of Benelli TNT, is de styling van de nieuwe XO-1 duidelijk geïnspireerd op motoren uit de jaren 80. Inclusief de dubbele ronde koplampen en de halve kuip. Onder dat kuipwerk zou dezelfde 126cc ééncilinder huizen als in de standaard Papio, die goed is voor 9,4 pk.

Opvallend genoeg is dat een van de enige parallellen die we kunnen trekken naar de standaardversie. Zowel de patenttekeningen als de eerste beelden tonen immers dat de Papio XO-1 uitgerust is met een UPSD-voorvork, gegoten voetsteunen en clip-ons. Ook het kuipwerk, de zadelsectie, de tank en de kettingbeschermer zijn volledig nieuw, evenals het enkele, ronde LCD-dashboardje. Leuke nieuwkomer-in-spe, dit!

CFMoto Papio XO-1

Jedi Vision K750 gaat in productie en komt nog in 2023 op de markt

0
Jedi Vision K750

Dat het snel kan gaan bewijst de Jedi Motors met de Vision K750. De motor ging van concept naar productie in slechts een jaar tijd. Nog in 2023 zal de K750 zelfs al op de markt komen.

Het prototype van de Jedi Vision K750 werd in januari 2022 gepresenteerd en het moment van productie is nu al aangebroken. De productiemotor bevestigt in grote lijnen de lijn van het concept. Toch heeft de K750 enkele aanpassingen gekregen.

Chinese Jedi Motor FR750 is geen Yamaha XSR700-kloon

In vergelijking met het concept is de staart verlengd, het zadel beter opgevuld en zijn er voetsteunen voor de passagier geïntegreerd ter ondersteuning van die van de berijder. De futuristische uitlaatpijpen van het concept hebben plaatsgemaakt voor een enkele uitlaat die onder de motor doorloopt, maar in de voetafdruk van de kuip blijft, met een ‘salamisnede’.

De kuip is minder uitgewerkt, de deflectoren op het onderste deel zijn verdwenen, evenals het doorvoergat onder de tank. Ook de voorkant is gewijzigd, met minder verfijnd plexiglas en een ruitvormige koplamp die doet denken aan die van de Schiranna sportmotor, samengesteld uit kleine LED’s en omsloten door twee beugels die fungeren als dagrijverlichting.

Het mechanische gedeelte is bevestigd, met een 730 cc tweecilinder voorin met ongeveer 70 pk, dus in lijn met de waarschijnlijke Japanse concurrenten, de Kawasaki Ninja 650 en de Yamaha R7.

De prijs is nog niet bekend, maar de Jedi Vision K750 komt in 2023.

200 mijl van Daytona in 1977 met heel veel Nederlanders – terugblik

0
Daytona Wil Hartog 1977

In de jaren zeventig is de 200 mijl van Daytona dé seizoenopening en veel Europese renners en motorliefhebbers reizen af naar het kombaancircuit in Florida. Heel wat Nederlandse coureurs schrijven in voor de 200 mijl of de 100 mijl voor 250cc-motoren. Voor de 200 mijl zijn dat in 1977: Wil Hartog, Jan Kostwinder, Rob Bron, Marcel Ankoné, Boet van Dulmen en Jack Middelburg. Voor de 100 mijl: 250 cc KNMV-kampioen Henk van Kessel, Fred van den Dolder en Jannes van ’t Ende. En namens de NMB: 250cc-kampioen Rinus van Kasteren, Harrie van der Kruijs, Louis Weterings en Harry van de Pol. Ondanks de regen tijdens de trainingen, staat Boet van Dulmen er met zijn achtste trainingstijd uitstekend bij. Marcel Ankoné en Wil Hartog noteren een 23e en 31e plaats. Rob Bron en Jack Middelburg eindigen wat naar achteren. Henk van Kessel is de snelste Nederlander in de 250cc-klasse met een 41e plaats. De eerste manche van de 200 mijl wordt een prooi voor de snelste man uit de training, Steve Baker op zijn fabrieks-Yamaha, met Kenny Roberts en Takazumi Katayama op de tweede en derde plaats. Boet en Wil komen op de 9e en 18e plaats binnen. Een tropische bui verhindert de start van de tweede manche, zodat de uitslag van de eerste manche ook de einduitslag wordt. Steve Baker is dé man van het weekend, want hij heeft op zaterdag ook al de 250cc gewonnen. Henk van Kessel wordt keurig als 20e afgevlagd.

50 jaar MOTO73: fantastische voorjaarstrips naar de Daytona Speedweek in Florida

Tekst en fotografie: Mari van Kasteren

Mari van Kasteren is, naast NMB-historicus, ook verzamelaar en auteur van drie boeken over de NMB en zijn racefamilie. Voor MOTO73 schrijft hij in dit jubileumjaar een aantal malen De Terugblik.

Wil Hartog op zijn 750cc-Suzuki na afloop van een training.