zaterdag 23 mei 2026
Home Blog Pagina 936

Toerisme Frankrijk: Avesnois en Thiérache

0
Avesnois en Thiérache

Ardennen, Eifel, Sauerland en de Mergellandroute. Iedereen kent het, iedereen rijdt het. Maar er zijn ook gebieden waar maar weinig mensen komen. Op de een of andere manier ontsnappen ze steeds aan onze aandacht. En onbekend maakt onbemind. De hoogste tijd daar verandering in te brengen. Aflevering 5: Avesnois en Thiérache.

OmstandighedenZomers
Temperatuur20 tot 24 graden

Vergeefs heb ik op internet gezocht naar een ‘Top 10 leuke dingen doen’ in de Avesnois. Zelfs Google komt maar tot zes aanbevelingen. En dat is een héél goed teken, héél goed! Als ik vanuit België de Franse grens over rijd, wacht het onbekende. Heuvels, versterkte kerken en een groot meer. De rest is blanco. Heerlijk.

Na de aanloop parkeer ik de Moto Guzzi in het robuuste centrum van Solre-le-Château. Koffiepauze. Het plein bij de kerk zet meteen de toon. Geen hippe koffiebar en trendy loungebanken, gewoon un café s’il vous plaît in de bar-tabac. Een stamgast kijkt op van zijn krant, knikt vriendelijk en vraagt zich waarschijnlijk af hoe die motorrijder hier verzeild is geraakt. En waarom.

Met een stevige koffie achter de kiezen rijd ik het platteland van de Avesnois op, de streek die tegen de Belgische provincie Henegouwen ligt geplakt. De V85TT glijdt langs weilanden, dorpen en bossen. Niet te klein, niet te groot, precies fijn. Ik speel met de snelheid van de motor en de mogelijkheden van het geaccidenteerde landschap.

In Sars-Poteries wordt de serene sfeer van ‘de tijd heeft stilgestaan’ keihard doorbroken: MusVerre. Dit glasmuseum is ondergebracht in een super strak designgebouw. Wat meteen de kern van het museum verraadt. Niet het ambacht staat op de eerste plaats – wordt uiteraard wel aandacht aan besteed – maar eigentijdse kunst van artiesten die met glas werken.

Het Duitse Middelgebergte van west naar oost

Door het gouden licht

Rijden, sturen, kijken. Tot het in Avesnes-sur-Helpe steil omhoog gaat naar het centrum rondom de Grand Place. Napoleon bracht er de nacht door voor hij in Waterloo zijn ondergang beleefde. Ik rijd een rondje langs de historische gevels en vestingwerken en daal af naar de Helpe, een kleine rivier. De weg volgt de grillige loop van het water.

Het decor van de route is afwisselend. De bossen van Val Joly – met stuwmeer – worden gevolgd door veengrond en een heggenlandschap. En dan komt de prachtige vallei van de Oise die me meteen langs het viaduct van Ohis voert en de versterkte kerk van Wimy, die meer op een kasteel dan op een godshuis lijkt. Maar daarover later meer.

De Moto Guzzi begint zich steeds nadrukkelijker te manifesteren als de ideale reisgenoot. Misschien is het niet de strakste machine in zijn klasse, maar wel eentje waarbij je voelt dat je echt aan het motorrijden bent. En wendbaar bovendien. Noem het een compromis zonder verlies van identiteit. Het past perfect bij deze omgeving.

Even de koffers leegmaken bij Hôtel le Clos du Montvinage in Étréaupont, waar kok en eigenaar Dominique me meeneemt naar de garage om zijn trike te laten zien. En horen… Niet de uitlaat, maar de geïnstalleerde sirene. Motorclubs roepen vaak de hulp van Dominique in bij het organiseren van ride outs voor hun leden.

Na een stevige maaltijd, start ik de Guzzi voor de avondetappe: op en neer naar de versterkte kerk Saint-Médard, dwars door de vallei van de Oise. Heen via de noordelijke oever, terug via zuid. Het is een droomtraject bij de steeds lager zakkende zon. De vallei, de velden en de dorpen hebben zich gehuld in een gouden gloed. En als uitsmijter staat daar die prachtige kerk, annex kasteel. Uitkijkend over het brede dal.

Terug bij Dominique serveert hij als toegift een blond bier van de streekbrouwerij.

Rivier oversteken

Terwijl Étéaupont nog slaapt, rijd ik ’s ochtends de poort van het hotel uit. Meteen pak ik de vallei op van de Ton. Het is een bescheiden riviertje dat echter enorm slingert. Het asfalt dat ernaast ligt doet dat wat minder heftig, maar wel fijn. Lekker meebewegen met het water. Stop, stop, STOP!

Vanuit mijn ooghoeken zie ik een buitenkansje. Een landweggetje steekt de Ton over naar een weiland. Ha, waar kun je met je adventure bike nog legaal en relatief veilig een waterpartij oversteken? Dus draai ik om en verken de plek. Het is duidelijk al een tijd geleden dat hier een tractor door het water is gegaan. Oké, de feiten: niet al te diep, alleen grote keien in het midden, de oever niet te zacht.

Maar zodra ik de Moto Guzzi V85TT Travel het water in stuur, zakt het voorwiel veel verder weg dan verwacht, het achterwiel volgt al snel. Door de verrassing laat ik het gas los en dat is precies verkeerd… De Guzzi slaat af en ik sta tot aan mijn knieën in de Ton om de boel overeind te houden. Starten en het gas erop. Dat werkt.

Vanaf het weiland terug, gaat het wel uit het boekje. Vaart maken, vooruit kijken en niet afwijken van het plan. Voilà.

Na mijn ochtendduik is het lekker fris rijden. De Avesnois heeft plaatsgemaakt voor de Thiérache. Landschappelijk verandert er niet zoveel, behalve dat er in de Thiérache bijna zeventig versterkte kerken staan, waarvan ik er gisteravond al enkele heb gezien. De meeste zijn gebouwd in een tijd dat de dorpen werden geplunderd door soldaten – van vreemde en van eigen legers – die hun soldij kwamen aanvullen.

De meeste fortkerken zien er nauwelijks als gebedshuis uit met hun ronde verdedigingstorens, centrale donjon, schietgaten en luiken waar een kokende pan met olie klaarstond om over de plunderaars te gieten. Zodra de indringers verder trokken, haalden de boeren hun vee uit de kerk en gingen ze terug naar hun boerderijen die gegarandeerd waren leeggehaald en misschien in brand gestoken.

Arbeiderspaleis

De dorpen onderweg zijn stuk voor stuk agrarische nederzettingen. Sommige nog vol bedrijvigheid, andere half verlaten. Het is er heerlijk los en rommelig. De erven vol afgedankt landbouwgereedschap, roestige fietsen, bouwmateriaal dat misschien nog eens van pas komt, een tafel onder een boom. Alleen in het deels protestante Parfondeval zijn de huizen, tuinen, binnenplaatsen en plantsoenen keurig netjes.

Dorp uit, de heuvels in. Het landschap wordt wat grootser en weidser. Afdalend kijk ik de gehuchten in hun kruin. De rode bakstenen muren, de leistenen daken. Klimmend wacht ik op het vergezicht dat op de top klaarligt. Op die manier werkt de route zich voorzichtig een weg terug naar het noorden. Daarbij passeer ik de vallei van de Oise, die ik gisteren in het avondlicht van oost naar west heb gereden. Het is er opnieuw erg mooi.

Toerisme: De Laars van Henegouwen (incl. route)

Afstappen in Guise. Niet voor het Château-Fort, maar voor het paleis van de arbeiders: de Familistère. Dit is een revolutionair woon- en leefcomplex dat de industrieel Jean-Baptiste André Godin vanaf 1859 liet bouwen voor het volk dat in zijn kachelfabriek werkte.

Natuurlijk, de appartementen waren luxueus voor die tijd. Zeker voor arbeiders, die meestal met teveel in een piepklein huisje werden gepropt. Hier kregen ze ruimte, stromend water, twee toiletten per appartement, kinderopvang, een school, winkels, theater, badhuis en zwembad. Maar nog veel mooier: iedere bewoner was lid van de coöperatie en mocht meebeslissen over alle belangrijke zaken.

Le Familistère wordt beschreven als een ‘utopie réalisée’. Maar helemaal gelijkwaardig, zoals Godin zijn samenleving graag presenteerde, was het nou ook weer niet. De baas woonde weliswaar tussen de arbeiders, maar zijn eigen appartement was aanzienlijk groter…

Klevend aan het asfalt

Ik start de Moto Guzzi, rijd over het prachtige plein en langs de fabriek. Godin is in Frankrijk nog altijd een klinkende naam van kachels en andere gietijzeren producten. Buiten de stad neemt het platteland het decor direct over. De motor gaat bocht in, bocht uit, door de glooiende heuvels met zijn weilanden, heggen, watertjes, stille dorpen en eenzame boerderijen.

In het dorp Maroilles – bekend van zijn kaas – herzie ik het plan voor de laatste kilometers. De navigatie vraagt me naar het vestingstadje Le Quesnoy en de Romeinse resten van Bavay te rijden. Maar bij de molen van Maroilles stroomt de Helpe Mineure. En nergens is het zo lekker sturen als door de valleien, dat is de afgelopen dagen wel gebleken.

Mijn besluit is genomen. Ik zet de navigatie uit en volg op gevoel het slingerende water. De V85TT gaat van links naar rechts, klevend aan het asfalt. Mijn broek en schoenen zijn na het avontuur van vanochtend ondertussen droog gewaaid.

Reisinformatie Avesnois en Thiérache

Erheen

Startpunt Maubeuge ligt op ongeveer 260 kilometer rijden vanaf Utrecht. In de vestingstad zijn de oude muren en versterkingen nog goed zichtbaar.

Overnachten

In een toeristisch bescheiden streek is de keuze niet groot, maar wel gevarieerd. Eén adres springt eruit: Le Clos du Montvinage van motorrijder Dominique. De motor staat er achter het gesloten hek en Dominique kan je precies vertellen waar het mooi rijden is (en welk streekbier het beste smaakt). Info: www.hotel-clos-du-montvinage.com.

Eten en drinken

De Fransen schuiven bij de lunch het liefst een plat du jour naar binnen. Voor een broodje kaas kun je het beste terecht bij de cafés in de iets grotere plaatsen. Wat je in elk geval moet proeven: Maroilles-kaas en streekbier (een blonde van de Brasserie de Thiérache).

Informatie

Interessante websites:

3 x Afstappen Avesnois en Thiérache

Fortkerken

Deze versterkte kerken zijn kenmerkend voor de streek. Je hoeft ze niet allemaal te bezoeken (bijna zeventig), maar stap bij tenminste eentje uit het zadel om eens goed naar het bouwwerk te kijken. Meer militair dan kerkelijk.

Val Joly

Aan de oevers van het stuwmeer is een toeristennederzetting gebouwd. Op zich niks bijzonders. Maar als je ergens even de benen wilt strekken en koffie drinken met uitzicht, is dit een perfecte plek. Je kijkt er uit over water, bossen en heuvels. Info: www.valjoly.com.

Le Familistère de Guise

Hoewel we niet houden van de term must-see, moet je hier echt even uit het zadel. Probeer je voor te stellen dat dit vorstelijke complex is gebouwd in een tijd dat arbeiders doorgaans met zoveel mogelijk mensen in een zo klein mogelijk huisje werden gepropt. Dit moet destijds een droomplek zijn geweest. Info: www.familistere.com.

Een Chinese Aprilia Flat Track van Zongshen Piaggio Foshan?

0

Zongshen Piaggio Foshan Motorcycle Co. heeft bij het Chinese Bureau voor Intellectuele Eigendommen de patentontwerpen voor een nieuwe 150 cc ingeleverd. De nieuwe motor is geïnspireerd op de Flat Track.

Zongshen Piaggio Foshan: joint venture

Dat we Aprilia noemen is op basis van een flauw vermoeden. Het feit is dat Zongshen Piaggio Foshan ook tweewielers van Piaggio, Vespa en Aprilia produceert. Een specifiek assortiment daarvan is bestemd voor verkoop in Midden- en Zuid-Amerika, Zuidoost-Azië en Oost-Azië, Afrika, het Midden-Oosten en Oceanië.

Het productiebedrijf is een joint venture dat in 2004 werd opgericht door de Piaggio Group en Zongshen Industry Group. Dat is een van de belangrijkste van China. Het bedrijf is gevestigd in Foshan in de provincie Guangdong. De fabriek heeft een productiecapaciteit van 500.000 tweewielers per jaar. Het beschikt over een onderzoeks- en ontwikkelingscentrum. Daarvoor werken meer dan 50 ingenieurs. In eigen laboratoria worden de materialen getest. De belangrijkste productie- en testapparatuur komt uit Italië. Ook managementsysteem volgt de Piaggio-standaard.

Compleet octrooi Flat Track

Dit om aan te geven uit wat voor bedrijf het octrooi aanvraagt. Het model in kwestie is een wegmotor van 150 cc, vloeistofgekoeld en met 19-inch spaakwielen. Dit om de Flat Track-stijl te onderstrepen. Het octrooi van de motor is compleet met alle voor homologatie voorziene accessoires (spiegels, nummerplaat, lampen etc.). De Flat Track heeft twee uitlaatdempers, afgedekt met nummerplaten. In het stijlpatent wordt de motor eenvoudig aangeduid met de naam Flat,

2021 Norton Atlas 650 bevestigt door TVS

Voor zit een soort nummerhouder waaraan de kleine led-koplamp en de richtingaanwijzers zijn bevestigd. Onder de motor is een aerodynamische spoiler gemonteerd. Dat verbergt een deel van het uitlaatsysteem. Het tweepersoons zadel heeft ver het duodeel een cover. Er zit een upside-down voorvork op, een centrale achterste monoshock gecombineerd met een aluminium swingarm en wave-schijfremmen met een radiale voorremklauw.

Het is onmogelijk om te zeggen of en wanneer de Flat Track in productie gaat en naar welke landen de motor wordt geëxporteerd. Maar als stijlontwerp is de Aprilia Flat zeker interessant. Die mooie tweecilinder erin en brullen maar.

Ook in 2021 geen Isle of Man TT door Covid-19

0
Isle of Man TT

Afgelopen zomer ging de legendarische Isle of Man TT niet door vanwege Covid-19. Ook voor de 2021-editie is dat het geval. De regering van Man heeft de TT geannuleerd.

Gister, 30 november 2020, heeft de regering van Man de annulering van de 2021 TT races bevestigd. We moeten wachten tot 2022. Dan kunnen we van zaterdag 28 mei tot zaterdag 11 juni genieten van deze bijzondere races. Door de vroegtijdige annulering hebben fans en deelnemers duidelijkheid gekregen over de 2021 TT-races te geven. De regering heeft alle opties onderzocht, inclusief uitstel van juni naar augustus. Maar geen variant bood voldoende zekerheid.

Assen opening WorldSBK-seizoen 2021 mét Bo Bendsneyder!

Er bestaat wel een kans dat de Classic TT en de Manx GP, die van 21 augustus tot 3 september 2021 plaatsvinden – wel doorgaan. Daarin heeft de organisatie nog wel vertrouwen. De definitieve beslissing over deze races wordt in het voorjaar van 2021 genomen. Voor fans die al kosten hebben gemaakt (vluchten, veerboten of accommodaties) voor de TT 2021 zijn de organisatoren in onderhandeling met de veerboot- en luchtvaartmaatschappijen en de hotels. Er word onderzocht of de geldigheid van de tickets en reserveringen tot 2023 kunnen worden verlengd.

Video: MotorNL was in 2015 aanwezig bij de Isle of Man TT

Assen opening WorldSBK-seizoen 2021 mét Bo Bendsneyder!

0
WorldSBK-seizoen 2021
Foto: 2Snap

Ja, we weten het… Het is allemaal nog zeer voorbarig en niemand die het precies weet, maar wij zijn voorlopig gewoon hartstikke blij dat er een 2021 WorldSBK-kalender is en dat het TT Circuit Assen de opening van het jaar heeft.

Kijkend naar onderstaande data is duidelijk dat Dorna hoopt dat er na de zomerstop weer echt geracet kan worden, want tot september staat er slechts vijf races op de kalender. Er zijn jaren geweest dat het SBK-seizoen er tegen die tijd al zo goed als op zat. Dat is nu duidelijk niet het geval met vanaf september nog liefst zes bevestigde races. Normaal komt daar Phillip Island ook nog bij en dat maakt dan dus zeven wedstrijdweekeinden na de zomerpauze.

WorldSBK-seizoen 2021: Italië slechts één keer

Het meest opvallende is zonder twijfel dat Italië slechts één keer aangedaan wordt, begin juni op Misano. Opvallend omdat heel veel teams nog altijd dat land als thuisbasis hebben en opvallend omdat het vaak de best bezochte races zijn, samen met Assen en Donington Park.

Voor Bo Bendsneyder is het helemaal bijzonder dat Assen de opening is, want zo maakt hij zijn WK Supersport-debuut in eigen land. Vanmorgen kwam namelijk de bevestiging vanuit het EAB Racing Team dat Bo in 2021 op een Yamaha R6 gaat racen in het Supersport-wereldkampioenschap.

2021 WorldSBK Kawasaki ZX-10RR: Rea stelt ‘m voor (video)

Bo: ‘Ik ben erg blij dat ik komend jaar rij voor EAB Racing Team in het WorldSSP en ik ben erg gemotiveerd na mijn recente goede reeks in het Moto2-wereldkampioenschap, met drie keer punten op rij. Ik kan daarom niet wachten om de EAB Racing Team Yamaha YZF-R6 voor de eerste keer te testen. De R6 is niet compleet nieuw voor mij en dat is een groot voordeel na mijn jaren in het MotoGP-paddock. Veel dank gaat uit naar Ferry Schoenmakers en mijn sponsoren die mij deze geweldige kans gegeven hebben en ik ga er alles aan doen om er een groot succes van te maken.’

WorldSBK-kalender 2021 (versie 1…)

23 – 25 april TT Circuit Assen (met WorldSSP en WorldSSP300)
7 – 9 mei Circuito Estoril – Portugal (met WorldSSP en WorldSSP300)
21 – 23 mei MotorLand Aragón – Spanje (met WorldSSP en WorldSSP300)
11 – 13 juni Misano World Circuit Marco Simoncelli – Italië (met WorldSSP en WorldSSP300)

2 – 4 juli Donington Park – Engeland (enkel WorldSBK)
3 – 5 september Circuit de Nevers Magny-Cours – Frankrijk (met WorldSSP en WorldSSP300)
17 – 19 september Circuit de Barcelona-Catalunya – Spanje (met WorldSSP en WorldSSP300)
24 – 26 September Circuito de Jerez – Ángel Nieto – Spanje (met WorldSSP en WorldSSP300)

1 – 3 oktober Autódromo Internacional do Algarve – Portugal (met WorldSSP en WorldSSP300)
15 – 17 oktober Circuito San Juan Villicum – Argentinië (met WorldSSP)
12 – 14 november Mandalika International Street Circuit – Indonesië (met WorldSSP)
?? – Phillip Island Grand Prix Circuit – Australië (met WorldSSP)

Het Mandalika International Street Circuit is nog even onder voorbehoud vanwege de circuitkeuring terwijl bij Estoril en Phillip Island het contract nog niet helemaal rond is. Bij Phillip Island komt dat uiteraard omdat het nog zeer onduidelijk is wanneer overzees racen weer kan. Normaal gesproken wordt het seizoen Down Under begonnen met een wintertest. Die vindt nu plaats op het circuit van Barcelona van 29 maart tot en met 1 april, met twee dagen voor het WorldSBK en twee dagen voor het WorldSSP en WorldSSP300.

Of het slim is om nu al te gaan boeken… Wij zouden nog even wachten.

Komt er nog een Yamaha MT-07 Sport bij?

0

Net bijgewerkt naar Euro5 kan de 2021 Yamaha MT-07 weer vol de toekomst in. En waarom niet een model met een volledige stroomlijn? Bijvoorbeeld een Yamaha MT-07 Sport. Japanse bladen zijn niet vies voor dit soort suggesties.

Yamaha MT-07 Sport: voor alledaagse wegen

Als de MT-09 op een dag een turbo-versie krijgt, zou dan de MT-07 in de toekomst een lichte en leuke sportfiets kunnen baren. Met andere woorden: een concurrent van de Aprilia RS 660, een motor om – vooral – van te genieten op alledaagse wegen en niet alleen tussen de kerbstones van het circuit. De gedachte is onmiskenbaar verleidelijk en verre van ongegrond. Het komt rechtstreeks uit het Japanse tijdschrift Autoby dat na wat gepuzzel de droom van veel Yamaha-fans – nu de R6 is opgedoekt – op het cover zette.

Maar het is niet de eerste keer dat ze in Japan dromen over een MT-sportmotor met een stroomlijn. Op dit moment heeft Yamaha zo’n beetje al het nieuws voor 2021 aangekondigd voor 2021. Daar zat geen lichte sportmotor tussen en al helemaal geen R7. Is 2022 dan nog een mogelijkheid?

Yamaha MT-07 Sport

Yamaha: geschiedenis in woord en beeld (49 min)

Triumph en PTR Racing in British Supersport-kampioenschap

0
Triumph PTR Racing

In 2021 keert Triumph Motorcycles samen met Performance Technical Racing terug in het Britse Supersport-kampioenschap. Dat doen ze met een officieel door de fabriek ondersteund team.

Het Triumph – PTR-raceteam is een partnerschip tussen Triumph en het raceteam onder leiding van Simon Buckmaster. Dat heeft een roemrijk verleden in tal van wedstrijden. Ze reden in het World Supersport-kampioenschap en de Isle of Man TT.

Triumph Street Triple RS

Triumph Motorcycles ondersteunt PTR officieel door de motorfiets te ontwikkelen voor het komende Britse Supersport-kampioenschap. De racer is rechtstreeks afgeleid van de Street Triple RS en zijn 765 driecilinder-blok. In de laatste twee edities van het Moto2-wereldkampioenschap combineerde het blok uitstekende prestaties aan betrouwbaarheid.

Assen opening WorldSBK-seizoen 2021 mét Bo Bendsneyder!

Het belangrijkste doel is niet alleen de terugkeer van een legendarisch Brits merk in de paddock van ’s werelds meest relevante nationale motorsportkampioenschap – British Superbikes. Ook het behalen van onmiddellijke resultaten en het ontwikkelen van het team en de machine die vanaf 2022 aan het Supersport-Wereldkampioenschap zullen deelnemen.

90-jarige Wim na 60 jaar met zijn motorfiets herenigd (video)

0

We duiken steeds dieper 2020 in. De Sint is al in het land, de Kerstdagen op komst. Een periode waarin we de warmte zoeken van de familieschoot en zingen over vrede voor iedereen. En misschien kijken we naar een mierzoet kerstverhaal en pinken we stilletjes een traantje weg. Nou, in dat beeld moet je deze video zien, een feel good-video.

1960. W.G. Zandbelt en zijn vrouw uit Schalkhaar verlaten familie, vrienden en kennissen om in Canada een nieuw bestaan op te bouwen. Ook zijn dierbare DKW moest hij achterlaten. 2020. Zandbelt is 90. Zijn vrouw is onlangs overleden en hij was wel aan een opsteker toe. Een van de zonen, organisator van Winchester Bike Rides, duikelt de inmiddels in deplorabele staat verkerende DKW op en laat ‘m restaureren. Na veel vijven en zessen met de douane bereikt de Duitse tweetakt Winchester.

En dan vindt de onthulling plaats.

RTV Oost maakte deze zomer ook een reportage over deze bijzondere gebeurtenis. Bekijk de video hier.

De Royal Enfield Himalyan met avonturenpakket

0

Technisch blijft-ie onveranderd, maar wordt wel geleverd met een pakket aan accessoires die ontworpen zijn voor het avontuur. Helaas is de Royal Enfield Himalyan Adventure alleen voor het Verenigd Koninkrijk. Maar misschien put je er wel inspiratie uit om je eigen Himalyan ooo als Adventure uit te rusten.

De Royal Enfield Himalayan kwam voor het eerst op de markt in 2016 en wordt sindsdien door motorrijders gewaardeerd. Concurrerende prijs, veelzijdigheid in gebruik en charme zijn de sterke punten. Royal Enfield UK’s distributeur MotoGB biedt nu een Adventure-versie aan van de toch al avontuurlijke Himalaya. Deze nieuwe versie, geproduceerd in een gelimiteerde oplage, is uitgerust met zijkoffers, bagagerekken, handbeschermers en een keienvanger. Alle accessoires zijn beschikbaar in de aftermarket onderdelencatalogus, maar als je ze afzonderlijk laat monteren, zijn ze duurder.

Royal Enfield Himalyan
Royal Enfield Himalyan: alleen voor UK

In Engeland is de nieuwe Royal Enfield Himalayan Adventure te koop voor 530 euro meer dan het basismodel. Koop je de accessoires afzonderlijk ben je in totaal 770 euro kwijt. Op dit moment zijn er geen plannen om dit model buiten Engeland op de markt te brengen.

2021 Royal Enfield Meteor 350 gepresenteerd

Uiteraard is de Adventure-versie van de Himalaya gemaakt op basis van de technische basis van de fiets uit 2021. Vanuit esthetisch oogpunt is de motor identiek aan de vorige versie, maar er zijn wel een aantal kleine updates. Allereerst heeft de 411 cc eencilinder een Euro5-homologatie. De achterrem kun je nu uitsluiten van het ABS als je off-road gaat rijden. De zijstandaard is herzien en je kunt alarmverlichting inschakelen in geval van nood. Bovendien krijgt de Himalaya voor 2021 een vernieuwd dashboard en nieuwe zijpanelen (materialen, lakwerk en logo). Nieuw is ook de graphic die beenbeschermers op de tank simuleert.

Eerste test 2021 Ducati Multistrada V4 S

0
2021 Ducati Multistrada V4 S

Niet één onderdeel van de 2021 Ducati Multistrada V4 S is uitwisselbaar met z’n V2-voorganger. Je kunt wel stellen dat Ducati met deze nieuwe V4-allroad en z’n 170 pk letterlijk de gebaande paden verlaat. Ducati ging terug naar de tekentafel en wat er uiteindelijk tevoorschijn kwam, zou wel eens de meest technisch geavanceerde productiemotorfiets ter wereld kunnen zijn…

TestlocatieVlaams- en Waals-Brabant
OmstandighedenAangenaam, zeker voor eind november
TemperatuurTussen de 6 en 15 graden
Testkilometers311 kilometer
BijzonderhedenMultistrada betekent vele wegen. Geen grotere verscheidenheid aan wegen dan in hartje België.

Waarom rijden we hem?

Omdat alleen zeggen dat Ducati met een nieuwe Multistrada komt, totaal de lading niet dekt. Een V4-blok in plaats van de geijkte V2. Geen desmodromische klepbediening en zelfs geen stalen vakwerk-buizenframe meer. Geen evolutie maar revolutie!

Werkt goed, die nieuwe knoppenpartij. Er is een handige, nieuwe joystick en alles is ook verlicht. De adaptive cruise control en het radarsysteem zijn natuurlijk de paradepaardjes van de nieuwe Multistrada. Op zijn minst het eerste talking point. Zelfs op de kortste afstand zorgt de adaptive cruise control ervoor dat je comfortabel achter je voorligger aan blijft kachelen. Met simpele plus- en min-toetsen kun je de afstand op je voorligger verder vergroten of verkleinen. Of dat nu een auto of een andere motorrijder is, het werkt. Nooit meer in een groep rijden en constant je cruise control bijregelen. Toegegeven, dat is natuurlijk een luxeprobleem van jewelste. En terwijl ik dat denk stroopt het verkeer voor me iets op en wel verdraaid, de adaptive cruise control is wakker. Eerst gaat het gas dicht en vervolgens begint de motor lichtjes te duiken. De 2021 Ducati Multistrada V4 S remt voor mij. Een bizarre gewaarwording, terwijl zelfs een controlfreak als ik me comfortabel voelde bij het loslaten van die controle. De radar aan de voorzijde regelt dus enkel het afstand houden met de adaptive cruise control, terwijl de radar achter je dode hoek en de rijbaan naast je checkt. Een lampje in de spiegels brandt constant als er een voertuig in de dode hoek zit. Mocht je zelfs dat missen en al de richtingaanwijzer naar die bezette rijbaan uitzetten, dan begint het lampje te knipperen om je te waarschuwen. Er is ook nagedacht over hoe je als motorrijder een situatie met opstropend verkeer in jouw rijbaan oplost – gas erop en naar links! Als de achterste radar niks ziet in de rijbaan naast je, draait de adaptive cruise control automatisch het gas vast open op het moment dat je richting aangeeft. Terug naar je vooringestelde kruissnelheid. Een primeur in de motorwereld en het werkt voortreffelijk. Of het een must is? Ik zou het niet missen als ik het niet had. Alleen het is wel gruwelijk praktisch en het feit dat het zo goed werkt belooft dat we er meer van gaan zien. Het is de allereerste poging voor een dergelijk systeem. En in combinatie met het radarsysteem is niet eens hét hoogtepunt van de nieuwe Ducati Multistrada V4.

2021 Ducati Multistrada V4 S: puur gemak

Alle gadgets daargelaten is de 2021 Ducati Multistrada V4 S op papier al een uiterst complete motorfiets. Waar de oude Multistrada uiteindelijk gewoon een brute hooliganmotor met reismogelijkheden was, is de nieuwe V4-versie niet alleen technisch compleet anders. De Multistrada is volwassen geworden. Met wegrijden valt meteen op hoe vriendelijk en gemakkelijk alles overkomt. De zit is ruim, totaal niet hoog en met een breed, voor het oog raar lopend stuur heb je van meet af alle controle. Het nieuwe rijwielgedeelte is sowieso meer op wendbaarheid geënt. Met het kortere V4-blok kon de achterbrug langer worden voor meer stabiliteit. Terwijl Ducati er tegelijkertijd voor koos een smallere 170-achterband te monteren. Dat tezamen met het 19 inch-voorwiel gooit de hele Multistrada-formule op zijn kop. Veel minder specifiek op straatgebruik gericht en flitsender sturend ook. Je zou dan ook niet zeggen dat de nieuwe Multistrada vier kilo zwaarder is dan zijn voorganger. Eerder een goede twintig kilo lichter. Zelfs met asfalttemperaturen van nagenoeg nul, voelt de motor snel vertrouwd. Remmen is wel even wennen, met een wat zachtere hendel dan ik zou willen. Toch vertraagt het moeiteloos. En dat is ook wel nodig, want langzaam gaat het niet.

Eerste test 2021 Kawasaki Versys 1000 S

Houtje-touwtje?

Ducati monteerde namelijk niet zomaar houtje-touwtje het V4-blok uit de Streetfighter V4 of de Panigale V4 in een nieuwe aluminium monocoque-Multistrada-frame. Ducati liet de slag ongemoeid, maar boorde de cilinders met twee millimeter op. Zo kwam de cilinderinhoud van het GranTurismo V4-blokuit op 1.158cc – een groei van 55cc. Klinkt verwaarloosbaar en toch heeft het ervoor gezorgd dat de Multistrada meer koppel heeft dan de Panigale V4 en ook dan de Streetfighter V4. Met 125 Nm is het niet heel veel meer dan die twee, maar het maximale koppel is al bij 8.750 tpm voorhanden. Sowieso is alles vanaf de 6.500 tpm pure mechanische bloedspoed. Onder de 3.000 tpm heb je niks te zoeken, maar daarboven hangt de motor lekker aan het gas. Al schakel je wel snel te vlug op. Deels door de fijne quickshifter, maar ook omdat het al gauw heel hard gaat. Alleen mis je dan dat heerlijke eindschot – je mist het beste van de 170 paardenkrachten.

Zo veel vermogen klinkt misschien wel heel indrukwekkend voor een allroad. En dat is het natuurlijk ook. Toch is het vooral heel leuk, maar niet echt overweldigend. Zeker door de goede windbescherming is op hoog tempo rijden niet vermoeiend. Dat vriendelijke, dat gemak. De Multistrada V4 S heeft eigenlijk alleen de naam en kleine elementen van het uiterlijk van de voorganger overgenomen. Verder is dit een heel ander beestje. Je zit veel meer in de motor dan op de laatste V-twin Multistrada, en staand klopt de motor ook nog beter. Mooi smal zo rond de tank en met een zadel dat tot ver naar achteren makkelijk comfortabel met de benen te klemmen is. Zaken die zeker bij een eventueel onverhard avontuurtje van pas zullen komen.

2021 Ducati Multistrada V4 S

Waar een wil is…

De driehonderd kilometer die wij ermee reden was een absolute peulenschil. Die eerste rij-indruk geeft aan dat een rondje wereld voor de 2021 Ducati Multistrada V4 voelt als de benen strekken. Maar dan wel voorzien van de juiste banden, dan zie ik het deze motor echt zo doen. Zeker nu het achterwiel standaard al smaller is voor het betere onverharde rubber. Al zijn de spaakwielen dan weer niet standaard. Desondanks zijn dat eigenschappen die de Multistrada 1260 ook aardig onder de knie had. Alleen pakte je daar dan weer specifiek de Multistrada Enduro voor en voor het sportievere werk greep je naar de Pikes Peak-versie. Natuurlijk komen er ook nu weer varianten en speciale versies. En ik tel inmiddels al zeker vijf optiepakketten. Alleen heeft Ducati met Multistrada V4 S-versie feitelijk al die goede kenmerken van die aparte Multistrada 1260-modellen in een gevat. Het kan die bloedsnelle topsporter met toerruit zijn. De sport-modus is zo geselecteerd voor de scherpste gasreactie. Dan is het desmoloze GranTurismo V4-blok misschien nog wel smeuïger dan die in de Streetfighter. Vanaf 6.500 tpm doet-ie qua geluid en toerengretigheid ook niks onder voor zijn nakedbike-broertje. In het korte werk gaat het mogelijk zelfs nog gemakkelijker hard ook. Kwiek toeren doet de Multistrada V4 idem dito in de Touring-modus. Ruitje wat hoger – met één vinger!

Interview met Ducati Benelux over de 2021 Ducati Multistrada V4 S

Vergelijkbaar

Wat ons brengt bij het nadeel dat aan elk voordeel kleeft. Dit is een van de meest technisch geavanceerde motorfietsen die je kunt kopen, waarvan akte. Inclusief de radar al helemaal. Enkel is die radar wel een optie. Net als de spaakwielen – en die wil je, kom op -, de koffers, de Akrapovič-demper, middenbok en de handvat- en zadelverwarming. Zaken die de motor afmaken, maar die de prijs ook flink opjagen. Voor de standaard Multistrada V4 heeft Ducati een vanafprijs van € 22.390,- in de boeken staan, terwijl de standaard Multistrada V4 S – mét bijvoorbeeld elektronische vering, maar nog zonder de radar al € 25.590,- euro kost. Al die hebbedingetjes daargelaten, krijg je ook met de standaardmachine een heel complete motorfiets. Het blok, de zit, dashboard, vering en remmen zijn zelfs in de meest basale uitvoering op en top. Ga je toch voor de Full-uitvoering, betaal je een niet misselijke € 30.140,-. Veel geld, maar in vergelijking niet eens zo heel veel duurder dan de BMW R 1250 GS Adventure met vergelijkbare opties.

2021 Ducati Multistrada V4 S

Geen straf

Vergeet wat je leest in de specificaties. Op papier zou je je kunnen denken dat de 2021 Ducati Multistrada V4 S stiekem een beetje een braverik geworden is. Dat is een vergissing. Met zijn hippe gadgets, eindeloze menu’s vol briljant geprogrammeerde elektronica, het superscherpe en oerdegelijke dashboard en hoe gemakkelijk alles lijkt te gaan. Alleen die 170 pk op zijn curriculum vitae, dat blijft de oren spitsen. En dat moet ook. In de praktijk is de Multistrada ook naar een hoger plan getild. Maar die revolutie is niet goedkoop, wel degelijk en heel goed. First adapters pay the price, zeggen ze dan. Alleen als je als first adapter dan een Multistrada V4S voor je geld krijgt, is dat geen straf. Het stuurt en rijdt vergelijkbaar gemakkelijk als die Duitse concurrent en hij kan die braverik spelen. Maar als je het wilt, gaat het zonder blikken of blozen ook als de gesmeerde bliksem. Bovenal bleek de Multistrada V4 S zo comfortabel dat ik na een lange dag sportief blazen over Belgisch asfalt zonder pijntjes af kon stappen. En dat is misschien nog het grootste compliment.

Pluspunten 2021 Ducati Multistrada V4 S

Scherp en wendbaar rijwielgedeelte. Het machtige nieuwe GT V4-blok. De enorme collectie technische en elektronische slimmigheden.

Minpunten 2021 Ducati Multistrada V4 S

Spaakwielen hadden toch standaard mogen zijn. Aan de dorstige kant voor een reismotor.

2021 Ducati Multistrada V4 S: conclusie

De allereerste Ducati V4-allroad en het is meteen een schot in de roos. Technische innovaties als radar zijn leuk en aardig. Het werkt briljant, maar het leidt bijna af van het feit dat de Ducati Multistrada V4S gewoon een geweldig goede motorfiets is. De GranTurismo-incarnatie van Ducati’s V4-blok wekt een haast even zo machtige indruk als de V4-krachtbron in de Panigale en Streetfighter. Zonder desmodromische klepbediening, wat natuurlijk best wel pijn doet. Maar eerlijk gezegd: je mist het niet. Het blok draait zo gemakkelijk hoge toerentallen en vanaf 3.000 tpm tot de 12.000 tpm heb je altijd gang te over voorhanden. Het rijwielgedeelte met het nieuwe aluminium monocoque-frame maakt elk van de 170 paardenkrachten aanspreken vervolgens heel gemakkelijk – rijgemak heeft de Multistrada V4 in overvloed. Al was het maar omdat al de elektronica volledig ongemerkt hun werk doen, zodat jij je met het rijden bezig kunt houden. En dat is toch de topprioriteit. Al die luxe, al die handigheden, al die technische innovaties… Het zijn natuurlijk ‘slechts’ de kersen op een toch al niet te versmaden smakelijke taart. Uiteindelijk gaat het om hoe de motorfiets rijdt. En dat doet de Multistrada V4 als de beste.

2021 Ducati Multistrada V4 S

2021 Norton Atlas 650 bevestigt door TVS

0
2021 Norton Atlas 650

Nog voordat Norton het faillissement aanvroeg en door TVS werd overgenomen, werd het Atlas 650-model aangekondigd. Tot nu toe was niet bekend of het model zou worden uitgebracht. Nu is de 2021 Norton Atlas 650 bevestigd door TVS en Norton.

2021 Norton Atlas 650: twee modellen

Veel data is nog niet bekend, maar de TVS bevestigt dat de Norton Atlas 650 zal worden aangedreven door een 650 cc parallell-twin, die 84 pk en 64 Nm zal leveren. De zithoogte is 824 mm.

Norton dient zes modeloctrooien in

Het lijkt erop dat er sinds de eerste aankondiging in 2019 geen grote wijzigingen in het model zijn aangebracht. Volgens de gegevens van toen zal de motorfiets een klassieke scrambler-uitstraling hebben en een buizenframe gebruiken. Het drooggewicht zou 178 kg zijn en de tankinhoud bedraagt 15,5 liter. Er zijn twee modellen gepland, waarvan één meer voor het rijden op onverharde zijwegen. Dat model heeft minimaal een 19 inch-voorwiel, de ander een 18 inch-voorwiel. Brembo wordt ingeschakeld voor de remmerij.

Behalve de motorgegevens en de zithoogte werden alleen de twee modellen Nomad en Ranger op de homepage van Norton bevestigd. Of de andere gegevens nog actueel zijn, is niet duidelijk, maar je mag ervan uitgaan. Op de Norton homepage kun je je interesse in de 2021 Norton Atlas 650 kenbaar maken.